Categorie archief: Innovatie

Docentondersteuning bij blended learning

Hallo Marcel,

Tijdens de Onderwijsdagen 2017 werd de publicatie ‘Keuzehulp voor ondersteunen van onderwijsinnovatie met ict‘ al aangekondigd. En vorige week is hij dan gepubliceerd. Voor ons een handig hulpmiddel omdat we nu volop bezig zijn met het bedenken en inrichten van een ondersteuningsstructuur. Zoals je weet, zitten we midden in een migratieproces van Blackboard naar Moodle. We hadden al een ondersteuning met Blackboard key-users en nu zijn een 70-tal DLO-coaches actief om hun collega’s te trainen en te ondersteunen bij het Moodle-klaar maken van hun gemigreerde Blackboardcursussen. Hoewel we nu heel ‘basic’ bezig zijn, denken we ook na over welke ondersteuning Zuyd het beste past als we het hebben over onderwijs (her)ontwerpen met ict.

Tijdens de Onderwijsdagen hebben collega Evelien en ik al de ervaringen van Saxion, Universiteit Utrecht, TU Delft, Erasmus Universiteit Rotterdam en Hogeschool Utrecht gehoord. Van deze vijf hogeronderwijsinstellingen zijn in het 2e deel van de publicatie beschreven:

  • achterliggende onderwijsvisie,
  • de context van de onderwijsvernieuwing (het didactisch concept),
  • inrichting ondersteuning en faciliteiten,
  • docentprofessionalisering en kennisdeling,
  • met welk (innovatie)budget,
  • en de resultaten.

Op basis van deze casussen heeft SURF 5 aandachtspunten en 5 keuzes gedestilleerd voor instellingen die docenten willen ondersteunen bij het tot stand brengen van onderwijsinnovatie met ICT.

Vijf aandachtspunten voor het ondersteunen van onderwijsinnovatie met ict

  1. ondersteun docenten waar mogelijk
  2. stel de onderwijsvisie centraal
  3. maak innovatiebudget vrij
  4. zorg voor communicatie en kennisdeling
  5. bied mogelijkheden voor professionalisering

Vijf keuzes voor het ondersteunen van onderwijsinnovatie met ict

  1. centraal innovatieprogramma of staande innovatie?
  2. bottom-up of top-down?
  3. centrale of decentrale ondersteuning?
  4. experts opleiden of inhuren?
  5. extra waardering of onderwijsinnovatie zien als onderdeel van het takenpakket?

De voor- en nadelen van de bovenstaande keuzes zijn mooi in beelden gevangen:

En Zuyd?

Zuyd is volop in beweging. Opleidingen denken na over hun visie op onderwijs waarbij de term ‘blended learning’ veelvuldig valt. Zuyd is bezig de koers voor de komende jaren te bepalen. Naar mijn beleving biedt ict volop mogelijkheden om onze onderwijskwaliteit op peil te houden. De wereld om ons heen, de arbeidsmarkt verandert in een snel tempo. Het kan niet anders dat technologie hierbij een grote rol speelt. Gelukkig ben ik hierin niet de enige 🙂

Met TOL hebben we in het DC4E-model beschreven hoe het traditioneel contactonderwijs ‘blended’ kan worden (her)ontworpen. We hebben dit verrijkt met een aantal elementen, zoals overzichten van technologische (Zuyd) tools, die dit proces kunnen ondersteunen. Hierin hebben we ook aangegeven dat het herontwerpen van onderwijs steeds meer in co-creatie gaat, waarvoor verschillende expertises nodig zijn op het gebied van instructional multimedia design, learning design, auteurrechten. Mijn o zo gewenste blended design teams!

De aanbevelingen uit de publicatie: rekening te houden met de autonomie van de docent, maar hem/haar zo veel mogelijk dichtbij te ondersteunen, te zorgen voor goede faciliteiten, en kennisdelen stimuleren, passen binnen mijn zienswijze. Docenten hebben vooral voldoende ontwikkeltijd nodig. Tsja, wat is voldoende? Dat blijft altijd discutabel. Mijn ervaring is dat het tijd kost. Heel veel tijd.

In de beschreven ervaringen herken ik veel van ons bloemmodel, maar ook over de versie 2.0 waarin je het model hebt uitgebreid met studenten om zo een learning community te creëren. In de SURF-publicatie staat ook dat de ideale ondersteuningsconcept niet bestaat. We kunnen deze keuzehulp gebruiken om binnen onze situatie die keuzes te maken die aansluiten bij Zuyd initiatieven, faciliteiten en structuren. Kern is wel dat het gaat om investeren in mensen: (in)formele (ict)docentprofessionalisering (notetoself: lees betreffend SURF rapport nog een keer).

Ik ga nu na deze keuzehulp gelezen te hebben, verder aan de slag met de notitie die we aan het schrijven voor de ondersteuningsstructuur Moodle/blended learning.

Groet,
Judith

Bron: SURF kennisbank: Keuzehulp voor het ondersteunen van onderwijsinnovatie met ICT : Inzicht in de organisatie van docentondersteuning. De gebruikte afbeeldingen zijn afkomstig uit deze publicatie.

 

Een verhaal over onderwijsvernieuwing

Hi Marcel,

Je weet dat ik de blogs van Ilse Meelberghs, de lerende docent (wat een geweldige blognaam hè) trouw lees. Ilse is docent bedrijfseconomie bij Zuyd. Op haar blog neemt ze ons lezers mee in haar denkproces over waarom ze de dingen doet zoals ze doet. Ze durft dan ook heel kwetsbaar te zijn. Ik vind dat lef hebben.

De afgelopen jaren heeft Ilse geblogd over een onderwijsvernieuwingsproces van haar opleiding. Ik ben zeer geïnteresseerd in haar verhaal vanuit mijn werk als onderwijskundig adviseur bij de Dienst O&O. Tevens zijn we als cluster nauw betrokken bij het Programma Succesvol Studeren, dat het doel heeft studeerbaarheid van bachelorprogramma’s van Zuyd te verbeteren. Van elk veranderingsproces kunnen we leren, vind ik.

Haar faculteit is enkele jaren geleden aan de slag gegaan met na te denken over een visie op onderwijs. Ruim een jaar geleden is in een visiedocument vastgelegd dat zij gaan opleiden vanuit kernwaarden: verbindend, grensverleggend en toekomstbestendig. In dat document staat hun visie op leren geformuleerd:

Samen duurzaam ontwikkelen in een uitdagende praktijkgerichte financiële omgeving zodat de student met zijn deskundigheid, passie en talent kan werken aan zijn eigen toekomst en kan bijdragen aan de veranderende maatschappij. Dit doen wij door te werken vanuit onze kernwaarden.

In hun didactisch model staat de authentieke beroepsvraag en een kennisleerlijn centraal. Zij werken samenwerkend in een learning community. Tevens is een visie op toetsing geformuleerd waarbij de volgende uitgangspunten worden gehanteerd: ontwikkelingsgericht, individueel borgen en integratie. Er is gezorgd voor een coherent toetsprogramma. Vervolgens is deze visie vertaald in een curriculumboek dat in januari 2017 klaar was. Hierin zijn de niveaubeschrijving van de eindkwalificaties (het wat) beschreven.

In januari 2018 start na de gemeenschappelijke propedeuse de kennisleerlijn en communityleerlijn van het nieuwe curriculum. Ilse is het eerste semester van dit studiejaar samen met haar collega-docent bedrijfseconomie (als enige) al gestart met de nieuwe werkwijze voor de kennisleerlijn. De nieuwe werkwijze houdt in dat de 2 docenten samen met 50 studenten in één lokaal zitten. De studenten werken samen in groepjes van 4 en krijgen 1x per week 2,5 uur achter elkaar les. De grote groep is een gevolg van de keuzes voor werken in een community, co-teaching en om zo continue bij te dragen aan de professionele identiteit van de student, de professional in verbinding, grensverleggend en toekomstbestendig.

Co-teaching is geen gemakkelijk aanpak. Het vraagt een omslag van solowerk naar teamwork. Je moet je co-teacher goed kennen. Je moet inzicht hebben in je eigen stijl van lesgeven. Het vraagt om een openheid om feedback te geven en te ontvangen. Een soort van intervisie. Voor deze aanpak is het nodig dat docenten goed de inhoud van de les afstemmen. Co-teaching betekent dat 2 docenten in een gelijkwaardige relatie samen gedeeld verantwoordelijk zijn. Zo zijn de docenten rolmodel voor de aankomende professional vanuit de kernwaarde in verbinding.

Ilse en haar collega hebben na het eerste kwartaal deze aanpak met de studenten geëvalueerd. Studenten waren niet onverdeeld enthousiast. Ze vinden de lessen te lang, de groep te groot. Waarom de groep niet in twee splitsen? De docenten hebben teruggekoppeld waarom voor deze aanpak (vanuit de onderwijsvisie) is gekozen. In het blogbericht Staan voor de visie beschrijft Ilse welke feedback zij hebben ontvangen op basis van enquête en wandelgangen. Dapper om groepen studenten die in de weerstand zitten te vertellen waarom je de dingen doet zoals je ze doet. En soms hoeft het niet altijd leuk te zijn.

Begin volgend jaar gaan al haar collega’s ook op deze manier werken. Het lijkt me nogal een cultuuromslag. Wat heeft dit voor impact op het team? Waar ligt de collectieve ambitie? In haar oratie ‘Leren in verandering. Over lerende organisaties, professionele teams en goed werk‘ stelt Manon Ruijters dat teams steeds meer zelf bepalen wat nu eigenlijk ‘goed werk’ is. Dan gaat het over het vinden van de gezamenlijke norm, omgaan met diversiteit, integriteit en authenticiteit én de aandacht van leiders voor het collectieve leren. Het gesprek hierover is wezenlijk. Een professional, zo stelde Albert Weishaupt, lector Professionele Onderwijsorganisaties van Stenden al eens, gaat op een publiek te verantwoorden manier om met waarden en normen (zie mijn blog over een bijeenkomst van Docentenberaad). Manon Ruijters noemt dit ‘professionals met praktische wijsheid’. Zij stelt ook dat mentale flexibiliteit niet kunt trainen, dat kost tijd, vraagt ervaring, groei, worsteling en niet weten. Veranderprocessen kan verstarring oproepen in plaats van beweging. Daarom is aandacht schenken aan professionele identiteit voorwaardelijk. Zie het mooie boek van Manon Ruijters over Je binnenste buiten. Een ander goed document in dit verband is het manifest ‘Leraren en het goede leren. Normatieve professionalisering in het onderwijs’ waarover ik ook al eerder geblogd heb. Wat een team goed onderwijs vindt zal elke keer weer in dialoog bepaald moeten worden. Want elke onderwijsprofessional heeft zo ook zijn/haar eigen pedagogische opvattingen over onderwijs: student-gecentreerd of docent-gecentreerd. Hierover heeft Evelien van Limbeek op ons TOL-blog onlangs geblogd al ging dit meer in relatie tot het gebruik van bepaalde technologieën.

Een curriculumverandering is een complex en uitdagend proces dat heeft Ilse in haar blogs laten zien. Ik vind het een mooi en dapper verhaal van deze faculteit dat ik graag wilde delen. Ik zal het zeker doorgeven als voorbeeld doorgeven aan het programma succesvol studeren.

Had jij bij jouw faculteit ook geen ervaringen met co-teaching? #dtv 🙂

Groet,
Judith

Zet onderwijs in beweging! #OWD17

Hallo Marcel,

Gezellig was het om samen met jou en Evelien de 2 SURF Onderwijsdagen te beleven. En natuurlijk samen met onze collega’s van het lectoraat Technologie-Ondersteund Leren, mijn collega’s van Dienst O&O en andere Zuyderlingen die ik daar ontmoet heb. Want dat is voor mij wel de kracht van dit congres. Een ontmoetingsplek met mensen uit mijn netwerk. Elkaar even zien, zwaaien, knuffelen en met elkaar praten is zo waardevol voor mijn werk.

Ik heb nagedacht over hoe en waarover ik zou bloggen. SURF heeft zelf inmiddels al een mooie overzichtspagina met een terugblik op deze 2 dagen. Daarop vind je naast hoogtepunten, publicaties, ook links naar blogs van diverse Edubloggers die ook al hebben geschreven over sessies waar ik bij heb gezeten. Omdat nu nog een keer dunnetjes over te doen … mwah. Delen was toch wel het woord dat in elke sessie een paar keer viel. Dus laat ik daar ook maar gebruik van maken.

Het thema van deze onderwijsdagen was Zet onderwijs in beweging! Technologie in onderwijs is nog steeds weinig zichtbaar. Het wordt eens tijd voor een echte transformatie, zo werd gesteld. Eens! Om in beweging te komen moet je eerst versnellen. En uiteraard versnelt iedereen in zijn eigen tempo.

Veel nieuwe dingen heb ik niet gehoord. Dat heeft verschillende redenen. Als je zoals ik het onderwijsinnovatiewereldje op de voet volgt, weet je wel wat er speelt. Wat natuurlijk wel interessant is om te horen hoe iedereen vanuit zijn/ haar context hier mee om gaat. Daar kunnen we van leren. Daarnaast heb ik vooral sessies bezocht rondom thema’s waar ik nu volop mee bezig ben:

  • hoe het digitaliseren van onderwijs aan te pakken cq te faciliteren?
  • (ict-)docentprofessionalisering

Voor 2 ‘off-topic’ (niet helemaal natuurlijk) die ik gevolgd heb, verwijs ik graag naar anderen:

  • Edu Robots, presentatie van mijn MLI-studiegenoot Rick Vermult (blog Wilfred Rubens)
  • Beoordelen als kans binnen flexibel en blended onderwijs, featured sessie door onze Zuyd-lector Dominique Sluijsmans (blog Esther van Popta)

Mijn insteek is: wat neem ik mee van deze 2 onderwijsdagen en ga ik voor mijn werk als adviseur en onderzoeker onderwijs & technologie-ondersteund leren gebruiken?

De kracht van delen

De Onderwijsdagen begon met een pre-conferentie over open leermaterialen. Een thema naar mijn hart maar wat binnen Zuyd niet echt van de grond komt ondanks ons initiatief een paar jaar geleden. Alhoewel …. ik hoorde tijdens de OWD van een boegbeeldproject hbo Verpleegkunde waar Zuyd aan deelneemt. Tof om te horen dat ook onze collega’s in deze community participeren waar men leermateriaal ontwikkelt en ontsluit en beschikbaar stelt onder een open licentie. Benieuwd wie onze contactpersoon is. Lijkt mij goed om dit soort goede voorbeelden ook binnen Zuyd te delen. [todo: op zoek naar deze collega en ervaringen delen in Nieuwsflits]

Martin Weller duidde in zijn keynote ‘Navigating the Open Education Landscape’ (mooie slides) de uitdagingen en kansen van deze open benadering voor het onderwijs. Dat zijn er vele (zie afbeelding). Welke zijn voor Zuyd relevant? Zuyd Bibliotheek zet inmiddels al stappen rondom Open Access publiceren. Ik zou Open Educational Resources (open leermaterialen) een kans willen geven binnen Zuyd. Jammer genoeg blijven er hardnekkige weerstanden zoals ‘het not-invented here syndrome’. Tijdens de pre-conferentie hoorde ik vaak dat docenten geen materiaal van anderen willen (her)gebruiken omdat ze twijfelen aan kwaliteit. Maar docenten gebruiken toch al jaren (hand)boeken van anderen? Omdat het gedrukt is, heeft het een kwaliteitsstempel? Zo eenvoudig is het toch niet? Dat het zoeken naar open leermaterialen veel tijd kost, is waar. Los je dat op door allerlei repository te bouwen? Ik vraag het me af. Volgens mij is bewustwording (rondom auteursrechtrechten), waardering voor docenten die hier mee wel aan de slag gaan (delen van goede voorbeelden) en scholing (een docent is een professional met content curation vaardigheden) een duurzamere oplossing. Repositories kunnen alleen goed door informatieprofessionals worden opgezet en onderhouden (metadateren is een vak!), dat lukt niet (hoe goed bedoeld ook) door vakcommunities (docenten hebben daar geen tijd voor). Daarnaast zou ik open pedagogy een kans willen geven en informeel leren meer een plek gunnen in ons onderwijs.

Mooi om te horen dat er een kwartiermaker is aangesteld om open onderwijs te versnellen.

Tijdens deze pre-conferentie werd  de website beleidopenleermaterialen.surf.nl gelanceerd. Een stappenplan om beleid te maken voor het delen en (her)gebruiken van open leermaterialen. Echt mooi dat al het materiaal dat de SIG Open Education in de loop der jaren heeft verzameld en hun ervaringen uit het hoger onderwijs nu bijeen zijn gebracht in deze website. Top! [Todo: dit materiaal onder de aandacht brengen van mijn O&O-collega die betrokken is bij ontwikkeling van de nieuwe strategische visie van Zuyd. Immers de ambitie van het ministerie van OCW is dat in 2025 alle docenten hun leermateriaal open beschikbaar stellen].

Terugblik preconferentie Open leermaterialen

Waardeer docenten

Wil je echt stappen zetten in het digitaliseren (of het blended) maken van je onderwijs dan is enige versnelling gewenst. De vooroplopers zijn er mee aan de slag. Het wordt tijd dat ook de early en late majority gaan aanhaken. Dat betekent dat er meer gestuurd moet worden. De vrijblijvendheid moet er af. Bij Zuyd is een vierjarig innovatieprogramma afgesloten waar we ervaringen hebben opgedaan met onderwijsvernieuwing. Dat is nu opgevolgd door een programma Succesvol Studeren waarin meer gestuurd gaat worden op een studeerbaar curriculum. Hoewel digitalisering daar nog niet echt een thema is, kunnen we daar zeker niet om heen. Zeker niet met de (waarschijnlijke) komst van een nieuwe digitale leeromgeving. Wat ik van ervaringen van de vooroplopers (zoals Saxion, Universiteit Utrecht, TU Delft, Erasmus Universiteit Rotterdam en Hogeschool Utrecht) heb gehoord is dat eigenaarschap in de faculteit moet blijven, maar dat support van buiten gegeven moet. Geld helpt niet. Ondersteuning wel. Vooral het belonen en waarderen van de innovatieve docenten vind ik ook erg belangrijk. Uit ervaring weet ik dat, hoewel je misschien tijd en ruimte krijg voor onderwijsvernieuwingen, het altijd meer tijd en energie kost. Dat vindt bijna niemand erg als het maar gezien en gewaardeerd wordt (door leidinggevende).

Binnenkort verschijnt een SURF-rapport over het faciliteren van online en blended onderwijs en hoe je dat inricht.

Voor het adoptieproces is naast faciliteren, ondersteunen en ontzorgen van docenten, ook het professionaliseren belangrijk. Bij Zuyd wordt momenteel het hele aanbod van docentprofessionalisering door HR in kaart gebracht en wordt een uitvoeringsorganisatie ingericht. Dat is een goede stap. Buttom up is al jarenlang gevraagd om docentprofessionalisering. Er moet nu gestuurd. Ik zag een mooi conceptueel model docentprofessionalisering blended learning waarop je keuzes kunt maken. Immers de ene vorm is niet beter dan de ander. Het hangt van de context af.  [Todo: plaatje doorgeven aan HR-collega].

Tijdens de onderwijsdagen werd door Vereniging Hogescholen, Vereniging van Universiteiten en SURF een Versnellingsagenda voor onderwijsinnovatie aangeboden aan het ministerie van OCW. Als we willen aansluiten op de arbeidsmarkt, het onderwijs flexibiliseren, slimmer en beter leren met behulp van technologie dan kan Zuyd ook iets met dit document. [Todo: Versnellingsagenda delen binnen Zuyd en geven aan mijn collega die betrokken is bij de nieuwe strategie van Zuyd].

Dat we ons niet kunnen veroorloven om in onderwijswereld achterover te leunen terwijl de Internet of Everything oprukt, liet de heerlijke Amerikaanse over-the-top keynotespeaker Robbie K. Melton zien (ik vind haar presentatie met alle filmpjes helaas nog niet op Slideshare). In haar keynote kwam de link met het onderwijs niet echt duidelijk over. Kijk daarvoor maar op haar website APP-a-pedia (dank voor de tip!).

Daarnaast was er nog een interessante keynote van Timothy McKay over Learning Analytics maar ik verwacht dat jij daarover nog wel iets met ons wilt delen. En ik zag ook vele tweets over de sessie van Arnoud Engelfriet over data-driven leren en de (nieuwe) privacywetgeving. Was voor velen een eye-opener, ook voor jou? Het heeft collega Frans Roovers wel tot denken gezet. Zie zijn blog.

Kortom: Goede ondersteuning en duidelijk beleid, herkenning en beloning voor docenten is wat ik meeneem van deze onderwijsdagen. En de kracht van delen natuurlijk! 🙂

Stop talking. Start building.

Persoonlijk neem ik ook nog wat mee van deze dagen. Ten eerste was het ontroerend mooie postuum eerbetoon aan Hester Jelgerhuis. Haar openheid en sprankelende persoonlijkheid hebben een diepe indruk op mij gemaakt. Haar motto: Blijf ontdekken – blijf leren – blijf delen draag ik met me mee.

De afsluitende keynote op dag 1 van Oscar Kneppers (oprichter Rockstart) hebben mij wel weer aan het denken gezet. Vooral ook de woorden van hun manifest (zie filmpje hieronder). Ben ik wel die pionier die ik denk dat ik ben? Pivot was volgens Kneppers waar het omdraait. Nee, het vermogen om alles los te laten bezit ik niet. Ik zit al ruim 30 jaar bij Zuyd en haar voorgangers. Ja, ik ontwikkel me wel. Ik ben nu met heel andere dingen bezig dan 30 jaar geleden. Een ondernemend type ben ik wel. Zoek ik de grenzen van mijn comfort zone wel voldoende op? ….

De 5 mantra’s van Rockstart kwamen weer even binnen:

  1. Step Forward, Start
  2. Team up. Do it!
  3. Stop Talking. Start Building.
  4. Learn. Pivot. Start over
  5. Keep up

De ideeën rondom het opstarten van TPACK-game-achtige Suffle’ige inspiratiesessies borrelden weer op. Ik blijf toch wel pionieren 🙂

Naast netwerken is er ook veel getwitterd tijdens deze dagen, ook door jou. Ook door mij. Ik heb mijn tweets verzameld in een Storify, handig voor mijn buitenboordbrein 😉

Groet,
Judith

Zuyd Innoveert. Het waren vier fantastische jaren! #zuydin

Hallo Marcel,

Jammer dat je niet bij de feestelijke afsluiting van het Zuyd Innoveert programma kon zijn. Ook bij deze vijfde en laatste innovatiemiddag was ik present. In de afgelopen jaren heb ik binnen het programma verschillende rollen vervuld. Als expertgroeplid mocht ik vele mooie facultaire (macro)projecten beoordelen en feedback geven op pitches. Ook als innovator heb ik bijgedragen aan twee bijzondere innovatieprojecten waar ik met veel plezier onlosmakelijk aan verbonden blijf. Het MOOCZI-project waar jij als vlaggendrager fungeerde waarin we open en online onderwijs en open educational resources verkenden binnen de faculteit ICT. En het onlangs afgeronde project met FeedbackFruits waarin ik samen met een aantal docenten heb onderzocht of deze applicatie een goede manier is om feedback in het onderwijs te stimuleren. Dit project hebben ik samen met Jan Hein Gooszen van FeedbackFruits en collega Chris Kockelkoren ook gepresenteerd op de Zuyd Innoveert Markt tijdens deze innovatiemiddag.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Daarnaast waren wij bij de lekkere pizzasessies en was ik betrokken bij de Pop-Up School.

Van al deze bijeenkomsten en de lerende audits heb ik veel geleerd. Vooral dat innovaties heeeeeel langzaam gaan. Het veeeeeeel tijd kost en dat het voor docenten heel lastig is om dit naast al hun docententaken uit te voeren. Maar als je er dan mee bezig bent, komt er zo veel enthousiasme, passie, inspiratie en energie naar boven borrelen. Heerlijk om hier mee bezig te zijn.

