Auteursarchief: Judith van Hooijdonk

BIO-netwerk #kennisdelenisprachtigkrachtig

Heej Marcel,

Gisteren hoorde ik van collega edu-biblio-blogger Daniëlle Quadakkers dat ze mijn blogs miste. Ja ….  sinds de zomer heb ik op 2beJAMmed niet veel geblogd. Ik ben wel heel veel aan het WordPressen. Daarover op een ander moment meer. Gisteren was een dag waarover ik wel een blogje kan schrijven.

CCO by Geralt (Pixabay)

BIO = Bomen, Brainstormen, Bijkletsen, Bediscussiëren, Bijleren over ICT

Voor de 10e keer kwam het BIO-netwerk bijeen. In november 2013 kwamen op initiatief van onze Zuyd oud-collega Harry Vaessen, Jan Snijders (Avans) en Marion Keiren (HAN) ICTO-collega’s van deze drie hogescholen samen om kennis uit te wisselen over ict-in-onderwijs aangelegenheden. Het bleek en blijkt nog steeds dat we (hoewel contexten heel divers zijn) veel gemeenschappelijk hebben en veel van elkaar kunnen leren. Inmiddels is de groep uitgebreid met Saxion. En recentelijk zijn ook Hanze hogeschool en Windesheim aangesloten. Meestal hebben we een thema zoals ict-docentprofessionalisering, video, digitaal toetsen, digitale leeromgeving, visie en aanbesteding, learning analytics. Gisteren kwamen bijna al deze thema’s wel even voorbij.

Verschillende hogescholen zijn bezig met een visietraject rondom ict en onderwijs. Zo kwam Esther van Popta van de HAN vertellen over hun traject en de daaruit geformuleerde ontwerpprincipes. In een aantal projecten wordt deze visie verder uitgewerkt. Ook Avans presenteerde hun ambitieuze visie op ict in onderwijs, met heel veel aandacht voor scholing. Mooi!

Thema’s als Office 365, het onderwijsapplicatielandschap, de positionering van functioneel beheerders, centraal en/of decentrale ICTO-coaches (DLO-coördinatoren). De volgende keer gaan we de rollen en taken van deze collega’s bespreken. Iets waar wij nu in het kader van onze nieuwe DLO ook mee bezig zijn. De BIO-collega’s hadden veel interesse in ons aanbestedingstraject voor de nieuwe DLO. Collega Alexandra en ik hebben veel mooie werkvormen gezien die wij kunnen inzetten voor de curriculumscan die wij nu aan het ontwikkelen zijn ihkv het programma Succesvol Studeren. En alles wordt open met elkaar gedeeld. Zo fijn!

Avans Innovative Studio

foto Michel Kao

Gisteren waren we bij Avans in Den Bosch. Daar is ruim een jaar geleden Avans Innovative Studio opgezet. Jan Snijders had enkele jaren geleden verteld over zijn droom over dit nieuwe onderwijsconcept. Zo mooi om dat nu echt te zien. Het is een combinatie van de pop-up school (vraagstukken uit het werkveld / design thinking) en fablabs. Het is een beetje scrummen en in 2 weken een protype maken, het is vooral multidisciplinair samenwerken. Er wordt gewerkt aan competenties: realisatiekracht – creativiteit – probleemoplossend vermogen – innovatiekracht – reflectieve professional – interdisciplinair samenwerken. Iedere student heeft een personal coach, er wordt ontwikkelingsgericht getoetst (ipsatief), veel peerfeedback. Studenten kunnen in hun vrije studieruimte voor 10 weken inschrijven. De studio is erg succesvol, studenten beoordelen deze manier van leren heel positief. Over enige tijd wordt ook zo’n ruimte ingericht in Avans Breda. De studenten worden geacht van 9 tot 3 in de ruimte aanwezig te zijn. En dat doen ze ook. Alles  in de ruimte staat op wieltjes zodat deze learning space heel flexibel is en snel omgebouwd kan worden.

Na afloop hadden jij en ik een meet-greet-game and eat date met onze Avans-vriend Jeroen Alessie 🙂 Een super gezellige afronding van deze prachtige krachtige kennisdeeldag!

Dank voor het ritje terug naar het zuiden.
Judith

Zuyd Innoveert. Het waren vier fantastische jaren! #zuydin

Hallo Marcel,

Jammer dat je niet bij de feestelijke afsluiting van het Zuyd Innoveert programma kon zijn. Ook bij deze vijfde en laatste innovatiemiddag was ik present. In de afgelopen jaren heb ik binnen het programma verschillende rollen vervuld. Als expertgroeplid mocht ik vele mooie facultaire (macro)projecten beoordelen en feedback geven op pitches. Ook als innovator heb ik bijgedragen aan twee bijzondere innovatieprojecten waar ik met veel plezier onlosmakelijk aan verbonden blijf. Het MOOCZI-project waar jij als vlaggendrager fungeerde waarin we open en online onderwijs en open educational resources verkenden binnen de faculteit ICT. En het onlangs afgeronde project met FeedbackFruits waarin ik samen met een aantal docenten heb onderzocht of deze applicatie een goede manier is om feedback in het onderwijs te stimuleren. Dit project hebben ik samen met Jan Hein Gooszen van FeedbackFruits en collega Chris Kockelkoren ook gepresenteerd op de Zuyd Innoveert Markt tijdens deze innovatiemiddag.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Daarnaast waren wij bij de lekkere pizzasessies en was ik betrokken bij de Pop-Up School.

Van al deze bijeenkomsten en de lerende audits heb ik veel geleerd. Vooral dat innovaties heeeeeel langzaam gaan. Het veeeeeeel tijd kost en dat het voor docenten heel lastig is om dit naast al hun docententaken uit te voeren. Maar als je er dan mee bezig bent, komt er zo veel enthousiasme, passie, inspiratie en energie naar boven borrelen. Heerlijk om hier mee bezig te zijn.

Klik op de afbeelding om het jaarboekje te bekijken

Eerlijk is eerlijk. Innoveren is soms ook wel frustrerend. De bureaucratie van uren schrijven en verantwoorden. Pfff die kan me gestolen worden. Ook vond ik zeker in de beginjaren de aanvraagprocedure erg omvangrijk. Later zag ik in dat de intensieve begeleiding van het programmamanagement ook zeker zinvol was. Voor de kleinere microprojecten (in de begintijd van het programma) had ik docenten meer snelheid in procedure en innovation-failures toegewenst.

Misschien ben ik te braaf en probeer ik me te veel aan de regels te houden. Ik moet wellicht de wijze woorden van Wim Gijseleaers uit het laatste innovatieboekje me ter harte nemen.

Mijn advies is: laat stoplichten zoals accreditaties, visitaties en jaarverslagen, de innovatiekracht die je net hebt aangeboord niet stilleggen. Ons doel is jonge mensen helpen ontwikkelen. En om dit doel te bereiken moet je soms de regels doorbreken.

Wim sprak, net als Daan Roosegaarde die ook bij de kick off van het programma aanwezig was, tijdens de innovatiemiddag 12 oktober vele wijze en herkenbare woorden. Daan liet ons verwonderen aan zijn landscapes of the future. Prachtig hoe hij, door gebruik te maken van de natuurlijke energiebronnen, wonderschone ontwerpen creëert. Kern van zijn verhaal voor mij was:

Innovatie is nieuwe verbindingen maken. Verbeelding centraal stellen Samen maken. Je moet ook leren wat je wel en niet kan.

