Categorie archief: Miscellaneous
Gekeken: Tegenlicht De slimme universiteit
Ha Marcel,
Ben je zondagavond nog even blijven hangen voor de tv nadat je naar de prachtige serie ‘Langs de oevers van de Yangtze’ had gekeken? Hierna volgde namelijk de Tegenlichtuitzending ‘De slimme universiteit’. Ik had een ambivalent gevoel over deze uitzending. Ik wist niet zo goed wat erover te bloggen. De uitzending schoot alle kanten op. Van de Maagdenhuisbezetting over rendementsdenken, de roep om Bildung naar de MOOCs die het onderwijs gaan veranderen naar het belang van interdisciplinair werken en het studeren mogelijk maken voor iedereen met welke achtergrond dan ook.
Deze week kreeg een mailtje van een collega van de Dienst O&O. Zij had de uitzending gezien, was enthousiast. Zij vond het een inspiratie voor de keuzes waar we bij Zuyd voor staan. Zij was benieuwd naar onze ideeën.
mmmm …. toch maar een blogje dan?
Rendementsdenken
Hoogleraar wetenschapsantropologie aan de UvA Amade M’charek had zich tijdens de Maagdenhuisbezetting aangesloten bij de protesterende studenten. Als je mijn blog een beetje volgt weet je dat ik vaker geblogd heb over het marktdenken in het onderwijs, zie mijn blog over accreditatiepolitie, cijfersfetisjisten, lijstjeskickers. Dit kwam in de uitzending veelvuldig terug. De hoogleraar zegt dat het systeem pervers is. Alle output moet reken-baar gemaakt worden. En dan ga je uiteindelijk appels met peren vergelijken. Wat zegt dat dan nog als je boven aan een ranking staat als beste universiteit? Ook citation-drift van wetenschappers kwam ter spraken. Gaat het om zoveel mogelijk publicaties of gaat het om de inhoud? Ja terechte vragen. De relatie rendementsdenken en clean desk policy had ik zelf nooit gelegd. Ja natuurlijk, je kunt elke vorm van efficiency wel onder rendementsdenken scharen. Je kunt het ook anders bekijken. Het feit dat je niet meer je eigen ruimte hebt met meters boeken om je heen maar in een grotere flexruimte zit, stimuleert professionele leefgemeenschappen. Hoewel we wel veel online bezig zijn, wordt het samen werken en samen leren toch nog steeds voornamelijk bevorderd als we in de nabijheid van elkaar zijn, ervaar ik elke keer binnen Zuyd.
Bildung
De rector van KU Leuven Rik Torfs zei mooie dingen tijdens de uitzending
Onderwijs is geen product, studenten zijn geen consumenten. Onderwijs is ook vorming. Het speelt niet alleen tussen de student en de docent, maar het vervult evenzeer een rol voor de samenleving in haar geheel. Onderwijs gaat net zo goed, of nog net iets meer misschien, over leven dan over leren.
Zijn visie en beleidsplan waar hij naar refereerde is een feest om te lezen. Hij heeft het over de ‘future self’, persoonvorming staat centraal: wie wil ik zijn? Als ik dan lees dat het beleidsplan tot stand is gekomen op basis van de cyclus van het waarderend onderzoeken (appreciative inquiry), dan maakt mijn hart een sprongetje :). In de visie ligt de focus op het nemen van verantwoordelijkheid, eigenaarschap, dialoog en samenwerking. Mooie woorden, echt waar. En ook leuk om beelden te zien van de prachtige Agora van KU Leuven waar ik al eens geweest ben.
In zijn openingsrede 2015/2016 roept Torfs op vooral ook kritiek te geven. Ik vraag me af hoe open kritiek geleverd kan worden. En of mensen dat ook richting college uitspreken. Ik moet zeggen dat er steeds vaker blogs die niet geschreven kunnen worden in mijn hoofd oppoppen.