Klik op de afbeelding om het jaarboekje te bekijken

Eerlijk is eerlijk. Innoveren is soms ook wel frustrerend. De bureaucratie van uren schrijven en verantwoorden. Pfff die kan me gestolen worden. Ook vond ik zeker in de beginjaren de aanvraagprocedure erg omvangrijk. Later zag ik in dat de intensieve begeleiding van het programmamanagement ook zeker zinvol was. Voor de kleinere microprojecten (in de begintijd van het programma) had ik docenten meer snelheid in procedure en innovation-failures toegewenst.

Misschien ben ik te braaf en probeer ik me te veel aan de regels te houden. Ik moet wellicht de wijze woorden van Wim Gijseleaers uit het laatste innovatieboekje me ter harte nemen.

Mijn advies is: laat stoplichten zoals accreditaties, visitaties en jaarverslagen, de innovatiekracht die je net hebt aangeboord niet stilleggen. Ons doel is jonge mensen helpen ontwikkelen. En om dit doel te bereiken moet je soms de regels doorbreken.

Wim sprak, net als Daan Roosegaarde die ook bij de kick off van het programma aanwezig was, tijdens de innovatiemiddag 12 oktober vele wijze en herkenbare woorden. Daan liet ons verwonderen aan zijn landscapes of the future. Prachtig hoe hij, door gebruik te maken van de natuurlijke energiebronnen, wonderschone ontwerpen creëert. Kern van zijn verhaal voor mij was:

Innovatie is nieuwe verbindingen maken. Verbeelding centraal stellen Samen maken. Je moet ook leren wat je wel en niet kan.

Wim sprak over anderen of nee O? … veranderen 🙂 Aan de hand van onderzoeken en eigen ervaringen vertelde hij ons dat de sleutel om te innoveren niet bij allerlei methoden ligt maar bij mensen. De kern van zijn verhaal was voor mij:

Verandertraject moet je laten gaan. Mensen laten onderzoeken. Loslaten. Niet te veel sturen. Dat komt veranderprocessen ten goede.

Deze twee presentaties heb ik ook in tweets samengevat, zie hiervoor mijn Storify van deze middag.

En gelukkige hebben we naast de boekjes dit blog nog 🙂 Behalve dit blog over het afsluitende ‘Naar de finish’ bijeenkomst heb ik ook over de andere innovatiemiddagen geblogd in de periode 2013-2016

Prachtige middagen vol inspirerende sprekers.

Het was een feestelijke afsluiting van vier mooie jaren. Dank. Heel veel dank aan de programmamanagers Dominique Sluijsmans en Marcel van der Klink. Zonder jullie expertise en energie was het programma nooit in deze vorm (met zoveel aandacht voor feedback en leren van elkaar) uitgevoerd. Mooi dat het programma zelf ook lerend was en dat gedurende de jaren ook verbeteringen zijn aangebracht.
Zuyd Innoveert maakte de Zuyd wereld mooier!

Judith

Life (en dus vakantie) is Magic (en leerzaam)

Ha Judith,

Je weet het al. Ik was in Disney! Orlando om specifiek te zijn. En wat was het heerlijk. Ja ik weet dit is niet een vakantieblog, maar een blog over innovaties in het onderwijs. Ik heb er een meegemaakt in full effect. De Magicband. Disney heeft een aantal jaren geleden een armband met RFID chip ontwikkeld en gebruikt die in haar Orlando park nu volop.

 

De band geeft toegang tot de hotelkamer, tot het zwembad, tot de vier attractieparken en twee waterparken. Maar wordt ook al gebruikt om je te prikkelen in de attracties (it’s a small world in dit geval)

Je zou  er je creditcard aan kunnen koppelen waardoor je met de band (en een extra zelf te kiezen code) overal betaald kan worden en aangezien de band waterdicht is, is dat natuurlijk ideaal voor bij het zwembad. De band is ook te gebruiken bij je fastpass selecties. Je kunt met behulp van de website/app mydisneyexperience een aantal attracties kiezen waarbij je in de ‘speciale lees snelle rij’ kunt staan. Ideaal voor de bezoeker die niet lang wil wachten. Ideaal voor de parkeigenaar die aan crowdcontrol wil doen.

Met de app kun je dan weer reserveren voor het restaurant, maar zelfs bij de afhaalrestaurants al van te voren reserveren en afhalen in een speciale rij (want je hebt al betaald met je creditcard). Je kunt ook een Memory Maker kopen, waardoor je alle foto’s die door Disney mensen of in attracties van je gemaakt worden via de band op je account kunt laten zetten.

Ik ben er van overtuigd dat Susan, Qiang en ik de twee weken dat we daar zijn geweest gevolgd zijn geworden. Dat Disney precies weet waar we geweest zijn wat we waaraan hebben uitgegeven, welke attracties we wanneer hebben gehad, wanneer dat we op de hotelkamer zijn geweest. Kortom alles. Heb ik me bij de magicband daar van te voren iets over afgevraagd? Heb ik me zorgen gemaakt over wat ze met de data zouden doen? Heb ik aan mijn privacy gedacht? Nee! Sterker nog, ik kon het ding customizen (een kleurtje geven) en die waren niet aangekomen. Qiang heeft 3 dagen gevraagd of zijn grijze toch omgeruild kon worden voor het kleurtje dat hij tegen pappa heeft gezegd.  Om nog maar de zwijgen over de 20 – 30 dollar die ik had kunnen uitgeven aan een customized magicband met Mickey motief. De magische wereld van Disney, het gemak en het voordeel dat het me oplevert (in het plannen van de dag, gemak met betalen, etc.) laat me gewoon niet alleen zo’n band gebruiken, maar hem echt ook willen hebben.

Wat droom ik nu van een Zuyd-bracelet! Waarin je per leeractiviteit registraties kan bijhouden gekoppeld aan onze leeromgeving, aan een app voor de student. Zou dat niet gaaf zijn en het onderwijs verbeteren en de onderwijsbeleving verbeteren. Het kan! Het werkt al.

Wired heeft een interessant artikel gemaakt over de magicband en de ontwikkeling er van. Tja… gezien geld en resources die er in om zijn gegaan weet ik niet welke van mijn dromen eerder uit gaat komen: een Zuyd bracelet a-la MagicBand of toch werken voor Disney.