Wim sprak over anderen of nee O? … veranderen 🙂 Aan de hand van onderzoeken en eigen ervaringen vertelde hij ons dat de sleutel om te innoveren niet bij allerlei methoden ligt maar bij mensen. De kern van zijn verhaal was voor mij:

Verandertraject moet je laten gaan. Mensen laten onderzoeken. Loslaten. Niet te veel sturen. Dat komt veranderprocessen ten goede.

Deze twee presentaties heb ik ook in tweets samengevat, zie hiervoor mijn Storify van deze middag.

En gelukkige hebben we naast de boekjes dit blog nog 🙂 Behalve dit blog over het afsluitende ‘Naar de finish’ bijeenkomst heb ik ook over de andere innovatiemiddagen geblogd in de periode 2013-2016

Prachtige middagen vol inspirerende sprekers.

Het was een feestelijke afsluiting van vier mooie jaren. Dank. Heel veel dank aan de programmamanagers Dominique Sluijsmans en Marcel van der Klink. Zonder jullie expertise en energie was het programma nooit in deze vorm (met zoveel aandacht voor feedback en leren van elkaar) uitgevoerd. Mooi dat het programma zelf ook lerend was en dat gedurende de jaren ook verbeteringen zijn aangebracht.
Zuyd Innoveert maakte de Zuyd wereld mooier!

Judith

ECTEL 2017: Measuring the things we value…

Op 14 en 15 september 2017 vond in Tallinn (Estland) de ECTEL plaats, het 12de Europese Congres over Technologie Ondersteund Leren (TOL). Evelien van Limbeek heeft als tijdelijk teamleider van het lectoraat TOL, het congres met als thema ‘Data Driven Approaches in Digital Education’ samen met Marcel Schmitz.  Evelien doet verslag.

OUR 2bejammed GUEST: Evelien van Limbeek

Ik wilde met mijn bezoek aan dit congress graag wat meer ‘voeling’ krijgen met de thema’s die binnen Europa in het TOL-domein spelen. Marcel presenteerde op dit congress zijn eerste publicatie, maar daar zal hij zelf over bloggen.

De  parallelsessies gingen over MOOCs, gamification en met stip bovenaan Learning Analytics, waarmee meteen de belangrijkste thema’s duidelijk werden. Ook bij de key-note speakers was learning analytics een terugkerend thema. Prof. Stephanie Teasley, professor aan de Universiteit van Michigan en voorzitter van SOLAR (Society for Learning Analytics Research), gaf in haar presentatie gebruik van Learning Analytics in het algemeen twee foci heeft:

  • Learning Analytics om het leerproces in beeld te brengen; denk hierbij aan data vanuit een LMS (LeerManagementSysteem) zoals Blackboard;
  • Learning Analytics om de opbrengsten van het leerproces in kaart te brengen; denk hierbij vooral aan data die inhoudelijke aanwijzingen geeft over leeropbrengsten, zoals tweets, posts op discussion boards, informatie op blogs

Beide foci zijn belangrijk om het doel van Learning Analytics te bereiken: “Using data to optimize learning”. Vervolgens presenteerde zij drie projecten over het inzetten van data voor het verbeteren van het onderwijs. Hierbij moet wel verteld worden dat, door een investering van 1 miljoen, de universiteit er in is geslaagd om een data-ecosysteem op te zetten. Hierbinnen zijn alle systemen van de organisatie waar studentgegevens worden geregistreerd aan elkaar zijn gekoppeld en daarmee ontsloten voor onderzoek. De onderzoekers van de vakgroep van Stephanie kunnen een verzoek indienen tot het gebruik van de data voor onderzoek en dan krijgen ze een keurige dataset aangeleverd.

“How can we measure things we value, instead of valuing things we measure?”

