Categorie archief: MLI
Judith’s blogs over haar studie Master Leren en Innoveren bij Fontys Eindhoven. Zie ook JOULE4JOU
Ziektes kunnen worden overgedragen, kennis niet #MLI
Ha die Marcel,
Volgens mij heb jou nog niet verteld over het interessante gastcollege van Peter Teune dat ik eind november heb gevolgd. Peter Teune is initiatiefnemer van de Master Leren en Innoveren en heeft deze mede vormgegeven, hij is ook de voormalig opleidingsdirecteur. Met veel praktijkvoorbeelden vertelde hij over het leren van vakken. Wat weten we over leren? en waarom werken leraren zoveel op intuïtie en ervaring (vergelijk dat eens met beroepen als piloten en artsen) en handelen ze niet op basis van wetenschappelijk onderzoek? Hij verwees regelmatig naar een publicatie van Gerard Westhoff (2009) Leren overdragen of het geheim van de flipperkast : elementaire leerpsychologie voor de onderwijspraktijk. Westerhoff beschrijft welke wetenschappelijke kennis over leren en leerproces zoal beschikbaar is. Gisteravond heb ik deze beschouwing eindelijk gelezen.
In mijn blog van gisteren vroeg ik me ook al af: wat is goed onderwijs? Teune zei ook al dat concepties over eigen leren niets te maken hebben met concepties over leren van leerlingen of studenten. En iedereen denkt iets over onderwijs te weten. Iedereen heeft het ooit ervaren. Westerhoff verzucht: “Nederland telt ca. 15 miljoen onderwijskundigen”.
Wie hoort niet vaker: “Tegenwoordig leren ze niets meer!”
Wat zegt wetenschappelijk onderzoek over het verwerven van kennis? Wat zijn factoren die leerprocessen bevorderen of belemmeren? Onderzoek, en zeker breinonderzoek geven nieuwe inzichten. Aan de hand van een zestal stellingen toont Westhoff wat we weten over leren.
- Kennis is geen ziekte. Sommige ziektes kunnen worden overgedragen. Kennis niet.
Als er al iets kan worden overgedragen is het reproduceerbare kennis. Je kunt als leerkracht wel ‘groei bevorderen’. - Er bestaat geen directe relatie tussen wat een leraar onderwijst en wat een leerling leert.
Het overgrote deel van de aangeboden informatie gaat met het vuilnis mee. - Door in groepjes te werken met open, complexe en levensechte taken kun je individuele verschillen in leerstijl productief maken.
Een leerling leert, een groep zelden. De verschillen tussen leerlingen zijn zo groot dat de één zich verveelt en de ander zich uitgedaagd voelt. - Wie onderwijst, die leert het meest.
Je leert door te doen! Leertaken waar je van leert: volgorde aanbrangen, categoriseren, structuren, toepassen, verbanden zoeken en leggen. - Als we al meer zouden moeten overdragen is het niet kennis, maar het leren zelf.
Zelfgestuurd leren. - Het grootste deel van het leren begint daar, waar het onderwijzen ophoudt.
- Van goed uitgevoerde traditionele klassikaal-frontale lessen leer je misschien wel niet optimaal, maar altijd nog meer dan van slecht uitgevoerd en geregisseerd innovatief onderwijs.
Kortom: wat je als leerkracht wilt laten leren is een keuze (van jezelf of beter gezegd volgens het curriculum). Of studenten willen leren is afhankelijk van de activiteit die je in hun werkgeheugen hebt weten uit te lokken: het geheim van de flipperkast! Zoveel mogelijk activerende werkvormen aanbieden zodat de kans op het aantal ‘leerhits’ zo groot mogelijk is.
Judith
Het keurslijf van een paper #MLI
Beste Marcel,
Ja mijn paper is klaar, afgelopen vrijdag via het plagiaatdetectiesysteem Ephorus ingeleverd. Je hebt het al gelezen en van feedback voorzien, waarvoor nogmaals hartelijk DANK! Ook de andere collegavrienden, studiegenoot en zoonlief bedankt dat jullie in de kerstvakantie tijd vrij hebben gemaakt om mijn paper van feedback te voorzien.
Ik heb veel aan de feedback gehad. Het maakte duidelijk waar de zwakke punten zaten. Ik moest nadenken over vragen en daar eigen keuzes in maken. Ja, de feedback maakte me scherp. De feedback maakte me wel duidelijk dat dit gegeven wordt vanuit een eigen waarneming. Subjectieve beoordeling vind ik voor feedback niet zo erg. Door de opleiding is een beoordelingkader vastgesteld. Langs deze lat wordt mijn paper nu gelegd. In hoeverre kan je bij zo’n beoordeling spreken van objectieve maatstaven als het verschil tussen voldoende en goed wordt bepaald door begrippen als ‘theoretische inkadering’ versus een ‘duidelijke theoretische inkadering’? En ‘gebruik gemaakt van voldoende literatuur’ versus ‘meer dan voldoende literatuur’. Ja, ik word een beetje onzeker van zo’n beoordeling. Dus luister ik maar naar mijn kinderen: ‘laat het los mam’ *grinnik* en zie ik het als een feedbackmoment. Tien dagen wachten …
Jij vroeg mij naar mijn ‘O!’ bij onderzoeksvaardigheden. Eigenlijk vond ik het schrijven van dit paper een worsteling. Voornamelijk een worsteling met mezelf. Ik heb me natuurlijk afgevraagd waarom. En dat is toch wel dat ik me aan al die regeltjes moet houden. Het moeten schrijven adhv een beoordelingskader, want daar word je op ‘afgerekend’. Dus probeer je te voldoen aan wat de beoordelaars van je verwachten. Ik vind eigenlijk dat dit zo hoort, maar zo doe je het wel. Je wil toch graag dat het voldoet. Het nodigt daarom niet uit tot een creatief proces. Ik blog liever.
Ik mocht alleen peerreviewed literatuur parafraseren, dus uitgaan van onderzoek en niet van meningen en ervaringen van onderzoekers. Het moest een ‘neutraal’ paper zijn, geen eigen standpunten. Ik lees natuurlijk veel blogs en het onderwerp ‘social learning’ is zo ‘hot’ dat daar veel over geschreven werd, maar weinig onderzoek naar gedaan is. Aan de andere kant is dat ook weer een leermoment: niet te veel uitgaan van aannames. Maar wel krtitisch blijven.
Focussen vond ik ook lastig, zoveel interessants las ik rondom mijn paper. Elke keer maar weer afvragen of het wel past binnen de onderzoeksvraag. Tja Marcel, die onderzoeksvraag daar blijf je aan sleutelen, het is een cyclisch proces zoals ik al eerder schreef. Het was het laatste dat ik nog aan mijn paper veranderde … Check out de 10 regels voor de onderzoeksvraag nog maar eens 🙂
Daarnaast vond ik het ook lastig dat ik een literatuuronderzoek moest doen vanuit een ‘probleem’. Ik kijk liever naar de mogelijkheden. En dan die APA! Door mijn bibliotheekachtergrond ben ik wel gewend om titel te beschrijven, maar al die punten en komma’s. Ik had het mezelf natuurlijk ook nog wat lastiger gemaakt omdat ik Mendeley wilde gebruiken, een onbekende tool voor mij. Leermoment: meteen bronnen goed beschrijven en indelen. Weet ik natuurlijk wel, en het advies gaf ik studenten ook altijd. Als je het achteraf moet doen kost het altijd extra tijd.
Dus kortom die ‘O!’ en ‘Aaaah’ was ver te zoeken … soms …sorry … Ik vond het wel heel leuk om met het onderwerp bezig te zijn. Ik heb veel geleerd over ‘social learning’, leerconcepten en motivatietheorieen, dat was ook mijn leerdoel. Mission accomplished! Aaaah!
Bij alles wat je leert is intrinsieke motivatie belangrijk. Mijn motivatie is dat ik deze opleiding wil afronden, daar moet ik soms dingen voor doen die ik minder leuk vind. Voor jouw studenten vind ik wel belangrijk dat ze een kritische houding hebben m.b.t. hetgeen over hun vakgebied gepubliceerd wordt en dat ze zelf met respect voor bronnen (information literacy) hun eigen oordeel kunnen vormen. Dus ja onderzoeksvaardigheden is wel een must. Of dat in een vorm van een paper moet? Ik zou liever beginnen met een blog of een essay, die kunnen ook als een bijdrage opgenomen worden een open online journal :). En onderdompelen vanaf het begin van hun studie. Met kleine stapjes, en leuke opdrachten. Zo moest dochterlief ervaren wat observatieonderzoek door het gedrag van ouders te observeren in de McDonalds. Dit is toch ook een leuke opdracht voor ICT-studenten 😉
Maar eigenlijk vraag je me: hoe krijg ik mijn studenten (en mezelf ;)) gemotiveerd? Maar dit is ook een lastige en voor ieder persoon weer anders. Gamification kan hierbij inderdaad een goed middel zijn (zie mijn blog). En voor mij werkt samenwerken in netwerken en bloggen. Iedere onderwijsprofessional wil graag gemotiveerde studenten. Ruud de Moor Centrum heeft in 2011 een literatuurstudie gepubliceerd: Leerlingen motiveren: een onderzoek naar de rol van leraren. Bij deze studie is (net zoals in mijn paper) de Zelf-DeterminatieTheorie van Deci & Ryan uitgangspunt. Deze motivatietheorie zegt dat motivatie toeneemt (en daardoor leren wordt bevorderd) als voldaan wordt aan drie psychologische basisbehoeften: autonomie, relationele verbondenheid en competentie. En dat geldt voor studenten maar ook voor docenten, gewoon voor ieder mens.
Groet,
Judith
Doen is de beste manier van denken
Ha Marcel,
Gisteren had ik dus de miniconferentie waar alle mede studenten hun paper via een poster presenteerden. De feedback ga ik zo verwerken, maar ik wilde je even vertellen over het avondprogramma. Net zoals ‘onze’ PABO heeft PABO Eindhoven ook een Onderwijscafé. We begonnen met gezamenlijk buffet gevuld met eten dat iedereen mee had genomen. Super leuk idee, maar vooral lekker en gezellig! Daarna de lezing gebaseerd op het boek van Marcel van Herpen ‘Ik de leraar’. Helaas was hij er zelf niet bij, maar hij werd geïntroduceerd via een video. Een leuk idee om via een interview zijn verhaal te laten vertellen. Helaas was het geluid slecht waardoor de boodschap niet helemaal overkwam. Marcel van Herpen heeft ook een TEDxTalk waar hij zijn verhaal verteld. Als je deze ‘Connectedness is the answer’ noemt, dan heb je mijn aandacht! 🙂
In eerste instantie zou Wim Daniëls spreken maar hij gaf de voorkeur aan een opname van de Top2000 😉 Wout Plevier was er in zijn plaats. Ik heb me erg geamuseerd. Op een NLP-achtige manier bracht hij ons met activerende werkvormen in beweging. Het voelde soms wat ongemakkelijk maar ik vond het vooral erg leuk.
mensen denken te veel, praten te veel maar doen te weinig. De toon is gezet door @WoutPlevier #mli
— Judith van Hooijdonk (@jujuutje) December 16, 2013
Hij legde mooie verbindingen tussen mensen en tussen het boek van Marcel van Herpen en zijn eigen boodschap. Veel van zijn verhaal herkende ik uit de breinworkshop die ik gevolgd heb. Focus op:
- aan staan – zorg dat mensen/leerlingen willen werken/leren. Wout benoemde natuurlijk ook de spiegelneuronen. Voorbeeldgedrag prikkelt de spiegelneuronen die het leerproces ondersteunen. Maak complimentjes!
- plezier en interesse inspirerende leeromgeving – bij een leuke leeromgeving maak je brein de neurotransmitter dopamine aan. Je krijgt er een goed gevoel van. Net als van complimentjes krijgen en geven. Door de neurotransmitter worden de verbindingen in ons brein verstevigd waardoor we beter leren.
- oprechte aandacht en goede relaties – die je volgens mij ook heel goed met gebruik van sociale netwerken kunt versterken.
- kinderen binnensluiten – niemand buitensluiten het verhaal van Marcel van Herpen, zie zijn TEDxTalk.
- niet conformeren aan systemen – het gebrek aan vertrouwen is waar ons onderwijssysteem op gebaseerd: bv. onderwijsinstellingen worden gecontroleerd door accreditatiecommissies (weg met de rankings), studenten geen vertrouwen geven over eigen leerproces (zelfregulering was een veelvuldig thema in de posterpresentaties).
- zelfreflectie – durf alles in twijfel te brengen.
Zijn boodschap: vraag bij alles wat je doet ‘waarom doe ik het zo?’ Je brein leert door pijn en plezier. Pas als de pijn groot genoeg is ben je bereid om te veranderen.
Goed om op zo’n avond (hoewel iedereen wel heel erg moe was van de enerverende middag) weer even ‘aangezet’ te worden. Je zou eigenlijk vaker van dit soort sessies moeten hebben om even bewust te zijn van waar je nou mee bezig bent. Ik heb super leuk werk, maar toch beleef ik er niet altijd evenveel plezier er aan. Daar zijn allerlei redenen (uitvluchten?) voor te bedenken, maar het gaat vooral dus hoe je er zelf mee omgaat. Ik moet mijn bevlogenheid nog meer zichtbaar maken en me niet conformeren aan systemen, dus! Fijn dat wij kunnen spiegelen! Dank daarvoor! (mijn fortune cookie gaf me gisteravond deze boodschap ;))
Wout toonde ook onderstaand filmpje. Ik dacht dat ik het al via ons blog had gedeeld, toch niet. Wel via andere social media kanalen.
Deze boodschap ‘doen is de beste manier van denken’ (mijn adagium) mag hier echt niet ontbreken.
“Als ik meer fouten maak dan jij, dan win ik”. Dit is echt omdenken! Zeker voor spelletjesliefhebbers.
Judith