MOOCs
Rector van de Universität Duisburg-Essen Ulrich Radtke wil het voor leerlingen met een arbeiders- of migrantenachtergrond mogelijk maken om te studeren. Oprichter van Coursera Daphne Koller probeert online hetzelfde. Met haar MOOC-platform onderwijs van topuniversiteiten bereikbaar maken voor iedereen met een internetverbinding. Volgens haar zetten MOOCs de bestaande onderwijsstructuur onder druk. Ik vraag me af of dit zo is. Veel MOOCs bestaan uit video’s met ‘talking heads’. In hoeverre wijkt dat af van bestaande hoorcolleges? Behalve dan dat universiteiten vooral hun beste docenten naar voren schuiven om hun onderwerp te presenteren. Veel MOOCs zijn niet meer dan window-dressing. De UvA die een MOOC over communicatiewetenschap aanbiedt beaamt ook dat hun MOOC een goede PR is voor de universiteit. Online onderwijs vraagt nog al wat van docenten. Je moet lef hebben je materiaal ook open te delen. Als je dat doet kan het ook veel opleveren zo beamen de geïnterviewde docenten van de UvA want dan blijkt dat mensen in het werkveld ook mee willen helpen de MOOC inhoudelijk te verbeteren en te versterken. MOOCs hebben wel de aandacht voor videoteaching/flipped classroom/blended learning gestimuleerd. Toch vormt de contacttijdverplichting in het hbo een belemmering voor het inzetten van weblectures in het onderwijs. Immers een hoorcollege telt als een contactuur, de inhoud aangeboden via een weblecture niet. Waarom zou je dan docent daar tijd en energie insteken?
Interdisciplinair onderwijs
Studenten willen graag van elkaar leren, ook van andere disciplines. Samen werken aan projecten en dat vanuit verschillende vakgebieden benaderen. Een wens die ik ook hoorde van studenten tijdens de Living Lab bijeenkomst. In de Tegenlicht uitzending ging het over aanbod van interdisciplinaire studies. Prachtig. Onderwijsaanbod aangeboden vanuit challenges. Mooi. Toch bekroop mij bekroop het gevoel dat deze universiteit toch vooral vanuit efficiency voor deze vorm had gekozen. Het betrof studies die niet meer zo intrek waren, zoals aardwetenschappen en milieurecht die nu Future Planning Studies genoemd worden. Wel slim.
Mijn idee?
Waarom ik het lastig vond om er over te bloggen? Misschien dat ik al te vaak over deze mooie ontwikkelingen gehoord heb? Dat ik daar al bloggend zo veel over heb gemeld. Dat ik weinig verandering merk? Jaja ik weet het …. ik ben juffertje ongeduld. Ik weet wel dat jij dan zal zeggen: geef niet op, blijf het benoemen. Natuurlijk doe ik dan ook. Binnen mijn cirkel van invloed 🙂 .
Als ik hierover met collega’s spreek, hoor mijn ideeën terug. Ik weet dat echt veel docenten de noodzaak van curriculumverandering zien en willen. En natuurlijk elke verandering gaat gepaard met weerstand (zeker ook op het gebied van ict in het onderwijs waarover Wilfred Rubens recentelijk blogde). En ik weet dat veranderingen hééééééél langzaam gaat. Daar heb ik mijn studie van alles over geleerd.
Uiteraard weet ik ook dat het rendementsdenken ook het gevolg is van bezuinigingen waardoor zoveel mogelijk met zo min mogelijk geld gedaan moet worden gedaan. Ik vraag me af of het kritisch punt niet bereikt hebben? Kunnen we ons onderwijs nog organiseren zoals we dat voor ogen hebben? Hebben we nog mentale en financiële ruimte voor wat wij goed onderwijs vinden? Trouwens wat vinden wij goed onderwijs? Ik heb mijn ideeën daarover al eens geformuleerd. Flexibel, persoonlijk, blended onderwijs vraagt om een verandering van curricula. Docenten willen wel, maar hebben daar ondersteuning bij nodig. Geld voor helpende handjes is een must willen we deze koers doorzetten.
Over de toekomst van Zuyd heb ik al vaker nagedacht. Mijn 5 waarden voor ons toekomstscenario zijn:
Verbinding – Open – Vertrouwen – Inspiratie – Vakmanschap
Vanmorgen had ik een bijkletsochtend met collega Erica Diks. Zij had een idee en ik denk dat dit een geweldig idee is.