Deze uitspraak kwam verschillende keren terug tijdens het congres. Vooral de key-note speakers vroegen hier aandacht voor. Wat men bedoelde was: Denk na over het doel, voordat je onderzoek gaat doen met Learning Analytics! Vaak zien we de situatie – en daar zagen we er tijdens het congres ook een aantal van – dat er data beschikbaar is en dat hier analyses op worden losgelaten, terwijl niet duidelijk is op welke manier de data zou kunnen bijdragen aan het verbeteren van het leren. Dit is een boodschap die we binnen dit lectoraat van harte onderschrijven, met ontwerpgericht onderzoek in een authentieke praktijk willen we bijdragen aan het optimaliseren van het leren van onze studenten.

Referentielijst
Teasley, S. D. (2017). Student Facing Dashboards: One Size Fits All? Technology, Knowledge and Learning, 22(3), 377–384. https://doi.org/10.1007/s10758-017-9314-3

 

Dit blog is eerder gepubliceerd op het inmiddels opgeheven blog van het voormalig lectoraat Technologie-Ondersteund Leren van Zuyd

Toekomstbestendig leren

Ha Marcel,

Deze week is het rapport Het voorbereiden van leerlingen op (nog) niet bestaande banen gepubliceerd. Paul Kirschner heeft een (ons bekende) Group Concept Mapping procedure onder experts uitgezet om twee onderzoeksvragen te beantwoorden:

1. Hoe kan het onderwijs jongeren (en werkenden) optimaal voorbereiden op de onbekende en ook onvoorspelbare arbeidsmarkt van morgen?
2. Hoe daagt het onderwijs jongeren uit zich eerder, intensiever en realistischer voor te bereiden op werk en de toeleiding naar zulk werk?

Het onderzoek is mogelijk gemaakt door NSvP – Innovatief in Werk. Zij stellen:

Er is veel in beweging in de wereld van werk. Technologische ontwikkelingen gaan steeds harder en hebben een grote impact op de manier waarop wij werken, leren en leven. Hoewel toekomstige ontwikkelingen moeilijk te voorspellen zijn, is wel duidelijk dat de druk op persoonlijke initiatief, ondernemerschap, leervermogen, adaptatie en flexibiliteit toe zal nemen. Vooral jongeren krijgen te maken met een sterk veranderende arbeidsmarkt. Veel van het werk waarvoor zij nu worden opgeleid, is vervallen of sterk veranderd tegen de tijd dat zij hun opleiding afronden. En eenmaal aan het werk zal leren en ontwikkelen een belangrijk thema blijven. Dit roept veel vragen op over het leren van de toekomst.

De eerste hoofdstukken van het rapport gaan over de achtergronden van het probleem waaronder een analyse van 21st century skills. Zoals we van Kirschner weten, stelt hij ook in deze publicatie dat “de vaardigheden duidelijk noch eenduidig zijn, dat zij steeds veranderen zowel qua aantal als inhoud, en dat zij voor het grootste deel vaardigheden zijn die ook in de 20e en zelfs in het 19e eeuw noodzakelijk waren”.

Zeker, de vaardigheden: samenwerken, communiceren, probleem oplossen, kritisch denken, creativiteit waren in de vorige eeuwen belangrijk, maar of daar veel aandacht aan werd besteed? Als leerling / student die lagere school, mavo, have, bibliotheekacademie in de jaren 60-70-80 van de vorige eeuw heeft doorlopen, kan ik me niet herinneren dat op deze vaardigheden ‘gestuurd’ werd. Samenwerken? … Groepsopdrachten? … Ik zat voornamelijk alleen op mijn kamertje te leren. En kritisch denken was tijdens mijn onderwijstijd not done: stil zijn en luisteren. Dus heel goed, vind ik, dat ze nog steeds belangrijke 21e eeuwse vaardigheden worden benoemd.