Groet Marcel

Gelezen. Verslaafd aan organiseren: 8 sluipmoordenaars die veranderingen tegenhouden

Hallo Marcel,

Eigenlijk weet ik niet meer waar ik de leestip voor dit boek Verslaafd aan organiseren heb opgepikt. Het is zeker een aanrader. Het is een boek dat uitnodigt tot reflectie. Ik vond het ook herkenbaar. Soms voel je dingen, pieker je over organisatievraagstukken maar vind je de juiste woorden niet. Tjip de Jong verwoordt het helder en duidelijk.

Op ons blog hebben we al vaker gesproken over het rendementsdenken. Wat is dat toch?, dat alles (nou ja veel)  in cijfers uitgedrukt moet kunnen worden. Tjilp de Jong heeft het over dwangmatig geregel, de niet-werkende of nutteloze routines. En we doen er aan mee. We houden het in stand. Waarom?

Wij zijn dus verslaafd 😦

Dat is de ongemakkelijke waarheid.

Onderbouwd met wetenschappelijke verslavingstheorieën beschrijft en definieert De Jong het begrip organisatieverslaving. De economisering en vercijfering (rendementsdenken) heeft een negatieve invloed op onze autonomie (eigen keuzes maken staat onder druk). Tevens wordt het gevoel van verbinding en saamhorigheid afgebroken. Professionele autonomie en sociale verbondenheid  zijn zo belangrijk om je prettig te voelen en goed te functioneren. De balans raakt zoek dan maakt je dat kwetsbaar voor verslaving. De effecten van verslaving in organisaties zijn zichtbaar op 5 niveaus:

  1. prestaties lopen terug en staan onder druk
  2. stagnatie in leren: vernieuwingen komen niet op gang, er is geen reflectie en feedback wordt genegeerd.
  3. sociale schade: minder plezier in werken
  4. intern geweld: blaming & shaming cultuur
  5. fysieke klachten

De oorzaak van de verslaving is volgens Tjilp de Jong hyperkapitalisme. Verslaving roept filosofische (geen gemakkelijke) vragen rondom vier existentiële thema’s die een rol spelen in ieders leven, maar ook in ons dagelijks werk:

  1. tijdelijkheid van het leven
  2. autonomie en vrijheid van handelen
  3. betekenisgeving en moreel kompas
  4. verbinding en verbondenheid

In het tweede deel van het boek beschrijft De Jong acht vormen van verslaving, die hij sluipmoordenaars noemt. Elke vorm van verslaving is voorzien van een zelftest zodat je kunt signaleren of er sprake is van verslaving in je eigen organisatie.

  1. visieverslaving: de kick van koers bepalen
  2. machtsverslaving: de ultieme roes dat je mag vertellen wat een ander moet doen.
  3. probleemverslaving: waarom makkelijk doen als het moeilijk kan
  4. functieverslaving: je bestaansrecht op een naambordje
  5. tijdverslaving: ordenen en structureren van werktijd
  6. opstapelverslaving: steeds iets nieuws willen beginnen (maar niet afmaken)
  7. verantwoordingsverslaving: vertrouwen is goed, controleren is beter
  8. verworven-rechten-verslaving: voor wat hoort wat

In het derde deel biedt Tjilp de Jong een stappenplan met 6 manieren om te minderen en af te kicken. Acceptatie van verslaving is cruciaal, net zoals dialoog.

Niet omdat dingen moeilijk zijn durven wij niet, maar omdat we niet durven, zijn de dingen moeilijk
Seneca

Het boek is prettig leesbaar, heeft een rustige bladspiegel en verhelderende tabellen en figuren. De filosofische uitspraken bij elk hoofdstuk zijn passend. Met de registratiecode uit het boek kon je het boek 30 dagen elektronisch te lezen op het Yindo platform. Dit is echt geen aanvulling. Het is alleen mogelijk een bladwijzer toe te voegen, markeren, notities bij bepaalde teksten is allemaal niet mogelijk. Dus lees het papieren boek. Het is beschikbaar via Zuyd Bibliotheek. Ik zal ‘m snel terugbrengen 🙂

Groet,
Judith

Docentenberaad #Zuyd over onderwijskwaliteit en personeelsbeleid

Zoals je wellicht weet, Marcel, draag ik het Docentenberaad van Zuyd een warm hart toe. Ik ben groot voorstander van dat docenten hun stem laten horen, maar ook hun professionele ruimte pakken. Donderdag 20 april was een docentenmiddag georganiseerd door het Docentenberaad. Het was tevens de kick-off van de landelijke debattour van Zestor: Missie Vliegende Start. De middag werd geopend door de gedreven voorzitster van ons Docentenberaad, Dorien Gerards. Gevolgd door een welkomstwoord door CvB-voorzitter Karel van Rosmalen die weer eens Jules Deelder citeerde 🙂

“Ruimte binnen de perken is net zo onbeperkt als daarbuiten”

Vervolgens was het woord aan Albert Weishaupt, lector Professionele Onderwijsorganisaties van Stenden en tevens directeur bij het Roelof van Echten College, een VO-school. Bijzondere combi. Zijn lectoraat doet onderzoek naar hoe een school zich tot een adequate onderwijsorganisatie ontwikkelt, terwijl hij ook leiding geeft aan een onderwijsorganisatie. Een boeiende combinatie vond hij zelf. Als lector word je ineens als expert benoemd, terwijl dat ook maar betrekkelijk is, volgens hem.