Professionals ontwikkelen zich met Zuyd, is onze missie. Volgens ons gaat ontwikkeling verder dan vakinhoudelijke kennis bijbrengen. Het gaat ook persoonsvorming: wie wil ik zijn? Wat zijn mijn krachten, wat is mijn passie. Hoe zie ik de toekomst van mezelf en van mijn (werk)omgeving. We vinden het van belang dat onze studenten met een creatieve, kritische blik (21st century skills) naar de toekomst leren te kijken. Waarom dan niet (verplicht?) iedere student 1 uur per week extra curriculaire activiteiten aanbieden? Het honoursprogram deed dit ooit ook, alleen was dit alleen voor excellente studenten. Uit ervaring met mijn eigen kinderen weet ik dat deze algemene vorming zo belangrijk is. Studenten willen het zelf ook, zo heb ik gehoord tijdens Zuyd Living Lab. In Amsterdam is er al een Bildungs Academie. En studenten van Avans zijn met iets vergelijkbaars gestart.
Mooi weekend!
Judith
Een paar dagen later ….
Dit weekend las ik op Onderwijsfilosofie ook een reactie op deze uitzending van Tegenlicht. Daarin werd goed verwoord waarom ik ambivalente gevoelens had na deze uitzending over de Slimme Universiteit wat misschien uit mijn eigen woorden niet zo duidelijk naar voren kwam. Eke Rhebergen formuleert het als volgt:
Samenvattend: slimmer worden die universiteiten zeker wel, dat laat Tegenlicht wel zien. Maar het is in mijn ogen vooral een gewiekste slimheid, slimmigheidjes. Handige opvattingen, aanscherpingen, beeldbepalingen, perspectieven – kortom, meer van hetzelfde maar met een net iets slimmere en efficiëntere insteek of herorientatie –
Slimmer is daarbij: leuker, inspirerender, vernieuwend, upskilling, verrijking, 21st century, interdisciplinair, ‘challenges’, effectiever, creatiever, plezanter, en nog veel meer van dat soort bla bla bla. We weten het zo langzamerhand toch wel?
De verwijzingen in deze bijdrage op Onderwijsfilosofie naar het werk van Simons en Masschelein die oproepen tot Studium in plaats van Bildung moet ik nog eens goed lezen om echt te weten of ik het hier mee eens ben. Food for thought in ieder geval deze bijdrage.
Hoe moet dat ook alweer, een goed gesprek voeren?
Hallo Marcel,
Communicatieve vaardigheden is één van de 21st century skills. Volgens mij de belangrijkste vaardigheid. We communiceren de hele dag. Maar kunnen we het eigenlijk wel goed? Heel veel communicatie vindt tegenwoordig online plaats. Ook ik klets wat af via de vele sociale media kanalen. Over het online communiceren is de laatste tijd nogal gedoe. In mijn blog ‘be nice or leave’ had ik het al over het onbeschotte social mediagedrag van sommige mensen. Waardoor steeds meer mensen niet meer de openbare communicatieruimte opzoeken maar steeds meer in besloten groepen communiceren en samenwerken, zoals ik dat in mijn blog anti-social beschreef. Het online communiceren vergt bepaalde vaardigheden (én etiquette) maar face-to-face communiceren ook. In de NRC van vandaag werd de vraag gesteld: “Hoe moet dat ook alweer, een goed gesprek voeren?”
Sherry Turkle, hoogleraar sociologie van MIT (haar TEDtalk Connected, but alone? heb ik al eens gedeeld via de Nieuwsflits) bestudeert hoe onze toestellen en online persoonlijkheden menselijke verbinding en communicatie een nieuwe betekenis geven. En door de technologie zijn die face-to-face gesprekken ingrijpend veranderd. Ook ik stuur collega’s sneller een mailtje dan er even naar toe te lopen en ik kijk in gezelschap van anderen vaak op mijn telefoon. Turkle adviseert ‘sacred spaces’ te creëren. Dat betekent expliciete afspraken waar je telefoon, tablet en laptop niet gebruikt zoals in de slaapkamer en tijdens eten. Dit soort adviezen zijn niet nieuw. Haar onderzoek heeft aangetoond dat alleen al de aanwezigheid van een telefoon op tafel het gesprek beïnvloedt. Je kunt immers elk moment weer onderbroken worden door een appje. Door ons online leven zijn we zo gewend aan onmiddellijke behoeftebevrediging, zegt Turkle. Zij signaleert een verlangen naar afleiding, comfort en efficiency. Daardoor vinden we het steeds moeilijker om real time gesprekken te voeren omdat hier regelmatig stiltes vallen, dat kan ongemakkelijk voelen.
De studenten die Turkle sprak voor haar boek Reclaiming Conversation, the power of talk in a digital age zeiden geen behoefte te hebben aan dit soort gesprekken. Ze vinden het snel “akward of “saai”, en ze weten niet meer goed hoe ze zo’n gesprek moeten voeren. Dat vind ik toch wel verondrustend. Zeker als je op de ManagementSite leest dat communicatieve vaardigheden het antwoord is op de robotisering van onze samenleving.
Geef aandacht!
Het belangrijkste, volgens Turkle is aandacht schenken aan je gesprekspartner. En écht luisteren naar wat de ander te zeggen heeft. Door op een schermpje te kijken, geef je de ander dat gevoel niet. En ja, ik zondig ook. Vaak.
Leer luisteren!
Hetzelfde zegt journaliste Celeste Headlee in haar TEDtalk 10 ways to have a better conversation (dinsdag in de Nieuwsflits, nu al op ons blog 🙂 ). Op een humoristische manier geeft zij ons mooie 10 tips om het praten en luisteren weer beter in balans te krijgen. Kijken! Het duurt maar 12 minuten.
Je weet het allemaal wel, maar vergeet ze toch vaak tijdens een gesprek.
Goed om ze weer eens horen en in mijn oren te knopen.
Groet,
Judith
Zuyd Living Lab
Dag Marcel,
Vorige week woensdagavond waren presentaties van studenten ihkv Zuyd Living Lab. Ik was uitgenodigd door Team Student Participatie van de Dienst Studentzaken om als toehoorder daarbij aanwezig te zijn. Het doel van Zuyd Living Lab is om ideeën te ontwikkelen voor onderwijsvernieuwing/-verbetering bij Zuyd. Via de methode cultuurontwerp wordt al co-creërend met studenten en medewerkers in een ontwerpteam per studiestad gewerkt aan een gewenste innovatie.
Fase 1 van ‘inzicht verdiepen & kansen verkennen’ is nu afgerond. Ieder ontwerpteam heeft de afgelopen maanden nagedacht over één onderwijsvernieuwing/-verbetering. De 3 issues zijn (1) studenten voorbereiden op het multidisciplinaire beroepsveld, (2) extra curriculaire activiteiten en (3) onderwijsactiviteiten verrijken met digitale middelen. Per ontwerpteam kregen wij te horen ‘welke sporen’ op basis van de bijeenkomsten en de interviews met studenten en docenten (customer journey) ‘het volgen waard waren’. Er werden vele knelpunten gesignaleerd. Na deze presentaties gingen de ontwerpteams aan de slag om ideeën te bedenken voor de pijnpunten. Maximaal 3 ideeën moesten daarna gepitcht worden.
Ik heb me uiteraard voornamelijk bezig gehouden met het ‘digitale’ ontwerpteam. De startvraag van deze studenten was “Hoe kun je de tijd van studenten en docenten beter benutten door onderwijsactiviteiten te verrijken met digitale middelen”. Ze hadden 4 sporen
- Hoe kun je roosters, cijfers, leerstof, huiswerk overzichtelijk aanbieden?
- Hoe kunt je interactie tussen student en docenten bevorderen en stroomlijnen?
- Hoe kun je lesstof digitaal beschikbaar maken?
- Hoe kun je de lesstof beter digitaal vindbaar maken?
De ultieme wens van studenten (constateer ik) is één platform voor alle Zuyd-activiteiten: zowel voor het aanbieden van leerstof, als samenwerkingsomgeving mét een whatapp-achtige chatfunctie, een Facebookachtige community waarin je op een Google-manier kunt zoeken. Het liefst in 1 app en natuurlijk maar 1x inloggen.
Ja, je mag natuurlijk alles wensen 🙂
Voor diverse knelpunten heb ik wel oplossingen aangedragen, maar die vond men toch nog gecompliceerd. En groot probleem vond men het achterhalen van de juiste informatie. De vele communicatiekanalen zorgt eerder voor verwarring dan voor duidelijkheid. Soms vond ik dat studenten verantwoordelijkheid wel erg gemakkelijk bij de ander (Zuyd) legden. Ik bedacht al een personal assistent voor iedere Zuyd student in de vorm van een robot. Die helpt je wel om niets te vergeten 😉

Mijn constatering op basis wat ik gehoord heb tijdens deze bijeenkomst:
- Studenten willen een scheiding tussen studie en privé. Zij ervaren een sociale druk door alle whatsappgesprekken.
- Ik hoorde diverse generaliserende uitspraken gebaseerd op een enkele customer journey.
- Ten aanzien van ict-vaardigheden zitten toch ook studenten nog in de fase van onbewust onbekwaam.
- Interactie en communicatie tussen studenten en docenten is belangrijk.
- Meer aandacht voor persoonlijke professionele ontwikkeling.
- Studenten willen een serieuze gesprekspartner zijn.
- Studenten willen iets doen wat er toe doet, reële praktijkopdrachten.
- Docenten zijn hun rolmodel.
Het is een bevestiging van mijn beeld.
Na het heerlijke (Limburgs lokaal) eten moesten de ontwerpteams 3 ideeën pitchen voor een jury. De jury koos per ontwerpteam een idee. Hiermee gaan de ontwerpteams aan de slag. De bedoeling is dat over 1 maand een storyboard is gemaakt. Het ‘digitale’ ontwerpteam gaat verder met Yammer. Een bestaand platform waarin je op een Facebookachtige manier Zuyd content kunt delen en Zuyd communicatie kan plaatsvinden. Ik vind het wel ver van de oorspronkelijke startvraag liggen, maar een terecht pijnpunt waar velen (studenten én docenten) last van hebben. Zelf vond ik de uitdaging om informatie rondom ict bij Zuyd duidelijker te structuren en de manier waarop we dat gebruiken, een grotere uitdaging. Maar die pak ik dan wel op 🙂
Het was een mooie bijeenkomst op een prachtige locatie, het voormalig stationsgebouw in Meerssen, dat nu gerund wordt door een voormalige Hotelschoolcollega van me. En wat was het bijzonder om de dames van Getekend Verslag aan het werk te zien. Begonnen met een blanco vel was op er na 4 uur dit geweldig goed getroffen verslag.
Ik ben beieuwd naar het vervolg.
Judith
22 mei 2016 deze leuke sfeerimpressie gevonden via YouTube
Toekomstbestendig onderwijs
Ha Marcel,
Onlangs heeft een collega mij gevraagd feedback te geven over een notitie over onderwijsvernieuwing. Daarin las ik regelmatig het woordje ‘toekomstbestendig onderwijs’. Wat is dat eigenlijk? In de kantlijn schreef ik ook ‘definieer toekomstbestendig onderwijs’ 🙂 Ik heb even gegoogled en vond dat Ewoud Sanders dat al een keer voor de NRC heeft uitgezocht:
Wat is nu de betekenis van toekomstbestendig? Je mag aannemen: geschikt voor de toekomst. Maar omdat de gangbare betekenis van samenstellingen met -bestendig ‘bestand tegen’ is, klinkt het als: bestand tegen (ontwikkelingen in de) toekomst. Of beter: tegen negatieve ontwikkelingen in de toekomst.
Ja het is inderdaad zoals Sanders verder op in zijn column schrijft, een nonsenswoord, maar het bekt wel lekker 😉
Nadenken over de toekomst van het onderwijs dat heb ik de laatste tijd veel gedaan. In extreme denken en in toekomstscenario’s uitschrijven, is leuk. Nadenken over de toekomst van de digitale leer- en werkomgeving van Zuyd was nodig. Het hoort allemaal bij mijn leuke werk als I-adviseur. Lezen van trendrapporten, volgen van blogs van onderwijsmensen en van daaruit kijken wat nodig is. Je hebt die open blik en verbeelding nodig om te kunnen innoveren. Ik zeg altijd dat ik geen glazen bol heb en de toekomst ook niet kan voorspellen. Ik stuitte vorige week op een interview met Patrick van der Duin en hij zegt: ‘De toekomst overkomt ons niet’. Hij (inmiddels lector bij Fontys) liet me nog een ander belang van toekomstverkenningen zien.
Onze studenten moeten ook leren vooruit te denken. Zij werken straks (op verantwoordelijke posities) in organisaties die er ook in de toekomst er nog moeten staan. Dat betekent dat je een beeld moet hebben van waar je naar toe wilt bewegen. Wat is de bedoeling? Of in andere woorden: wat is je visie? Om te overleven als organisatie moet je de toekomst verkennen, en niet alleen maar focussen op de korte termijn. Dat pleit voor scenarioleren in het hoger onderwijs 🙂
In het artikel werden enkele trends en visies uit de toekomststudies van het team Future Scanning van TNO Informatie- en Communicatietechnologie opgesomt. Deze zijn afkomstig uit het boek Van der Duin en Stavleu uit 2006 (!) ‘De toekomst in een notendop’. Hij zat er niet zo ver naast.
