Beoordelen verankeren in visie op leren

Jammer dat je niet bij de inauguratie van Dominique Sluijsmans kon zijn, Marcel. Zoals ik al  twitterde, het was een inspirerende humoristische rede (zie ‘alle’  tweets  van de middag met #profbeo)

Dominique (aka dommarag) hield vrijdag 19 april haar inaugurele rede als lector van het lectoraat Professioneel Beoordelen. De rede is online te lezen (klik op de afbeelding), maar ik heb voor je ook een fysiek exemplaar meegenomen in een tas met daarin ook 5 bouwsteentjes (check je postvak :)).

VerankerdLeren

Klik op de afbeelding om de rede te lezen

Dominique benoemde namelijk vijf bouwstenen die zij als lector belangrijk vindt voor de visie op beoordelen die past bij de dynamische context van het HBO. Het lectoraat Professioneel Beoordelen legt zich toe op vragen als: Welke functie heeft beoordelen in het HBO? Wat vraagt toekomstbestendig beoordelen van opleidingen?

Zelf ben ik niet zo van het ouderwets toetsen waarmee alleen reproductie van kennis wordt beoordeeld (het betere stampwerk zullen we maar zeggen). Uit de rede van Dominique begrijp ik dat ook niet meer van deze tijd is. Gelukkig maar. Tijdens de workshop van Marcel van der Klink (over kritisch durven zijn naar je eigen handelen) die ik voorafgaande aan deze inauguratie volgde, bleek ook dat leren voor mij een sociaal proces is, en dat altijd al is geweest 🙂

Een korte samenvatting van de publicatie met punten die ik belangrijk vind 😉

Bouwsteen 1: de professie

waarbij als 3 belangrijkste doelen worden benoemd: ontwikkelen van professioneel vakmanschap, het stimuleren van onderzoekend vermogen en zelfontwikkeling:

  • Van stabiele beroepen naar dynamische professies
    betekent dat kennis en vaardigheden die moeten worden beoordeeld niet een lange houdbaarheidsdatum hebben (daar weet jij als onderwijscoördinator van faculteit ICT alles van)
  • Van Ausbildung naar Bildung
    Toen ik het woord ‘Bildung’ hoorde, moest ik meteen aan collega Harry denken 😉 Hij bepleit hier regelmatig voor. Bildung gaat over zelfontplooiing, dat je in staat ben tot moreel oordelen en kritisch denken. Gelukkig noemde Dominique 21st century skills en empatische aspecten die hierbij een belangrijke rol spelen.
  • Van schools curriculum naar een rijke leeromgeving
    die gekenmerkt worden door uitdagende taken die authentieke taken uit de beroepspraktijk nabootsen. Als voorbeeld noemt ze de game GIMMICS waarin de dagelijkse praktijk van een apotheek wordt gesimuleerd. De rijke leeromgeving bestaat uit formele, informele en non-formele contexten waarbij ICT een belangrijke rol vervult 🙂

Wat leuk! Zie ik al lezend en bladerend ineens dat wij genoemd worden in de rede, in een voetnoot, dat wel ;), maar gelukkig wel als nummer 11 *grijns*

Hoewel ik het gebruik van ICT bij beoordelen vanwege mijn gebrek aan expertise op dit gebied niet expliciet verder uiteenzet in deze rede, is het van belang bewust te zijn van deze ontwikkelingen, ook als het gaat om beoordelen. Judith van Hooijdonk, Marcel Schmitz, Chris Kuijpers en Chris Kockelkorn zijn collega’s binnen Zuyd die zich met passie inzetten ICT meer te integreren in leren en beoordelen.

Bouwsteen 2: een programma van professioneel beoordelen

  • Van losse toetsen naar een programma van beoordelen
    “beoordelen heeft echter niet alleen de functie om bekwaamheid vast te stellen. Beoordelen moet vooral de student helpen verder te leren” (p. 21)
  • Van sluitstuk van leren naar start voor leren
    “Het is zinvol te starten met uitdagende beoordelingstaken die gericht zijn op belangrijke vaardigheden, zoals onderzoekend vermogen” (p.22)
  • Van convergent naar divergent beoordelen
    dat betekent dat resultaten niet worden vertaald in cijfers maar in kwalitatieve en narratieve informatie

Bouwsteen 3: de professionele beoordelaar

  • Van vakdocent naar expertbeoordelaar
    investeren in bekwame beoordelaars is noodzakelijk waarbij beoordelen niet alleen gericht is op de instrumentele kant, maar vooral op het gedrag van de beoordelaar.
  • Van één objectieve beoordelaar naar meerdere subjectieve beoordelaars
    Objectief beoordelen bestaat niet. Om betrouwbaar te beoordelen zijn verschillende subjectieve oordelen nodig, van docenten, experts, werkplekbegeleiders of studenten.
  • Van informatiearm beoordelen naar informatierijk beoordelen
    dat betekent studenten continu voorzien van feedback, vragen te stellen en te betrekken bij discussies over beoordelingstaken!

Bouwsteen 4: de professionele student 

  • Van informatieverwerver naar kenniswerker
    beoordelen behoort minder plaats te vinden dmv kennistoetsen maar meer op het aantonen van het kunnen werken met kennis (ook in het kader van fraude-/plagiaatbestrijding is dit zeer wenselijk)
  • Van scholier naar onderzoekende professional
    waarbij professioneel gedrag (normen en waarden -laatst nog ter sprake gekomen ivm de woorden die sommige studenten gebruiken in mail naar docenten en werkbegeleiders-) en nieuwsgierigheid naar kennis belangrijk zijn. Maar als je wilt dat studenten zich professioneel gedragen, moet je ze ook als zodanig behandelen.
  • Van ‘zeg me wat ik moet doen’ naar ‘ik weet wat ik wil doen’
    Eigen verantwoordelijkheid nemen voor je eigen leren, heel belangrijk vind ik. Autonomie, competentie en doelgerichtheid zijn belangrijke voorwaarden voor de motivatie van de student.

Bouwsteen 5: een professionele beoordelingscultuur 

wordt gekenmerkt door een professionele leefgemeenschap waarbij kennis en ervaringen gedeeld worden (hear hear!, en daar kunnen sociale netwerken een ondersteunende rol spelen natuurlijk ;)) Als inspirerend voorbeeld noemt Dominique het Finse VERME project waarbij leerkrachten met verschillende expertise bij elkaar komen om hun ervaringen te delen. Dit betekent dat naast dat de voorgevel eruit moet (citaat Karel van Rosmalen) ook de klaslokaaldeuren opengezet moeten worden. Ik hoop het zo!

  • Van individueel leren naar collectief leren
  • Van een afhankelijke opstelling naar het nemen van regie
  • Van ad-hockwaliteit naar duurzame kwaliteit

5bouwstenen

Uit deze 5 bouwstenen heeft Dominique de volgende definitie geformuleerd:

‘Professioneel beoordelen betekent dat de student in de weg naar startbekwame beroepsbeoefenaar in een gebalanceerd en samenhangend programma van beoordelen een groot aantal beoordelingstaken uitvoert. Deze taken zijn ontworpen door bekwame beoordelaars. De beoordelingstaken leveren informatie c.q. bewijs over het kennen en kunnen. Bekwame beoordelaars verzamelen en interpreteren de informatie c.q. het bewijs op een zodanige wijze dat deze interpretatie niet alleen de studenten handvatten biedt die hen motiveren en inspireren beter te worden in de professie, maar ook leiden tot het nemen van betrouwbare, valide en transparante beslissingen over het professioneel vakmanschap, het onderzoekend vermogen en de mate van zelfontwikkeling. Het hele proces voltrekt zich in een leer- en werkomgeving waarin alle betrokkenen professioneel handelen en zich professioneel gedragen, in een leer- en werkomgeving die representatief is voor de professie en in een leer- en werkomgeving die is gericht op kwaliteitsbewustzijn en voortdurende kwaliteitsverbetering.’

De rede was heel aangenaam om naar te luisteren, het boekje geeft nog aanvullende voorbeelden waardoor dit ook een het zeer prettig leesbare tekst is.
Ik wens Dominique veel succes. We zullen vast in de (nabije) toekomst samenwerken.

Fijn dat de publicatie al digitaal beschikbaar is via de website van het lectoraat, maar ik hoop dat Dominique haar publicatie ook nog aanbiedt aan Zuyd Bibliotheek zodat het opgenomen kan worden in de HBO-Kennisbank en daardoor ook vindbaar in Narcis. 🙂

Judith

Focus op onderwijs!

Hallo Marcel,

Collega Harry attendeerde me op onderstaande video. Na Avans heeft nu ook Hogeschool Utrecht een RSAnimate-achtig filmpje. Ook in dit aansprekend filmje neemt een collegelid het woord. Hij vertelt ons over het belang van het HU-project ‘Focus op onderwijs binnen de professionele ruimte’, een herkenbaar geluid! De betrokkenheid van de docent, als kennisprofessional en als teamlid, moet versterkt worden bij het ontwerp en de uitvoering van onderwijs en onderzoek.

Doel van het project is om docententeams op een hoger niveau van professionaliteit en zelfsturing te laten functioneren, om zo de onderwijskwaliteit en de tevredenheid bij medewerkers en studenten te verbeteren.
De HU ondersteunt momenteel 12 pilotteams in het kader van dit project. De docententeams streven naar het bevorderen van professionaliteit en gaan zelfsturend te werk. Partnerschap is daarbij het sturend principe: medewerkers werken samen om gemeenschappelijk onderwijs en onderzoek voort te brengen, ieder met een eigen rol en een eigen waarde. Teamontwikkeling draagt bij aan de verdere ontplooiing van die zogeheten werkgemeenschap. De betreffende teams experimenteren met vragen rondom werkorganisatie, taakverdeling, aanspreekcultuur en leiderschap.

Via: blog Kenniscentrum Social Innovatie HU

Gezien mijn missie en visietraject voor Zuyd Bibliotheek was het mooi om de zin “hoe beter het onderlinge gesprek = hoe beter de missie = hoe beter het team = hoe beter het onderwijs!” te horen. Het draait toch altijd weer om open en transparante communicatie 🙂 dat blijft de basis voor een goede en respectvolle samenwerking.

groet,
Judith

De kracht van een verhaal en échte boeken!

lastbookshop

Hoi Marcel,

Op het blog van Pedro DeBruyckere zag ik het bericht ‘Wat als … er geen boekhandels meer zullen zijn?’ met onderstaand videofilmpje.
Een weinig vrolijk toekomstbeeld wordt geschetst over het fysieke boek, de bibliotheek en boekhandel & auteursrechten. Laten we hopen dat het zover niet komt. Maar zoals de producent The Bakery (“We bake interesting creative projects in our oven of dream”:)) zelf zegt “this is not a realistic attempt to predict the future. It’s a make-believe satire based on some current concerns”.
Neem 20 minuten de tijd voor dit eerbetoon voor de boekhandel:

Zie ook de website van The Last Bookshop.

Met boekenliefde,
Judith

Uit de oude doos … ;)

Dag Marcel,

Enkele weken geleden kregen we van collega Sylvia Schoenmakers een mail of we zin hadden vandaag, 20 april mee te gaan naar de opnames van DWDD University van Alexander Klöpping. Helaas waren wij verhinderd, maar Sylvia gaat. En dat inspireerde haar tot het schrijven van dit gastblog, zoals zij het noemt “Uit de oude doos …” 🙂

OUR 2bejammed GUEST: Sylvia Schoenmakers

DWDD_University_klein_3Vanaf vrijdagavond 26 april gaat in DWDD University een collegereeks van start over verleden, heden en toekomst van het internet. Na de fantastische colleges van Robbert Dijkgraaf over de oerknal en het allerkleinste, wilde ik er graag een keer bij zijn. Wat een geluk dat het thema voor het nieuwe college me na aan het hart ligt. Het enthousiasme van Alexander Klöpping raakt me op bijna hormonaal niveau, omdat ik ooit ook zo’n diepgeworteld vertrouwen had in alle nieuwigheid die de computer bracht. Uiteraard totdat ik telkens weer met beide benen op de grond kwam en van ‘eenoog in het land der blinden’ inmiddels zo diep gezonken ben dat ik voor elk akkefietje aan de balie van de helpdesk sta.
Het waren voor mij puur praktische redenen om bij de collegereeks te kiezen voor web 1.0. Eigenlijk kijk ik niet graag achteruit. Maar voor een keer wil oma wel vertellen uit de oude doos.

commodore_pet2001_clavier-merdique

In de late jaren ’70 van de vorige eeuw deed ik een leeronderzoek naar hoe docenten dachten over invloed van de computer en de informatiemaatschappij op het onderwijs van de toekomst. Er zou weinig veranderen, maar mijn interesse was gewekt. In 1980 kocht ik mijn eerste computer, een zgn PET-computer met 2Kb intern geheugen en een cassettebandje om zelf geschreven programmaatjes te kunnen opslaan. Het was de voorloper van de Commodore-64, waarmee de democratiseringsgolf van personal computers over het land spoelde. Met de PET begonnen de nachten klungelen en klooien met de programmeertalen BASIC en LOGO, en de belofte die het leren van algoritmes inhielden voor het onderwijs, in feite ging het om logisch redeneren. ‘At random’ was het toverwoord dat verrassingen opleverde. De computer leek een eigen wil te hebben.
In die tijd keken we op TV naar ‘Hier is … Adriaan van Dis’ en die had een keer Margaret Boden te gast, een professor in artificiële intelligentie, die programmeren vergeleek met breien. Dat sprak me wel aan, want ik had vele colleges gevolgd onder het rustgevende getik van de breipennen. Het monotone ritme bracht mijn gedachten op lumineuze ideeën. Dan legde ik het breiwerk in de schoot en mengde me in het gesprek. Het is met groot genoegen dat ik terugdenk aan het nachtelijk programmeerwerk en aan de aan elkaar gebreide colleges overdag. Het hield me wakker.

Later reisde ik wekelijks vanuit Amsterdam naar de Computerclub in Haarlem, waar vooral mannen aan het begin van de avond Atari’s en Commodores naar binnen sleepten om daar omheen urenlang te ouwehoeren over de programmaatjes die ze in elkaar sleutelden en de toepassingen die ze bedachten voor hun machines. Al snel werden de intelligente toepassingen belangrijker dan de eigen producten. Ik stond aan de wieg van de introductie van Excel en van applicaties om toetsresultaten te analyseren. In die tijd was een computer nog vooral een rekenmachine. Later kwam DBase op de markt en dat werd in de club snel gekraakt, zodat iedereen erover kon beschikken. Met gezwinde spoed catalogiseerden we onze boeken- en platencollecties en bedachten een toepassing voor presentielijsten in het onderwijs. Wat een uitvinding! De computer als ‘ordinateur’. Verder was er wekelijks een computerprogramma op de radio waarvan je software in de vorm van bliepjes kon opnemen op een cassettebandje dat vervolgens je computer kon aansturen. Het nut van die computerprogramma’s kan ik me amper herinneren en de opnames mislukten ook meestal. Maar het was wel een fantastische manier om geluid te vertalen naar uitgeschreven programmatekst op je monitor. Het afstemmen van geluid en schrift is nog steeds een heikel punt in het onderwijs.