Zijn conclusie dat eigenlijk informatiegeletterdheid en informatiemanagement de enige vaardigheden die echt als 21e -eeuws aangemerkt kunnen worden, vind ik niet helemaal terecht. Het kunnen zoeken, identificeren, evalueren van de kwaliteit en betrouwbaarheid van bronnen en effectief gebruiken van verkregen informatie (informatiegeletterdheid) en het kunnen vastleggen, beheren en delen van verkregen informatie (informatiemanagement) zijn zeer belangrijke vaardigheden. Als bibliothecaris uit de vorige eeuw weet ik daar alles van 😉

Door de automatisering zijn al deze ’21e eeuwse’ vaardigheden wel in een ander daglicht komen te staan. De vier ict-gerelateerde begrippen informatievaardigheden, mediawijsheid, computal thinking en ict-basisvaardigheden uit 21EV-model van Kennisnet en SLO zijn het meest 21e eeuws. Ach, ik kan me ook helemaal vinden in de term ‘toekomstbestendig leren’ hoor 😉 Waarmee Kirschner en Vander Molen (bron) bedoelen:

Het verwerven van de vaardigheden en houdingen die nodig zijn om op een stabiele, bestendige manier te blijven leren in onze snel veranderende wereld.

Het onderzoek is beperkt tot het (v)mbo omdat deze beroepen vermoedelijk op korte termijn door robots worden uitgevoerd. De Take-Home Messages uit dit rapport zijn volgens mij ook van toepassing op het hbo. Ook big data en AI (kunstmatige intelligentie) zullen grote impact hebben op de beroepen waar wij onze studenten voor opleiden.

De school / Het onderwijs heeft hierbij (toekomstbestendig leren) een belangrijke taak maar het is de vraag of de school / het onderwijs daarvoor goed uitgerust is. Hoofdredenen hiervoor zijn: (1) de school reageert te traag om de veranderingen in de toekomstige arbeidsmarkt goed in het curriculum te verwerken, (2) de scholen zijn niet goed uitgerust op hun taak leerlingen voor hun onzekere (arbeids)toekomst op te leiden c.q. voor te bereiden, en (3) het gebruik van ICT is niet goed geïntegreerd in het onderwijs en het is de vraag of docenten zelf over de nodige ICT-kennis en –vaardigheden beschikken om hun leerlingen op een toekomstbestendige wijze op te leiden.

Via Group Concept Mapping verzamelde Kirschner van 61 expert 239 ideeën waaraan het onderwijs zou moeten werken om de leerlingen van vandaag toekomstbestendig te maken. De ideeën die dat opleverde, zijn daarna gesorteerd in 15 clusters en gescoord op het belang (door 42 experts) en de haalbaarheid (door 35 experts) ervan.

Uit bovenstaand schema blijkt dat het kunnen reflecteren en kritisch denken door experts als het belangrijkste wordt gevonden in tegenstelling tot informatievaardigheden. Toch zijn deze veranderingen niet makkelijk haalbaar volgens hen. Opvallend is dat ook curriculumvernieuwing (herontwerp de school) en docentprofessionalisering laag scoort op belangrijkheid, terwijl wij daar bij Zuyd nu zo hoog op inzetten.

Tot slot beveelt Paul Kirschner een drietrapsprocedure voor.

  1. het fundament: zorg dat leerlingen beschikken over nodige basiskennis om verder op voort te bouwen.
  2. efficacy building: zorg dat leerlingen het gevoel krijgen dat zij ook echt iets kunnen met wat zij geleerd hebben en dat ze beschikken over de nodige competenties (kennis, vaardigheden, attitudes) voor zowel het werken als het verder leren en dat zij samen kunnen werken met anderen om problemen op te lossen of taken uit te voeren.
  3. hogere-orde denkvaardigheden: metacognitie, reflectie en kritisch denken. Vaardigheden voor een leven lang leren.

Interessante studie. Wordt nog wel verder binnen Zuyd verspreid, vermoed ik 😉

Groet,
Judith

Wat te doen tegen onze vergadergekte?

Hi Marcel,

Op mijn LinkedIn-tijdlijn kwam een bericht voorbij waar zijn oog op viel: YOU are the cause of Meeting Mania. 14 Ways to stop it! Een bijdrage van marketing- en communicatie-adviseur Jill Shaul.

Vlak voor mijn vakantie ontving ik het ene na het andere vergaderverzoek. Zoals je weet is de organisatie van mijn Dienst onlangs opgesplitst in clusters, en ben ik van coördinator geworden van het cluster onderwijskundige ondersteuning. Had ik voorheen 1x per maand een dienstoverleg. Nu zijn daarnaast reguliere coördinatorenoverleggen en bila’s van ons cluster met de nieuwe directeur ingepland. En dan heb ik het nog niet over bijpraatuurtjes,stuurgroepbijeenkomsten en lectoraatsessies. Vooral op de maandagen en dinsdagen rol ik van het ene overleg in het andere 😦 Dat zal bij jou en onze collega’s niet veel anders zijn. Geen wonder dat iedereen verzucht dat ie het druk heeft als je vraagt hoe het gaat.

Druk?

Ik vind het een vervelend woord. Ik zeg bij voorkeur dat ik ‘lekker bezig ben’ 😉 De eerste alinea van Shaul’s blog deed me dan ook glimlachen

In case you haven’t heard, busy isn’t respectable anymore. Which means a calendar full of meetings isn’t a sign of importance. Volume doesn’t equal productivity; and lots of talking doesn’t mean you’re important.

Geldverspilling

Kan dat niet anders? Efficiënter? Ik heb al eens vaker balletjes opgegooid om meer online te delen. Mededelingen hoeven wat mij betreft niet in een vergadering. Een vergadering is voor discussie en afstemming in mijn optiek. Maar dan krijg ik van die blikken …. daar heb je haar weer …. en opmerkingen als ‘f2f is belangrijk’. Jaahaa …. Maar dat zeg ik ook niet!

Daarnaast zijn slechte bijeenkomsten een behoorlijke kostenpost. Zie deze TED infographic.

In haar blog somt Jill Shaul 14 redenen op hoe deze Meeting Mania te stoppen. Want uiteraard zijn we zelf de oorzaak van deze gekte. Wij accepteren klakkeloos alle uitnodigingen. Ik wel tenminste. Vanaf vandaag ga ik toch anders doen ….

Aantal tips

1. Is er een agenda toegevoegd? Geen agenda? Weiger! Of accepteer de agenda als voorlopig en vraag de organisator wat het doel is en jouw rol dan kan je je beter voorbereiden op de bijeenkomst (vergaderingen zijn eerder afgelopen als mensen voorbereid zijn) en dan is een tijdsduur van 1 uur is meer dan voldoende.
2. Zorg voor actieve bijeenkomsten. Ik zit ook te vaak onderuitgezakt in een bijeenkomst. Veel van mijn vergaderingen duren te lang, zeker 2 uur. Ik ga in ieder geval onze wekelijkse clusterbijpraatuurtje voortzetten aan de bar in de koffiecorner 🙂
3. Vermijd vergaderingen waar alleen mededelingen worden gedeeld. Dat kan ook via e-mail.
3. Is een wekelijks of tweewekelijkse bijeenkomst echt nodig? Evalueer het elke 3-4 maanden.
4. Moet jij er echt bij zijn of kan iemand anders van de genodigden ook jou vertegenwoordigen?
5. Weiger alle vergaderingen voor 8 uur en na 5 uur. Manage je werk- en privétijd goed.
6. Rek een bijeenkomst niet onnodig. Is er niets meer te bespreken, dan is het prima een bijeenkomst voortijdig te beeindigen.

Een paar andere tips voor agendabeheer
1. Begin je week met je prioriteiten van die week te stellen.
2. Blokkeer dagelijks tijd om te denken 🙂 🙂

Bovenstaande TED infographic is gebaseerd op een aantal TEDtalks. Bekijk onderstaande hilarische talk van David Grady eens. Duurt maar een kleine 7 minuten.

!NO MAS!

Groet,
Judith