Leren, ook zonder docent #V1b22

Ha Marcel,

Voor de zomervakantie heeft Ilse Meelberghs mij uitgenodigd om een dagdeel in het introductieprogramma voor 1e jaar studenten Financieel Management (verkort programma) te verzorgen met als thema:  onafhankelijk & betrouwbaar leren (zonder docent) bij Zuyd. Of hier een uitdaging voor mij in zat? Natuurlijk …. altijd. 🙂

Mijn eerste uitdaging was om een Prezi in elkaar te knutselen, ik ben wel tevreden over het resultaat 🙂

Ook een uitdaging was om diverse social media tools te integreren. Studenten gaan aan de slag met RSS, Twitter en LinkedIn als voorbereiding op het project beroepsoriëntatie die ze in de weken daaropvolgend moeten uitvoeren.

En natuurlijk wat pauze-filmpjes tussendoor want onderzoek bevestigt: pauzes doet beter leren 🙂

Mijn doel was dat ze begrijpen dat ze hun eigen verantwoordelijkheid moeten nemen als ze iets willen bereiken in deze veranderende kennismaatschappij. Ik reik ze wat aan, misschien dat ze het niet meteen snappen/oppikken maar dan toch wel later (hoop ik). De meerwaarde van social media tools voor je leerproces ervaar je toch pas op langere termijn. En dat is altijd persoonlijk!

De presentatie begon ik door enkele vragen via Mentimeter te stellen. Daaruit blijkt dat de smartphone het meest gebruikt wordt, dat whatsapp het meest populair is en studenten vinden dat ze redelijk veel van social media af weten. Weinig verrassend.

Daarna heb ik Todays Meet gebruikt om antwoorden te krijgen op mijn vragen:

  • Denk aan je beste leraar. Waarom was hij/zij de beste?
  • Hoe leer jij?
  • Waarom wil je leren?

De meeste leren om hun diploma te halen en een goede baan te krijgen, ze leren door samenvattingen te maken van boeken en hun beste docent had humor en kon goed uitleggen. Het zijn voor de hand liggende en traditionele antwoorden. Overal lees en hoor ik dat onze studenten ondernemend zijn, veel initiatief tonen maar dat viel nu een beetje tegen, vermoedelijk kwam deze workshop wat te vroeg voor hen.

Na afloop vroeg ik of ze deze workshop zouden aanbevelen. Ik kreeg hierop niet zoveel feedback. Het werd me wel duidelijk dat RSS – Google Reader en samenwerken in Google Docs iets was waar ze (direct) wat mee konden doen. Social media (met name Facebook en Twitter) vinden ze (nog) een privé aangelegenheid en geen tool waar je van/mee kunt leren/netwerken. LinkedIn is nog helemaal een ver-van-hun-bedshow.

Van de collega’s die aanwezig waren ontving ik positieve feedback, zij hadden ook wat geleerd 🙂
Judith

Serieus spelen en leren in de minor ‘The web and beyond’

Hoi Marcel,

We hebben al vaker geblogd over ‘The web and beyond’, de minor voor Hotelschoolstudenten en I/TI studenten over e-commerce, social media en mobile commerce.
Fundament, het alumni-blad van de Hotelschool heeft in het nieuwste nummer (36-juli 2012) ook aandacht geschonken aan deze bijzondere minor. De nestor Jos Maas is hiervoor geïnterviewd. Super!

Klik op het plaatje om het hele artikel te lezen

Ik heb er alle vertrouwen in dat jullie samen: I/TI en HMSM in februari 2013 er weer een succesvolle editie van maken!

Game on!
Judith

Dag lief dagblogje ….

Met dank aan Anja Brunt

Goedenavond Marcel,

Op maandagavond tussen 8 en 9 is er altijd #blogpraat. Blogpraat is een wekelijkse twitterchat voor bloggers. Een paar weken geleden was het onderwerp: voor wie schrijf je nu eigenlijk? Ik heb me niet met de discussie bemoeid. Mijn energy level was toen onder nul. Die week erop ook nog, toen het over authentiek bloggen ging. Interessant onderwerp, want mag je zo maar andermans tekst hergebruiken? Aanleiding waren de blogberichten op Frankwatching en De Blog Academie.
Uit de discussies komt wel duidelijk het verschil naar voren tussen zij die bloggen vanuit economisch oogpunt (inkomstenbron) en degene die kennis willen delen.

Het zette mij wel tot nadenken. Waarom blog ik? En waarom op deze manier?
Als ik terugdenk aan ‘vroeger’ 😉 heb ik altijd wel geschreven, dagboeken vol. Later een boekje waarin ik mooie teksten en gedichten verzamelde. Tijdens vakanties hield ik altijd reisdagboeken bij. Dat deed ik alleen voor mezelf. Waarom deel ik nu wel mijn gedachtenspinsels openbaar?

 

Ik ben information professional / kennisdeler in hart en nieren. Als bibliothecaris las ik vakliteratuur voor de opleidingen waarvoor ik collectioneerde, ik attendeerde docenten op nieuwe boeken, interessante artikelen omdat ik wist wat zij doceerden (nu noemen we dat met een nieuw woord content curation). Eigenlijk doe ik dit nog steeds. Ik lees en leer veel van anderen, dat wil ik graag delen. Dat wat ik interessant vind, deel ik, al dan niet met een persoonlijke toevoeging via Twitter of via ons blog. Dat is soms authentiek en vaak basseer ik mijn mening op informatie van anderen. Niets nieuws onder de zon toch? Uiteraard altijd met in achtneming van het auteursrecht van een ieder. Hoewel ik het initiatief heb genomen voor het Auteursrechtenloket van Zuyd, durf ik niet te beweren dat ik nooit de mist in ben gegaan / ga. En over het legaal embedden van een YouTube-video zijn de auteursrechtenspecialisten het ook niet helemaal eens. Ja, ik ben niet roomser dan de paus ;). De meeste bloggers die ik citeer hanteren gelukkig een Creative Commons – licentie, wij ook! En mijn hyperlinks openen altijd in een nieuw venster. En tegenwoordig let ik meer ook op rechtenvrije afbeeldingen (dankje Raymond :))

In 1e instantie zijn wij ons ICTO op het ZuydPLEIN blog begonnen voor onze collega’s van Zuyd. Dat is op 2beJAMmed nog steeds onze primaire doelgroep. Door de koppeling met Twitter krijgen we toch vaker reacties van buiten Zuyd dan van onze eigen collega’s. Een paar maanden geleden hebben we onze Nieuwsflits via Zuydmail opgestart en daar ook te attenderen op onze blogberichten, sindsdien krijgen we ook steeds meer interne reacties (al is het dan niet online). Want ja, reacties zijn natuurlijk wel errug leuk!!

Ik heb al vaker geblogd over bloggen als mijn buitenboordbrein. Ik blog in 1e instantie voor mezelf, het is een passie geworden. Toch, eigenlijk is het alleen maar een nieuwe tool. Ik schreef en deelde dus al langer. Door een blogtool te gebruiken is het meer open, dat vergt weer andere vaardigheden.
Mijn eigen blogstijl heb ik pas na verloop van tijd gevonden. Ik ben iemand die graag dingen uitzoekt; ik wil combineren en informeren. Het voordeel van duobloggen is dat je elkaar kunt stimuleren en dat er een hogere frequentie van blogposten is *grijns*. Door over ervaringen en kennis te bloggen, structureer ik mijn gedachten, daardoor is het voor mij ook reflectietool geworden.

Delen en open zijn, dat heeft me al veel opgeleverd. Ik heb het ook weer deze zomer ervaren. Je weet dat mijn vader een ingrijpende operatie moest ondergaan. Voor mijn broers die op vakantie waren, familie en vrienden van mijn ouders en van mij, heb ik besloten om tijdens de week van de operatie te bloggen om zo iedereen te informeren. In eerste instantie deed ik het voor mezelf: gewoon van me afschrijven, dat heeft me al in meer ingrijpende fases van mijn leven geholpen. Maar waarom dit ook niet delen?
Ik heb een Blogger-blog aangemaakt. Uiteraard heb ik deze privé gehouden, het ging immers om persoonlijke informatie van mijn vader en moeder. Ik heb mensen uitgenodigd voor het blog (dat was even een klus). Via Blogger is het mogelijk lezers via een mail te attenderen op een nieuwe blogpost (niet mijn hele familie is ‘in-to-blog’ 😉 ), helaas zit daar een beperking op van 10 e-mailadressen. Dus stuurde ik het blogbericht naar mezelf en stuurde dat door naar de familie en vrienden. Ik heb vele positieve reacties ontvangen, dat heeft mij ook de week doorgeholpen. Het enige nadeel was de zeer beperkte 3G ontvangst in het appartement van mijn ouders. Ik heb dus veel aan dit keukenraam gestaan, waar ik zo nu en dan een streepje ving 🙂

Zo zie je, je kunt bloggen voor vele doeleinden inzetten: privé (ik las onlangs over iemand die over haar ziekte blogt om met lotgenoten te communiceren, die begrijpen haar. Ze wil haar omgeving niet constant belasten met haar ziekteverhalen), om kennis te delen, vakantieverhalen te schrijven (ik heb de afgelopen maand met verschillende bloggers virtueel mee mogen reizen), maar het is ook een krachtig onderwijstool.
Nog een paar weekjes knutselen aan Dingen@Zuyd waar uiteraard aandacht wordt geschonken aan Weblogs, het 1e Ding!
En op deze site, heb ik ook een content curation tool geïntegreerd: Scoop.it (het digitale krantje) maar dat is pas Ding 23 en dat is niet altijd even authentiek 😉

Judith

Eerste Gamescom experience!

Ha Judith,

Tja eens moet de eerste keer zijn. Voor mij was dat afgelopen vrijdag. Ik heb toen de Gamescom in Keulen bezocht, een van de grootste meerdaagse beurzen op het gebied van Computer Gaming.

 

 

En wederom heb ik mijn ogen uitgekeken. 5 a 6 grote zalen voor het algemene publiek en 2 zalen voor handelaren en professionals (wellicht iets voor mij voor het volgend jaar) met de nieuwste games, met gratis goodies voor diegene die het hardste schreeuwt en met lange lange rijen. Jep, in iedere zaal hadden de verschillende grotere bedrijven grote afgesloten blokken neergezet waar je minstens 120 minuten in de rij moest staan voor een grote onscreen cinematic trailer of een korte playable demo van de nieuwste versies van de ‘beste’ spellen van de wereld.

Je krijgt wel het een en ander te zien via de screens die rondom de booths zijn, maar niet dat ik nu super inspirerende ideeen heb meegenomen hieruit. De inspiratie kwam van de mensen, van de culturen die er rondliepen en van het sociale karakter van de gamer die vaak (ten onrechte) wordt afgeschilderd als een eenling. Families, groepjes vrienden, vrouwen, mannen, jong en oud het was er allemaal en dat 4 dagen lang! Nieuw voor mij waren ook de Cosplayers, spelers die zich verkleden en rondlopen zoals hun karakter. Ook mijn ‘begeleidster’ was als Lara Croft en kreeg door haar outfit veel aandacht.

 

Hier staat ‘onze’ Lara tussen Harlekin (links, wellicht bekend van de Batman films) en Wonder Woman (rechts, tenminste ik denk dat het Wonder Woman is). Heerlijk hoe mensen zich kunnen inleven. Of het nu een film, een boek, een goed verhaal of een game is. Het inlevingsvermogen en hoe iedereen er mee om gaat blijft briljant.

Heb ik dan niets meegenomen voor het onderwijs. Ik heb een aantal serious games gezien die voornamelijk gericht waren op basisscholen en soms voor middelbare scholen, maar niet echt voor het hogere of wetenschappelijke onderwijs. Tuurlijk blijft het leuk en leerzaam, maar ik ben niets direct bruikbaars tegen het lijf gelopen.

Wel was er een hoek waar werkgevers en universiteiten zaten om banen en opleidingen aan te prijzen.  Daar heb ik natuurlijk veel inspiratie opgedaan in de beschrijvingen van de curricula voor een eventueel uitstroomprofiel richting serious gaming. En voor de proeftuin ICT heb ik wel een leuke gadget/tool die er stond, die in vergelijkbare variant nagemaakt moet worden. Een tafeltennisgame, beetje Pong, maar dan met hardware erbij 😉

Deze man pingpongt, tegen het scherm en killt daarmee Alien Attack monsters. In het kader fysiek en gaming tot een hybrid game maken is dit een enorm leuk voorbeeld. En gegarandeerd dat onze studenten creatief en kundig genoeg zijn om iets vergelijkbaars te maken.

En je snapt, natuurlijk spraken al die kreten zoals “stop playing start gaming” me aan. Maar mijn uiteindelijke doel heb ik hier nog niet bereikt. Ik wil nog wel eens kijken op een developers conference 😉 Maar tot die tijd kun je me wellicht de palystation banner uitleggen: The World is in play

 

Please help,

Groetjes Marcel

Leef je eigen Olympische Droom

Ha Marcel,

Je hebt Twitter weer helemaal omarmd, ik zag zoveel tweets over de Olympische Spelen voor bij komen. Volhouden hè! En wat een enthousiasme, ja jouw olympisch vuur is aangewakkerd, maar als je sfeer gaat proeven in London kan ik me dat ook helemaal voorstellen.
Ook ik heb 2 weken genoten van de presentaties van deze sporters. Top! Deze kanjers zijn inderdaad een inspiratie voor de jeugd, mooi moto Inspire a Generation.

Deze Olympische Spelen werden de 1e Sociale Spelen genoemd omdat social media door sporters en kijkers massaal gebruikt is. Sport zorgt voor verbinding, maar social media doet daar nog een schepje boven op. Het is toch super om een goedemorgen tweet van Ranomi Kromowidjojo te lezen

Ondanks de regels die het IOC (hoe kansloos) vooraf stelde:
Sporters mochten niet commercieels doen, alleen maar in 1e persoon (dagboekvorm) schrijven, geen verslag doen of meningen geven.
Het Olympisch Delen is nog niet door het IOC omarmt.
Ik moet zeggen dat ik naast de prachtige beelden ook genoten heb van de tweets van sporters en kijkers. Niet van allemaal hoor. Ik vond het gezeur over Mart Smeets soms een beetje respectloos. Dat wat je hem niet in z’n gezicht durft te vertellen, hoef je ook niet via social media te ventileren.

Wat mij toch opviel (maar misschien ben ik daarop gefocust) is de positieve energie die sporters uitstraalden. Phelps, die de eerste wedstrijden zijn favoriete rol niet waar kon maken zei het zelf: nadat hij ging genieten lukte het met baantjes trekken ook! 🙂 En Martina bleef ook gewoon blij, ook al won hij geen medaille.
Deze sporters zullen niet altijd even gezellig zijn geweest voor hun naaste omgeving, je moet wat over hebben voor je Olympische droom. Maar ze toonden karakter, bleven oefenen en lieten het kopje niet hangen. En ze leerden van elkaar door samen te trainen en ervaringen te delen (zoals Inge de Bruin vertelde). Kennis delen heeft ook hier zijn meerwaarde! Tijdens de wedstrijd elkaars concurrenten, maar daarvoor en erna respect tonen voor elkaars prestatie. Een voorbeeld voor ons allen.
Ook al is het niet iedereen gegeven om de hoogste (sport) ladder te bereiken als je maar datgene doet wat mogelijk is. Dat heb ik mijn kinderen altijd voorgehouden, dat hoop ik onze nieuwe studenten ook bij te brengen. Ieder is verantwoordelijk voor zijn eigen leerproces.

Over een paar weken, geef ik een workshop ‘leren zonder docent’. Een inspirerende docent is belangrijk leerinstrument, maar er zijn meer inspiratiebronnen 😉 Ik ga deze week een Prezi in elkaar knutselen. Tijdens mijn verlof heb ik genoeg inspiratie hiervoor opgedaan.

Deze ‘anthem’ van de Olympische Spelen past hier mooi bij

Ik heb weer zin in komend studiejaar. Er staan weer leuke uitdagingen op het programma, te beginnen met morgen.
Hasta la pasta!
Judith