Nieuwsbrieven zijn weer hip!
Kijk dat zijn leuke berichtjes, Marcel. Gisteravond zag ik deze tweet voorbijkomen.
Morgen lezen in #vk: “Ze golden als afgezaagd, maar nieuwe generatie e-mail #nieuwsbrieven trekt weer volop abonnees.”
— hans buskes (@hansbuskes) 27 juli 2014
Vanmorgen het artikel uit de Volkskrant via Blendle gelezen
Het artikel bevestigt wat ik ervaar met onze Nieuwsflits I for You. Als je als content curator voor een specieke doelgroep berichten verzamelt en deze in een regelmatige verschijnende e-mail in korte hapbare brokken informatie rondstuurt, dan heb je succes. Zo kwam ik er al snel achter dat wij onze kennis als I-adviseurs niet via de sociale media met onze docenten moesten delen. Onze doelgroep gebruikt voornamelijk e-mail. Daarom anderhalf jaar geleden de in-slaap-gesukkelde nieuwsbrief e-learning opgepimpt en elke dinsdag (de kracht zit in regelmaat) korte nieuwsflitsen over ICT in het onderwijs (in de breedste zin van het woord) gaan rondsturen. Het werkt! Als bibliothecaris was ik natuurlijk al content curator, en dat ben/blijf ik als I-adviseur ook.
Een content curator is iemand die doorlopend relevante informatie over bepaalde onderwerkpen vindt, beoordeelt, verrijkt en deelt met zijn omgeving.
Bron: Howard’s Home
Voor de nieusflits gebruik ik de nieuwsbriefvoorziening van Zuyd. Er zijn ook (gratis) mogelijkheden via internet beschikbaar, zoals TinyLetter. En ja er zijn ook andere tools 🙂 zie: Ding 23 Content Curation. En ook die gebruik ik als kennisdeeltool, maar weer voor een ander doel en ander netwerk.
Judith
ICT in het onderwijs
Marcel,
Er verschijnen zoveel rapporten, onderzoeken over ICT in het onderwijs. En zovelen bloggen hun mening hierover. Voor mijn onderzoeksvoorstel lees ik weer van alles rondom ICT-bekwame docenten, 21st century skills, en de meerwaarde die ICT al dan niet voor het onderwijs heeft. Ik ben altijd blij met de blogberichten van Wilfred Rubens die dit altijd weer voor mij/ons duidt.
Zo blogde hij over het rapport van het Amerikaanse Speak Up onderzoek over het project Tomorrow (ism Blackboard) waaruit naar voren kwam dat ICT steeds breder geaccepteerd wordt. Alhoewel dit een Amerikaans onderzoek bij K-12 scholen (400.000 respondenten: leerlingen, ouders en onderwijsprofessionals) is en niet bij het Nederlandse HBO hoop ik dat onderstaande conclusies ook voor onze studenten gelden 🙂
- Leerlingen die met behulp van ICT leren zijn meer geëngageerd om te leren dan leerlingen van traditionele scholen. De eerste groep is meer geïnteresseerd in de inhoud, is meer gemotiveerd om te presteren en voelen een sterkere band met de school.
- Leerlingen die leren met behulp van ICT maken meer gebruik van verschillende ICT-tools en bronnen voor het ondersteunen van hun totale leerproces.
- Leerlingen willen dat hun klassikale situatie wat betreft communicatie en samenwerking meer lijkt op de wijze waarop men digitale tools buiten de school gebruikt.
Bron: Wilfred Rubens: Amerikaans rapport duidt op steeds bredere acceptatie ICT in onderwijs
En hoe kunnen docenten dan beter gefaciliteerd worden om ICT in te zetten in het onderwijs? Daarover verwees Wilfred naar een blog van Tanya Roscorla. Zij benoemt 3 manieren:
- Investeer in meer professionele ontwikkeling. ‘Just-in-time’ coaching en mentoring, in plaats van de instructiegerichte sessies.
- Zorg er voor dat bestuurders docenten tijd geven om te experimenteren en technologie te verkennen. Geef docenten autonomie over de technologie.
- Geef docenten de mogelijkheid om nieuwe technologieën in het persoonlijke leven toe te passen.
Wilfred verwijst naar Roscorla die zegt dat docenten die ICT op een meer intensieve en veelzijdige manier gebruiken, vaak op een voetstuk worden geplaatst. Wilfred benoemt dat dit soort ‘teigertjes’ in hun overenthousiasme andere docenten omver kunnen stuiteren. Oppassen dus voor mij 😉
Wilfred is het trouwens met jou eens, Marcel. Net zoals jij is hij er niet van overtuigd dat docenten nieuwe technologie vanzelf in het onderwijs inzetten, als men die nieuwe technologieën ook privé gebruikt. Ze zullen eerst het nut en de noodzaak van technologie voor hun onderwijs moeten ervaren. Dat er op dit moment nog een kloof tussen persoonlijk en professioneel gebruik van ICT door docenten, beaam ik ook.
Kijk die nut en noodzaak van ICT in het onderwijs zal ik toch blijven uitdragen. Hoewel ik ook vind dat technologie geen ‘must’ is om te gebruiken bij het lesgeven. Je moet als docent toch wel de afwegingen moeten kunnen maken waarom je het wel of niet zou willen/moeten inzetten. Het opbouwen van een persoonlijke, professionele leergemeenschap kan hierbij behulpzaam zijn, legio sociale media tools zijn hiervoor te gebruiken 🙂 .
Judith

Find more education infographics on e-Learning Infographics
Eerst onderdompelen dan overwinnen! Gemakkelijk nee! Leuk…???
Ha Judith,
Je hartekreet in: Van een ‘real innovational spirit warrior’ naar nieuwsgierig aagje is overduidelijk. Kijk ik zal natuurlijk je nooit adviseren om te stoppen om en innovation spirit warrior te zijn. En een nieuwsgierig aagje is ook geen nieuwe rol voor je 😉 Dat blijf je gewoon. Maar het zal je te veel energie te kosten om en student te zijn en tegelijkertijd de docent / inspirator. Dat kan wel, maar dan zou je studie 2x zo lang kunnen duren.
Het is logisch, de persoon Judith wil graag de onderzoekswereld, althans zeker die binnen het HBO, veranderen. En dat is je goed recht, sterker nog misschien is dat wel je missie! Maar daarvoor moet je je eerst helemaal onderdompelen in die wereld om dan vanuit de opgedane ervaringen je veranderingen te verkopen. Dat je nooit een onderzoeker pur sang zal zijn dat is mij en de andere lezers wel duidelijk, maar dat je door je bevlogenheid, je gebruik van je (e-)sociale contacten de onderzoekswereled kunt verrijken daar zijn we het ook met zijn allen over eens.
Maar soms moet gewoon ook het huiswerk af, voor de credits, brood op de plank in plaats van wederom idealistisch in hongerstaking gaan. En uiteindelijk breng je jezelf daarmee in de gelegenheid om de veranderingen te bedenken, te bepleiten en door te voeren.
Niet dat ik nu de expert ben op dit gebied. Ook ik probeer al een tijdje in de wereld van onderzoek stappen te zetten en ook mij lukt het niet om de niet ‘onderzoekers’ eigenschappen van me af te schudden. Zoals je weet heb ik een aanvraag gedaan voor een NWO promotiebeurs voor docenten. Ik ben vanuit de 140+ kandidaten door de eerste ronde gekomen en uitgenodigd voor een verdediging in Den Haag op het kantoor van het NWO. Daar heb ik voor een jury mijn onderzoek: Collaborative Alternate Reality Gaming in Patient Care gepresenteerd. Maar helaas ben ik niet een van de 30 geselecteerde onderzoeken/onderzoekers die een beurs mag ontvangen.
Ik had zelf al de analyse gemaakt na de ‘verdediging’ dat mijn passie en enthousiasme voor het onderwerp waren overgekomen en dat de vraagtekens lagen bij de ervaring als onderzoeker. Zo ook het juryrapport: enthousiasme duidelijk zichtbaar, maar geen ervaring genoeg in de zorg en geen duidelijke theoretische kader waaruit ik de gekozen gaming richting kan verantwoorden. In andere woorden: te veel innovator/inspirator te weinig onderzoeker.
Erg jammer, aangezien ik de beurs juist had willen gebruiken om wat meer kadering van mijn onderzoekstijd binnen Zuyd, zodat ik juist die ervaring op zou kunnen doen, zodat ik juist de brug zou kunnen slaan. Niet alleen tussen zorg en ICT, maar ook tussen onderwijs en onderzoek. En ook al heb ik mijn directeur van de faculteit achter me staan, we hebben ook een ambitieuse faculteit met meer leuk werk voor mij dan het onderzoek.
En dan vraag ik me toch af? Ben ik niet ondergedompeld genoeg of is een PhD onderzoek wel de manier om dit te doen. Samenwerken of kartrekken van ‘het meetpunt’ kan net zo waardevol zijn om ervaringen op te doen.
Tja eigenlijk zijn we het zelf schuld! Want de gemakkelijkste weg kiezen we niet (vaak), maar of dit de leukste wegen zijn….?
Fijne vakantie….
Groet Marcel
Van een ‘real innovational spirit warrior’ naar nieuwsgierig aagje
Je had natuurlijk gelijk Marcel. Mijn onderzoeksvoorstel ging veel te veel over het ‘moeten’ veranderen ipv observeren en analyseren. In een gesprek op de parkeerplaats met een docent van de opleiding ergotherapie werd me dat nog meer duidelijk. Vandaar mijn worsteling met dit onderzoek. Ik wil te veel de barricade op, dingen in beweging zetten, zoals ik mijn rol als I-adviseur invul: verbinden en kennisdelen.
Dat verbinden en kennisdelen levert me nu wel weer mooie inzichten op waar het nu eigenlijk omdraait bij onderzoeken. Onderzoek van een masteropleiding dan wel. Want ik vind nog steeds dat ze vanuit de opleiding MLI te veel sturen op een promotie-light-traject. Mijn onderzoek gaat nu om een probleem dat een specifieke opleiding (misschien wel heel Zuyd?) ervaart en dat ik probeer te beschrijven vanuit een breder kader. Daan Andriessen komt 18 september bij Zuyd een lezing geven over praktijkgericht onderzoek. Benieuwd wat hij erover vindt.
Ik denk te veel als ondersteuner (ik wil helpen), als innovator (wil veranderen) en inspirator (wil enthousiasmeren).
Graag wilde ik actieonderzoek maar dit betekent dat ik mijn rol als onderzoeker zodanig moet beschrijven, dat ik dit gewoon niet leuk meer vind. Dan toch maar een beschrijvend onderzoek … je moet toch wat om je studiepunten binnen te halen… Ik wil zo niet denken, maar het gebeurt gewoon als je afhankelijk bent van beoordelingscriteria waar ja aan moet voldoen. Dus zo schrijven dat het goed gekeurd wordt. Ik wil het niet maar doe het toch. Ik moet denken aan mijn tijdspad. Ik moet kijken of het wel meetbaar genoeg is.
De opleiding heeft graag kwalitatieve en kwantitatieve data. Ja, triangulatie van het onderzoek is belangrijk. Maar dan moet ik gesprekken transcriberen. Of toch met spss aan de slag. Pff *zucht*.
Dan lees ik op ScienceGuide: Stop met meten. Begin met vernieuwen.
Een school is geen laboratorium waarin alle factoren gecontroleerd kunnen worden. Innovatie is juist gebaat bij meer vrijheid en variatie. Door krampachtig vast te houden aan meetbaarheid wordt de onderwijspraktijk onnodig belast, en innovatie vanuit de scholen zelfs belemmert.
Een hartekreet …
En dan ga ik die onderzoeksmoe-docenten toch weer belasten met het invullen van een vragenlijst en vragen of ze mee willen werken aan een focusgroep….ja ik moet het meerbaar maken. Ze zullen wel meewerken. Voor mij. Natuurlijk ga ik daarnaast ook helpen, ondersteunen en enthousiasmeren tijdens hun curriculumherzieningstraject. Ik kan dat niet laten. Ook dat is mijn rol.
Nu nog een paar paragraafjes van mijn onderzoeksvoorstellen aanpassen voordat ik ze verstuur naar mijn critical friends.
Dan laat ik het los. Het moet even. Vakantie is nodig. Eind augustus pak ik het met een frisse blik wel weer op.
Je ziet het onderzoeksvoorstel een dezer dagen wel verschijnen 🙂
Vakantiegroet,
Judith




