Site-archief

Zuyd Merk-waardig?

Hoi Marcel,

Deze week las ik op twitter:

Wat lief: naast mij zit een directielid van Hogeschool Zuyd zijn twijfels te spuien over het nut van Twitter voor de naamsbekendheid.

Ik was perplex. Onbegrijpelijk.
Hoe kan je als organisatie social media toch blijven negeren? Nou weet ik natuurlijk niet welk directielid dit is en of hij de mening van ‘de’ organisatie uitdraagt. Ik weet wel dat Zuyd niet echt duidelijk als ‘merk’ op sociale media platforms actief is. Ik heb me al eens eerder afgevraagd waarom niemand van het CvB bij het college van Menno Lanting was. Dit ging wel meer over de inzet van social media in je organisatie om kennis delen te verbeteren. Dat negeren geen optie is, heb ik ook al eens bepleit in een interview voor Editie Zuyd.

De wereld verandert naar een ervaringen economie. Iedereen kan zelf een podium creëren om ervaringen en ideeën met elkaar te delen, zoals wij dat doen met ons blog. Organisaties (ja, ook Zuyd) zullen onderdeel moeten proberen te worden van de gesprekken (luisteren, feedback vragen, ideeën droppen, kennis delen, interactie aan gaan). Ik denk dat je door te participeren op social media, leert van hoe je het als organisatie doet. Social Media is naast allerlei enquêtes en accrediaties een bron waar je als organisatie inzichten uit haalt om je kwaliteit te verbeteren. Social media is als communicatiemiddel niet meer weg te denken.

Zuyd heeft de afgelopen jaren intern zwaar ingezet met een Sterk Merk campagne. We hebben vaker in onze berichten aan de Zuydwaarden: open, ambitieus, ondernemend, vakkundig en inspirerend gerefereerd. Over 2 weken ben ik uitgenodigd met een tiental collega’s voor een Merk-waardige middag in het Glaspaleis. Ik hoop tijdens de lunch naast een CvB-lid aan te schuiven, ik wil wel eens van gedachten wisselen over de inzet van social media voor Zuyd als merk.

In de uitnodiging voor de Merk-waardige middag staat:

De rest van de middag zal je inspireren om vanuit een merkbril naar de wereld te kijken en te leren van andere sterke merken in de wereld.

Andere? sterke merken maken wel gebruik van social media als communicatiemiddel. CocaCola noemt de sociale media de “new frontier of marketing and communications”, zij communiceren over hun Online Social Media Principles. Starbucks is het grootste merk op social media media gebied, met My Starbucks Idea passen zij het principe van crowdsourcing (het publiek inzetten als bron voor het verwerven van kennis, ideeën opdoen etc) in optima forma toe. En Nike+ weet  social media ook goed in te zetten in hun runningprogramme, hierover heb jij ook al eens eerder geblogd ivm je afstudeeropdracht Mobile Dashboard Learning Analytics.

@bron

Ik ben erg benieuwd door welke merkbril ik ga kijken 🙂

groet,
Judith

Wat doen studenten nu echt in de bibliotheek? Studeren! én appeltaart met slagroom eten …

Dag Marcel,

Leen Liefsoens heeft samen met studiegenoten van haar master Culturel Informatiewetenschap een onderzoek gedaan o.l.v. John MacKenzie Owen, je weet wel van de overbodige bibliotheek. Een verslag van het onderzoek staat in Informatie Professional december 2011.

Het onderzoek was gericht op het in kaart brengen van de feitelijke activiteiten van studenten in een bibliotheek op een bepaald moment zodat kan worden vastgesteld waarvoor studenten de bibliotheek, los van verwachtingen en associaties, daadwerkelijk gebruiken.

Het onderzoek vond plaats in 7 universiteits-en hbo-bibliotheken.
Ja hoor, ruim 96% komt voor de studie. Deze studenten zijn ook trouwe bezoekers van de bibliotheek, ze komer meer dan 1x per week en voornamelijk om rustig te studeren. Hulp van bibliotheekpersoneel wordt nauwelijks ingeroepen. Dat lokte Bibliofuture uit tot de blogpost ‘U is niet meer nodig, dag’ en Eric Sieverts tot zijn bijdrage is het half-volle of half-lege glas’. Toch weinig reactie uit bibliotheekwereld op deze ontnuchterende conclusie. Of zijn we inmiddels wel gewend dat ons werk niet serieus genomen wordt?
De studenten zien de bibliotheek vooral als werkplek en de bibliothecaris als een faciliteit, bibliotheekvoorziening, zo is de conclusie van het onderzoek. Zie hier het complete onderzoek. Ik zou het ook interessant vinden waarom studenten niet naar de bibliotheek komen, misschien iets voor een vervolgonderzoek?

Bibliotheek, de ruimte
Al heel wat jaren worstelt Zuyd Bibliotheek met de ruimte. Het gebrek aan ruimte welteverstaan, om de diversiteit aan functionaliteiten te kunnen aanbieden. Bibliotheek wil een rustpunt zijn voor degene die daar behoefte aan hebben. Maar ook een ontmoetingsruimte compleet met loungeplekken. Maar ook een X-lab om te experimenteren. We willen dat studenten zich thuis voelen, daar hoort dan toch ook een kopje koffie of het flesje water? Dan mogen ze toch ook hun tas met eigen spulletjes meenemen? Maar slaat die gastvrijheid niet door als een appeltaart met slagroom aangesneden wordt of als mandarijnen schillen, chipszakjes en lolliestokjes tussen de computers gevonden worden? Bibliotheekpersoneel wordt gebombadeerd tot politieagent (als je regels wilt handhaven) of poetshulp (als je teugels laten vieren).
De waarde van Zuyd bibliotheek ‘Van tumult naar rust‘ is een goed uitgangspunt, maar met de beperkte ruimte is het lastig uitvoerbaar. Is het een optie om de studieruimte, de ontmoetingsruimte op te splitsen? Is het nodig dat een bibliothecaris in zo’n ruimte aanwezig is?
In oktober/november hebben enkele studenten van de Hotelschool een gastvrijheidsonderzoek verricht onder studenten en medewerkers van Zuyd in het kader van gastvrijheid. Ik ben erg benieuwd naar deze uitslag.

@aLibrarian’sWorthAroundTheWorld 

Bibliothecaris, de informatieprofessional
De bibliothecaris is blijkbaar nog steeds synoniem aan bibliotheek? Uitleencijfers en bezoekersaantallen bepalen nog steeds de hoogte van de budgetten. Aangezien deze cijfers terug (zullen blijven) lopen, zal het in deze tijden van bezuiniging steeds moeilijker worden voor de bibliotheek. De bibliothecaris zal zich moeten losweken van de ruimte. Hiermee wil ik niet zeggen dat de bibliotheek opgedoekt moet worden. Zeker niet. Op elke locatie van Zuyd moet er een bibliotheek volgens de waarde ‘van tumult naar rust’ voor studenten en medewerkers beschikbaar zijn. Voor ontmoeting en samenwerking, reflectie en contemplatie, serendipity en inspiratie, creativiteit en informatie.
De informatieprofessional zal meer onderdeel van het onderwijs moeten worden, van faciliteit naar docent.

Wat is de bibliothecaris waard? Dit is mooi visueel vormgeveven via deze infographic.

@aLibrarian’sWorthAroundTheWorld 

Volgens bovenstaand plaatje is de bibliothecaris vooral aan het mailen :S. Ik zie er geen boekje ‘information literacy’  tussen staan, of zoek ik niet goed? 😉

Wat is de bibliothecaris voor Zuyd waard? Ik hoop heel veel!
Groet,
Judith

Gerelateerde blogposts:

Negeren is geen optie : Zuyd en Social Media

Hallo beste QR-scanner van Editie Zuyd,

Welkom op 2beJAMmed, het weblog van Marcel Schmitz en Judith van Hooijdonk.
Leuk dat jullie de QR-code hebben gescand in de nieuwe Editie Zuyd!
Ankie van den Broek, collega van de Pabo en ik zijn 1 september geïnterviewd door Jules Coenegracht over social media bij Zuyd. Het was een leuk gesprek. Bijzonder om te ervaren hoe de tekst uiteindelijk gepubliceerd wordt. Er is nogal wat geschrapt. Het voordeel van het digitaal publiceren, is dat je het artikel kunt voorzien van allerlei links naar achtergrondinformatie.

Inspirerende ideeën zijn te vinden op dit duoblog. Klik eens rond. We horen graag hoe jij, collega van Zuyd, aan de slag bent gegaan met social media tools, wat jouw ervaringen zijn. Deel het met ons!
Mochten jullie aan de slag willen? Als ICTO-adviseurs van Zuyd zijn we er om daarover mee te denken.
Jullie kunnen mij bereiken via dit blog, Yammer, Twitter, maar ik reageer ook gewoon op telefoon en e-mail hoor 🙂

Het is meestal een kwestie van klein beginnen en gewoon doen. Tien procent van het leren vindt formeel plaats, twintig procent door onderlinge informatie-uitwisseling en zeventig procent informeel, gewoon door zelf te doen. En informeel leren vindt nu juist plaats via de sociale media.

Reactie op het artikel zijn meer dan welkom!
Groetjes,
Judith

 

Het artikel uit Editie Zuyd, versie 23 (oktober 2011), p. 5:

“Je kunt wel zeggen: ik doe niks met sociale media, maar het is er, en er wordt in allerlei sociale netwerken over je gepraat”, zegt Judith van Hooijdonk, ICTO-adviseur bij de dienst Onderwijs en Onderzoek. “Het wordt nog onvoldoende serieus genomen en daardoor is er ook onvoldoende ontwikkeltijd voor docenten beschikbaar”, vindt Ankie van den Broek, docent Onderwijskunde en Nieuwe Media bij de Faculteit Onderwijs. Stof genoeg voor een gesprek over het gebruik van sociale media in het onderwijs.

Een tijdje geleden kwam Judith op Twitter een uitspraak tegen van een potentiële student die met Zuyd gebeld had. “Ik had me daar toch een stuk chagrijn aan de telefoon”, twitterde de student in wording. Het illustreert het punt: sociale media zijn er, en er wordt ook over jou gepraat. Ankie: “Je moet je er bewust van zijn waar je doelgroep zit en waar ze mee bezig is.” Tegelijkertijd is dat ook de kracht van de sociale media, vinden ze: de mogelijkheid tot directe interactie met je doelgroep.

Toepassingen in het onderwijs beperkt
De mogelijkheden van sociale media voor leren en opleiden zijn vast eindeloos, schrijft onderwijskundig adviseur en ontwikkelaar Paul Bloemen in een blog, maar de toepassing ervan in het onderwijs is nog beperkt. Hoe komt dat zo? Hij noemt een aantal redenen: docenten worden voortdurend met allerlei veranderingen geconfronteerd; ‘sociale media’ is geen eenduidig begrip, het vergt al enige ervaring om een basisinzicht in het concept te krijgen; het ontbreekt aan een goed beeld over hoe jongeren kunnen leren via sociale media; er ontbreekt vaak een visie op onderwijs en leren; er wordt sterk vanuit de technologie gedacht; er wordt geen rekening gehouden met de realiteit van elke dag voor de docent.

Ongeleid projectiel
Dit gezegd zijnde: wat doet Zuyd zoal op dit terrein? Judith: “sociale media zijn een beetje een ongeleid projectiel, dat is het lastige maar juist ook het leuke ervan. Iedereen gaat er op zijn eigen manier mee aan de slag.” Wat voorbeelden dan. De Nieuwste Pabo en de bibliotheek hebben een twitteraccount, maar gebruiken dat nog erg ‘zendingsgericht’. De opleidingen Informatica en Technische Informatica hebben met Do IT @Zuyd een social community waarin ze contact onderhouden met studenten, alumni en bedrijven. Er wordt gebruik gemaakt van Shakespeak, een tool die het mogelijk maakt dat studenten met hun mobiele telefoon tijdens de les antwoorden geven op vragen die in de PowerPoint-presentatie van de docent worden gesteld. Judith: “Zo kun je zien of ze de leerstof hebben begrepen én je houdt ze veel beter bij de les.” Uiteraard is deze opsomming volstrekt onvolledig, maar dat is niet erg. Het gebruik van sociale media is voor een deel ook een kwestie van ‘duizend bloemen laten bloeien’: van onderuit ideeën laten komen en ze als organisatie ondersteunen en breder implementeren als ze succesvol zijn.

Niet zomaar
Sociale media kunnen goed ingezet worden als marketinginstrument. Ankie: “Je moet werven waar je doelgroep zit.” Ze vindt dat Zuyd sociale media meer zou moeten gebruiken om contacten naar buiten toe te onderhouden. Dat ‘naar buiten toe’ kan, naar gelang de behoefte, van alles betekenen: contacten tussen Zuyd en studenten, tussen Zuyd en alumni en tussen Zuyd en het werkveld. Bovendien, zegt Ankie, zijn experts op je eigen vakgebied vaak veel makkelijker benaderen via de sociale media. Sociale media gebruiken als marketinginstrument is één, maar ze inzetten als onderwijstool is een ander verhaal. Judith: “Dat gaat niet zomaar. Dan moet je opnieuw nadenken over je onderwijsconcept, ze moeten geïntegreerd worden in je onderwijsvisie.”

 

 

Hacking the library

Weet je nog Marcel, de blog die ik heb geschreven n.a.v. het prikkelende artikel van John Mackenzie Owen over de overbodige bibliotheek in mijn vakblad Informatie Professional? Jij hebt daar op gereageerd met een blog dat de definitie van bibliotheek over moet. Je hebt helemaal gelijk.

Het nieuwste nummer van Informatie Professional (helaas op dit moment nog steeds niet online beschikbaar) is bijna geheel gewijd aan hoogleraar John Mackenzie Owen, hij gaat met emeritaat. “Onze” Leen heeft hierin een artikel geschreven (stoer hè) hoe zij zijn laatste college heeft ervaren.
Bas Savenije, directeur van de Koninklijke Bibliotheek, reageert in dit nummer ook nog op het pleidooi van Mackenzie Owen voor de Nederlandse Bibliotheek voor het Onderwijs.

Savenije vraagt zich af als mensen het hebben over de ‘bibliotheek’ of ze het dan over de functie hebben of over het gebouw/de ruimte. Ik denk (net als hij) meestal de ruimte.
Ik hoorde tijdens de introductieweek op Zuyd een docent voor de deur van de bibliotheek zeggen “en als je rustig wilt werken, ga je in de bibliotheek zitten”. Ik had zo graag daar tegenin willen gaan, maar het was niet het juiste moment om dat te doen.
Zo’n ruimte is zoals Savenije zegt een “communitygebonden service” en of dat nu een bibliotheek is of een uitnodigende creatieve vrije werkruimte (D.3.209) zoals jij die hebt ingericht, dat doet er niet toe.

Voor Zuyd Bibliotheek, als functie voor het onderwijs, zal dienstverlening steeds meer op het digitale terrein af gaan spelen. Alleen:(daar hebben we weer) moet de bibliotheek hierin het voortouw nemen of moeten zij volgzaam zijn en doen wat het onderwijs van de bibliotheekvoorziening verwacht? Het onderwijs is grotendeels nog zo traditioneel en papier-georiënteerd. Het feit dat Stichting Pro zo vreselijk ingewikkeld doet over gebruik maken van digitale informatie maakt het er niet makkkelijker op. Er worden momenteel weer vele boeken aangeschaft en beschikbaar gesteld zodat de docent niets hoeft te regelen met Stichting Pro. Ik hoop dat Stichting Pro heel snel de (terechte) inning van kosten van auteursrechtelijk beschermd materiaal voor onderwijsdoeleinden vereenvoudigt.

Voor Zuyd bibliotheek betekent dit (net zoals voor landelijke samenwerking) : centraal als het kan, lokaal  als het moet! Dit zei Han Berghs, de mede-inspirator van ZuydPlein, ook al! Ik denk dat we heel veel samen kunnen ontwikkelen en initiëren.

Als licenties centraal worden geregeld (wel of niet door een Nederlandse Bibliotheek voor het Onderwijs), de boeken geen prominente rol meer spelen, betekent dat voor de informatie professional op locatie dat hij zijn klant nog beter moet kennen dan nu. De bibliothecaris zou onderdeel moeten worden van de (online) communities waar zijn klanten zich in bevinden en zo transformeren naar een lifebrarian!

Lifebrarians zijn bibliothecarissen die een rol spelen in sociale netwerken (lifestreams) van hun studenten en docenten. Deze term (dat weet je) hebben we voor gehoord van Helene Blowers op UGame ULearn.

Helene Blowers vroeg zich af wat het bestaansrecht van de bibliotheek is als er geen papieren boeken meer op de plank staan. Het vak bestaat tot nu toe voornamelijk uit catalogiseren en beschikbaar stellen van fysieke materialen, of hun online reproducties. Informatie is inmiddels niet alleen maar te vinden als boek- of tijdschriftformat. Er wordt steeds meer naar online manieren gezocht wordt om kennis en expertise te delen, uitgevers worden in dit proces overgeslagen. Men publiceert en produceert zelf. Er wordt samengewerkt in sociale netwerken.
Bibliothecarissen kunnen, door zich te mengen in de sociale netwerken van hun studenten en docenten hen helpen en faciliteren in het gebruik en produceren van online informatie.

Nu even waarom je gelijk had 🙂

Pas geleden kwam ik via geklik (serendipity :)) op de site Hacking the Academy. Een geweldig inititatief, resulterend in een uitdagend eBook op een prachtig platform, daarover in een ander blogpost wellicht meer. Hacken heeft geen positieve associaties, maar zo is the Hacking Academy helemaal niet bedoeld. Het is wel lekker prikkelend, daarom heb ik het ook gebruik als blogtitel 😉
Het gaat me in dit verband om het artikel hieruit The Wrong Business for Libraries  van Christine Madsen. Madsen zegt dat bibliotheken niet een opslagplaats voor boeken moeten zijn, zoals ze dat de laatste 150 jaar zijn, maar terug moeten naar hun oorspronkelijk doel:

The goal of the library was to support the great scholars of the day by providing them access to the most important sources of information, but also to everything else that was needed to turn that information into new knowledge, including a space for discourse and debate.

Precies zoals jij dat ook bedoelde.
Daarom wil ik op Zuyd ook geen stilte bibliotheek, maar een inspirerende ruimte voor share-remix-reuse door studenten en docenten. Waar boeken niet meer centraal staan, maar leren en engageren.

Ook R. David Lankes is het helemaal met jou eens. Neem de tijd om naar deze geweldige, hilarische peptalk voor bibliothecarissen te luisteren (audio van 1 uur, maar zeer de moeite waard). Een man ook naar jouw hart! Op Tenaanval las ik over deze inspirerende lezing. Ook deze bibliotheekprofessor vindt dat de bibliotheek niet om het gebouw, de boeken of de collectie gaat. Het is de bibliothecaris die het verschil maakt!

The mission of librarians is to improve society through facilitating knowledge creation in their communities.

De missie wordt nu nog voornamelijk bepaald door boeken uit te lenen. Hij vraagt zich af of dat de meest effectieve manier is. ‘Met boeken kun je geen gesprek hebben’, zegt deze New Yorkse professor. Bibliothecarissen moeten onderdeel zijn van hun community (dé lifebrarian!). We moeten vooral niet over ‘gebruikers’ of ‘klanten’ praten maar over ‘leden’ want daarmee vorm je samen die community.
Bibliothecarissen werken met kennis en kennis is verandering, veranderen hoort de kernactiviteit van de bibliothecaris te zijn.

En inderdaad het gaat niet om de ruimte! Het gaat om de medewerk in de bibliotheek, die maakt het verschil!

Als ik zo’n peptalk hoor wil ik meteen de barricade op!
Niet afwachten.
Ik begrijp ook dat onze collega’s van Zuydbibliotheek te maken hebben met de waan van de dag. Er zijn al geweldig goede inititatieven, de social media campaign is al een prachtig begin. Zuyd bibliothecarissen verzorgen naast trainingen informatievaardigheden ook verschillende workshops op het gebied van social media. Enkele collega’s ondersteunen hun opleiding in onze elektronische leeromgeving, Blackboard.

Het blijft altijd balanceren tussen werk dat gedaan ‘moet’ worden en experimenteren met nieuwe uitdagingen. Maar laten we vooral proberen en vele missers maken want dat betekent dat we nieuwe (gekke) dingen geprobeerd hebben. En natuurlijk ook laten horen wat we gedaan hebben!


balanceren en (té) gekke dingen uitproberen!

En altijd blijven boeien en binden!
Judith

Code of Conduct for SM?

Hi Judith,

Welcome to the first English version of our duoblog. I know that you won’t react in English (yet!) but still I want to try to give our English speaking friends some insight in the way we at Zuyd University are using technology enhanced learning. So sometimes you will find a summary of our past Dutch blogitems in this category and sometimes you will find a story of it’s own. This time I have chosen the later.

You remembered our last session at Educause 2010? It was about Social Media (yeah that’s where SM stands for ;)) with Tanja Joosten @tjoosten of the University of Wisconsin and her friend Shannon Ritter @micala of State College PA as our hosts. They were promoting #edusocmedia and discussing all kind of social media in education topics. I am very happy to say that we can send some colleagues to educause 2011 :), but that means that we have to stay at home 😦

That doesn’t mean that we can’t interact with the conference. Shannon has dropped the question on twitter on which topics should be discussed at the conference and that made me thinking (well that and off course the urge to blog something in English and this was a great opportunity 😉 ) One of the rising topics within our education environment on social media is if there should be a code of conduct for teachers on how to use social media as communication device, especially with regard to communicating to students. I know that our friend Ankie van den Broek @ankievandenbroe is preparing/discussing on a code of conduct for her colleagues of ‘the school for teachers of elementary en middle schools’ (called: PABO in Dutch.) What do you think? Should there be such a code, probably even University wide, which oblige our colleagues to contact students with social media in certain ways?

I agree on training how to use social media (which is very much needed), I agree on raising awareness of using social media, University wide (both teachers and students), but I am against a code of conduct. Social Media should be used free of rules as freedom of speech is used. The second part of that sentence is, for me, very important. Freedom of speech can also be abused and that’s not the intention of it. You should always be aware what you say! And you should try to be aware of the impact that has one the ones that can hear/read your message. (Un)fortunately with Social Media that are potentially a lot of people! This awareness should be in the standard package of our colleagues. But is it? And how about the students? And what about the children of elementary and middle schools, for whom we are training the teachers? Should there be a code of conduct? History has proven that neither adults or children always are able to use the ‘freedom op speech’ the way it was intended. And whom I am to say how it was intended?

Well I have another argument against a code of conduct. And that’s the impossibility to preserve the code when it is in effect. How do we monitor total online behavior, and how do we react on misbehavior. The simplest way seems to be reacting on the person that doesn’t act along the code, but this person has always the possibility to change his/her online identity and continue his/her bad behavior.

The only way seems to me are the three A’s: Awareness, Acceptance, (and again) Awareness.

  • Teachers and Students should be made aware of the fact that Social Media can’t be controlled and that the only rule that really matters is the rule of ‘freedom of speech’ and that that rule comes with a responsibility.
  • Teachers, Students and Management should accept that in this open and online world Social Media will be used and that it is not to be controlled by rules.
  • Teachers and Students should be made aware of the worldwide, everlasting impact speaking through Social Media has and which implications that has on using the implications of ‘freedom of speech’ has.

Accept and be aware that technology has made our voices a powerful tool that can reach the world and beyond. Anything you say will be heard and will be used!

Greetz Marcel