Inspiratiebron voor zijn onderzoek is het boek van Mathieu Weggeman ‘Leidinggeven aan professionals? Niet doen!’ De presentatie van Weggeman hierover blijft meer dan de moeite waard van het kijken 🙂

Met sprekende voorbeelden, in een snel tempo en veel humor besprak Weishaupt het ‘gedoe’ in het onderwijs. Er is veel gezeur en gezeik, een constante roep (door de beste stuurlui?) om verbetering van het onderwijs. Er is blijkbaar iets fundamenteels mis, constateert Weishaupt, dat vraagt om rust en herbezinning. Hebben we een gezamenlijk beeld over goed onderwijs? (verwijzend naar Biesta: socialisatie, subjectwording, kwalificatie). Momenteel is er veel aandacht voor de rol van de docent als kritische succesfactor voor de kwaliteit van het onderwijs. Wat Weishaupt vertaalde in: “Docenten hebben de sleutel in handen voor goed onderwijs …. maar waar is dat sleutelgat?” 🙂

Hij besprak in een sneltreinvaart ook kenmerken van een professionele docent, gebaseerd op Hargreaves & Fullan (ben fan van Fullan 🙂 ) / Donk & Kunneman). Zo’n docent …

  • is voortdurend bezig eigen manier van lesgeven te onderzoeken en te verbeteren, gebruikmakend van wetenschappelijk getoetste kennis;
  • werkt in teams waarbij het gaat om een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor het lesgeven;
  • participeert in de beroepsgroep;
  • gaat op een publiek te verantwoorden manier om met waarden en normen (zie ook mijn blog over normatieve professionalisering).

Onderwijs is een proces, het is een risicovol proces, maar geen geïsoleerd proces: onderwijs is niet maakbaar. Goed onderwijs sluit aan bij de menselijke conditie. Het lijkt er op dat docenten buiten de discussies over goed onderwijs worden gehouden. Docenten kunnen de rol ook pakken.

Willen onderwijsorganisaties ruimte bieden aan zo’n professionele docent zouden zij (volgens Hargreaves, Verbiest) aan de onderstaande eisen moeten voldoen:

  • vorming van een team (in de betekenis van een leergemeenschap)
  • ruimte in tijd voor docenten voor overleg, training en studie
  • organisatorische ruimte (verantwoordelijkheden, bevoegdheden)
  • ruimte om een bijdrage te kunnen leveren aan een beroepsgroep

In de discussie die na deze keynote volgde, ging voornamelijk over het overvolle curriculum. Dat (vak)docenten geen afscheid kunnen nemen van stokpaardjes. Curricula moeten flexibeler. Als je niet weet hoe de wereld eruit komt te zien, hoe kan je dan een curriculum voor vier jaar vaststellen? Hoe bouwen we betekenisvol onderwijs? Interessantthema’s, de moeite van verdere verkenning waard ….. Een ander gesprekspunt ging over de vermaledijde flexibele schil. Jonge frisse (vak)docenten zouden ook gevraagd kunnen worden om feedback te geven op actualiteit van curriculum.
Het punt over professionele identiteit van docenten, en het niet pakken van een rol over kwaliteit en toekomst van onderwijs, kon volgens één van de aanwezigen ook liggen dat bij hbo-docenten een gezamenlijke identiteit mist. Docenten voelen zich meer vakvrouw/-man (verloskundige, programmeur, etc) dan docent.
Tot slot kwam ook de werkdruk even ter sprake. Ik hoorde dat gezegd werd dat we werkdruk zelf creëren. Mwah. Dat is gedeeltelijk waar denk ik. De ruimte binnen de perken kan ook iets doen met de gevoelde mogelijkheden. Ik heb geen lesverplichtingen  en daardoor redelijk zeggenschap over mijn agenda. Dat is bij docenten wel wat anders. Toch merk ik dat ook ik me al steeds meer terugtrek om mijn werkdruk te ‘managen’. Dat ik steeds meer aan het ‘meestribbelen’ ben zoals Mathieu Weggeman dat noemt, dat kost me iets minder energie.

De vraag die bleef hangen: ‘Zijn wij (zelf of als organisatie) in staat om docenten te faciliteren (ruimte en tijd te geven) zodat ze ont-moeten?’. Inderdaad tijd voor rust en herbezinning, zoals Albert Weishaupt bepleitte.

Ik vond het jammer dat de collegezaal niet overvol zat. Als expertdeskundige (ICT in het onderwijs) ben ik betrokken bij het Docentenberaad. Ik ben geen docent dus kan ook niet deelnemen in dit beraad. Belang van docenten bij het vormgeven van kwalitatief goed toekomstgericht onderwijs is enorm. Docentenberaad Zuyd zoekt nog leden! Dus docenten van Zuyd: pak je rol en meld je aan!

Judith

Meer over positioneren van de docent als professional en onderwijskundig leider is te lezen in de lectorale rede van Albert Weishaupt.

Bronnen:

  • Biesta, G. (2012). Goed onderwijs en de cultuur van het meten. Dan Haag: Boom Lemma
  • Donk, W. B. H. J. van de. (2006). Geloven in het publieke domein: verkenningen van een dubbele transformatie. Amsterdam: Amsterdam University Press.
  • Hargreaves, A., & Fullan, M. (2012). Professional capital: transforming teaching in every school. London: Routledge
  • Verbiest, E. (2012). Professionele leergemeenschappen: een inleiding. Antwerpen: Garant
  • Weggeman, M. (2008). Leidinggeven aan professionals? Niet doen! (3e druk.). Schiedam: Scriptum Management

De kunst van het verleiden

Ha Marcel,

Soms krijg je kadootjes in je schoot geworpen. Dat gebeurde voor de kerstvakantie in de ontmoeting met Joseph Kessels. Zoals je weet zit ik in het kernteam van ZOEC. Dit initiatief van de onderwijslectoren van Zuyd beoogt meer samenhang tussen de diverse onderzoeksgebieden van de lectoraten te realiseren. De kennis en ervaring die hier beschikbaar is meer te verbinden met de kennis en ervaring binnen de diverse opleidingen ten behoeve van de onderwijsvernieuwing (-verbetering, -verandering) programma’s die Zuydbreed en in de faculteiten opgestart zijn. We kunnen zoveel van elkaar leren.

De afgelopen periode hebben we ZOEC gepresenteerd tijdens de managementdag en de gezamenlijke bijeenkomst van de kenniskringen van de onderwijslectoraten. Door deze gesprekken merk je dat iedereen vanuit eigen context andere beelden heeft waar ZOEC voor staat / zou moeten staan. Het blijft ook voor ons zoeken. Dat doen we sinds september in de maandelijkse ZOEC-sessies waar we met collega’s binnen en buiten Zuyd verkennen waarom, wat en hoe ZOEC. En afgelopen week was Joseph Kessels uitgenodigd vanwege zijn kennis en ervaring met zijn learning company Kessels-Smit.

