Mobile game Sea Hero Quest helps dementia research #gameforgood
Hi Marcel,
Gisteren ontving ik van mijn neefje in ‘d’nele familie’-app het berichtje “I helped dementia research by playing Sea Hero Quest. Join the quest to save the human brain at www.seaheroquest.com #gameforgood. Ik zou dit niet sturen als het spam was, zoek het ff op in de Playstore en lees het ff”. Getriggerd door de woorden playing en dementia ging ik op zoek in de Apple store (dat wel 😉 ) en googelde naar meer informatie.
In dit ontroerend filmpje laat de game story prachtig zien
Duik op de Sea Hero Quest website even onder om te de oproep te lezen om 2 minuten dit spel te spelen en zo onderzoekers te helpen in hun brain research naar Alzheimer. Of lees het bericht op de website van Alzheimer’s Research UK . Met enorme hoeveelheid data die het spelen van dit spel genereerd kunnen de onderzoekers testen ontwikkelen om dementie in een vroeg stadium te diagnosticeren. Door iedereen te vragen een paar minuten door het 3D spel te navigeren help je ze hen blijkbaar enorm. Hoe het precies werkt weet ik niet, maar deze open source science steun ik van harte.
Available for Apple and Android phones and tablets, Sea Hero Quest is an innovative way of rising to our greatest medical challenge. Playing for just a couple of minutes provides what would normally take scientists hours to achieve in conventional study recruitment.
But you’ll want to play for more than a couple of minutes!
Jij speelt toch ook wel eventjes, hè? Het is zo nodig om meer over de ziekte Alzheimer en dementie te weten te komen.
Enne …. bedankt Floor voor je appje x
Judith
Lees meer via de BBC
Van angst naar vertrouwen. Van afrekencultuur naar lerende cultuur. Maar hoe?
Dag Marcel,
Enige tijd geleden ben ik tijdens een autorit naar Wiesbaden aan een blogpost over angst en vertrouwen. Het was me tot nu toe niet gelukt om het uit te werken. Nu neem ik de tijd om te delen over hetgeen dat me in die zaterdageditie van de NRC opviel:
Of ik toen las over de Panama papers, het referendum, de vluchtelingenproblematiek, de eindtoets of onderwijs #2032, je voelt de angst en het gebrek aan vertrouwen. Het bevestigt mijn umheimisch gevoel van de laatste maanden. De afrekencultuur viert hoogtij. Bas Heijne verwoordde het treffend rondom de zwijgcontracten in de gezondheidszorg.
Het is een heilloze spiraal – de verdoezelaars hekelen de agressieve afrekencultuur; de kwade burger verafschuwt de groeiende afdekcultuur, met het zwijgcontract als ultiem symbool. Naarmate de roep om meer transparantie harder klinkt, en alle menselijke verhoudingen en handelingen in statistieken, in cijfers en tabellen worden uitgedrukt, groeit de verleiding om die feiten naar je hand te zetten, of ze weg te moffelen.
Hoe doorbreek je dat? Door de totale transparantie af te dwingen, door alles en iedereen constant te monitoren en te evalueren? Maar juist die houding schept een klimaat van hardnekkige achterdocht en duikgedrag. Zoals iemand tijdens een van die bijeenkomsten van de week opmerkte: omdat men onder een vergrootglas ligt, gaat men zich verschuilen in procedures, dan kan je immers nergens op afgerekend worden. Dan krijg je geen vertrouwen, maar angst.
Je zou willen dat het als een kwestie van moreel besef wordt gezien – het ziekenhuis dat inziet dat een ernstige medische fout niet per contract „geregeld” kan worden. En een samenleving die accepteert dat niet ieder incident een teken aan de wand hoeft te zijn, dat nog meer controle en transparantie het vertrouwen eerder nog verder ondermijnt dan versterkt.
Maar juist het gebrek aan moreel besef wordt door iedereen gelaakt – bij de ander.
Is dat zo? Ondermijnt transparantie het vertrouwen? Ik vraag het me af. Je weet dat openheid voor mij een belangrijk thema is. Als je uitlegt waarom je iets doet, dat kan transparantie toch alleen maar bijdrage aan vertrouwen? Overal gaat wel eens wat mis. Als je maar eerlijk bent, enige zelfkritiek of reflecterend vermogen is voor iedereen, voor iedere instelling in welke situatie dan ook wel wenselijk.
Het lijkt wel of we elke risico in het leven willen vermijden. We willen op safe spelen. Er lijkt op alle niveau’s zo’n angst om iets niet te goed te doen, om afgerekend te worden. Om publieke aan de schandpaal te worden genageld (en door de sociale media is de impact enorm). Daarom wordt overal steeds meer ingezet op toezicht, op het meten en bijhouden van resultaten. Zo ontstaan ranglijstjes van beste ziekenhuizen, van beste scholen, van … Als zorginstelling wil je geen negatieve publiciteit daarom stel je zwijgcontracten op. Als onderwijsinstelling worden van het ministerie hoge studierendementen verwacht, dat als resultaat heeft dat goed aan de poort geselecteerd wordt. Want we willen wel goed scoren in de keuzegids, op de NSE.
Controle houden door te vertrouwen op cijfers, angst voor het dreigende en onbekende het lijkt een maatschappelijke sluipmoordenaar die ons verlamt. Terwijl ik daar tegenover zoveel inspirerende verhalen hoor over hoe we in verbinding en vertrouwen samen zoveel meer kunnen bereiken. Hebben de Myriam Lieskamp‘s, Melvin Redeker‘s, Boonstra‘s, de Filip Dochy’s en de vele vele anderen het dan zo mis? Ik geloof het niet.

Kijk, de wereld kan ik niet verbeteren. Zelfs Nederland of het Nederlandse onderwijs is een brug te ver voor me 🙂 . In mijn werk heb ik ook last van de afrekencultuur, maar ook hier is mijn cirkel van invloed beperkt 🙂 Ik heb hierover al vaker geblogd. Als ik tegen die muur van angst en wantrouwen aanloop, probeer ik het te benoemen, probeer ik te handelen vanuit mij eigen waarde en normen van open communiceren en kennis blijven delen: practice what you preach. Maar o wat vind ik dat bij tijd en wijle lastig.
En in al die angst voor het onbekende en onzekerheid heb ik het gevoel dat we steeds minder naar elkaar luisteren. Ik hoop dat in plaats van discussies met polariserende standpunten we weer eens in dialoog gaan met elkaar. Dat we luisteren en leren van andersdenkenden, van andermans kennis, ideeën en oplossingen. Dat het ‘mij’ – ‘zij’ houding ombuigt naar ‘wij’. Op zoek naar gemeenschappelijkheid. We kunnen zoveel meer samen bereiken. Die dialoog dient volgens mij ook bij Zuyd te worden gevoerd. Laten we elkaar die trage vragen maar eens gaan stellen.
Judith
Bouwstenen voor High Impact Learning that Lasts #onderwijsontwerpen
Door Tons Fleuren was ik 25 april uitgenodigd voor de miniconferentie rondom de publicatie High Impact Learning van Filip Dochy. Deze middag was georganiseerd door de Dienst Onderwijs en Onderzoek van Fontys samen met de faculteit Pedagogiek. Voor mij een mooie kans (dankje @tunske) om Filip Dochy aan het woord te horen over het leren van de toekomst in onderwijs en organisaties volgens het
HILL-model: High Impact Learning that Last.
Hoewel hij bepleit dat colleges niet langer dan 25 minuten horen te zijn, vond ik het geen straf om anderhalf uur naar hem te luisteren. De “oneliners die hij de zaal in katapulteerde”, zoals Daniëlle op haar blog schreef, waren in ieder geval ‘evidence based’ 🙂 Van zijn presentatie moesten we 2 dingen goed onthouden, zei hij bij aanvang:
1. we geven te veel les (Lectures Aren’t Just Boring, They’re Ineffective, Too, Study Finds | By Aleszu Bajak)
2. we geven veel en veel te weinig positieve feedback
Zijn sheets waren vol en was niet bij te ‘pennen’. Ik heb me maar beperkt tot twitteren, dat werd ook flink gestimuleerd #hillfontys (we werden zelfs trending 😉 ). Bij aanvang hadden we zijn boekje ontvangen, ik kon alles daarin alles nog eens lezen). En delen is het nieuwe leren, volgens Dochy. Echter dat leverde me wel de onderstaande opmerking van één van de aanwezigen op:
Zojuist gehoord “je moet niet zo veel twitteren maar opletten” #euh #hillfontys
— Judith van Hooijdonk (@jujuutje) 25 april 2016
Uit het wetenschappelijk onderzoek van de afgelopen tien jaar blijkt dat bij opleidingen bij organisaties en in het onderwijs dezelfde vraagstukken hebben. Beide werelden kunnen van elkaar leren (boundary crossing 🙂 ), schrijft Dochy in zijn voorwoord van het boekje Bouwstenen voor High Impact Learning dat hij samen met Inneke Berghmans, Anne-Katrien Koenen en Mien Segers heeft geschreven. Op basis van diverse onderzoeksprojecten wordt een visie / concept op opleiden in organisaties als in onderwijs geformuleerd: High Impact Learning that Lasts (HILL). Het model bestaat uit zeven bouwstenen.
Opleiden is complex, dat weten we. Wat helpt om onze opleiding zo op te bouwen dat studenten gemotiveerd zijn en gestimuleerd worden tot leren. Hoe komen we tot een ‘joy of learning’? Leren is toch leuk? Of hoort in ieder geval leuk te zijn! Voor alle studenten van onze bachelorprogramma’s, de Zuyd Professional studenten, voor docenten en medewerkers van Zuyd. Lang leven leren 🙂
Onderzoek heeft uitgewezen dat onderstaande bouwstenen het verschil maken.
- Bouwsteen: urgentie, hiaat & probleem
‘Sense of urgency’: vertrekken vanuit een uitdaging (iets dat je wilt weten of oplossen). ‘Just-in-time‘ leren of het geleerde meteen kunnen inzetten zijn de triggers die de lerende prikkelen. - Bouwsteen: zelfmanagement & learner agency
De lerende stuurt en bepaalt zelf wat en hoe hij doet en leert. Dat betekent kunnen reflecteren en het tijdig kunnen bijsturen als een situatie erom vraag. Self-efficacy is de sterkst voorspellende variabele van studieprestaties, feedback is hierbij belangrijk. - Bouwsteen: coöperatie, interactie & coaching
Leren vindt plaats in een netwerk met sociale interacties. Peer Learning, collaboratief leren en teamleren (zo’n 6-7 studenten in een team/groep is het meest effectief). Om echt te te kunnen leren in een team zijn psychologische veiligheid en interdependentie (gedeelde verantwoordelijkheid voor de resultaten) voorwaardelijk. - Bouwsteen: hybride leren
Een integratie van online en face-to-face leren, met een weldoordachte variatie van asynchrone en synchrone activiteiten, individueel en in team verband, verschillende werkvormen, leeractiviteiten etc.etc., ofwel Blended Learning. Hoewel het niet is aangetoond dat het gebruik van informatietechnologie leidt tot effectiever onderwijs biedt het wel meer variatie.‘Variation is the key of learning’ (F. Marton) - Bouwsteen: actie & kennisdeling
Leren in actie is just-in-time en vindt plaats in authentieke situaties. Het impliceert veelal interactie tussen individuen in een groep of tussen groepen en een informatie- of kennisuitwisseling die wederkerig is. - Bouwsteen: flexibele leerruimte
Deze bouwsteen vereist een open mindset zodat leren ook spontaan ontstaat, informeel leren stimuleren door zelf informatie, hulp en feedback te laten zoeken. - Bouwsteen: Assessment as Learning & Assessment for Learning
Assessment (geen toetsing) horen onderdeel van het leerproces te zijn. Het is nu hordelopen in de toetswereld, studenten hoppen van toets naar toets. Deze summatieve beoordelingen leveren veel stressmomenten ipv leermomenten
Al deze bouwstenen zijn wetenschappelijk onderbouwd. De onderzoeken zijn opgenomen in de uitgebreide literatuurlijst.
Zie ook dit essay van Filip Dochy waarin in het kort ongeveer dezelfde toelichting te lezen is.
Voor de HILL-aanpak voor de toekomst betekent dat minimaal 3 aspecten anders moeten:
- de veranderende rol van de docent: van kennisoverdrager naar coach van leerprocessen
Docenten die erin slagen als zelfsturend team de leeromgeving continu te (her)ontwerpen, motiveren ook hun studenten tot het nemen van eigen verantwoordelijkheid voor hun leerproces. Goed voorbeeld doet volgen. - een organisatie moet functioneren als een lerende organisatie
- minder toezicht van overheden en inspectie
Te veel controle veroorzaakt wantrouwen en geeft gelegenheid tot het afschuiven van verantwoordelijkheden. Geef de professional eigen verantwoordelijkheid.
Tot slot eindigt het boek met het geheim achter het succesvol opleiden voor de toekomst. Belangrijk hierbij: “teamwork vanuit een gedeelde visie in het hele team, continu leren van collega’s, delen van informatie en ‘mirroring’, continue feedback aan en tussen lerende, vertrouwen in de potentie en ontwikkelkansen van de lerende, een mensgerichte aanpak”.
Of we het nu hebben over leren of samenwerken het draait toch altijd weer om vertrouwen en het open communiceren 🙂 .
Onderzoek bewijst het keer op keer!
Groet,
Judith
RE: De vierde industriële revolutie bij Zuyd
Ha Marcel,
Wederom was ik verrast door Zuyd. In het weekend sloeg ik de nieuwe Editie Zuyd open op het eerste hoofdartikel. Donkere wolken dreigend boven het artikel ‘De vierde industriële revolutie bij Zuyd’. Het onderwijs moet op de schop, lees ik verder. Wat er vervolgens allemaal door mijn hoofd schoot zal ik maar niet delen 🙂 . Als I-adviseur van Zuyd die zich bezighoudt met ict-innovaties in het onderwijs, didactisch en strategisch, had ik de behoefte inhoudelijk op het artikel te reageren. En niet door een mail naar de redactie te sturen, maar gewoon zoals dat in de huidige samenleving gebeurt: open en online 🙂 .

Door Christien Bok van SURF en collega Chris Kockelkoren, docent en icto-coördiator van faculteit ICT (en niet van heel Zuyd, zover ik weet 😉 ) worden de zeven belangrijkste gevolgen van de vierde industrieële revolutie voor het hbo op een rijtje gezet. Laat ik beginnen met op te merken dat ik blij ben dat ook Editie Zuyd aandacht besteed aan het thema ICT in het onderwijs.
Natuurlijk hebben Christien en Chris mooie uitdagingen voor het onderwijs toegelicht:
1. Onderwijs wordt maatwerk
2. De klas geflipt
3. Onderwijs wordt persoonlijk
4. Een Leven Lang Leren
5. De traditionele docent verdwijnt
6. Meer teamwork
7. Nauwe samenwerking met de regionale arbeidsmarkt
Echter, bovenstaande punten zijn volgens mij niet de gevolgen van de vierde industriële revolutie maar de ontwikkelingen van de huidige digitale revolutie (revolutie 3) waar we middenin zitten. Ik mis hierbij nog punten als social learning, online samenwerken, kenniscreatie die misschien wel impliciet bedoeld zijn maar niet expliciet zijn benoemd. Ik vind het de moeite waard om ze wel te benoemen. Ik ben er van overtuigd dat alleen door open (interprofessioneel | multi-disciplinair) samen te werken en kennis te delen, stappen vooruit gezet kunnen worden, richting die 4e industriële revolutie.
Hoewel niet in het artikel benoemd, is bij Zuyd, net zoals bij de andere hogescholen, ook een instellingsbreed innovatieprogramma en zijn er curriculumherzieningsprojecten in gang gezet. Inmiddels heeft het I-team op basis van de onderwijsvisie een visie op de Digitale Leer-en Werkomgeving van Zuyd geformuleerd. Inderdaad moet nog wel duidelijk worden met welke middelen en hoe het precies vormgegeven moet gaan worden. Daar zijn we wel hard aan bezig. Ik ben de eerste die toe zal geven dat we nog flinke stappen te zetten hebben.
Zijn de (terechte) uitdagingen zoals Christien en Chris die beschreven hebben de gevolgen van de vierde industriële revolutie? In de inleiding van het artikel wordt robotisering, 3D printen, internet of things, big data opgesomd. Gaat de vierde industriële revolutie niet verder? Volgens World Economic Forum wordt dit gekenmerkt door samensmelting van het fysieke, digitale en biologische ….Het verandert ons mens. Het verandert onze relatie. Het verandert onze systemen. En wat heeft dat voor gevolgen voor het onderwijs?
(Bekijk ook de full version van The Fourth Industrial Revolution | World Economic Forum | 11:34 min)
Wat betekent dit voor het leren en werken? Dan moeten we nog wel wat stappen verder vooruit denken. Misschien richting 2030 zoals ik dat onlangs heb gedaan bij de MLI. Hebben tegen die tijd robots voor de klas, of heeft gewoon elke student een eigen robot? Misschien is ‘beam-me-up-scotty’ dan realiteit met holoportation. Gebruiken we virtual en augmented reality met de hololens. Of wellicht wordt ons brein met technologie geprikkeld om taken sneller en beter worden uitgevoerd. Of denken we hybrid met behulp van nanorobotjes die in ons brein zijn geïmplementeerd, en hebben we de beschikking over een cloud neocortex? Hebben we het dan nog wel over leren? Hebben we dan nog onderwijs? Ik weet het niet. Maar hier hebben we het over als we de impact van de vierde industriële revolutie voor het onderwijs, voor Zuyd willen bespreken. De kop van het artikel komt, volgens mij, niet overeen met de inhoud.
Dat we voor uitdagingen staan, is zeker. En dat zal inderdaad zoals aan het eind van het artikel staat een gezamenlijk proces van vallen en opstaan zijn. Ik ben van mening dat Bildung in dit hele proces belangrijk is. Samen en open in gesprek. Met onze studenten praten over onze (gedroomde) samenleving. Onze studenten, onze aankomende professionals, zijn immers de denkers, ontwikkelaars, leiders van de toekomst. We leiden ze hiervoor op. De grootste taak voor het huidige onderwijs is om samen na te denken over de waarden waar we voor staan, en onze studenten daar een goede bagage voor mee te geven.
Zijn de donkere wolken boven het artikel de interpretatie van de redactie voor hetgeen het onderwijs, dus ook Zuyd te wachten staat? Ik zie het niet zo somber in. Ik had liever een zonnetje met een smiley gezien. 🙂
Zonnige groeten,
Judith




