Site-archief

Meet the Expert #nvboo : de toekomst van hoger onderwijs en bibliotheek

Hoi Marcel,

Vorige week maandag (23 april) was ik samen met 60 bibliothecarissen (opvallend veel vrouwelijk leeftijdsgenoten) aanwezig bij een Meet the Expert bijeenkomst van de afdeling Onderzoek en Onderwijs van de NVB . Het doel van deze dag was meer inzicht te krijgen in grote trends die invloed hebben op de toekomst van de hoger onderwijs bibliotheken. In het ochtend programma kregen we een presentatie van 2 experts:
Matthijs Leendertse van ELM concepts over de toekomst van leren en Paul Sikkema van onderzoeksbureau Qrius over het mediagedrag van jongeren.
’s Middags gingen we met de helft van de deelnemers gamen! Er was helaas geen plaats voor iedereen, dus collega Mirjana Jolic die er ’s ochtends wel was, kon niet mee spelen 😦

De presentatie van Matthijs Leendertse vond ik erg interessant. Matthijs Leendertse is co-auteur van het rapport The Future of Learning: Preparing for Change (Europese instituut JRC-IPTS (Joint Research Centre Institute for Prospective Technological Studies) – nov.2011). Het rapport beschrijft belangrijke veranderingen in toekomstig leren en presenteert een visie van hoe een ideale toekomst voor leren eruit zou moeten zien. De sleutelwoorden uit het onderzoek: personalisatie, samenwerking en informeel leren. Dit kwam uiteraard ook weer terug in zijn presentatie. Hij legde duidelijk uit wat dit in zijn visie betekent voor de rol van de hoger onderwijs bibliotheek.

Dat het leren van vroeger niet meer het leren van nu is, moge duidelijk zijn.

Wat betekent iBooks voor het onderwijs? Wordt Apple de bibliotheek van de toekomst? Wordt onderwijs in de toekomst alleen nog gratis via internet gegeven? Standford University heeft al veel cursussen online staan, het is een kwestie van tijd eer aan deze cursussen ook een accreditatie verleend wordt. En wat te denken van de OpenCourseWare van MIT. Of dichterbij huis Open Universiteit of Universiteit Delft. Maar ach, afstand speelt geen rol in de wereld dat internet heet.
Wat betekent als er steeds meer externe partijen de onderwijsmarkt gaan veroveren? Facebook gaat file-sharing aanbieden aan onderwijsinstellingen, dat doen ze niet voor niets.
Allemaal vragen waar het onderwijs, maar ook de bibliotheek geen antwoord op heeft.

Het onderzoeksrapport “The Future of Learning’ beschrijft dat:

  1. Kennis sneller veroudert
  2. Steeds meer specialistische kennis gevraagd wordt
  3. New skills for new jobs (we leiden studenten op voor banen die nog niet bestaan)
  4. Concurrentie om banen globaliseert, Aziatische landen investeren enorm in onderwijs

Ik vond het interessant om onderstaande PISA score te zien. Ik dacht altijd dat Finland bovenaan stond. Dat klopt wel als je de scores per land zou bekijken. Maar als je de steden Shanghai of Hong Kong apart scoort, dan ziet het lijstje er ineens heel anders uit. De middenklasse van China besteed 1/3 van inkomen aan onderwijs!

Het Future of Learning – onderzoek laat zien dat er een tekort is aan kennis en vaardigheden; bedrijven gaan zelf scholen. Praktijkervaring wordt belangrijker (misschien belangrijker dan diploma’s). Het onderwijs heeft grote moeite om bij te blijven. De foto ‘wat zit er in mijn schooltas?’ spreekt boekdelen. Echter als de student het schoolgebouw in komt, moeten alle apparaten uit 😦

 

 

 

 

 

We moeten volgens Matthijs Leendertse de 21st Century Skills eigen maken. Hij noemde de term niet maar daar kwam het wel op neer. Het kunnen vinden, evalueren en gebruiken van informatie worden belangrijke competenties. Uiteraard moet iedereen een basale kennis hebben, zodat je in staat bent adequate vragen te kunnen stellen. Daarnaast is samenwerken belangrijk, het leren omgaan met andere culturen. Maar vooral ook creativiteit inbrengen in het Nederlandse onderwijs. Onze politici sturen vooral op taal en rekenen, dat doen ze in Singapore anders, zoals te lezen is in onderstaande visie van het Ministry of Education:

This vision describes a nation of thinking and committed citizens capable of meeting the challenges of the future, and an education system geared to the needs of the 21st century.
Thinking schools will be learning organisations in every sense, constantly challenging assumptions, and seeking better ways of doing things through participation, creativity and innovation. Thinking Schools will be the cradle of thinking students as well as thinking adults and this spirit of learning should accompany our students even after they leave school.
A Learning Nation envisions a national culture and social environment that promotes lifelong learning in our people. The capacity of Singaporeans to continually learn, both for professional development and for personal enrichment, will determine our collective tolerance for change.

In de toekomst zouden we onze manier van toetsing moeten aanpassen, door vooral te kijken naar de  leercurve (daar komen de learning analytics). Je leert vooral van je fouten, dus meer inzetten van gaming principes (in games krijg je ook als je faalt punten waardoor je gestimuleerd wordt door te gaan).

Zowel onderwijs als bibliotheek zou in moeten zetten op:
  • Personalisering (mensen zijn verschillend en hebben andere behoeftes; technologie maakt personlisatie op grote schaal mogelijk)
    Maar geef ook persoonlijke feedback (Xbox) en verwelkom mensen met een persoonlijk ‘goede dag’.
  • Informalisering (leren wordt informeler; leren wanneer leervraag opkomt (mobiele telefoon gebruiken als je een leervraag hebt, ook al loop je in het bos ;)))
    Maar leren geldt niet alleen voor studenten en werknemers (LLL), maar ook voor onderwijsinstellingen en werkgevers. Je kunt zoveel van elkaar leren als je open en transparant op stelt, dus ook:
  • Samenwerkend leren

Trouwens, Matthijs Leendertse heeft samen met Gerard Drummer voor SURFnet een rapport over Location Based Servises : een verkenning gepubliceerd. Dit rapport brengt trends op het gebied van location based services in kaart die nu, of in de nabije toekomst ingezet kunnen worden om het leren van studenten in het (hoger) onderwijs te verbeteren. Er lijkt voor het onderwijs wel winst te behalen in het gebruik van deze diensten. Ik ga het snel eens lezen 🙂

Tot slot legde Matthijs Leendertse de nadruk op het belang van spelen. Je kunt leren gewoon heel leuk maken. Dat hebben we in de middagsessie gedaan.

De tweede presentatie was van Paul Sikkema, deze staat nog niet online. Hij liet voornamelijk facts en figures zien naar aanleiding van het Jongerenonderzoek 2011 van Qrius (de publicatie ‘Kinderen en Jongeren : positieve kracht’ vond ik nog niet online) met enkele leuke uitspraken van jongeren tussendoor. Deze gegevens waren voor mij niet zo onbekend. Sikkema legde in zijn presentatie niet een echte link wat dit nu voor de dienstverlening van de bibliotheek in de toekomst betekende. Hij gaf wel aan dat het beeld in de media over jongeren als losgeslagen generatie niet terecht is. Door opkomst van smartphone en mobiele internet is veel veranderd, maar de normen en waarden blijven hetzelfde. De tools veranderen: tien jaar geleden waren jongeren volop aan het msnen via de computer, wat daarna vervangen werd door smsen en nu whatsappen en pingen. En in een gemiddeld huishouden zijn wat meer apparaten tegenwoordig 😉

Ons huishouden (als de 3 kinderen thuis zijn ;)) komt wel in de buurt van dit lijstje, alleen hebben wij maar 1 breedbeeldtelevisie!
Het was wel interessant om te horen dat jongeren tv kijken als een rustmoment ervaren. Het tv kijken vermindert pas boven de 20 jaar. Er is wel steeds meer uitgesteld-tv-kijken via uitzending gemist. En er wordt door jongen veel tv gekeken via internet, want waarom wachten tot de nieuwste aflevering van jouw Amerikaanse serie pas op de Nederlandse tv wordt uitgezonden?
Het is lastig te voorspellen hoe het social media gebruik van jongeren in de toekomst verloopt, dat is erg afhankelijk van de ‘mode’. Hyves is uit, Facebook wordt ook al weer verlaten en ingeruild voor Twitter. Ruim 75% van de jongeren gebruiken social media intensief. Maar zoals jij ook weet Marcel, kan je studenten niet op 1 platform bereiken. Jij zoekt je studenten ook op via de communicatiekanalen waar zij bereikt willen worden, dat zal voor de bibliotheek ook zo zijn. Steeds meer variatie en differentiatie. Wat ik wel opmerkelijk vond, is dat uit het onderzoek bleek dat jongeren bewust zijn van hun digitale identiteit, daar had ik nog een ander beeld van.
Jongeren vinden het gebruik van apps wel erg gemakkelijk. De bibliotheek zou in plaats van een prachtige websites bouwen, wellicht extra aandacht moeten schenken aan het bouwen van mobiele website of apps.

game-attributen 🙂

Inde middag was interactieve MindSessions bijeenkomst. In 5 teams gingen we al spelend met deze sociale iPad game de bibliotheekvisie en het dienstenaanbod formuleren voor student en docenten in het hoger onderwijs van 2017. Door middel van een persona (3 studenten en 2 docenten) speelde we het spel. We kregen kanskaarten (‘je krijgt 3 fte extra personeel, hoe zet je die in?’) en pechkaarten (‘studenten ontvangen geen studiefinaciering meer, hoe beïnvloedt dat je aanbod?’), we kregen ook kennisvragen waar je punten mee kon scoren. Er waren 3 speelrondes, na elke ronde moest ieder team zijn in het kort iets vertellen over zijn persona en visie. Daarna kon elk team punten toekennen aan de andere teams. Het team met de meeste punten had ‘gewonnen’. De meeste teams hadden ingezet op de ‘Personal I-coach’ 😉 maar de omslag ‘van collectie naar connectie’ blijkt toch een hele lastige voor bibliothecarissen.
Deze sessie werd ook door Matthijs Leendertse geleid en door Orly Polak, samen hebben zij deze onderwijsgame ontwikkeld. De moeite van het spelen waard!

.
Mijn eindconclusie en wat dit volgens mij betekent voor Zuyd Bibliotheek, komt in een volgend blogpost nog aan de orde. Voor mijn gevoel zijn we de laatste tijd wel erg bezig met scenario’s voor de toekomst te bedenken.  Wordt het niet eens tijd om te handelen?

The future is right here, right now!

Over deze dag schrijft Matthijs Leendertse nog een artikel, dat over binnenkort in Informatie Professional zag verschijnen.
Het was een leuke dag, vooral natuurlijk ook om weer eens live bij te kletsen met mijn biebtweeps 🙂

Groetjes,
Judith

@afbeeldingen uit de presentatie van Matthijs Leendertse

Liefde voor het vak

Dag Marcel,

Via mijn ‘soulmate op mijn twitterlijntje’ Annie Maessen zag ik onderstaand filmpje op Beeldblog Brekend over De geboorte van een boek

Wat een liefde voor het vak spreekt hier uit. Vakmanschap dat bewaard moet blijven!
Heel héél lang geleden 😉 op mijn 1e stageplaats, heb ik ook nog wel eens meegewerkt op een boekbinderij van de Provinciale Bibliotheek Middelburg. Machtig mooi werk.

Hoewel ik bekend sta als grootgebruiker van nieuwe media, hecht ik toch ook nog veel waarde aan het oude. Zonder geschiedenis geen toekomst. Zo deelde collega Philip een filmpje over The New York Public Library, de bibliotheek waar ik afgelopen zomer ook mijn hart aan heb verloren (en waar Jack ook deze week is geweest), wat een inspirerend prachtig mooi gebouw. Jouw guru Jane McGonigal heeft vorig jaar een game ‘Find the future’ ontworpen ter viering van het 100-jaar bestaan van deze bibliotheek.

“Know the past, find the future”, zoals in het filmpje te horen is met de prachtige Carmina Burana. Het zou toch wat zijn als we zo’n filmpje en game voor informatievaardigheden voor Zuyd zouden kunnen maken. *Dreambeaming*
The New York Public Library  is een organisatie die nadenkt over de toekomst met respect voor het verleden. Geen wonder dat hun thema’s Discover – Connect – Get Inspired! zijn. *Dreambeaming*

Het is begin van de goede week. Ik ga me vanmiddag onderdompelen in de Matthäus Passion in het Parkstad Theater Heerlen. Mijn eerste keer, ik ben benieuwd. Ik heb me voorbereid met de Mattheus Passion voor Dummies. *grijns*

Fijne zondag!
Judith

Jujuutje in het IM-alumnimagazine

Hallo beste QR-scanner van IM-alumnimagazine,
Welkom op 2beJAMmed, het weblog van Marcel Schmitz en Judith van Hooijdonk. Leuk dat jullie de QR-code hebben gescand!
Mijn artikel in jullie alumniblad kan je hieronder ook digitaal lezen. Het voordeel van het digitaal publiceren, is dat je het artikel kunt voorzien van allerlei links naar achtergrondinformatie, dat heb ik dan ook gedaan 🙂

Hoi Marcel,
Vanmiddag viel het 14e nummer van het magazine (decemer 2011) van IM-alumni Zuyd [ter info: er is ook een LinkedIn-groep HsZuyd Information Management] in de bus met mijn artikel. Bij dit artikel staat een QR-code, die natuurlijk wel even snel gelinkt moest worden.

Hieronder vind je mijn verhaal als niet-Zuyd-alumnus in het IM-alumnimagazine over mijn werkend leven. Het is geen kort verhaal geworden, maar ik werk inmiddels al heel wat jaartjes :). Het artikel is geredigeerd door Joos Olejniczak

“Ik vind Twitter absoluut geen triviaal medium”

Dertig jaar geleden, toen ik nog studeerde voor bibliothecaris-documentalist, hoorde ik voor het eerst de term ‘information broker’. Dat heb ik me altijd gevoeld. Makelaar in informatie, waar die ook vandaan komt – uit een boek, tijdschrift, krant, databank, van het internet en tegenwoordig ook via social media. Mijn beroep heeft de laatste 25 jaar grote veranderingen ondergaan maar voor mij is de kern hetzelfde gebleven: op informatie attenderen en informatiebronnen opsporen.

In touch

Ik ben in 1982 afgestudeerd aan de Bibliotheek- en Documentatie Academie Tilburg, specialisatie bibliothecaris-documentalist. Begin jaren ‘80 was de werkeloosheid hoog; het duurde een jaar voor ik mijn eerste baan had, in de nieuwe Gemeentebibliotheek Rotterdam. Een modern gebouw à la Centre Pompidou. Naast de toen nog gangbare kaartenbakken waren er publiekscomputers met touchscreens; een noviteit en niet alleen in bibliotheekland. Het zou nog ruim twintig jaar duren voordat de touchscreens de consumentenmarkt zouden veroveren.

Na twee jaar ben ik de liefde achterna gereisd en in Maastricht terechtgekomen. Mijn tweede baan was een combinatiebaan. Ik werkte enkele dagen op de Revalidatie Academie in Hoensbroek (HBO-opleidingen ergotherapie en logopedie) en daarnaast nog een dag in de bibliotheek van de Academie voor Fysiotherapie in Heerlen. Dat waren allebei “éénvrouwspostjes”. Vijftien jaar heb ik dat gedaan. Ik ben begonnen met kaartenbak en typemachine en geëindigd met een geïntegreerde geautomatiseerde bibliotheekcatalogus plus geautomatiseerde uitleen toen we met diverse opleidingen de nieuwbouw in Heerlen betrokken.
Op die werkplekken heb ik heb de komst van de eerste computer meegemaakt. Een AT met inbelmodem naar PICA Leiden (eindeloos duurde het eer er verbinding was) en kettingpapier (heerlijk geluidje). Elke avond backuppen en de andere standalone pc voor de gebruiker updaten. DOS-commando’s, floppy’s, later diskettes. Wat ging alles langzaam, vergeleken met nu. Geen twitter maar wel veel f2f contacten; geen werkmail maar overdrachtschriftjes; alleen nog maar vaste telefoons.

Zuyd

Al die jaren ben ik in het HBO blijven werken. Na vijftien jaar in Heerlen heb ik nog tien jaar als bibliothecaris op de Hoge Hotelschool in Maastricht gewerkt. In die 25 jaar heb ik vele fusies en interne reorganisaties meegemaakt. Als bibliothecaris ben ik op diverse plekken in de organisatie ondergebracht. Een paar jaar geleden kwamen bibliotheek, onderwijsadviseurs en ICTO- adviseurs in één organisatieonderdeel van Hogeschool Zuyd bij elkaar. Voor mij bood dit de kans me verder te ontwikkelen door de overstap te maken van bibliothecaris naar ICTO -adviseur.

Ik was al enige tijd op projectbasis betrokken bij Blackboard, de elektronische leeromgeving van Zuyd. De bibliotheekwereld was aan het veranderen: op bibliotheekcongressen stonden onderwerpen centraal als bibliotheek2.0, 23Dingen, nieuwe media. Ik was nieuwsgierig, ik ging overal op af, begon me er in te verdiepen en raakte steeds meer geboeid door deze nieuwe ontwikkelingen.

@Jujuutje

Begin 2008 (is het echt nog maar vier jaar geleden?) begon ik met Hyves: leuk voor contacten met oude vrienden. Maar ik betrad de wereld van de social media pas echt toen mijn oud-collega Leen Liefsoens mij later dat jaar uitlegde wat Twitter was. In die tijd was het nog gebruikelijk ook een nickname te bedenken, twitter had nog iets “ondergronds”. Mijn collega Joan Zeguers bedacht @jujuutje voor me. En zo ben ik inmiddels bekend bij mijn tweeps (twittervrienden).

Ik begon aan mijn ontdekkingstocht in Social Media land. Ik ontdekte de mogelijkheden en risico’s van het koppelen van netwerken. De eerste koppeling, tussen Twitter en Hyves, werd door mijn kinderen niet op prijs gesteld: moesten al hun vrienden en vriendinnen nu weten wat hun moeder in haar vrije tijd en op haar werk uitvoerde? Na veel discussie (“nou, dan ontvolgen ze me toch”) heb ik deze strijd opgegeven.
Inmiddels koppel ik sociale netwerken niet meer automatisch aan elkaar. Hoewel er een overlap zit tussen mijn volgers op Twitter, mijn vrienden op Facebook en mijn contacten op LinkedIn, weet ik inmiddels dat elk netwerk zo zijn eigen dynamiek heeft. Ik gebruik nu ‘selective tweets‘; als ik tweets wil delen op een ander platform, doe ik dat door een speciale # te gebruiken. Ik ontdekte ook persoonlijke startpagina’s als Netvibes en iGoogle. En ik ging bloggen.
Samen met mijn collega Marcel Schmitz ben ik in 2009 naar UGameULearn (symposium van TU Delft en DOK) gegaan. Daar hebben we de key-notes van Helene Blowers (23Things) en Father Roderick (de “podcast-priester”) beleefd. Hun enthousiasme sloeg bij ons aan. Na enig aarzelen (“hebben we wel wat te melden?”) zijn we met bloggen begonnen: ictozuydplein.blogspot.com werd geboren (en inmiddels bloggend verder gegaan op 2beJAMmed).
Bloggen is mijn passie waar ik veel te weinig tijd voor heb. Mijn eigen blogstijl heb ik pas na verloop van tijd gevonden. Ik ben iemand die graag dingen uitzoekt; ik wil combineren en informeren, ik ben information professional / kennisdeler in hart en nieren. Het voordeel van duobloggen is dat je elkaar kunt stimuleren en dat er een hogere frequentie van blogposten is. Door over ervaringen en kennis te bloggen, structureer ik mijn gedachten. Het is voor mij ook reflectietool geworden. Bloggen is mijn buitenboordbrein.

Social Media

Ik ben nu ruim 3 jaar actief op Twitter. Twitteren heeft in deze jaren mijn blikveld verruimd, mijn wereld vergroot en mijn kennis over de ontwikkelingen op mijn vakgebied en Social Media verbreed. En het heeft mij heel veel interessante contacten gebracht, zowel online als IRL (in real life). Ik vind Twitter geen absoluut medium van ‘niksigheid’, van trivialiteiten. Natuurlijk vliegen er onzinnige, flauwe tweets voorbij, maar als die mij storen, volg ik die tweep niet meer. Ik kan ontzettend lachen met tweeps, slap ouwehoeren, maar ik leer vooral veel. Ik word via Twitter geattendeerd op interessante blogpost, word op de hoogte gehouden van vakliteratuur en kijk leerzame filmpjes. Twitter is mijn permanente bijscholingscursus.

Ik lees waar tweeps mee bezig zijn, wat hen raakt. Daardoor leer je je vakgenoten ook van een andere kant kennen, waardoor contacten leggen gemakkelijker is. Ik bouw en onderhoud relaties via Twitter. Als je open bent in het delen van (persoonlijke) informatie creëer je ruimte voor nieuwe informatie en nieuwe contacten. Als kenniswerker is dit volgens mij een goede manier om op de hoogte te blijven van nieuwe ontwikkelingen op je vakgebieden en om jezelf te profileren.

Door mijn getwitter over mijn werk als ICTO-adviseur bij Hogeschool Zuyd, door Yammer (een interne Twitter) te introduceren in onze organisatie, door constant aandacht te vragen voor het belang van interne kennisdeling (wat met behulp van social media heel gemakkelijk kan) en door het verzorgen van trainingen social media, ben ik inmiddels vraagbaak geworden over dit onderwerp en deel ik mijn passie en kennis met velen in de organisatie.
Social media is een tool, geen doel. Een tool waarmee je een leerproces kan ondersteunen, een tool die kan binden en boeien. We leren van elkaar door te delen en samen te werken, dankzij de technologie die social media zo’n belangrijke plaats in de informatiemaatschappij gegeven heeft.

Lifebrarian

Tijdens de eerder genoemde UGame ULearn in Delft gebruikte Helene Blowers de term ‘Lifebrarian‘. Lifebrarians zijn bibliothecarissen die een rol spelen in de sociale netwerken (lifestreams) van hun klanten. Zij vroeg zich af wat het bestaansrecht van de bibliotheek is nu er steeds meer online manieren beschikbaar komen om kennis en expertise te delen. Mensen publiceren en produceren zelf, zonder uitgever. Men werkt samen in sociale netwerken. Men deelt volop en bij voorkeur onder een liberale Creative Commons licentie. Share-Remix-Reuse wordt de toekomst. Bibliothecarissen kunnen volgens Blowers nog steeds hun klanten helpen en het gebruik en produceren van (online) informatie faciliteren: door zich te mengen in sociale netwerken. Librarians worden ‘lifebrarians’! Het verschaffen van gedrukte informatie zal niet meer centraal staan maar de hoofdtaak van de librarian/lifebrarian blijft: boeien en binden!

Judith van Hooijdonk
ICTO-adviseur bij Zuyd

Bethechange

Wat doen studenten nu echt in de bibliotheek? Studeren! én appeltaart met slagroom eten …

Dag Marcel,

Leen Liefsoens heeft samen met studiegenoten van haar master Culturel Informatiewetenschap een onderzoek gedaan o.l.v. John MacKenzie Owen, je weet wel van de overbodige bibliotheek. Een verslag van het onderzoek staat in Informatie Professional december 2011.

Het onderzoek was gericht op het in kaart brengen van de feitelijke activiteiten van studenten in een bibliotheek op een bepaald moment zodat kan worden vastgesteld waarvoor studenten de bibliotheek, los van verwachtingen en associaties, daadwerkelijk gebruiken.

Het onderzoek vond plaats in 7 universiteits-en hbo-bibliotheken.
Ja hoor, ruim 96% komt voor de studie. Deze studenten zijn ook trouwe bezoekers van de bibliotheek, ze komer meer dan 1x per week en voornamelijk om rustig te studeren. Hulp van bibliotheekpersoneel wordt nauwelijks ingeroepen. Dat lokte Bibliofuture uit tot de blogpost ‘U is niet meer nodig, dag’ en Eric Sieverts tot zijn bijdrage is het half-volle of half-lege glas’. Toch weinig reactie uit bibliotheekwereld op deze ontnuchterende conclusie. Of zijn we inmiddels wel gewend dat ons werk niet serieus genomen wordt?
De studenten zien de bibliotheek vooral als werkplek en de bibliothecaris als een faciliteit, bibliotheekvoorziening, zo is de conclusie van het onderzoek. Zie hier het complete onderzoek. Ik zou het ook interessant vinden waarom studenten niet naar de bibliotheek komen, misschien iets voor een vervolgonderzoek?

Bibliotheek, de ruimte
Al heel wat jaren worstelt Zuyd Bibliotheek met de ruimte. Het gebrek aan ruimte welteverstaan, om de diversiteit aan functionaliteiten te kunnen aanbieden. Bibliotheek wil een rustpunt zijn voor degene die daar behoefte aan hebben. Maar ook een ontmoetingsruimte compleet met loungeplekken. Maar ook een X-lab om te experimenteren. We willen dat studenten zich thuis voelen, daar hoort dan toch ook een kopje koffie of het flesje water? Dan mogen ze toch ook hun tas met eigen spulletjes meenemen? Maar slaat die gastvrijheid niet door als een appeltaart met slagroom aangesneden wordt of als mandarijnen schillen, chipszakjes en lolliestokjes tussen de computers gevonden worden? Bibliotheekpersoneel wordt gebombadeerd tot politieagent (als je regels wilt handhaven) of poetshulp (als je teugels laten vieren).
De waarde van Zuyd bibliotheek ‘Van tumult naar rust‘ is een goed uitgangspunt, maar met de beperkte ruimte is het lastig uitvoerbaar. Is het een optie om de studieruimte, de ontmoetingsruimte op te splitsen? Is het nodig dat een bibliothecaris in zo’n ruimte aanwezig is?
In oktober/november hebben enkele studenten van de Hotelschool een gastvrijheidsonderzoek verricht onder studenten en medewerkers van Zuyd in het kader van gastvrijheid. Ik ben erg benieuwd naar deze uitslag.

@aLibrarian’sWorthAroundTheWorld 

Bibliothecaris, de informatieprofessional
De bibliothecaris is blijkbaar nog steeds synoniem aan bibliotheek? Uitleencijfers en bezoekersaantallen bepalen nog steeds de hoogte van de budgetten. Aangezien deze cijfers terug (zullen blijven) lopen, zal het in deze tijden van bezuiniging steeds moeilijker worden voor de bibliotheek. De bibliothecaris zal zich moeten losweken van de ruimte. Hiermee wil ik niet zeggen dat de bibliotheek opgedoekt moet worden. Zeker niet. Op elke locatie van Zuyd moet er een bibliotheek volgens de waarde ‘van tumult naar rust’ voor studenten en medewerkers beschikbaar zijn. Voor ontmoeting en samenwerking, reflectie en contemplatie, serendipity en inspiratie, creativiteit en informatie.
De informatieprofessional zal meer onderdeel van het onderwijs moeten worden, van faciliteit naar docent.

Wat is de bibliothecaris waard? Dit is mooi visueel vormgeveven via deze infographic.

@aLibrarian’sWorthAroundTheWorld 

Volgens bovenstaand plaatje is de bibliothecaris vooral aan het mailen :S. Ik zie er geen boekje ‘information literacy’  tussen staan, of zoek ik niet goed? 😉

Wat is de bibliothecaris voor Zuyd waard? Ik hoop heel veel!
Groet,
Judith

Gerelateerde blogposts:

Show me the money! (Reactie op #nvb11)

He Judith,

Wederom een ‘kreet’ vanuit de Bibliotheek. Nu via de #nvb11 het landelijke congres van/voor bilbiothecarissen. De vorige keer toen ik gereageerd heb op een vergelijkbare ‘kreet’ heb ik gezocht in het verleden naar de ‘oorspronkelijke’ definitie van de bibliotheek. Ik vind nog steeds dat we terug moeten naar de invulling die toen bedacht is. Maar goed ik wil deze keer mijn visie voor de toekomst geven. Wat verwacht ik als ‘docent’ van de bibliotheek?

Zeg het met filmpjes. Rod Tidwell American Football speler speelt van hart, ziel en na een speech met Jerry ook met “Quan”. Wij Zuyderlingen zijn ook American Football spelers. Sommige Offence, sommige defence, sommige in de Special Teams. Wat verwachten wij van onze bibliotheekmedewerkers. Dat ze ‘ons’ de weg wijzen naar de money! En dan vinden de docenten de weg naar de Quan! Wordt de ambassadeur van de Quan voor de docenten.


Jerry Maquire, sportmakelaar, vecht voor zijn bestaan en voor een beter inhoudelijker, persoonlijk contact tussen makelaar en sporter, want hij gelooft dat daar uiteindelijk meer meerwaarde in zit voor de betrokkenen. In zijn strijd blijft er een sporter over namelijk Rod Tidwell (Cuba Gooding Jr.) En die laat hem op geheel eigen wijze zien, horen, voelen en herhalen wat hij eigenlijk wil!


Legenda:
– De American Football Player is de docent.
– De Sportmakelaar is de bibliothecaris.
– The Money is de inspirerende content

Rod Tidwell gebruikt het woord Quan. Het gaat niet om alleen maar geld. We willen ook liefde, respect en ook het geld! Dat is de Quan.


Legenda:
– The Quan is dus niet alleen de inspirerende content, het is ook het respect de liefde die we willen van het publiek

De bibliothecarissen moeten met een noodkreet naar de docenten toe. Laat ze weten dat er hulp nodig is om te kunnen helpen!
Met een gevoel met een beleving of het ‘leven’ er van af hangt!

Uiteindelijk wint dan iedereen! Van binnen zeker en van buiten zal het doorstralen. Dat weet ik zeker.

Zonder boodschap, maar omdat in de film Jerry Macquire naast deze onderwijzende lijn ook een mooie romantische lijn zit en het leven ook mooi en warm behoort te zijn (wat ik overigens ook altijd bij bibliotheekcollega’s intern en extern ervaar) als afsluiting het erg mooie lied van Bruce Springsteen en korte fragmenten van de film.

Groeten Marcel

%d bloggers liken dit: