Categorie archief: Social Media

Social Media kan je inzetten als didactisch hulpmiddel, als marketinginstrument maar ook voor personal branding. Blogposts in deze categorie kunnen al deze gebieden omvatten.

Create, donate, relate, repeat *)

Hi Marcel,

Vandaag was ik in m’n element :). Ik mocht kennis delen! in een workshop voor enkele docenten van de faculteit Gezondheidzorg.

Hoe kan je ontwikkelingen op je vakgebied volgen naast alle informatie die nu al op je afkomt? In deze sessie krijg je mogelijkheden te zien om informatie slim te volgen, te bewaren en/of weer te delen. Gedurende deze bijeenkomst komen de nodige web2.0 tools langs. Je zult hierin keuzes moeten maken tussen de vele beschikbare tools. Voor iedereen ligt dit weer anders. ik wil je voornamelijk laten nadenken over je persoonlijk informatie management.

Ter voorbereiding had ik mijn blog ‘Hoe volg jij dat allemaal? Zo stroomlijn ik mijn informatiestromen’ als leestip gegeven.

Heerlijk om met collega’s aan de slag te gaan: social learning!

Er zijn zoveel manieren om met social media tools informatie te verwerven over je vakgebied en om opgedane kennis weer te delen. Ik wist niet waarmee zij al ervaringen hadden en wat zij al wisten, daarom begonnen met een spelletje: Bingo! Gebaseerd op een idee van Patrick Koning: social media bingo. Ik heb niet zijn kaart gebruikt, maar zelf wat icoontjes bij elkaar verzameld van tools die ik veelvuldig gebruik (en ik moest nog selecteren ;))
Bij aanvang kreeg ieder een bingokaart. Ze mochten even kijken of ze een horizontale, verticale of diagonale bingo konden vinden. Je had bingo als je de icoontjes kon benoemen. Dat was toch nog een beetje moeilijk. Het was wel een leuke manier om voorkennis te activeren en was het een mooi begin om ervaringen (kennis) te delen.

socialmediabingo

Omdat ik niet precies waar de vraag lag, heb ik ook geen powerpointpresentatie gemaakt met uitleg hoe verschillende tools werken, hiervoor heb ik ze verwezen naar mijn Slideshare. Ik heb wel deze Prezi gemaakt.

Ik weet dat ik veel blogs en tweets volg en lees (en zo doe ik dat), ieder moet daarin zijn eigen keuzes maken. Ieders tijd is kostbaar. Als je een uur feeds aan het lezen bent (en dat ben je zo kwijt) had je ook iets anders kunnen doen. En het ook afhankelijk of je dat als werk- of privé-tijd beschouwt. Soms zet ik al mijn feeds ook op gelezen, niet alles hoeft altijd gelezen te worden. Zoals Martin Bril al zei

Je mist meer dan je meemaakt. Helemaal niet erg.

Het handige hulpmiddel om feeds te volgen en te lezen is: RSS! Hiermee kan je blogs maar ook alerts (via Google of Mention) volgen (lees ook info op Vakblog). Het kan natuurlijk ook allemaal in je mailbox komen. Bij veel collega’s puilt de mailbox uit. Hoe kan je daar meer grip op krijgen? Ik heb al mijn nieuwsbrieven opgezegd, die volg ik via RSS. E-mailnotificaties van sociale netwerken staan bij mij uit. En daarbij denk ik dat Yammer een hulpmiddel kan zijn om onnodig mailverkeer tussen collega’s te stoppen.

Ik heb de tools nog voor ze gecategoriseerd (met hulp van Dingen@Zuyd) en als documentje meegegeven. Uiteraard konden we niet alles bespreken, de meeste tijd is gegaan naar RSS (Feedle) en Twitter. Het clubje wilde graag over enige tijd een vervolgsessie. Leuk om aan zulke enthousiaste leerlingen een certificaat uit te reiken, dat moet de volgende keer toch maar in de vorm van een badge :).

Fijne avond,
Judith

*) Je herkent hier vast wel hét nummer van Serious Request in 🙂 De kracht van kennis delen zit toch in de herhaling: create, donate, relate, repeat, create, donate, relate, repeat, create, donate, relate, repeat, create, donate, relate, repeat, create, donate, relate, repeat!

Social Learning Officer

Inderdaad Marcel, een interessante attenderingstweet van jullie alumnus met de verwijzing naar een bijdrage op The Next Web.  Leuke inzichten om virtuele teams te enthousiasmeren om online samen te werken, en zeker ook te gebruiken voor ons MOOC project. Grappig dat Yammer toch weer als sociaal netwerk genoemd wordt. Je kent mijn (tot nu toe vergeefse) pogingen om Yammer binnen Zuyd te laten landen (maar misschien wordt het dit jaar toch wat … mijn leidinggevende heeft de dag voor de kerstvakantie een account aangemaakt … 🙂 )
Het gaat dus niet om op welke fysieke plek je werkt (of leert) als je mensen maar weet te verbinden, zoals te lezen in de conclusie van het artikel:

We live in a time when geography in the workplace is becoming increasingly but not totally irrelevant. It’s really easy to hire someone and stick them with a laptop and a Skype account – it’s much harder to make them a cooperative and engaged worker. Focus them by creating a company that they are part of not working for, one that they want to stay with despite their distance, and you’ll create an amazing extension of yourself.

Maar wie is die YOU waar in dit artikel naar gewezen wordt? Jij, ik, de manager, de ander of wij allen? Wie in de organisatie, in onze organisatie, neemt deze rol op zich om virtuele teams te enthousiasmeren? Die virtuele teams of online netwerken, leernetwerken of hoe je ze ook benoemt die moeten onderhouden worden. Daar moet aandacht voor zijn. Die moeten gefaciliteerd worden. Is dat misschien de rol voor een Social Business Officer waarover ik gisteren op Frankwatching las?

Social Business Officer is de persoon die binnen organisaties zorgt dat professionals goed kunnen samenwerken, kennisdelen en communiceren met online tools die echt werken, leuk zijn en toegevoegde waarde bieden. Dus geen door IT gepushte oplossing, log, onvriendelijk en niet relevant.

Het lijkt een trend om in het verlengde van social media, sociale netwerken alles sociaal te noemen 🙂 zoals social learning (het onderwerp van mijn MLI-paper ;)) en nu ook social business. Volgens McKinsey moet je ‘social’ zijn om een succesvolle organisatie te worden:

In that sense, understanding social media is now a critical element of every executive’s tool kit.

Sociale media beïnvloedt onmiskenbaar de manier waarop we werken en leren. Social business wordt omschreven als een manier van organiseren waarbij professionals met behulp van sociale webtools hun werk makkelijk kunnen doen, en waarmee verbindingen tussen mensen ontstaan en gestimuleerd worden.

???????????????????????????????????????????????????????????????????????????????????????????

@GraphicStock

Is in een (onze?) onderwijsorganisatie ook behoefte aan iemand die vanuit de docent, student en management kijkt naar de knelpunten op het gebied van kennisdelen en samenwerken? Als ik de behoefte die aan een Social Business Officer die in het artikel vermeld staan nu eens aanpas voor een Social Learning Officer? Dan krijg je de volgende vijf verschillende belangen van kijken, redeneren en vooral samenbrengen:

  • Duidelijke visie op social learning en de meerwaarde voor het onderwijs en de onderwijsorganisatie (onderwijsvisie).
  • Begrijpen wat de vertaling van de onderwijsvisie naar het onderwijs, in termen van een roadmap.
  • Vanuit de gebruiker en de verschillende doelgroepen denken: er is geen ‘one size fits all’.
  • ‘Out of the box’ kunnen en willen denken, in termen van technologie en devices.
  • Een project is pas succesvol bij adoptie en doorontwikkeling, niet bij oplevering.

Alles met als doel betrokken en beter geïnformeerde medewerkers en studenten en korte lijnen: ‘alles open en transparant, tenzij  ….’

Een mooie functie toch? 😉 Het probleem blijft natuurlijk ROI. Want niemand kan van te voren voorspellen wat de opbrengst van meer betrokken en enthousiaste docenten en studenten zijn. Ik heb een vermoeden op basis van eigen ervaringen ;).
De functie bestaat nog niet, maar wat niet is kan nog komen. In het artikel van Frankwatching stond ook een verwijzing naar 20 Bizarre new jobs of the future. Als HBO-instelling moet je op de toekomst voorbereid zijn, we leiden studenten op voor banen die nog niet bestaan wordt altijd gezegd. Wat dacht je van een: Personal Digital Curator, een Curiosity Tutor, een Quantified Self Personal Trainer of een Hackschooling Counselor? 🙂

groet,
Judith

Mijn paper en het zout. Social learning #MLI

Ha die Marcel,

Een flauw (of eigenlijk toch niet 😉 ) grapje van mijn zoon als ik de afgelopen maanden zei dat ik aan mijn paper moest werken. Hij vroeg dan naar het zout 😉 Maar eindelijk heb ik vandaag dan het concept verspreid onder enkele feedbackgevers. Je hebt m nu ook in je mailbox. Ik ben benieuwd wat je er van vindt.

Mijn paper gaat over social learning of sociaal leren in goed Nederlands ;). De laatste week bleven er maar tweets en blogs verschijnen rondom het onderwerp van mijn paper. Ik kon wel blijven lezen en schrijven, maar op een gegeven moment moet je dus gewoon stoppen met lezen/leren en gaan schrijven. Een leermomentje 🙂 Het schrijven van mijn paper kostte me (daarom?) enorm veel tijd. Ik vond het erg leuk om met het onderwerp bezig te zijn. Alleen het format ‘paper’ vind ik een keurslijf. Ik blog liever :). Ik ben benieuwd of ik aan alle beoordelingscriteria heb voldaan. De komende week de feedback verwerken, de APA op punten en komma’s controleren en dan via Ephorus inleveren :).

Met veel belangstelling heb ik afgelopen week de afscheidsrede van Robert-Jan Simons gelezen. Deze hoogleraar ‘didactiek in digitale context’ rept in zijn afscheidswoord niet over ICT maar over mindshifting. Zoals ik op de blogs van Esther van Popta en Wilfred Rubens kon lezen gaat leren volgens Robert-Jan Simons uiteindelijk om personaliseren en differentiëren. En daar gaat de discussie in mijn paper ook over. We kunnen wel vinden dat technologie invloed heeft op onze manier van leren en samenwerken, maar hoe zit dat met de veranderingsgezindheid van onze docenten? Gisteravond las ik nog een kritisch blog op The Lecture Seat (een voor mij nog onbekend blog over onderwijsinnovatie van enkele jonge vrouwen. Top!) over de hypebubble omtrent digitale onderwijsinnovatie met de boodschap: Keep your head coolEigenlijk ook een beetje de draai die ik in mijn paper geef in de afsluitende discussie. Aandacht voor de menselijke kant voor de docent als lerende professional. Het blog op The Lecture Seat verwijst naar interessante literatuur van technologie-critici die ik de moeite waard vind om nog eens te lezen. Altijd goed om niet alleen de voorstanders te volgen.

Robert-Jan Simons benoemt verschillende vormen van mindsets. In mijn paper ga ik verder niet in op de verschillende soorten mindsets die hij benoemd. De meeste bekende theorie is die van Dweck en haar collega’s waaronder Liedtka. Zij verdelen mindsets in een fixed en growth mindset. Hierover heb nav mijn breinleren-workshop al eens over geblogd.

Mensen met een fixed mindset geloven dat intelligentie en kwaliteiten niet ontwikkelbaar zijn, dat het zinvol is om niveaus van presteren te voorspellen op basis van de vaste eigenschappen en dat erfelijkheid in hoge mate bepalend is voor verschillen in intelligentie. Mensen met een groei mindset daarentegen gaan er van uit dat intelligentie en kwaliteiten ontwikkelbaar zijn, dat je door leren en denken je intelligentie en kwaliteiten kunt ontwikkelen en dat erfelijkheid slechts een deel van de variantie in intelligentie verklaart en bepaalt.
Bron: Mindshifting / Robert-Jan Simons

Misschien zouden we willen dat dat docenten alleen een growth mindset bezitten, maar dat is niet zo. Daarom moeten we bij onderwijsinnovatie echt rekening houden met mensen die niet willen en durven. Het niet durven, wat volgens Robert-Jan vaak wordt onderschat, kun je overwinnen door te oefenen in veilige situaties en het werken aan zelfvertrouwen. Erno Mijland had de adviezen die Robert-Jan Simons uit de literatuur heeft gehaald op een rijtje gezet. Ik neem ze even klakkeloos over (iets wat in mijn paper niet mocht ;))

