Academisch bloggen

Hi Marcel,

Veel succes met het oefenen van je Academic English 🙂 Naast het op niveau brengen van je wetenschappelijk Engels hoop ik dat je ook over je onderzoek gaat bloggen. Inhoudelijk blijft het nog een beetje stil op je PhD jams. Ik denk dat ik weet wat de oorzaak hiervan is. En ik weet niet of de aanname die ik regelmatig om me heen hoor correct is.

Open

Ik hoef jou niet meer te vertellen dat ik groot voorstander ben van Open Science, Open Data, Open Access, Open Licenties (Creative Commons). Echter dit gaat voornamelijk over het online publiceren over resultaten van wetenschappelijk onderzoek, dat dit voor iedereen gratis toegankelijk is. Belangrijk. Zeker! Maar ik wil eigenlijk een stapje verder 🙂 En ik ben niet alleen (zie Foster). Waarom mogen anderen naast de wetenschapper niet mee werken, gebruiken maken en bijdragen aan het wetenschappelijk proces? Klopt het dan echt dat je je onderzoeksideeën, je resultaten, je vragen niet online mag delen als je deze op een later tijdstip een artikel in een peer reviewed journal wilt publiceren? Ik twijfel. Ik kan er niets over vinden. Waar staat dat?

Veel informatie is te vinden hoe je je academisch moet bloggen. Mijn dochter kreeg onlangs een college wetenschappelijk bloggen :). Zo vond ik het recent boek communicating your research with social media. Hartstikke leuk. Maar ook dit blijft ‘beperkt’ tot het verspreiden van je onderzoeksresultaten. Nogmaals, belangrijk. Ik denk echter dat de kracht van je community ook kunt gebruiken voor een PhD-traject. Of ben ik nu naief?

Het ‘nieuwe’ publiceren

Ik vond een blogartikel van Rob le Pair met een pleidooi voor Academic Blogging: het nieuwe publiceren: communiceren over onderzoek. Hij schrijft dat onderzoekers niet alleen de traditionele publiceer-traject (de peer reviewed tijdschrift-route) moeten volgen, maar zich ook moeten richten op het real time academic communicating. Een onderzoeker kan op deze manier tussentijds een deel van het onderzoek publiceren, bloggen over het onderzoekproces, een onderzoeksopzet, een literature review, een gedachtengang of dilemma’s voorleggen aan peers, en en passant je academic writing trainen en verbeteren 🙂

De traditionele peer reviewd tijdschrijft-route is nog steeds dominant in de wetenschappelijke wereld. Open Access is zelfs nog geen gemeengoed (en 2020 nadert snel…). Ik zeg ook niet dat deze weg afgesneden moet worden. Het kan toch én én? Het online publiceren draagt in ieder geval  bij aan de ‘academic authority’ van een onderzoeker.

Le Pair benoemt een aantal voordelen van academic blogging:

  • Schrijven met meer vrijheid

Het schrijven van een peer reviewed artikelen kan voelen als een keurslijf. Natuurlijk wordt een artikel alleen maar beter door de feedback van reviewers, maar het is een moeizaam proces. You know ;). Bloggen geeft meer vrijheid om te schrijven, om je ideeën te delen en je gedachten te ordenen. Je kunt eens proefballonnetjes opgooien, reacties over je ideeën uitlokken die je weer verder kunnen hepen bij je wetenschappelijk onderzoek.

  • Schrijven voor (mee)lezers

Onderzoeken kan soms ook eenzaam zijn, lijkt me zo. Het is fijn om hetgeen waar je zo met passie mee bezig bent te delen met je blogpubliek. De waarde van critical friends weet jij altijd op waarde te schatten.

  • Door te bloggen ga je beter schrijven

Oefening baart kunst! Je kunt bloggen ook gebruiken om je academic writing (ja hoor mag ook in het Engels ;)) te oefenen.

  • Blog-artikelen kennen veel variaties en de inhoud verspreidt zich snel

Je blogs worden standaard gedeeld via Twitter en LinkedIn. Als we IFTTT weer eens instellen worden jouw blogberichten ook via mijn netwerk gedeeld. Nog groter bereik 😉

Blogging is quite simply, one of the most important things that an academic should be doing right now.

Patrick Dunleavy and Chris Gilson

Ik zie alleen maar voordelen 🙂 Ja bloggen kost tijd. Je maakt uiteraard zelf de keus of je kostbare tijd liever wilt besteden aan een ‘serieuze’ publicatie in een ‘echt tijdschrift’ of aan bloggen. Helaas worden blogpublicaties nog niet op hun waarde geschat.

Of je nu wel of niet wetenschappelijk gaat bloggen over je PhD-traject, ik wil eigenlijk wel eens weten welke ‘rule‘ voorschrijft dat het ‘verboden’ is om over een onderzoek te bloggen als je het later ook wilt publiceren in een peer reviewed tijdschrift. Is het een aanname van onderzoekers of is het echt zo? Weet jij het? Iemand anders in ons netwerk?

Je snapt natuurlijk wel wat dit betekent als deze aanname ongegrond blijkt te zijn, hè? 🙂

Groetjes,
Judith

 

Engels oefenen

Ha Judith,

Zoals je weet heb ik opmerkingen gekregen over mijn Engels. Althans mijn academische Engels. Ik kan me wel verstaanbaar maken in het Engels en ook het schrijven van een Engelstalige blogpost is geen echt probleem. Maar het niveau van een journal publicatie of conference presentation heeft het (nog) niet.

Maar hoe oefen je dat dan? Allereerst heb ik een aantal MOOCs gevolgd bij de UC Irvine op Coursera (https://www.coursera.org/specializations/academic-english). Overigens was dat niet alleen leerzaam vanuit het perspectief van het Engels oefenen maar ook vanuit het perspectief van het volgen van een online cursus. Uiteindelijk bleek het niveau of wellicht de schrijfervaring voor mijn lector nog te beperkt. Althans dat haalde ik uit zijn commentaar bij het nakijken van mijn stukken. En ik moet ook eerlijk toegeven, er staat wel Academic English, maar de cursussen bereiden je voor op het schrijven van essays gedurende je master studie en bereiden je minder voor op een PhD stuk of journal entry.

Nu ga ik in september bij de OU een cursus volgen onder dezelfde naam (Academic English) maar deze is specifiek gericht op de PhD school dus ik denk dat daar het onderwerp wel is het schrijven van een artikel en dat ik daarmee het verschil kan gaan zien. Toch probeer ik meer te oefenen.

Telefoon

Op de telefoon ben ik een aantal apps aan het proberen:

  • Academic Writing English (AWE) app van UCL
  • How to Write a Thesis
  • Research Genie

Allemaal apps met een boel informatie en bij AWE kun je nog wat oefeningen doen. Maar je kent me goed genoeg om te weten dat de trigger om dat ook te doen soms ontbreekt.

De game knudge.me geeft steeds een woordkaartje in een information push op mijn telefoon waar ik wel op ‘moet’ reageren. En je kunt met verschillende games erg moeilijke woorden oefenen. Althans moeilijk, het zijn vaak woorden die synoniem zijn voor bekendere woorden, maar dus wel interessant in het kader van het schrijven van een artikel. Een andere game: Oxford English Vocabolary Trainer ziet er complexer en breder uit maar mist de ‘push for action’ functie (of ik heb de zet-dat-aan optie gemist).

In de auto

Maar dat is mooie training voor mijn schrijfvaardigheden. Uiteindelijk moet er ook iets gepresenteerd worden in het Engels. En ik maak me daar niet echt druk om, maar het is ook niet dat ik daar nu veel ervaring in heb. Of dat ik dagelijks, wekelijks Engels spreek. Helemaal niet. En toch krijg je door het echt bewust luisteren veel mee. De legerzender die we in de auto doorkrijgen van het Amerikaanse leger voor de Benelux is een optie, maar de onderwerpen daar spreken me niet aan om een hele rit Posterholt-Heerlen of terug vol te houden.

Spotify bood uitkomst. Een podcast kan natuurlijk wel interessant zijn. En jawel hoor, ik heb vandaag zitten te luisteren naar de Chief Data Scientist van het Witte Huis: DJ Patil. Althans dat was hij tijdens het bewind van Obama. Erg boeiende podcast. Om Engels te leren maar ook om te horen hoe met data om te gaan.

https://art19.com/shows/recode-decode/episodes/c717a78f-82ad-4d97-b68b-aae4a5411dbe/embed?theme=black

Groet Marcel

Mijn gepionier

Hi Marcel,

Je het in mijn blog van dinsdag kunnen lezen over het boek van mijn MLI-studiegenoot Mieke Haverkort Duurzaam pionieren in het onderwijs. Soms komen gesprekken en boeken op het juiste moment op je pad. Dat was voor mij de afgelopen dagen zo.

Eerst even terug naar het boek. Zoals ik al blogde, een mooi boek en superstoer dat Mieke dat geschreven heeft. Trouwens, collega Ilse Meelbergs heeft als pionier ook een bijdrage geleverd. De theorieën over veranderen en leren die in het boek beschreven staan, waren mij bekend. Veel ervan heb ik ook tijdens de MLI gelezen en destijds over geblogd. En als je, zoals ik, veel leest over de veranderende samenleving en onderwijsvernieuwingen dan biedt dit boek inhoudelijk niet nieuws (behalve dan het actieleren en de uitdagingen die door Mieke daaraan gekoppeld zijn).

Pionier zijn

Pioniers zijn erop gericht om doorlopend te blijven leren en ontwikkelen. Door hun innerlijke gedrevenheid voor leren en ontwikkelen leggen ze een hoge mate van doorzettingsvermogen aan de dag. Een pioniersmentaliteit zorgt voor een stuk flexibiliteit en wendbaarheid. Pioniers zijn dan ook in staat om zich aan te passen aan veranderende omstandigheden.

Voor professionals vraagt dit volgens Mieke dat zij

  • hun eigen intentie verkennen
  • vertragen en kijken wat er gaande is
  • de capaciteit ontwikkelen om de chaos het hoofd te kunnen bieden
  • plekken creëren voor onderzoek, ontdekking en experiment
  • samen leren en werken rond complexe uitdagingen en vraagstukken

Als ik naar de uitdagingen kijk die in het boek beschreven staan denk ik dat ik ze allemaal weleens ben aangegaan

  1. kiezen voor pionieren
  2. een pioniersmentaliteit ontwikkelen
  3. een duurzame pioniersplek creëren
  4. samen de pioniersreis maken

en alle bijbehorende leerdrempels (het niet-weten, verbinding, volharding, loslaten) wel eens genomen heb 🙂

Ik kreeg inzicht in de betrokkenheidsniveaus die bij transitieprocessen horen. Ik herkende mijn responsieve manier van omgaan: reageren vanuit emoties 😉 of probleemoplossend bezig. Dit zijn geen pioniers-like reacties. Nee wil ik overleven dan moet ik vanuit mijn eigen expertise nadenken over mijn rol erin en opereren vanuit mijn cirkel van invloed zitten.

Zelfonderzoek

Het boek heeft een hele positieve toon. Het had wellicht met mijn state of mind van dat moment te maken dat mij zo nu dan het gevoel bekroop jaja ‘been there done that’.

De adviezen in het boek van de pioniers hoe goed bedoelt, ik ken ze allemaal: heb geduld, laat je niet uit het veld slaan door weerstand, vertrouw op het proces, neem stapje voor stapje, probeer, doen, beleef plezier, vier je successen. Maar als je pionierswerk waar je zo in gelooft ziet afbrokkelen, dan zinkt de moed zo nu en dan diep in mijn schoenen. Ik heb geen invloed op alle processen van het systeem waarin ik zit. Mijn betrokkenheid is groot. Mijn invloed beperkt. Volharding ….pfff….moegestreden….

Misschien ben ik toch niet de pionier die ik denk te zijn. Ik ben ook onderdeel van het systeem waar ik zo nu en dan tegen aan schop. Het systeem zijn we ook samen. We houden het samen in stand. Er uitstappen zoals Mieke dat heeft gedaan, durf ik niet zo goed. Financiële zekerheid is ook een dingetje. Wil ik ook niet. Ik heb toch een geweldige baan! Nog zoveel uitdagingen liggen op mijn pad.

Niet mopperen maar opperen, lees ik dan 🙂

Tijd voor enige reflectie. Alles weer een beetje in perspectief proberen te plaatsen. Ons blog is mijn leerlogboek. Ik kan niet alles open en online gooien. Dat doe ik wel f2f en via whatsapp met mijn critical friends (dank!).

Tempora mutantur, nos et mutamur in illis (De tijden veranderen en wij veranderen met hen)

Deze Latijnse spreuk stond op een van mijn eerste beleidsnotities over de komst van de computer in de bibliotheek. Veranderingen heb ik altijd wel omarmt. Dat heeft me ook gebracht waar ik nu sta. Als ik naar het plaatje van veranderingsproces Kübler-Ross uit het boek kijk, heb ik het gevoel in een looping te zitten waar ik niet meer uitkom *grinnik*

Soms bekruip me het gevoel van een onzinbaan. Wie zit nou te wachten op een advizeur? Het een en ander heeft natuurlijk ook te maken met de positionering van mijn cluppie I-adviseurs. Voor de zoveelste keer maar weer eens rollen en taken beschrijven. Ik wil zinvol werk DOEN!

Ilse beschrijft op haar blog pionierspijn dat pionieren ook heel pijnlijk kan zijn. Dat het ook te maken heeft met je zelfbeeld: hoe belangrijk, competent, aardig vind jij jezelf? Het heeft ook met waardering en door anderen gezien worden te maken. Mieke stimuleert in haar boek ook die innerlijke reis te maken. Die maak ik wel vaker 😉 Ik heb alleen niet zo’n behoefte om die met iedereen open en online te delen. 

Door het boek werd ik wel getriggerd om mijn kernwaarden weer eens scherp te formuleren. You know dat ik dit voor een ander doel onlangs ook heb gedaan. Kijk, ik heb m ook maar op ons blog gezet. (By the way onze 2bejammed-waarden zijn toch wel briljant geformuleerd). 

Vanwege onze herpositionering van I-adviseur, ICTO-mens naar cluster onderwijskundige ondersteuning vroeg ik me af: hoe noem ik me zelf? Ik ben geen docent. Ik heb een onderwijskundige master afgerond, ben ik dan een onderwijskundige? Mijn bibliothecaris achtergrond is bepalend voor de manier waarop ik mijn rol invul. Open en online, delen en samen zijn mijn drijfveren. Ik ben onderwijskundige informatieprofessional!

Pioniersplezier

De gesprekken tijdens MeetUp 043 deden me ook weer inzien dat ik ook goede en geweldig leuke dingen heb gedaan. Mijn kracht en geloof in open en online kennisdelen is groot. Samen leren en ontdekken. In elk project, dienst waar ik zit is roep om communiceren, en meer kennis te delen. Laten we dat what’s in it for me eens proberen om te buigen in what’s in it for us. Het bewegen tussen uiterste blijft lastig voor me. De manier waarop ik de wereld zie is natuurlijk niet dé manier (knowledge polarization).

Voor mij is die community, de mensen om me heen belangrijk. Volgens mij ontwikkel je je niet alleen. Ik wil veel van een ander leren. En ik denk dat een ander ook van mij kan leren. Gisteren hadden we een mooie dag. Hetgeen waar we het afgelopen jaar binnen veel energie hebben gestopt werd met waardering ontvangen. Dat is een fijn gevoel.

Volgens het boek van Mieke zijn onderzoekend, creatief, empathisch, risiconemend, netwerkend, oplettend, reflectief en veerkrachtig, kenmerkende eigenschappen voor een pionier. Die mentaliteit heb ik wel. Zo nu en dan meer vertragen (lastig voor dit juffertje ongeduld) en compassie met mijzelf blijven wat ontwikkelpuntjes 🙂

En laat ik vooral ook maar gewoon blijven dromen, zoals op deze heerlijke dromerige muziek van Eric Clapton. 

Judith

Boekreview. Duurzaam pionieren in het onderwijs

Dag Marcel,

Een studiegenoot van mij van de Master Leren en Innoveren, Mieke Haverkort, heeft een boek geschreven! Hoe stoer is dat! Toen ik haar aankondiging via Twitter voorbij zag komen, heb ik aangeboden een review te schrijven. Het boek zelf heb ik nog niet in handen gehad, maar een digitale versie heb ik dit weekend gelezen. Dit ook ter voorbereiding op de eerste MeetUp043 waar ik haar boek als lezer mag introduceren. Hieronder volgt mijn review. Welke impact het boek op mij persoonlijk heeft, volgt in een ander blog.

Judith

boekreview

Storytelling is een krachtige manier om je boodschap over te brengen. De auteur van dit boek, Mieke Haverkort, doet dat op een bijzonder goede manier. Door haar verhaal van haar eigen ontdekkingsreis als pionierende onderwijsprofessional als leidraad te nemen, neemt ze je snel mee in het boek. De intermezzo’s  van de acht andere pioniers maken de onderwijscontext nog betekenisvoller.

Mieke opent haar boek met een manifest. Daarin is te lezen hoe zij de veranderende wereld aanschouwt en hoe we volgens haar daar mee om zouden gaan. De verandertheorieën van Otto Scharmer, Peter Senge en Jan Rotmans zijn herkenbaar.

Het boek introduceert het landschap van onderwijsvernieuwing en de ontwikkelingen die we waarnemen. En beschrijft vervolgens de onbewuste systeemstructuren (zoals hét onderwijs) en mentale modellen (die ons gedrag bepalen) die verandering bemoeilijken. Mieke reikt ons een andere manier van kijken, communiceren en handelen aan.

Het boek is systematisch opgebouwd en bestaat uit 4 delen: (1) het innovatieperspectief, (2) innovatievermogen, (3) innovatieklimaat, (4) innovatieproces. Elk deel bestaat uit vier hoofdstukken waarbij de eerste twee een inleiding zijn op het thema (zie flyer voor inhoudsopagave). Per deel staat een uitdaging centraal (zie afbeelding rechts). Door actieleren wordt de lezer gestimuleerd de uitdagingen te behalen. Om een uitdaging te behalen moet je een leerdrempel overwinnen.

Het is een actief boek. Het vraagt van de lezer een eigen ontdekkingsreis te maken en zo al doende te leren:

  • hoe duurzaam pionieren kan helpen bij het bereiken van je ambities;
  • hoe je een pioniersmentaliteit ontwikkelt;
  • hoe je de juiste condities schept voor een pioniersplek;
  • hoe je een cocreatieve pioniersreis kunt maken en begeleiden.

Door een veelheid en diversiteit aan oefeningen word je als lezer uitgedaagd de vier leerdrempels te overwinnen. Daarbij staan dialoog, vertragen, rust en reflecteren in een leerlogboek centraal. Critical friends zijn belangrijke hulpbronnen. Ik herken het actieonderzoek van het boek van Petra Ponte hierin.

Als lezer ervaar je dat het boek met liefde is samengesteld. En vol empathie voor de lezer. Het is mooi vormgegeven, voorzien van inspirerende citaten. De auteur heeft een prettige schrijfstijl en maakt ingewikkelde verandertheorieën toegankelijk. Dat is een compliment waard. Het boek is bijna 300 pagina’s dik, dat had naar mijn idee wat compacter gemogen. Er zit veel herhaling is. Echter dat kan ook de opzet van de auteur zijn omdat zij met haar boek ons juist tijdelijk wilde laten vertragen.

Het boek is een vereenvoudiging van de werkelijkheid, zo staat in de inleiding te lezen. Regelmatig wordt benoemd dat pionieren in de dagdagelijkse onderwijspraktijk vaak veel complexer is en weerbarstiger zijn. Ik mis beschrijvingen of casuïstiek van die weerbarstige praktijk. En hoe pioniers hier vervolgens mee om gaan. Dat is het enige kritiekpuntje. Maar ik denk dat Mieke Haverkort met haar praktijk KreatieKracht je daar vast in kan adviseren en ondersteunen!

Het manifest aan het begin van het boek is geschreven aan alle onderwijsprofessionals die de moed hebben anders te doen. Mieke heeft de moed gehad anders te doen. Daarvan is dit boek het bewijs. Dat is pas baanbrekend werk. En we mogen er allemaal van leren.

Het boek kost € 39,00 en is ook als e-book beschikbaar. Het is uitgegeven en te bestellen bij Uitgeverij Politeia

Duurzaam pionieren sneak peek from KreatieKracht on Vimeo.

The problem of knowledge polarization #TEDtalk #mustsee

Morgen in de Nieuwsflits maar nu al op ons blog! Deze geweldige TEDtalk van de filosoof Michael Patrick Lynch: How to see past your own perspective and find truth.

Lynch stelt ons een soort Matrix-samenleving voor. Wat als je een chip in je hersenen hebt waarmee het hele internet onderdeel is van je geheugen? Als je zo snel toegang hebt tot informatie wil dat nog niet zeggen dat die betrouwbaarder is, of dat we deze op dezelfde manier interpreteren. We dragen nu al een wereld aan informatie in onze zakken, maar het lijkt er op, zegt Lynch, dat hoe meer informatie we delen hoe moeilijker het wordt het onderscheid te maken tussen wat echt is en wat fake-nieuws is.

To solve the problem of knowledge polarization, we’re going to need to reconnect with one fundamental, philosophical idea: that we live in a common reality.

Daarvoor moeten we 3 dingen doen, volgens Michael Patrick Lynch:

  1. believe in truth
  2. dare to know
  3. a little humility

We moeten ons realiseren dat we allemaal onze eigen perspectief op de realiteit hebben. En die realiteit wordt ook heel erg beïnvloed door de filterbubbels waar we in zitten.

Knowing that you don’t know it all

Kijk!

Mooiee avond.
Judith

 

Motivated Strategies for Learning Questionnaire (MSLQ)

Ha Judith,

In het kader van het meten/inzicht krijgen van (meta)cognitieve vaardigheden ben ik uitgekomen bij een Questionnaire over Motivated Strategies for Learning. Deze questionnaire wordt ook gebruikt in het Reflector project. Het Kohnstamm instituut beschrijft in hun boek: Meetinstrumenten voor sociale competenties, metacognitie en advanced skills (Ledoux, Meijer, van der Veen en Breetvelt) dat dit een van de volgens hun studie geschikte instrumenten is waarmee je goed allerlei zaken rondom de (meta)cognitie kunt meten. De metacognitie is heel kort door de bocht het leren hoe je leert.

De handleiding en validatiestudie van de MSLQ is beschreven door Pintrich, Smith, Garcia, McKeachie.

De questionnaire heeft 81 vragen die opgedeeld zijn 15 schalen, verdeeld over de categorieën: motivatie en leer strategieën. Ze kunnen gezamenlijk maar ook afzonderlijk gebruikt worden.

Motivatie

  1. Waarde – Intrinsiek doelwaarde
  2. Waarde – Extrinsieke doelwaarde
  3. Waarde – Taakwaarde
  4. Verwachting – Controle verwachting inzake het leren
  5. Verwachting – Eigen effectiviteit van het leren
  6. Affect – Testangst

Leerstrategie

  1. Cognitief – Herhaling
  2. Cognitief – Elaboratie
  3. Cognitief – Organisatie
  4. Cognitief – Kritisch denken
  5. Metacognitief – Planning, monitoring, regulering
  6. Resource management – Beheer van tijd en studieomgeving
  7. Resource management – Inspanningsmanagement
  8. Resource management – In onderlinge samenwerking leren
  9. Resource management – Hulp zoeken

Je ziet in artikelen ook wel een andere verdeling gebaseerd op de elementen van self regulerend leren volgens Pintrich: cognitie, motivatie, gedrag en context.

Cognitie:

  • Herhaling
  • Elaboratie
  • Organisatie
  • Kritisch denken

Motivatie

  • Intrinsieke doelwaarde
  • Extrinsieke doelwaarde
  • Taakwaarde
  • Controle verwachting eigen leren
  • Eigen effectiviteit van het leren
  • Testangst

Gedrag

  • Inspanningsmanagement
  • Hulp zoeken

Context

  • Beheer van tijd en studieomgeving
  • In onderlinge samenwerking leren

In deze presentatie zie je hoe de MSLQ is toegepast en geïnterpreteerd voor een cursus door Ann Bykerk-Kaufmann, Ronald K. Matheney, Matthew Nyman, David McConnell, Jennifer A. Stempien, David A. Budd, Lisa Gilbert.

Het boek van het Kohnmann instituut beschrijft dat je een set van vragen kunnen gebruiken die inzicht geeft over een ‘motivatie’ of een ‘leerstrategie’. Ik denk dat dit zal helpen bij het gebruik, want ondanks dat het Kohnstamm instituut beschrijft dat invullen in de klas mag en maar 20 tot 30 minuten hoeft te duren vraag ik met af wat het animo is van studenten om 81 items te beantwoorden.

Of… en daar gaat het natuurlijk om, we moeten inzichtelijk maken dat de resultaten kunnen leiden tot een beter inzicht in hun persoonlijk leren en geeft ons de mogelijkheid om ons onderwijs daarop aan te passen. Dat inzicht geven op leeractiviteit niveau zou een mooie eerste stap zijn wat mij betreft.

Groet Marcel

Microsoft Cognitive

Ha Judith,

Even een korte blog over een stukje technologie, eigenlijk meer een link naar een filmpje. In het filmpje zien we een korte weergave van Microsoft Cognitive een tool die te gebruiken is om allerlei diepere AI data analyses te gaan gebruiken, zonder specifiek zelf de AI te kennen.

Met behulp van API’s op verschillende gebieden kun je data laten analyseren. Ik ben erg nieuwsgierig naar deze services van Microsoft in combinatie met Microsoft Azure. Bij nieuwe ontwikkelingen of nieuwe ideeën zullen studenten van me dit soort omgevingen moeten bekijken, ter inspiratie of wellicht zelfs om het te gebruiken. Ik ga eens nadenken over toepasbaarheid binnen learning (analytics).

Groet Marcel

 

Bullshit-jobs

Hi Marcel,

Soms heb ik wel eens van die periodes in mijn werk dat ik wanhopig verzucht ‘waar doe ik het allemaal voor’, ‘heeft dit enige zin?’, en ‘heb ik dit niet al eens eerder gedaan?’.

Onzinbanen, daar ging de bijdrage van Peter de Waard in de Volkskrant eergisteren over: “Slechts een kwart van de banen levert producten en diensten waar daadwerkelijk behoefte aan is”. En in alle andere banen wordt slechts 15 uur zinvol werk gedaan. De rest gaat verloren aan bezigheden als het verzenden van e-mails, het bijwerken van het Facebook-profiel, het marketen van nieuw beleid en veel vergaderen. Ik zou het willen tegenspreken, maar een kern van waarheid zit er wel in. Soms. Laat ik voor mezelf spreken.

Ook Pieter Derks sprak gisteren in het NPO1 radioprogramma De Nieuws BV over hetzelfde thema. Nederland kent veel bullshit-banen zoals twee miljoen communicatiewetenschappers (mijn arme dochter 😉 ) en niemand die een kraan kan repareren of kan stuccen. Nou dat kan mijn man dan wel weer. Hij is stukadoor!

Maar als we dan vinden dat banen die wel iets opleveren, er toe doen, laten we die dan eens op waarde schatten. Want vakmensen (en dat geldt ook voor leerkrachten en verpleegkundigen) worden immers niet zo goed betaald als adviseurs (*moi*) of managers of onderzoekers of al die andere banen voor ‘hoger opgeleiden”. We houden deze kenniseconomie-bubble met zijn allen wel zo in stand.

Warme groet,
Judith

Learning Design versus Instructional Design

Beste Judith,

Een vraagje: In je blogpost over het boek van Cammy Bean: The Accidental Learning Designer schrijf je dat Cammy per ongeluk een learning designer is geworden. Ik weet niet of het in het boek beschreven is, maar een stapje van dit proces is te vinden op de site van Cammy.

Wat me niet duidelijk wordt en waar ik wel nieuwsgierig naar ben is of Cammy het verschil aangeeft. Is het een perspectief kwestie: bekijk je het vanuit de docent dan is het instructional, bekijk je het vanuit de student dan is het learning. Of is learning design een onderdeel van instructional design. Dus bevatten beide de leeractiviteiten en hoort bij instructional design deel ook nog de instruerende activiteiten.

Behalve op de site van Cammy zijn er meer discussies/views geweest over dit onderwerp:

Nu vraag ik me af of in het boek wat je gelezen hebt een beeld gegeven wordt van het verschil tussen de twee?

Groet Marcel

Why do we want blended learning?

Hi Judith,

Thanks for your last blog about “How to support educational teams with the design of education.”   It again illustrates the difficulty of the implementation of blended learning. In the picture you use, several elements are mentioned which have influenced succesfull implementation strategies. In that graphic I miss the element of the management.

No, this is not a blog in which I want to complain about the management. I just want to try to see their point of view on this case of trying to get more blended learning. A case, sometimes struggle, sometimes a nice match, in which we have had several roles in the last few years. Their point of view is: why do we want blended learning, and do we as teachers, students and thus management want blended learning?

Quality of education is the dreamed answer, Sir Ken Robinsons’ vision of education that is not factory, which we were able to see on stage, is a wish waiting to come true. Self regulating collaborating networks of teachers and students co creating educational ecosystems is still science fiction. The managers want to dream, wish with us, they want to make science fiction into reality as well. But most of all they are stuck in that reality and sometimes we seem to forget.

The questions we have to answer aren’t how can we implement Blended Learning, as you said it yourself, that we know already. No we have to find the definite answer why do we want blended learning?

As long as we can’t translate our dreams and visions into profits, turn-over, student succes rates, student satisfaction, teacher satisfaction or regionwide knoweldge increase, management will have too much other priorities. So our real case is to illustrate the evidence there is in the context we are in so that management can dream, vision and make blended learning reality with us.

I believe that if we do, they will have a lot of fun doing it with us.

As a PhD student I will do my share, at least I will try, but I need allies. As a Zuyd community we will have to collect evidence. Not to defend our own faculty or our own model or framework which we have chosen, but to create an environment that is able to use the qualities we have to evidence based adjust our education to the demands the context or our working environments need.

Let’s go to sleep and dream on that.

Good night, Marcel Schmitz

%d bloggers liken dit: