Auteursarchief: Judith van Hooijdonk

Paperpresentatie #ORD2015 #MLI

Hi Marcel,

Vanaf woensdag zijn de Onderwijs Research Dagen 2015 aan de gang met het mooie thema ‘Verleidend onderwijsonderzoek: de sleutel naar succes’. Ik hoop dat ik mijn toehoorders ook kan verleiden met mijn onderzoek. Vandaag ergens tussen 13.00 en 14.30 mag ik mijn paper presenteren :).

Het gaat over online kennis delen en daarom staat mijn powerpoint ook al (secret) online. Ik zal de mensen uit parallelsessie 3 ICT (II) tot slot vertellen dat ze ook via ons blog feedback, tips, ontwikkelpunten door kunnen geven. Dat kan als reactie op dit blog, maar uiteraard ook via @jujuutje of via LinkedIn. Ach en de oude vertrouwde mail lees ik ook nog wel hoor 🙂

PaperpresentatieORD2015

Ik zal later bloggen over hoe het is gegaan. En nog wat later (als het onderzoek beoordeeld is) over de resultaten en conclusies. Voor nu heb ik de literatuurlijst in pdf beschikbaar. En dank ik nu voor de eerste keer Petra Swennenhuis die mij gedurende 2 jaar vanuit Fontys met veel geduld heeft begeleid.

Groet,
Judith

Hbopener: naar een open hbo-curriculum #LecOER

Jammer, Marcel, dat je niet mee kon naar de inauguratie van Robert Schuwer als lector Open Educational Resources aan Fontys Hogeschool ICT. Het was een mooie warme (letterlijk en figuurlijk) middag met fijne ontmoetingen met bekenden. Het begon met een symposium met dagvoorzitter Ben Janssen. De eerste spreker was voormalig OU-rector Fred Mulder als pleitbezorger van OER. We moeten ons hierop meer focussen dan op het vage begrip ‘open education’. Hij lichtte het 5Coe-model toe. Op basis hiervan kan je profielen maken van onderwijsinstelling van de mate van openheid. Uiteraard maakt elke instelling zijn eigen keuze hierbij.

Ook 2 leden van de kenniskring presenteerde zich al met 2 onderzoeken. Waarvan één ging over een studentonderzoek naar MOOCs. Van de 180 respondenten bleek 80% niet te weten wat een MOOC was, zelf als ze één gevolgd hadden. Het begrip is niet alom bekend. Het merendeel van de studenten zien MOOC als kans voor verbreding en verdieping. Het ander onderzoek ging over intrinsiek gemotiveerde studenten die zelf OER zoeken en vinden om verder te komen in hun leerproces. Als docent zou je hier meer gebruik van moeten maken. ‘Openheid’ is voor studenten vanzelfsprekend, volgens de spreker. (Ik twijfel aan deze stelling. Volgens mij is het voor studenten inderdaad vanzelfsprekend om op zoek te gaan naar online bronnen ter ondersteuning van hun leerproces. De vraag is of zij hun eigen producten ook zelf weer open en online zullen delen? Ik moet even denken aan Open of gesloten? De ICT Draait Door 🙂 ).

fontyslec_openeducation

Na de pauze vulde de aula zich met veel gasten die speciaal voor de lectorale rede van Robert kwamen. In een sneltreinvaart nam Robert ons mee op zijn mooie reis door de OER-wereld. Het was een mooi overzicht op het gebied van open onderwijs.
Tijdens de follow-up bijeenkomst strategieworkshops open en online onderwijs hebben wij het ook al gesproken over het ‘ontzorgen van docenten’. Daarop wil Robert’s lectoraat zich op focussen: op hergebruik en wegnemen van hinderenissen die docenten ervaren bij OER.

Zijn lectoraat zal zich richten op 4 categorieën van onderzoek:

  1. Docenten en OER zijn object van onderzoek. De activiteiten in deze categorie zullen zich primair richten op concrete vraagstukken die in de praktijk van de docent ontstaan bij gebruik en publiceren van OER en andere vormen van open onderwijs. Ervaringen ermee zullen leiden tot requirements voor hulpmiddelen die ontwikkeld kunnen worden. Onderzoek moet duidelijk maken in welke mate hindernissen ervaren worden, hoe de hulpmiddelen bijdragen aan het verkleinen van de hindernissen en (uiteindelijk) of dat inderdaad leidt tot grotere adoptie van OER. Onderzoek naar de rol van de student hierbij behoort ook tot deze categorie.
  2. Het onderwijsproces is object van onderzoek. Activiteiten in deze categorie richten zich met name op het verkrijgen van meer inzicht in hoe OER en andere vormen van open onderwijs kunnen bijdragen aan de verbetering van de kwaliteit van het onderwijs bij FHICT. Meer inzicht hierin kan een positieve invloed hebben op besef van de mogelijkheden van OER en daardoor uiteindelijk een opener curriculum. Onder meer zal daarbij ook aandacht worden gegeven aan effecten op onderwijs voor specifieke doelgroepen.
  3. FHICT / Fontys is object van onderzoek. Komen tot een grotere adoptie van OER en andere vormen van open onderwijs vereisen ook organisatorische maatregelen. Processen zoals zoeken naar en aanpassen van leermaterialen zullen veranderen wanneer die leermaterialen OER zijn. Vraagstukken betreffen het optimaliseren van dergelijke processen:
    • Welke doelstellingen van FHICT en Fontys kunnen mede behaald worden door inzet van vormen van open onderwijs?
    • Wat kunnen we leren van (open) innovatieprocessen in (externe) organisaties om benutten en openbaren van open onderwijs optimaal te krijgen?
  4. Relatie onderwijsinstelling – externe organisatie is object van onderzoek. Het onderzoek dat in deze categorie valt heeft als uitgangspunt dat de externe organisatie een visie heeft op open innovatie en naar middelen zoekt om die visie te realiseren. Vraagstukken hierbij betreffen hoe vormen van open onderwijs de externe organisatie kan helpen die visie te realiseren, in samenwerking met een onderwijsinstelling en wat dit voor gevolgen heeft voor de samenwerking tussen beide organisaties.

Hij eindigde zijn rede zoals de Romeinse senator Cato Maior dat ook altijd deed 🙂

“Overigens ben ik van mening dat leermaterinalen ontwikkeld met belastinggeld gratis beschikbaar moet worden gesteld”

Zijn lectorale rede is uiteraard open beschikbaar onder CC-BY. Ik heb ook nog een hard copy voor je meegenomen. Bekijken kan ook nog via deze link.

Robert begon zijn reis met een afbeelding van de Imagine gedenksteen van John Lennon in Strawberry Fields Central Park New York. Hij vroeg ons of hij ons wilde helpen met zijn OER-droom. Hij gaf aan samen te willen werken met ander hbo-instellingen. Robert heeft zijn Zuyd-mok nog. Die komt hij nog wel een keertje vullen zei hij 🙂

Judith

Zie ook de blogs van Wilfred Rubens over het symposium en de lectorale rede. En het blog van Robert Schuwer over zijn dag.

MOOC Exploring Social Learning afgerond #exploresocial

Hi Marcel,

Tussen alles wat moest door heb ik toch nog de afgelopen 4 weken tijd gevonden om de MOOC Exploring Social Learning te volgen. Ik ben natuurlijk intrinsiek gemotiveerd 🙂 Inhoudelijk heb ik niet veel nieuws geleerd. Veel wat aangedragen werd had ik op een of andere manier al een keer voorbij zien komen. Het heeft wel mijn mening over social learning wat aangescherpt tijdens de discussie over wat nu het verschil is tussen informeel leren en sociaal leren. Voor mij zit het onderscheid toch in het inzetten van sociale media bij het (informele) leren. Ik merkte dat ook op het eind van de MOOC deze begrippen toch nog steeds door elkaar liepen. Over deze MOOC heb ik vier blogberichten geschreven (en dit is dan nummer 5 )

Voor mij is social learning:

I define social learning as participating with others to make sense of new ideas. Augmented by a new slew of social tools, people can gather information and gain new context from people across the globe and around the clock as easily as they could from those they work beside.
Maria Conner

En ik heb tijdens deze MOOC ervaren dat het theoretisch model Illeris waar is. Volgens dit model bepalen de drie dimensies: inhoud , drijfveren en interactie het leerproces. Leren is fundamenteel sociaal en vindt plaats in een sociale omgeving en bestaat uit samenwerking, relaties, participatie en communicatie. Het platform Curatr is een uitnodigend platform. Met toch hier en daar wel wat haken en ogen. Zoals ik al eerder heb gezegd mis ik een zoekfunctie naar mensen en inhoud. Het was ook fijn geweest als ik mijn eigen reacties nog ergens terug had kunnen vinden. Ik merkte dat ik vooral de meest recente reacties las en daar evt op reageerde. Ik heb kennis gedeeld en bronnen aangereikt. Ik had dit wellicht nog meer kunnen doen, maar daarvoor ontbrak dan echt de tijd. Het is leuk dat er een MOOC meet up bij de HAN in Nijmegen is georganiseerd op 25 juni. Daar ga ik zeker naar toe. Als is het maar om de moderatoren Petra Peeters en Marlo Kengen de hand te schudden. Zij hebben het echt top gedaan! Snelle reacties, verdiepende vragen, goed hoor. Dat zal echt veel tijd hebben gekost, maar ik vermoed ook veel energie opgeleverd. Interactie is een van die dimensies die volgens Illeris het leerproces bepalen. En ik heb daarbij ook Gilly Salmon genoemd die dit ook zo benoemd in haar carpe diem methode.

Wat voor mij en ook voor de andere deelnemers in de MOOC een uitdaging is: hoe kan je social learning inzetten voor het leren van anderen. Dit is nog niet zo gemakkelijk. Inzetten van sociale media bij leer- en werkprocessen is niet voor iedereen vanzelfsprekend. Hier hebben we nog wel een slag te slaan in het kader van lerend vernieuwen.

Social learning is much more a cultural outcome than a process or a program to be followed.
Sahana Chattopadhyay

Hierover ben ik natuurlijk ook aan het nadenken ivm mijn MLI-onderzoek. En volgens mij blijft faciliteren, inspireren en stimuleren een voorwaardelijke rol. Joitske Hulsebosch had voor deze MOOC een mooi overzicht gemaakt met betrekking tot de bekwaamheden voor sociaal leren. Participeren in sociale media vraagt om

  • een bepaalde mate van openheid en intimiteit in de uitwisseling om een relatie op te bouwen.
  • een ‘open source style of thinking’: sociale media zijn gebaseerd op participatie en vrijelijk delen van kennis en ervaringen
  • een proactieve houding: neem initiatief, leg contact, reageer, plaats een bericht
  • feedback te kunnen organiseren: maak gebruik van de meedenkkracht van anderen, benut je netwerk
  • snel informatie te kunnen scannen en verwerken; je hoeft niet alles te kunnen volgen
  • een balans te vinden tussen afleiding en focus
  • single-tasking: één ding tegelijkertijd blijven doen

Het valt niet mee om te leven in deze VUCA-wereld, een prachtige term die wel nieuw voor mij was.

De MOOC is afgerond. De badges hebben ik niet allemaal gehaald, één maar geloof ik. Dit spelelement kwam wat minder uit de verf in deze MOOC. Ik hoop dat er nog een mooi overzicht komt met alle gebruikte bronnen en alle door de deelnemers ingebrachte bronnen. Als tip voor de volgende keer zou ik ook een link naar de bronnen opnemen. Het was soms lastig te lezen via het Curatr platform, en merendeel was open beschikbaar op het internet.

Volgende week komt het boek van Wilfred Rubens en Marcel de Leeuwe: Social learning en leren met sociale media uit. Ik zal ‘m onmiddelijk aanschaffen en meteen ook kopen voor mijn begeleidster van mijn onderzoek. Ik moet als afstudeeropdracht van de MLI namelijk ook nog een vakpublicatie schrijven. Mijn onderzoekbegeleidster is daarbij 2e auteur, maar daar mag ze natuurlijk wel wat voor doen 🙂 Ik vind social learning wel een mooi onderwerp om samen over te schrijven. Nu alleen nog een tijdschrift zoeken ….. alhoewel ….. Hoort het gewoon niet ergens op een blog gepubliceerd te worden? Niet? Wel? Tips? Ideeën?

Dialingtherightmix

CC-BY-SA opensource.com

Thanks mate!
Judith

Integratiefase #mli

Pfff Marcel, het einde van mijn tweejarige master begint in zicht te komen. Ondanks dat ik nog wat eindjes aan elkaar moet knopen, heb ik maandagavond de deadline gehaald en mijn onderzoek ingeleverd. De afronding van mijn studie bestaat uit een integratiefase waarin ik via een beeldverslag moet aantonen dat ik me ontwikkeld heb, en hoe het geleerde bijgedragen heeft aan de onderwijsorganisatie 😉 Zo’n beeldverslag maken vind ik leuk fröbelwerk, daar ga ik lekker in de zomervakantie mee aan de slag. Ik heb genoeg blogs geschreven (zo’n 200 bij elkaar, zowel op dit blog als op joule4jou) waar ik uit kan putten. En ik heb leuke tweets en mails bewaard. Natuurlijk vind ik zelf van alles van hoe ik me ontwikkeld heb, maar ik wil dat graag ook van mijn collega’s weten. Ja, ook van jou 🙂 Ter voorbereiding op de mail die ik jou/jullie stuur, schrijf ik dit blog.

Mijn ontwikkeling moet ik aantonen aan de hand van de vier rollen die voor deze master zijn beschreven: excellente leraar, ondernemende ontwikkelaar, reflective practioner en begeleider en gesprekspartner van collega’s. Daarnaast worden een negental houdingsp.i.’s beschreven. In de deze bijlage RollenHoudingMasterniveau heb ik ze bijelkaar gezet. Een van de opdrachten was ook om een ‘criteriumgericht’ interview met mijn leidinggevende te houden. Dat had ik vorige week met Walter. Dat was een leuk gesprek. Ter voorbereiding had ik hem een overzicht gegeven hoe ik de afgelopen 2 jaar de MLI had ingezet voor mijn werk. Voor de collega’s die ik om feedback ga vragen, is dit misschien ook handig.

Mijn studie bestond uit 4 leerarrangementen, 2 in het 1e jaar en 2 in het 2e jaar. Het onderzoek liep als een lint door de 2 jaren.

In het eerste jaar heb ik een paper (LA1) geschreven over Social Learning in open online onderwijs en een herontwerp (LA2) gemaakt voor een cursus basis wiskunde. De poster hangt als stil getuigen nog op de kamer van het I-team.

Poster_BasisWiskundeOOC
Beide producten heb ik gebruikt in het kader van het MOOCzi-project waarvoor ik (wij) ook een visieworkshop in samenwerking met SURF heb georganiseerd binnen Zuyd.
In het tweede jaar heb ik in een leerinterventie (LA3) geschreven over de interne communicatie van FB-ICT. In het laatste leerarrangement moest nadenken over de toekomst van ons onderwijs. Ik heb mijn toekomstscenario’s (LA4) beschreven, van 1 scenario heb ik een SWOT-analyse gemaakt en beschreven wat dit in mijn ogen voor Zuyd betekent. Dit laatste leerarrangement sluit helemaal aan bij het DLWO-visietraject waar ik nauw bij betrokken ben. En als we het over de toekomst hebben, hebben we het zeker niet alleen over technologie, maar ook over Bildung.

In mijn blogpost Work & Learn out loud heb ik geschreven dat het cirkeltje wat de MLI betreft zich aan het sluiten is. Alles wat ik geleerd heb en aan producten heb opgeleverd in de 4 leerarrangementen hebben te maken met het thema van mijn onderzoek en waar ik zo warm voor loop: ‘social learning’. In het onderzoek gaat het specifiek om de percepties van docenten Ergotherapie bij het inzetten van sociale media om online kennis delen en online samenwerken te bevorderen in hun netwerken. Zoals ik al schreef, zijn het misschien veel lijntjes uit de LA’s die ik hier probeer te koppelen, maar toch …

  • het social learning, waarbij vertrouwen, het creëren van verbindingen tussen personen en het elkaar helpen centraal staat. Dit zijn ook de kenmerken van sociale media (LA1);
  • het learning by doing, het zelfgestuurd leren dat met behulp van sociale media gestimuleerd kan worden door het Five Stage Model van Gilly Salmon te gebruiken waarmee een klimaat gecreëerd wordt om samenwerken te bevorderen waardoor beter kennis gedeeld wordt (LA2);
  • de mindshift en verandering van organisatiecultuur die nodig is om sociale media in te zetten voor het intern kennis delen en samenwerken (LA3);
  • de toekomst die ik aan het dromen ben voor Zuyd waarbij studenten eigenaar zijn van hun eigen leerproces in een open leer- en werkcultuur. Voor de veranderende rol van de docent naar coach, stimulator, facilitator en voor de student betekent dit tegemoetkomen aan de psychologische basisbehoeften van intrinsieke motivatie: autonomie, competentie en relationele verbondenheid (LA4).

Om nog inzicht te krijgen in mijn leren tijdens deze 2 jaar kan je nog een kijkje nemen in de mijn SLB-blogposts.

Naar een tiental collega’s stuur ik een mailtje. Maar als lezers van ons blog mij ook feedback willen geven? Graag. Dat kan via deze link. Je hoeft niet alle vragen te beantwoorden hoor. Alle feedback is waardevol.

Dank!
Judith

The magic zone

Jammer van de NWO en NSE, Marcel. Ik zou dit benoemen als meetlat-teleurstellingen  😉 Je weet dat ik niet zo’n fan ben van allerlei criteria waar we zo vaak langsgelegd worden. En of dit nu gaat om een product of om een opleiding waar je zoveel tijd en energie in stopt. Het motiveert niet, zeker niet als je te horen krijgt dat het niet goed genoeg is (en je daardoor niet goed genoeg voelt, tenminste zo voelt dit vaak bij mij). Hoe je de rubrics ook opstelt, beoordelen blijft altijd subjectief. Iedereen kijkt naar de wereld vanuit zijn eigen referentiekader. We hebben allemaal onze eigen ideeën over hoe de wereld in elkaar zit en hoe je moet leven en werken om het goed te doen. Dat nu meer realiserend kan ik ook beoordelingen van anderen over mij(n producten) wat meer relativeren, alhoewel ik toch altijd nog door een eerste gevoel van teleurstelling moet 🙂

Motivatie uit het leven behalen is heel belangrijk! In ons leven kunnen we ons in verschillende zones bevinden: comfort zone, je learning zone, je panic zone en de magic zone! Zie dit mooie filmpje dat ik via Ilse weer eens zag

Daar waar je warm voor loopt, waar je in gelooft, dat motiveert om door te gaan. Ondanks de vele teleurstellingen op de weg er naar toe. Ik wil naar die magic zone, dus overwin ik angst, onzekerheid en frustratie in de panic zone. Voor mij is dat social learning, voor jou is dat gaming. En of die promotie nu komt, of later (als 102 jarige kan het ook nog :)) of nooit. Dat is iets wat je jezelf als doel in het leven stelt. Ik heb me voorgenomen die master te halen, dus doe ik daar nu alles voor (en laat ik veel voor …). Maar ik weet wel dat dit de laatste keer is dat ik een formeel leertraject heb gevolgd. Ik leer verder wel sociaal 🙂 Leren en leven gaat wat mij betreft over verbinding tussen mensen.

Jij vroeg mij wat ik dacht over: “Gaan gaming en onderzoek wel samen in de gezondheidszorg als je als ICTer precies in het midden zit en nergens echt bij hoort (zowel gaming, noch gezondheidszorg wereld)?” JA! Jij bent een bruggenbouwer pur sang! We hebben dat thema ‘boundary crossing‘ al eens samen met Karin Winters verkend. Mensen die grenzen over durven te gaan maken het verschil! En zoals jij al eerder ‘tegen mij blogde’: we choose this not because this it easy, we choose it because it is hard.

Blijf die grens heen en weer oversteken. Dan zit je ook in je magic zone!

Groet,
Judith