  • overtuig met kennis en informatie (gebruik bijvoorbeeld de actuele inzichten van breinwetenschappers)
  • houd rekening met verschillen (tussen mensen die willen, die niet willen, die niet kunnen, die nog niet willen, die niet durven)
  • zoek naar tegenstrijdigheden in het verhaal van mensen met weerstand en confronteer ze ermee (maar ben ook empathisch en wek vertrouwen)
  • creëer een ‘sense of urgency’ (wijs op het eigenbelang dat geschaad wordt bij niet veranderen)
  • zorg voor een heldere, eenvoudige boodschap (een visie en een missie, een pakkende slogan)
  • mobiliseer de ‘sense of excitement’ (voed en ondersteun de mensen die energie willen steken in de verandering)
  • leg eigenaarschap neer bij alle betrokkenen, pak ook als leidinggevende je verantwoordelijkheid
  • mobiliseer groepsdruk, of vriendelijker gesteld: de overtuigingskracht en het enthousiasme van de veranderingsgezinde medewerkers
  • creëer geleidelijke overgangen en laat oefenen en ontdekken in veilige situaties
  • organiseer grenspraktijken: laat medewerkers met verschillende mindsets samen iets doen of ontwikkelen
  • deel de successen
  • gun het de tijd

Trouwens, ook voor mijn mede-studenten MLI is de bijbehorende website van Robert-Jan Simons visieopleren een interessante bron vol waardevolle literatuurverwijzingen.

Toen ik in mijn buitenboordbrein grasduinde kwam ik nog een blogpost van mezelf tegen over krachtig samenwerking. Iets waar het bij Social Learning ook om draait. Onderstaand model van Liedtka brengt in beeld hoe je jezelf (heel veilig) in de vicieuze cirkel kunt houden of hoe je er uit kunt breken en terecht kunt komen in de virtuoze cirkel.(bron: @Breinwerk: actief leren in organisaties)

Liedtka

Simons zegt in ook zijn conclusie:

Bij leer- en verandertrajecten is het belangrijk om goed rekening te houden met individuele verschillen en fasen in het leren en veranderen….. Meer aandacht moet uitgaan naar het collectieve leren en de wederzijdse relaties tussen individueel leren en collectief leren.

En zo is het cirkeltje rond 🙂

Kerstgroet,
Judith

Prezi voor KiB #mooczi #KiB2013

Ha Marcel,

Samen is het gelukt gisteren een presentatie voor Kennis in Bedrijf te verzorgen over het MOOCZI-project.

Voor deze presentatie heb ik gebruik gemaakt van de Prezi-template van de Dienst Marketing en Communicatie. Veel medewerkers van Zuyd werken met Prezi ipv PowerPoint en hebben behoefte aan een Zuydtemplate. Voor PowerPoint bestaat deze ook. De Prezi-template is nog niet beschikbaar, ik mocht ‘proefkonijn’ zijn 🙂

Dus heb ik de afgelopen week weer wat gefröbbeld met Prezi. Het was weer enige tijd geleden en wederom werken diverse functionaliteiten anders. Het is een mooie tool, maar het vergt toch elke keer weer wat uitzoekwerk hoe alles ook al weer werkte. Zelfs tijdens deze week zag ik functionaliteiten veranderen.

Ik vind de vormgeving strak in Zuyd vierkantje en Zuyd kleuren. De vormgever heeft veel animate content ingebracht. Dat is op zich prachtig dat je met een leeg scherm begint dat je opbouwt. Zelf vond ik het wel handig dat je snel kunt zien waar de presentatie overgaat (zeker als je die nog wilt delen zoals op dit blog) daarom heb ik wel wat tekst zichtbaar gezet. Al werkend ben ik tegen enkele hikjes aangelopen, die heb ik teruggekoppeld naar de communicatiemedewerkster. 

Link naar de prezi

Ik pas nog steeds het ‘trucje van Leen’ toe om een Prezi te embedden in ons blog omdat iframe nog steeds niet ondersteund wordt. Helaas zie je dan wel alle animate content, maar dat ligt aan de Prezi-tool.
Normaal zet ik mijn Prezi’s op ‘reusable’, je bent een voorstander van Open Content of niet 😉 maar in dit geval heb ik Dienst Marketing en Communicatie toegezegd dat nog niet te doen omdat zij alle schoonheidsgoutjes nog uit hun template willen halen. Begin volgend jaar is de template voor iedereen beschikbaar. Uiteraard is deze Prezi wel beschikbaar via Creative Common licentie 🙂

Wat ik tijdens de presentatie wel jammer vond ik dat de beamer de felle frisse Zuydkleuren vervlakte. Ach ja, kniesoor die daar op let. 🙂
Groet, Judith

The 21st-century worker

Jij vindt het yammer Marcel dat ik voorlopig stop met Yammeren. Misschien heb je gelijk en moet ik volharden en doorzetten. Ik zeur/jammer misschien te veel  en geniet niet genoeg van de kleine succesjes. Het resultaat van mijn blog is wel reactie! En deze reacties (dank jullie wel!) zijn voor mij een goede reflectie. Waar draait het voor mij nu echt om? Dat is toch actie en reactie.

Eens even in mijn buitenboordbrein rondgedwaald en ja ik ben verslaafd aan contact. Ik heb mensen om me heen nodig, ook digitaal. Ik kan ook gewoon niet anders, ik moet delen 🙂 Maar ja, dat zijn mijn ‘behoeften’, en nog niet de kennisdeelcultuur binnen Zuyd. Daarmee zeg ik niet dat er geen kennis wordt gedeeld, dat gebeurt wel. Heel veel zelfs. Maar voor mij te weinig ‘open’ en toegankelijk voor iedereen. We blijven te veel op eilandjes kennisdelen, ik denk dat een online kennisplatform de bruggen kan slaan. Ik weet het zeker, want ik ervaar dit wel op Twitter. Daar ontmoet ik wel de mensen die hun kennis met mij willen delen. Ik heb daar ervaren dat het online delen van ervaringen, vragen en ideeën een nieuwe, aanvullende en waardevolle vorm van leren is. Ik zou dit zo graag iedereen willen laten ervaren 🙂

Ik heb mijn handboek van de masteropleiding: Canon van het leren er eens op nageslagen. Hierin staat een hoofdstuk over Kennismanagement van Mathieu Weggeman, dat is zoals hij dat zelf formuleert:

Kennismanagement is het zodanig inrichten en besturen van de processen in de kenniswaardeketen dat daardoor het rendement en het plezier van de productiefactor kennis vergroot worden.

In de formule die Weggeman hanteert: K = I x EVA (Kennis = Informatie x Ervaring, Vaardigheden en Attitude) beschrijft hij dat kennis meer is dan informatie. Met deze definitie wordt onderscheid gemaakt tussen expliciete (informatie) en impliciete (EVA) kant van kennis.

kenniswaardeketen-weggeman

Kenniswaardeketen van Mathieu Weggeman

Een onderdeel van de kenniswaardeketen van Weggeman is kennis delen. Lew Platt, CEO van Hewlet-Packard heeft eens gezegd:

If only HP knew what HP knows, we would be three times more productive

Het is volgens Weggeman belangrijk dat het management een cultuur creëert waarin het delen van kennis gestimuleerd wordt. Daarbij is creëren van vertrouwen en het stimuleren van de juiste houding om kennis te accepteren en te gebruiken een voorwaarde. Hij zegt ook dat het realiseren van een kennisdeelcultuur een langdurig proces is. Het valt niet uit te besteden aan een stafafdeling, de kenniswerkers moeten zelf hun kennis op de juiste manier toevoegen.

Mathieu Weggeman vertelt hiermee indirect wat ‘social’ binnen organisaties kan toevoegen. De impliciet kennis (EVA) van medewerkers kan door een online sociaal kennisdeelplatform krachtig ondersteund worden. Hoe overtuigd ik ook ben, zolang het management het niet actief ondersteunt, komt online samenwerking niet van de grond.

Wellicht heb ik me te veel gefocussed op de tool en niet op het doel. Wij leiden onze studenten op voor werknemers in een kennis- en netwerksamenleving. Daar horen comptenties bij die wij ze zouden moeten leren: the 21st century skills. Wij als kennisprofessionals werken al ruim 13 jaar jaar in deze 21e eeuw, zouden wij ons deze ook niet eigen moeten maken?

Netwerkactiviteiten veroorzaken ook valkuilen. Ik ken die valkuilen, ik vertel er vaker over en toch val ik er zelf ook soms in. Valkuilen zoals: ongeduldig zijn, mijn doelen uit het oog verliezen, veel van anderen verwachten, teveel tegelijkertijd doen. Maar ik wil wel (naast f2f) online blijven netwerken op een manier die bij me past, dus blijf ik bloggend kennisdelen, de nieuwsflitsen verspreiden en twitteren. Maar wel op die plaatsen waar ik mensen ‘ontmoet’ en reactie ontvang, dat is dus belangrijk voor mij,

Zoals Domique in haar reactie schrijft: Door iets los te laten creëer je ook weer ruimte om je te laten verrassen.

Judith