Joseph Kessels ‘ken’ ik via zijn presentatie en publicaties over gedeeld leiderschap. Ik heb door te schrijven op ons blog en voor mijn masterstudie veel van hem geleerd. Door nu samen met hem aan een tafel te zitten en te luisteren naar zijn waardevolle inzichten was echt heel bijzonder. Een kadootje.

ZOEC beoogt een lerende community te zijn. Hoe krijg je mensen betrokken waarmee je geen gezagsrelatie hebt, vroegen we Joseph Kessels. Hoe kan onderlinge professionalisering, een andere manier van leren en werken concurreren met het ‘echte’ werk, de hectiek van het onderwijs, de tijdsdruk? Hoe kunnen we kennis laten circuleren?

Oprechte belangstelling voor elkaars werk, dat verbindt, zei Joseph. Nieuwsgierig zijn naar wat de ander bijzonder maakt. Uitgaan van het principe: wat moet ik doen om het voor jou aantrekkelijk te maken? Om door jou aantrekkelijk gevonden te worden? De ander verleiden met een aanbod die de ander verder helpt. Het stellen van sterke vragen: Hoe zou je het wel graag willen zien? Wat zijn jouw drijfveren? Wat vind je de moeite waard? Jouw enthousiasme overbrengen. Intellectueel adviseurschap vanuit de passie voor het vak. Een community wordt sterker als er meer verbindingen zijn. Zoek partners waarmee je verwantschap voelt, interesses deelt. Wederkerigheid is hierbij van belang. En vertrouwen uiteraard.

Het is natuurlijk zo voor de hand liggend, dat we het niet zagen. Belangstelling voor elkaars werk is de verbindende factor. In welke situatie dan ook, altijd komt ie weer terug de ‘relationele verbondenheid’ (Ryan & Deci).

Joseph Kessels deelde ook een werkwijze. Door elkaar te interviewen, de ander over jouw drijfveren te laten schrijven (voor bijvoorbeeld de ‘wie-is-wie’ op de gezamenlijke website i.o.). Door te vragen naar het beeld wat het oproept bij een ander ontstaat ook een gezamenlijk beeld. Een ander voorbeeld is om bij een afronding van een project twee collega’s vragen om de evaluatie bij de opdrachtgever uit te voeren. dat geeft vertrouwen, verbinding en objectiviteit.

Ga op zoek naar voorbeelden binnen Zuyd, en deel dat, adviseerde Joseph Kessels.
Ik kan niet meer doen dan dat onderschrijven. Door dit samen ook binnen ZOEC op te pakken, krijgen mijn initiatieven op dit gebied ook wat meer voedingsbodem. Hoop ik.

Als we het op de manier aanpakken waarop Joseph Kessels adviseert dan komt er ook een eind aan neeknikken en meestribbelen. Onderstaande video van Remco Coppoolse laat ook zien dat top down veranderingen moeizaam gaan. Door te luisteren, oprechte belangstelling te tonen, op te halen bij docenten, verbindingen te creëren verlopen onderwijsvernieuwingen soepeler.

Ik vond het best wel lastig om een blog te schrijven over deze inspirerende middag. De sfeer, de rustige uitstraling van Joseph, zijn warme stemgeluid, zijn oprechte interesse in ons en in het initiatief, is niet over te brengen.

Ik weet wel dat ik het verleidingspad op moet 🙂

Judith

Most Likely to Succeed [video]

Ha Marcel

Via twitter werd ik geattendeerd op een interessant bericht van het  Kenniscentrum Kwaliteit van Leren van de HAN. Zij hebben binnen de faculteit Educatie de documentaire Most likely to succeed vertoond. Hieronder zie je de trailer.

Het is een documentaire die ik ook wel zou willen zien. Het lijkt mij iets om binnen ZOEC te bekijken en te bediscussiëren. Het idee van ZOEC (inmiddels handout beschikbaar!) is immers om met peers gezamenlijk onderwijskundige vraagstukken te bespreken.

Gistermiddag tijdens de Zuyd Innoveert pitches, maar ook ’s ochtends tijdens Zuyd Professional bijeenkomst bleek (zo bedacht ik me later) dat we nog wel heel erg uitgaan van een vast onderwijsstramien in ons denken en handelen. Dat zoeken naar dat verborgen curriculum zit nog niet zo in onze genen. Deze documentaire laat een Amerikaanse highschool zien waar niet meer gefocust wordt op examens maar op talentontwikkeling. Vaardigheden als kritisch denken, samenwerken, innoverend en onderzoekend vermogen (21st century skills) zijn belangrijk. En niet alleen voor onze studenten maar ook voor onze docenten.

ZOEC wil een professionele leergemeenschap zijn waar vanuit vertrouwen en in verbinding aan vakmanschap wordt gewerkt, zoals Myriam Lieskamp dat ook in haar boek verwoordt. Samen zoeken en ontdekken van andere onderwijsvormen. En hier ook mee experimenteren. Dat gaan we in ieder geval binnen ZOEC proberen. Wie weet wordt dit wel een heel mooi voorbeeld voor andere groepen (studenten, docenten, interprofessioneel, multidisciplinair, formeel dan wel informeel, diplomagericht of niet) binnen Zuyd. Wij zijn in ieder geval enthousiast!

Fijne vakantie
Judith

This virtual lab wil revolutionize science class #TEDtalk

Zoals je weet, Marcel, stel ik op maandag de Nieuwsflits samen. Omdat hierin ook elke week een TEDtalk is opgenomen, kijk ik op maandag vaak een TEDtalk. Vandaag ook. Zojuist een mooie gezien die morgen in Nieuwsflits komt, maar ook goed past in ons blog.

Michael Bodekaer demonstreert in zijn TEDtalk Labster, een virtueel laboratorium waarin studenten virtuele experimenten kunnen uitvoeren.

In zijn TEDtalk laat zijn zien dat door het toevoegen van virtual reality je zelfs kunt simuleren dat je in het laboratorium bent ipv experimenteren achter een computerscherm. Volgens Michael Bodekaer is virtual reality een nieuwe lesmethode waarmee de kwaliteit van het (wetenschappelijk) onderwijs verbeterd kan worden. Nou, daar ben ik het wel mee eens. En jij?

groet,
Judith

%d bloggers liken dit: