Auteursarchief: Judith van Hooijdonk
Life is your talents discovered. TEDxTalk Sir Ken Robinson
Hi Marcel,
Het nieuwe blogjaar kan ik toch niet mooier beginnen dan met een TEDtalk van Sir Ken Robinson! Een nieuwe (20 juli 2014) talk vanuit zijn geboortestad Liverpool. Uiteraard komen de Beatles voorbij, maar hij citeert ook The Dalai Lama:
To be born at all is a miracle. So what are you going to do with your life?
En tussen alle grappen door zegt Sir Ken altijd weer waar het om draait:
… Your life is composed by choices you make, the turnings you move towards, the ones you turn away from, the chances you all are prepared to risk, the way you deal with fear or you don’t, and in the process you create a life of some sort….
Nothing is so influential as a life well lived.
Zoek en gebruik je talent!
Hier zijn ook nog 2 delen van het interview te bekijken dat tijdens dit TEDx event met hem gehouden is.
Judith
Technologie kan ook zorg en onderwijs ondersteunen #techzo
Hallo Marcel,
Gisteren ben ik naar het Congres voor Technologie en Zorgonderwijs (georganiseerd door EIZT en Zorgtechniek Limburg) in de Brabanthallen geweest. Uiteindelijk gelukkig heel vroeg (7.15u Urmond) vertrokken naar Den Bosch. Onderweg kwamen we in de megafile rondom Eindhoven terecht, maar even voor 10 uur waren we er dan toch nog op tijd.
We begonnen met een iPad-instructie van de geweldige dagvoorzitter Herman Konings. Iedereen had een iPad ontvangen voor het interactieve gedeelte van het programma. De iPad was meer een veredeld stemkastje voor de stellingen en later tijdens de workshops werd het gebruikt voor het beantwoorden van de onderzoeksvragen. Ook voor het beoordelen van de posters konden we de iPad gebruiken. De app werkte helaas nog niet helemaal optimaal, en misschien is de mogelijkheid om m op je eigen devices te downloaden ook een optie voor de volgende keer :). Ik was nu met 3 devices bezig: mijn eigen iPad voor de aantekeningen, de congres-iPad, en mijn iPhone (hoewel ik verzocht werd deze uit te zetten *dachtutnie*) om te twitteren. #techzo
Welke zorg is nodig in in 2030 en wat betekent dit voor beroepen en opleidingen?
De dag startte met een interessante presentatie van Marian Kaljouw, voorzitter van de adviescommissie Innovatie Zorgberoepen & Opleidingen die in april 2015 haar 1e advies van een toekomstgerichte beroepenstructuur presenteert aan de minister van VWS. Wist jij dat er 1,2 miljoen mensen werkzaam zijn in de zorgsector in 2400 verschillende functies? Ik niet!
Met behulp van demografische gegevens uit de broedplaatsen (Friesland, Rotterdam, Amsterdam en Amstelveen) en de verwachte (chronische) aandoeningen in 2030 toonde zij ons een kijkje in de verwachte zorgvraag. Uitgangspunt bij het advies is een concept van gezondheid dat het functioneren van mensen centraal stelt: ‘gezondheid is het vermogen van mensen zich aan te passen en eigen regie te voeren in het licht van fysieke, emotionele en sociale uitdagingen van het leven’. Er worden 4 zorggebieden onderscheiden: voorzorg, gemeenschapszorg, laagcomplexe zorg en hoogcomplexe zorg waarbij de inzet van PLOD (Persoonlijk Leef & OntwikkelDossier) uitgangspunt is. PLOD vervangt dan het EPD, waarbij ieder mens nadrukkelijk eigenaar en verantwoordelijk wordt van zijn eigen dossier (eigenaar is bij EPD ook wel zo, maar verantwoordelijkheid wordt bij zorgverstrekker gelegd). Vooral in de gemeenschapszorg wordt door de commissie een maximale inzet van technologie (m-health, domotica en robitica) verwacht.
De commissie gaat op basis van (o.a. ook politiek/economische) drijfveren (zorg wordt onbetaalbaar, de particpatiesamenleving) steeds meer uit van een holistische benadering van de mens en haar zorgvraag: mensgericht ipv kwaalgericht, mensen steeds meer zelf laten doen (met ondersteuning van technologie) en coachen op veerkracht. Hierdoor is wel meer behoefte aan generalisten ipv specialisten. Van zorgverstrekkers worden naast acceptatie van technologische hulpmiddelen (technologie is een middel geen doel) ook steeds meer netwerkvaardigheden verwacht in deze complexe samenleving met een toenemende complexe zorgproblematiek.
Na dat Luc de Witte van alles verteld had over EIZT met haar 6 programmalijnen:
- stimulering van een gezonde en actieve leefstijl
- meten in de zorg
- zorgrobotica
- hulpmiddelen en ondersteunende technologie
- zorg op afstand
- wijkgerichte zorg en ondersteuning
gingen we de workshop in om in nav onderzoeksvragen te discussiëren over de opleidingsniveau’s die tav kennis, vaardigheden nodig zijn in de zorg. Uitgangspunt hierbij was Nederlands Kwalificatieraamwerk: NLQF. Hierop volgende in onze groep een interessante discussie met collega’s van MBO’s en ander HBO’s. Keywords: samenwerking tussen alle niveau’s, verbinden, luisteren naar elkaar. Dit zijn generieke competenties die voor alle opleidingsniveau’s gelden. Angst voor technologie zit vaak in de angst voor het verlies van de warme zorg. Mensen hebben voor dit beroep gekozen om te kunnen ‘zorgen’, niet omdat over te laten aan de techniek.
Na een lekker lunch met Brabantse worstenbroodjes(!) waren de posterpresentaties aan de beurt. Dorien Gerards was als voorzitter van de Docentenraad van Zuyd (kunnen gevraagd en ongevraagd advies geven over docentfuncties en docentprofessionalisering) gevraag ook een poster in te sturen. Samen met haar heb ik een poster ingediend over de competente HBO-docent, op het gebied van ICT in het onderwijs. Onze poster was niet geselecteerd voor een presentatie maar hing er toch. Er waren vele interessante posters, het was goed om te zien dat er al zoveel moois gebeurt op het gebied van technologie in zorgonderwijs. Ik hoop dat de posters nog gedeeld worden via de website. We kunnen veel van elkaar leren. In de plenaire afsluiting kwam dit ook terug.
🙂 oproep voor een kennisdelende community. Mooi! Kennisdelen is wel een werkwoord! #techzo
— Judith van Hooijdonk (@jujuutje) December 10, 2014
Ik heb nog een leuk gesprek gehad met Niels Zwikker nav zijn posterpresentatie over de Leergemeenschap Sociale Technologie van HAN Sociaal. Een vervolgontmoeting komt nog wel 🙂
Rhizoom. Mooi gedachtengoed HAN Sociaal: laat die bloempjes overal bloeien, maar probeer de wortels te verbinden #socialetechnologie #techzo
— Judith van Hooijdonk (@jujuutje) December 10, 2014
De dag eindigde met enkele overwegingen van de dagvoorzitter (hij noemt zichzelf veranderpsycholoog) Herman Konings (@soeproza) mbt de nabije toekomst 2015. Op het blog van Pedro De Bruyckere had ik hier al eens iets gelezen 🙂
2015 wordt het jaar van de RenEssence (mooi gevonden woord), de wedergeboorte van de essentie. Waar draait het om in deze steeds complexere wereld? Wat schaars dreigt te worden krijgt waarde. Dat geldt ook voor caring & loving. En technologie vervangt dit (wellicht) nooit (ik durf niet nooit nooit te zeggen). Technologie kan het empatisch vermogen van de mens wel ondersteunen. Dat wat met technologie kan bost niet met de basiswaarden van de zorg.
Computer meten
Mensen luisteren
Computers voorspellen
Mensen verrassen en glimlachen
Computer personaliseren
Mensen maken het persoonlijk
En natuurlijk kwam dit filmpje ook weer voorbij dat ik inmiddels al een paar keer via Steven van Belleghem (nieuw boek When digital becomes human voorbij heb zien komen. Als afsluiting van dit blog over een interessante dag past dit goed. Menselijk contact wordt waardevoller in een digitale wereld.
Mijn overwegingen in een paar tweets 🙂
Als je het nu hebt over technologie in de zorg of in onderwijs, het gaat om veranderingsbereidheid. Digitaal Normaal! #techzo
— Judith van Hooijdonk (@jujuutje) December 10, 2014
Cultuurverandering begin tussen de oren. Begin vroeg in het onderwijs met aandacht voor technologie #coderen #digitaalnormaal #techzo — Judith van Hooijdonk (@jujuutje) December 10, 2014
Positieve houding tav veranderingen! Interdisciplinair werken. Op naar de warme ingenieur & technologische zorgprofessional #techzo
— Judith van Hooijdonk (@jujuutje) December 10, 2014
Ik hoor veel over holistische benadering van zorg. Is dit misschien de tijd voor een brede bachelor Gezondheidszorg 😉 #generalisten #techzo
— Judith van Hooijdonk (@jujuutje) December 10, 2014
Groeten!
Judith
Onderwijs is mensenwerk
Hi Marcel,
Op Twitter zag ik gistermorgen onderstaand filmpje voorbijkomen op mijn timeline (oa via Pedro en Pierre).
Derek Muller heeft in 2008 zijn proefschrift Designing effective multimedia for physics education geschreven. Sindsdien is hij veel bezig geweest met de vraag of technologie het onderwijs wel zo revolutionair verandert. Het is in de geschiedenis al zo vaak gezegd, maar is dat ook zo?
Dit verhaal sluit aan bij een ander bericht dat ik gistermorgen op mijn Twitter timeline 🙂 zag: Waarom de docent van de toekomst geen robot is (Johannes Visser via De Correspondent). Hebben we wel docenten nodig? Muller zegt van wel omdat leren een sociale activiteit is. En volgens hem hoort de docent geen kennis overdrager te zijn (alleen ziektes kunnen worden overgedragen volgens Peter Teune 🙂 ). Een docent is er om het leerproces te begeleiden, de studenten uit te dagen, te inspireren en vooral zich gehoord en gezien voelen, ‘the caring teacher’.
Nee, het onderwijs verandert niet door technologie, zolang de systemen hetzelfde blijven. De docent brengt technologie wel in zijn klas (uit intrinsieke motivatie, ‘verplicht’ vanuit een veranderende visie op onderwijs, genoodzaakt door de omstandigheden), maar als de lokalen, de roosters, de contacturenverplichting, het meten en weten nog leidend zijn, verandert er niets. In het artikel van De Correspondent wordt ook verwezen naar het inmiddels veel geciteerde boek van Gert Biesta The Beautiful Risk of Education. Onderwijs, zegt Biesta draait om 3 dingen: (1) kwalificatie (het opdoen van kennis en vaardigheden), (2) socialisatie (waarden en normen van een gemeenschap) en (3) subjectwording (persoonlijke vorming tot een zelfstandig, verantwoordelijk en kritisch individu).
Nu worden docenten veelal ingezet om cijfertjes voor management en accreditatiecommissies te genereren, schrijft Visser. We hebben bevlogen docenten nodig. Ook volgens Hattie is het contact tussen docent en student één van de belangrijkste variable voor leereffecten. Nu zijn docenten vaak niet meer dan een trage computer of een slecht functionerende robot. Aan het eind van het artikel bepleit Visser voor meer aandacht in de lerarenopleiding voor de mindset van docenten, zie de mindframes van Hattie.
Er is de laatste tijd beweging in het onderwijs zoals United4Education, het samen leren nav Het Alternatief van Jelmer Evers en René Kneyber die in hun boek afrekenen met de afrekencultuur in het onderwijs en in willen zetten op het ontwikkelen van een kritisch denkvermogen en het leren omgaan met elkaar. Hierover gaan we vast in ons laatste leerarrangement van mijn master nog over hebben.
Judith
De digitale trukendoos
Ha Marcel,
Zoals je weet zit de opleiding Ergotherapie in een curriculumherzieningstraject. Vanmorgen had ik een overleg met 2 collega’s van de opleiding Ergotherapie die de opdracht hebben een leidraad te ontwikkelen met ontwerpregels voor blended learning tbv de modules van leerjaar 1 en 2.
Uitgangspunt is dus ‘blended learning’. Inmiddels ook zo’n lekker verzamelbegrip geworden. Zoals ik bij de MOOC Blended Learning van de OU heb geleerd, is dat het huidig onderwijs al ‘blended’ is, omdat het al bestaat uit een mix van werkvormen, technieken en tools. In dit geval gaat het vooral om de combinatie van contactonderwijs met online onderwijs (gedistribueerd leren). Onze elektronische leeromgeving is Blackboard. Hier vindt het online onderwijs plaats. Inmiddels is bij de opleiding Blackboard een opslag van documenten en linkjes geworden. Dat is geen uitdagende leeromgeving. Ik zou hen adviseren eens goed naar de Carpe Diem methodiek van Gilly Salmon te kijken. Het Five stage model en de e-tivities vormen samen de basis van de Carpe Diem methodiek. Deze methodiek beschrijft het ontwerpen van een online (of blended) cursus in 6 stappen. De e-tivities zijn leerarrangementen die studenten in staat stellen of stimuleren om actief en participatief online te leren. Zie mijn blog Ontwerpen van een online cursus.
Bij de ontwerpregels kan wellicht het SAMR-model en/of de SALDO-matrix (voor samenwerkend leren) gebruikt worden om te bekijken of een onderdeel vervangen (substitutie, argumentatie, modificatie, herdefinitie) kan worden en of dit dan online of via contactonderwijs plaats moet vinden en wat daar dan voor nodig is.
Echter het uitgangspunt is ook minimaal 15 uur per week (ingeroosterd!) contacttijd. Daarom vroegen mijn collega’s wat ik allemaal in de digitale trukendoos had om hoor-/werk-colleges attractiever dan wel interactiever te maken. En welke tools Zuyd hierbij ondersteund.
Uiteraard heb ik ze verwezen naar Dingen@Zuyd en naar mijn bijbehorende Scoop.It.
Tools als Shakespeak, Mentimeter, Socrative voor quizzen, stemmen in de klas (zie Ding 15) kenden en gebruikten deze docenten al.
Video wordt ook al volop gebruikt bij de opleiding. Weblectures (Ding 8) zijn handig als je een hoorcollege mist of ter opfrissing voor een tentamen. Maar meestal duren ze te lang en zijn voor de lerende niet bijster boeiend. Ze behoren volgens Bloom’s taxonomy ook tot het laagste niveau van leren. Collega I-adviseur Frans Roovers gebruikt onderstaande afbeelding in zijn presentaties over video in het onderwijs.
We hebben het over het maken van kennisclips gehad als je moeilijke leerstof duidelijk wil maken. Als je dat professioneel wilt doen zoals de pencasts/animaties bij het MOOCZI-project dan heb je wel ondersteuning van een instructional media designer nodig. Zeker als je video interactief wilt maken met het invoegen van quizvragen mbv Camtasia. Uiteraard zijn er gratis screencasts programma’s (Ding 9) waarmee je als docent zelf video’s kunt maken. Een screencast is simpelweg een filmpje van wat een computergebruiker ziet op zijn beeldscherm. De docent kan hierbij commentaar (audio/video) toevoegen. Ook zijn er gratis tools op de markt zoals Edpuzzle waarmee je video’s kan inkorten of voorzien van open vragen, meerkeuzevragen en commentaar. Let wel op dat je hiervoor video gebruikt die dit auteursrechtelijk toestaat (zie Ding 16 Creative Commons).
Maar dan hebben we het toch weer over toepassingen buiten contacttijd …
In de klas kan je gebruik maken van Padlet, een digitaal prikbord. Hierop kan je vanalles verzamelen wat in een klas gepresenteerd en gedeeld wordt. Uiteraard kan je rondom een thema blijven aanvullen (kennis delen stimuleren). Ook Yurls (Ding 3 Startpagina’s) of Scoop.It (Ding 23 Content Curation) zijn tools die je kunt gebruiken om samen kennis te delen.
Ik zag vandaag nog een tweet (tja Twitter (Ding 22 Microbloggen) en Facebook (Ding 19 Sociale netwerken), zagen de collega’s niet zo zitten) met 10 mind-blowing Oculus Rift experiments in education. Bij de opleiding Ergotherapie hebben ze een huis met woonkamer, badkamer, keuken etc nagebouwd. Maar met de Oculus Rift kan je dat nog meer levensecht maken 🙂
Er zijn nog genoeg boekjes/website met praktijkvoorbeelden beschikbaar (MBO of VO/PO). Op ons kantoor E.00.207 ligt ook nog wel wat inspiratiemateriaal. We gaan in januari iedergeval het TPACK-spel spelen om de schrijfteams op wat ideeën te brengen 🙂
Onlangs had ik in de Nieuwsflits iets gemeld over Slidebean, een super simpel presentatietool (alternatief voor Powerpoint en Prezi, zie Ding 20). Ankie was daar erg enthousiast over. Ik ben nu even uit bedacht. Heb jij nog misschien nog wat in de trukendoos, Marcel? Uiteraard heb ik het ook over gamification gehad, maar daarvoor is ICT niet noodzakelijk. Liever wil ik dit proces omdraaien: was is de inhoud, wat zijn de leerdoelen 🙂 hoe kan ICT hierbij het leren / onderwijzen ondersteunen en vooral hoe bouwen we dat evenwichtig in het curriculum.
Groet,
Judith






