Auteursarchief: Judith van Hooijdonk

Dit doen studenten echt in de bibliotheek

153-people

free download @graphicstock

Hallo Marcel,

Via het blog van Pedro De Bruyckere werd ik geattendeerd op het onderzoek gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift ‘The Reference Librarian’ (volume 54, issue 2, 2013) : What students really do in the library: an observational study / Lawrence T. Paretta & Amy Catalano
De titel van het blog cq onderzoek triggerde me omdat ik anderhalf jaar geleden een blog heb geschreven Wat doen studenten nu echt in de bibliotheek? Studeren! én appeltaart met slagroom eten … nav een onderzoek van o.a. Leen Liefsoens Wat doen studenten in de bibliotheken van het hoger onderwijs?

Het verschil tussen beide onderzoeken zit ‘m in de onderzoeksmethoden. Het onderzoek van Leen en haar mede-studenten was gebaseerd op een enquête en dit Amerikaans onderzoek op basis van observatie. Dan krijg je toch wat andere uitkomsten. Want natuurlijk geven studenten bij een enquête veelal sociaal wenselijke antwoorden: “ik ben hier om te studeren” (96%) 🙂 Terwijl observatie laat zien dat studenten meer op internet surfen dan studeren. Tenminste volgens de berichtgeving in Nieuwsblad.be via Leren. Hoe?Zo!:

Uit een onderzoek, dat werd gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift ‘The Reference Librarian’, blijkt dat jongeren slechts negentien procent van de tijd echt lezen als ze in de bibliotheek ‘studeren’. De studie toont aan dat ze er liever op het internet surfen (vooral naar sociale netwerksites), sms’en met vrienden, online shoppen en zelfs slapen.

Volgens Lawrence T Paretta en Amy Catalano, die aan het hoofd staan van het onderzoek, leest de meerderheid van de studenten in de bibliotheek schoolgerelateerde boeken. Toch blijkt uit de resultaten dat ze zich makkelijk laten verleiden tot aangenamere activiteiten. Meer dan tien procent van de tijd die ze in de bibliotheek doorbrengen wordt gewijd aan Facebook, terwijl ze minder dan vijf procent van hun tijd aan educatieve websites besteden.

Het onderzoek werd tijdens de herfst van 2011 gevoerd en 730 studenten werden enkele weken lang geobserveerd. Uit de resultaten blijkt dat wie aan de computer studeert veel sneller wordt afgeleid dan wie geen computer gebruikt. Maar liefst 73 procent van de jongeren die aan een computer studeerden hielden zich bezig met activiteiten die niets met school te maken hadden. Bij de studenten die zonder computer werkten was dat slechts 44 procent.

Bron: Nieuwsblad.be

De conclusie die in dit krantenbericht wordt getrokken vind ik wel erg gemakkelijk en met een toon van: zie je wel studenten zijn snel afgeleid door het gebruik van sociale netwerken zoals Facebook, Twitter en You Tube. Hoezo zouden studenten die aan het facebooken zijn of een YT-filmpje bekijken niet aan het leren zijn? Het onderzoek stelt het genuanceerder, maar de vraagstelling was dan ook …

Panetta and Catalano’s primary research question was “Are students engaging in social media and other non-study behaviors more often than they are studying?” We defined studying as the active engagement in a behavior that is related to coursework, such as typing a document, reading print materials such as a textbook or article, or consulting online materials that are related to completing assignments or preparing for examinations.

Als je alleen observeert snap ik dat je deze keuze maakt om het begrip ‘studeren’ te definiëren. Want wat studenten op hun computer, tablet of smartphone doen is alleen te achterhalen door het hen te vragen. Maar zoals zij zelf ook aangeven: gebruik van de computer of dat nu is om websites te bezoeken of om te overleggen via Facebook/Twitter of om een feedbackgesprek via YouTube te bekijken, ook dat kan studeren zijn!

With 72% of young adults now using some form of social-networking site, the authors also explore the effects of these networks on higher-education study. Twitter and Facebook can certainly be a distraction, but they’re also a popular way for students to collaborate and an engaging way for instructors to communicate. This complex role made things hard for the observers. Was a student buying a new handbag, or working on her marketing assignment? Was the YouTube clip being viewed a diversion, or something posted by an instructor?

Wat mij betreft hebben we aan de conclusies van het onderzoek niet zoveel. Het geheel is onderzocht vanuit de aanname dat social media afleidt en niet tot studiegedrag leidt. De waarheid zal wel weer ergens in het midden liggen. Het feit is dat studiegedrag veranderd en dat wijsheid niet alleen uit boeken komt maar zeker ook door samenwerking! Uiteraard heeft dit ook impact op de rol van de bibliotheek.

It is important for educators to understand that the learning environment can influence student engagement and study behaviors and that the environment is further influenced by a variety of factors. Students expect a comfortable and attractive study space not only for scholarly pursuits, but also for socializing. Social and academic activities are integral aspects for facilitating student engagement. A well-designed library should support scholarly activities, but both the current literature and the results of this study indicate that we cannot expect the library to be a building exclusively used for academic behaviors.

Bovenstaande citaten komen uit het onderzoek, hierin wordt veel verwezen naar onderliggende studies op het gebied van samenwerken, zoekgedrag en social mediagebruik in hoger onderwijs en in relatie tot de bibliotheekfunctie. Nog eens de moeite waard om daar nader naar te kijken. Maar nu even niet, het is per slot van rekening toch vakantie 😉

Vakantiegroet,
Judith

Robothulpje gezocht #TEDTalk

Goed bezig Marcel!
Ik heb je uitnodiging als Ally via Facebook ontvangen, maar ik heb mijn SuperBetteraccount niet via Facebook geactiveerd. Is dat de reden dat ik jouw uitnodiging niet zie via het dashboard in mijn browser?
Je hebt een aantal mooie mensen uitgezocht die jouw bondgenoot mogen zijn om je EPIC win te bereiken. Nu moeten we het nog van mensen hebben om ons doel te bereiken, maar in de nabije toekomst zouden ook robots deze functie over kunnen nemen. Ik heb vorige week de film Robot & Frank gezien.

Heb jij de film al gezien? Hij is erg leuk en ook ontroerend. De film laat zien dat een robot je op de goede weg kan houden door je gezond te laten eten: hij tuiniert, kan koken en opruimen (ik wil zo’n handig hulpje in mijn huishouden wel) -of je moet zo’n eigenwijze Frank hebben die de robot wat andere dingen aanleert ;). De film toont ook dat je zelfs een emotionele band met een robot kan opbouwen. De nabije toekomst die in de film wordt geschetst is niet meer zo ver bij ons vandaan (ook niet wat betreft de bibliotheek -zie trailer-). Wij kennen via het lectoraat Technologie in de Zorg Paro, de knuffelzeehondrobot. Paro is een sociale robot die in sommige verzorgingstehuizen al ingezet worden bij demente bejaarden die niet meer zo communicatief zijn. Robotica in de zorg is niets nieuws meer.

Ik dacht er aan toen ik deze TEDTalk van Cynthia Breazeal: The rise of personal robots zag. Zij werkt op MIT en bedenkt ze en bouwt robots die leren en spelen.

Breazeal zegt dat robots ook kunnen helpen een dieet- en trainingsprogramma vol te houden 🙂 Zij doet onderzoek naar de communicatieve vaardigheden van robots, zij bewijst ook dat wij mensen een emotionele band kunnen opbouwen met robots. Maar ik vertel jou niets nieuws. Robots zijn bekend terrein, je hebt veel tijd en energie gestoken in Zuyd Robotics.
In je Zuyd Heroes Assemble blog doe je een oproep tot samenwerken tussen verschillende onderdelen van Zuyd rondom robotica en domotica. Zou het niet geweldig zijn als Naomi, die leuke NAO robot van Zuyd Robotics een Ally voor je zou kunnen worden?

Groet,
Judith

Hè bah diëten :(

Super Marcel dat je al 10 kilo bent afgevallen. Ik wil ook graag wat kilo’s kwijt, maar eigenlijk zonder er wat voor te doen 🙂 Want lekker eten (en nu vooral buiten in het zonnetje met een glaasje rosé) wil ik eigenlijk niet missen *zucht*. Ja obestitas is groot maatschappelijk / gezondheidszorg probleem, maar infobesitas is dat ook aan het worden.

Infobesitas is informatieoverload, je lijdt aan FOMO (Fear of Missing Out).
Na alle dieetboeken met jojo-en als gevolg komen nu ook de informatie-dieet boeken. Echt waar 😦 Clay Johnson heeft het boek The Information Dieet geschreven. Guus Pijpers Op Informatiedieet. Een gat in de markt nu zoveel aandacht is voor de gevolgen van het constant online zijn, het gebruik van de smartphone en onze activiteiten op de sociale netwerken. Het zou slecht zijn voor je brein en voor je concentratievermogen.

Ja ik merk ook wel dat ik (te) vaak op mijn telefoon kijk of er niet een berichtje voor me is. Ik scan Twitter regelmatig en een paar keer per dag Facebook en natuurlijk elke avond mijn eigen Feedly-krantje. Ik heb (dacht ik) mij informatiestromen redelijk gekanaliseerd met allerlei filters. Misschien toch …. lijd ik een beetje aan information-overconsumption. Maar informatie is ook zo lekker. En leuk. Net als eten 🙂

via @ExtendLimits

Net zoals voor obesitas is er voor infobesitas geen medicijn. Gewoon je gezond verstand gebruiken. Mijn moeder zei altijd alles met ‘te’ ervoor is niet goed, behalve tevreden 🙂
Ik ga de komende weken maar eens wat Infominderen en wat proberen te JOMO-en*) #vakantie 🙂

Judith

*) the Joy Of Missing Out

NB. Maar ja als ik mijn Feedly-krantje en mijn Twitter niet had gelezen, had ik nu dit blog niet geschreven …. of …euh … is dat het gedrag van een verslaafde 😉

Open Learning : Community as Curriculum #MLI

open a book with streaming images

free download @graphicstock

Hi Marcel,

Onlangs kreeg ik een mail via LinkedIn van Ilse Meelberghs. Of ik haar wilde aanbevelen voor haar opleiding Informal, Rhizomatic Learning 🙂 In haar woorden:

Ik ben het eigenlijk “zat” dat dat niet zo serieus genomen wordt als leren voor een diploma. En heb daarom bedacht dat ik gewoon op mijn LinkedIn profiel informeel leren opneem als een opleiding waar ik ook aanbevelingen voor kan vragen.

Super hè. Ik ben het zo met haar eens en toch heb ik besloten om wel de formele opleiding Master Leren en Innoveren bij Fontys Eindhoven te gaan volgen.
Wat Rhizomatic Learning is? In haar blog verwijst ze naar een blog van Wilfred Rubens:

Rhizomatic learning is een manier van zelfgestuurd, niet-lineair, leren waarbij nieuwsgierigheid en intrinsieke motivatie een essentiële rol spelen. De context is hierop van grote invloed. Kennis wordt samen met anderen geconstrueerd, waarbij het stellen van vragen van groot belang is.

Ik had nog nooit van ‘rizomatisch leren’ gehoord. Het woord komt van ‘rizoom’, een ondergrondse wortelstructuur. Rizomen groeien ongebreideld, grijpen in elkaar en gaan verbindingen aan, waardoor een sterk, nagenoeg onuitroeibaar netwerk ontstaat. De filosoof Deleuze heeft de term rizomatisch denken geïntroduceerd:

“Een rizoom is een niet-hiërarchisch en niet-betekenisdragend systeem dat uitsluitend bepaald wordt door een circulatie van toestanden, zonder Generaal, zonder een organiserend geheugen of centrale automaat”.

Kijk! Zo leer ik en wil ik werken. Precies zoals Joseph Kessels dat vertelde tijdens een minisymposium bij Zuyd “Gespreid leiderschap in een wereld van prestatie-afspraken en persoonlijke ontwikkeling”  en waarover ik geblogd heb in de management(p)lagen van Zuyd :). Kessels werkt bij LOOK, het Wetenschappelijk Centrum voor Leraren Onderzoek van onze buren: de Open Universiteit. En gisteren las ik 3 interessante berichten over informeel leren van LOOK:

Ik wil hierover wel meer weten, want mijn 1e MLI-leerarrangement gaat over ‘Zin in leren’: “In dit leerarrangement doe je kennis op over je eigen leren, het leren van je leerlingen of studenten en het leren van je collega’s. Je verdiept je in leerprocessen en ontdekt hoe je de effectiviteit daarvan kunt beïnvloeden”. Nou lijkt mij informeel leren, zelfgestuurd leren, netwerkleren, rizomatisch leren nu precies hét onderwerp voor mij van de paper die ik moet gaan schrijven. Leuk om die app daar bij te betrekken, lijkt me zo.
Ik heb me ook maar meteen aangemeld voor Netwerk in Beeld van Look. Hiermee wordt met wie je expertise uitwisselt gevisualiseerd. Een soort learning analytics voor sociale netwerken. Als afsluiting van de gastcolumn op SURFspace hebben de collega’s van de OU het over softwarepakketten om netwerkananlyses uit te voeren. Interessant! Maar daar zou ik wel enige hulp bij nodig hebben. Marcel? :).
Allemaal heel leuk dus dat informeel leren maar Schie en de Laat zeggen in de SURFspace-column ook:

Onderzoek naar professionaliseren laat steeds overtuigender zien dat deze vorm informeel leren cruciaal is voor het op peil houden van je professioneel handelen en effectiever is dan formeel opleiden via dure cursussen, trainingen en de welbekende hei-sessies. Tegelijkertijd blijft de heersende managementcultuur, die graag top-down vanuit een soort beheersmatige, controlerende manier het proces wil aansturen, het formele leren planmatig invullen.

En dan is het zoals Joseph Kessels in het interview zegt:

De erkenning dat het feitelijke leren voornamelijk plaatsvindt op informele manieren, in netwerken, door samen aan relevante thema’s te werken, door in projecten te participeren, dus in al die activiteiten die niet te boek staan als formele cursussen, opleidingen, trainingen, leertrajecten, dát is iets dat heel moeilijk te accepteren is.

Je weet dat ik lang getwijfeld heb om een master te gaan volgen. Ik wilde niet, ik leerde wel op mijn eigen manier: al lezend (tweets, blogs via RSS), pratend, netwerkend (Twitter) en vervolgens hierover te bloggen. Zoals ik dat nu ook doe. Maar als ik ooit uit de ondersteunende dienst zou willen/moeten (en dat is alleen maar omdat vanuit het ministerie gepusht wordt om beheerspersoneel te verminderen tgv onderwijzend personeel) dan heb ik (vanwege regels van hetzelfde ministerie) een master nodig. Alhoewel ik altijd beweerd heb dat grote onzin te vinden. En dat vind ik nog steeds. Als de overheid en het management docenten én ondersteuners meer vertrouwen en ruimte geeft, komt het goed met docentprofessionalisering. Elke kenniswerkers is van nature nieuwsgierig en wil samen op onderzoek gaan, ons werk is toch leren?Uiteraard vind ik wel dat je moet laten zien dat je professioneel ontwikkelt (intervisie-, feedbackgesprekken etc.).

Na de vakantie start ik dan toch met een ‘echte’ geacrediteerde opleiding. Maar wel op mijn eigen manier:  Open Learning: Community as Curriculum! Ik ga proberen mijn eigen schooltje te bouwen met inspirerende netwerkende studenten binnen en buiten mijn opleiding. Want volgens Kessels: werk/leer je alleen maar in teams waar je zelf voor kiest. Zo waar! Ik heb mensen om me heen nodig waar ik het gevoel heb dat ik er thuishoor, dat warme bad. En dat geldt zowel voor mijn werk als voor mij studie! 🙂

Trouwens ook Dave Cornier blogt over rhizomatic learning en maakt hele leuke filmpjes 😉

Met dank aan Ilse. En die aanbeveling? Die heeft ze gekregen. Natuurlijk!

Groet,
Judith

Creëer je eigen zorgtoekomst #video

Hi Marcel,

We hadden het er onlangs nog over: elke zichzelf respecterende onderwijsinstelling heeft inmiddels een ‘sort-of’ RSA-animatie waar Ken Robinson zo beroemd mee is geworden (of andersom ;)). Zo ver ik wist had Zuyd zoiets niet. Zag ik vandaag op een van de YouTube kanalen van Zuyd: hszuydTV onderstaand filmpje. Zal jij ook leuk vinden ihkv je werk voor het Lectorataat Autonomie en Participatie.

Fijne zomeravond!
Judith