Timeline_Vax780_2Inmiddels had ik een ‘professionele opdracht’ om voor een gemeentelijke instelling in Amsterdam een cursus te maken voor standaard-correspondentie en tekstverwerking (in die volgorde!) met een mainframe computer Digital Vax. In de anderhalve meter ordners met technische documentatie ontdekte ik dat de gebruikers ook met elkaar konden e-mailen. Toen dat eenmaal geïntroduceerd was in het bedrijf, was het hek van de Dam. In enkele weken tijd vlogen er eerst honderden en later duizenden mailtjes per dag via de centrale computer en vormde een ernstige belemmering voor het werk dat gedaan moest worden. Terug naar de basis: met gegevens uit de database standaard brieven versturen. Onderlinge communicatie en afstemming was in de bureaucratie van die tijd niet aan de orde.
In het oprichtingsjaar van de Open Universiteit liep ik daar stage en bleek ik beter dan de secretaresses op de hoogte van tekstverwerking met de Digital Vax. In die tijd schreef je de tekst eerst handmatig uit en typte het daarna over om het op te slaan op een floppy-disk. Misschien was ik wel de eerste student die haar stageverslag digitaal produceerde. Inmiddels is die vaardigheid even vanzelfsprekend zijn als leren fietsen. Maar behalve een betere lay-out is er weinig aan toegevoegd.

Na die beginjaren is de digitalisering in mijn leven pas echt op stoom gekomen met onderwijssoftware voor de Schoolradio, ICT-cursusmateriaal voor technische vakopleidingen, een deelnemervolgsysteem voor trajectbegeleiding, vormgeving van leermiddelen met desktop publishing, een Master-opleiding over telematica toepassingen, elektronische leeromgevingen, kennismanagement, open resources, en meer.
Goddank heb ik actief deelgenomen aan de verovering van het onderwijs door digitalisering, want anders zou ik mezelf nu echt stokoud vinden. En nog steeds ‘weet’ ik dat de techniek meer kan dan wat mensen kunnen verhapstukken. Langzaam zie ik mensen groeien in de acceptatie van al die nieuwe mogelijkheden. Ik ben heel benieuwd hoe Alexander Klöpping en vooral de studenten van nu over 40 jaar terugkijken op deze tijd waar actieve deelname in social media de grote hype is. Dan ben ik 100; dat moet toch lukken met al die ontwikkelingen in de technologie!?

klopping

Ik hoop dat Sylvia een leerzame middag heeft bij Alexander Klöpping. Ik ga vrijdag zeker even kijken of ik haar in het publiek spot :). Maar sowieso zijn 3 de geplande colleges van Klöpping bij DWDD University interessant genoeg om te bekijken.

Vrijdag 26 april gaat de 1.0 aflevering over de ontstaansgeschiedenis van Silicon Valley. In 2.0 aflevering op 3 mei over de internetondernemers Google, Facebook, Twitter en Whatsapp. In de laatste 3.0 aflevering op 10 mei doceert Klöpping over de toekomst en de techniek die we de komende jaren kunnen verwachten, zoals Google Glass.

Fijn weekend!
Judith

Zijn de meeste dromen bedrog? #VisieZuydBibl

Hi M, long time no see 😦

De laatste dagen heb ik thuisgewerkt om te schrijven aan het visierapport van Zuyd Bibliotheek. Daarom mocht ik van mezelf niet bloggen, ik moest focussen. Maar nu op de vrijdagavond kwam een filmpje via een tweet van Joost Heessels voorbij dat ik even wilde delen.

In het voorwoord van het visierapport heb ik het over de oranjemaand waar begrippen als samen en dromen je om de oren vliegen. Dromen hebben we gedaan tijdens de interviews met onze ‘wat zou je doen met 1 miljoen’-vraag. We hebben mooie dromen voor Zuyd Bibliotheek gehoord, maar er zijn plekken op de wereld waar deze dromen al gerealiseerd zijn.

WOW!

Explore the Hunt Library van NC State University te North Carolina

Mooi zonnig weekend.
We zien elkaar volgende week wel weer, hè? 🙂
Judith