- Mensen worden kritischer en zelfbewuster. Opkomst van adhoc-collectieven waarin men zijn eigenbelang invult
- ‘Levenslang leren’: werkenden scholen zich voortdurend bij, studenten doen naast de studie praktijkervaring op
- Verschuiving van het opdoen van feitenkennis naar het leren van vaardigheden. Vooral het kritisch beoordelen van informatie wordt een belangrijke vaardigheid
- Opkomst van kleinschalige, decentrale energieopwekking. Wijken verenigen zich als grotendeels zelfvoorzienende ‘mini-energiecentrales’. Bruikbare restenergie wordt afgetapt uit menselijk lichaam
- Sensorrevolutie: alles is ‘getagd’ met sensoren die werken als zintuigen. Positiebepaling van apparaten, objecten en personen neemt sterk toe. Werkgevers weten precies waar hun werknemers zijn, transporteurs weten waar hun wagens zijn.
En 10 jaar later moeten we gaan nadenken over wat artificial intelligence en cognitive computing voor invloed heeft op de samenleving en dus op ons onderwijs. En als het onderwijs verandert in in-demand learning in plaats van just-in-case learning, uitgaat van de individuele talenten, focust op het levenslang leren ….. wat betekent dat voor ons onderwijssysteem? Voor de waarde van diploma’s? Allemaal interessante vragen waaruit blijkt dat behalve dat het van belang is om onze studenten een creatieve, kritische blik naar de toekomst toe bij te brengen, scenarioleren ook van belang voor onze eigen organisatie. Weten we met zijn allen welke kant we op willen? Hoe we andersom gaan doen? Ik schrijf mijn visie maar toch maar weer als opmerking in de kantlijn van de notitie. Wie weet wordt het verwerkt 🙂
By the way … Ik kreeg een uitnodiging voor de bijeenkomst van Zuyd Living Lab. Zoals je weet denken studenten hierin natuurlijk al na over de toekomst van Zuyd. Vanavond presenteren de studenten hun inzichten en ideeën die ontwikkeld zijn. Ik ben erg nieuwsgierig en benieuwd wat ik hiervan leer. Blogje volgt natuurlijk.
Groeten,
Judith
Vaardig,waardig,aardig #onderwijs2032 Samen.Veranderen.Doen
Misschien heb je het meegekregen Marcel? Vanmiddag kon je live volgen hoe Paul Schnabel het rapport Ons Onderwijs2032 overhandigde aan Staatssecretaris Dekker. Dit advies gaat over het toekomstgericht onderwijs eruit zou moeten zien en het is een eerste stap naar een herziening van het curriculum van het primair en voorgezet onderwijs. Misschien voor ons, werkend in het HBO, niet direct van belang, Maar uiteindelijk worden deze leerlingen wel onze studenten. Daarom goed om hier kennis van te nemen.
Wat ik mooi vind is dat de commissie zoveel mensen betrokken heeft bij de totstandkoming van dit advies. Er zijn vele gesprekken gevoerd met leerlingen, ouders, docenten, wetenschappers. Bestuurders maar ook vertegenwoordigers van het bedrijfsleven en maatschappelijke en culturele instellingen gingen met elkaar in gesprek. Het is een breed gedeelde visie. Mooi. In 2016 wordt deze visie vertaald naar een vernieuwd curriculum.
Zie ook deze prachtige Touchcast. In deze interactieve animatie kan je het hele traject tot nu toe bekijken.
Snel heb ik het rapport gescand. Wat stukjes hier en daar geknipt uit de samenvatting en hieronder geplakt:
Het Platform pleit voor een vaste basis van kennis en vaardigheden; Nederlands, Engels, rekenvaardigheid (inclusief wiskunde), digitale geletterdheid en burgerschap als verplichte onderdelen van het kerncurriculum. Behalve kennis ook vakoverstijgende vaardigheden, het gaat om leervaardigheden, creëren, kritisch denken, probleemoplossend vermogen en samenwerken. Het Platform wil een afgebakend, wettelijk verankerd kerncurriculum en een keuzedeel dat past bij de school en de leerling. Het kerncurriculum schept een basis voor een samenhangend onderwijsaanbod. Versterking van de doorlopende leerlijn en niveaudifferentiatie zijn aandachtspunten voor de uitwerking van het kerncurriculum. Curriculumvernieuwing komt niet van de grond zolang de manier van toetsen en examineren niet wordt aangepast. Toekomstgericht onderwijs heeft zowel aandacht voor meetbare als ‘merkbare’ leeropbrengsten. Toekomstgericht onderwijs is evenmin mogelijk wanneer niet aan bepaalde condities wordt voldaan: investeren in de professionele ontwikkeling van leraren, eigentijdse lerarenopleidingen, samenwerking tussen alle onderwijspartijen en een goede digitale infrastructuur. Een stevige positie van leraren in de vervolgfase is eveneens van belang. Gezien de positieve ervaringen met de dialoog adviseert het Platform die fase interactief in te richten.
Dat Biesta veel invloed heeft gehad op de inhoud zie je vooral terug in de paragraaf ‘vaardig, waardig, aardig’
Vaardige leerlingen beschikken over een stevige basis aan kennis en vaardigheden die hen in staat stelt maatschappelijk te functioneren. Leerlingen kunnen waardig omgaan met anderen en op een verantwoorde manier bijdragen aan de samenleving. Ook vormen leerlingen in het onderwijs hun persoonlijkheid.
Dit lijkt me ook wezenlijk voor onze studenten. Ik heb al eerder geblogd nav een bezoek van Paul Schnabel aan Limburg
Mijn mening is dat Zuyd expliciet zich zou moeten profileren op ‘persoonsvorming’ vanwege haar missie “professionals ontwikkelen zich met Zuyd”. Ik vermoed dat naar de toekomst toe je als onderwijs alleen het verschil kunt maken op de persoonlijke contacten en beleving. Dat hierbij ook ict en learning communities een ondersteunende rol in kunnen spelen, lijkt me in de huidige samenleving voor de hand liggend.
Daarom vond ik het initiatief dat ik vanmorgen toevallig via een tweet van Brigitte Schallenberg collega en MLI-er zag erg mooi: de Bildung Academie voor waardige en aardige studenten! Dit initiatief is voor universitaire studenten en alleen te volgen in Amsterdam. Een half jaar lang volg je modules waarin je werkt aan persoonsvorming en maatschappelijk verantwoordelijkheidsbesef. Alhoewel ik vind dat dit een integraal onderdeel zou moeten zijn van je opleiding, is blijkbaar momenteel de ervaring dat hieraan te weinig tijd aan wordt besteed. Zie ook het Bildungsdebat dat ook bij Zuyd is gevoerd maar waar ik niet veel meer over hoor. Volgens mij streef het Honoursprogramma van Zuyd dezelfde doelen na. Dit programma was alleen voor excellente studenten en bestaat inmiddels niet meer. Misschien tijd voor een revival? Maar dan wel toegankelijk voor alle studenten.
Als I-adviseur ben ik ook blij met dit stukje tekst 🙂
Het Platform vindt dat werken en leren in de digitale wereld en met nieuwe technologieën tot de kern van toekomstgericht onderwijs behoren. Het gaat om vier onderdelen: dat leerlingen ICT-basiskennis opbouwen, informatievaardigheid ontwikkelen, mediawijs worden en leren begrijpen hoe technologie werkt (computational thinking). Samengevat als digitale geletterdheid.
Maar zeker ook met
Investeren in professionele ontwikkeling en samenwerking. Leraren moeten wat het Platform betreft samen met hun leidinggevenden beter in staat zijn om in teamverband invulling te geven aan het onderwijsprogramma. Dat vereist onderwijskundige kennis, leiderschap en samenwerking binnen lerarenteams. Toegang tot inspirerende voorbeelden en (wetenschappelijk) onderzoek is daarvoor een belangrijke voorwaarde. Leraren moeten de tijd krijgen om binnen én buiten de school met collega’s en professionals te werken aan een samenhangend curriculum en kennis te delen over pedagogiek, didactiek en leerinhoud. Dat vraagt van schoolleiders een actieve, stimulerende en faciliterende rol. Bij een toekomstgericht onderwijsaanbod hoort een organisatie van de school die het leerlingen mogelijk maakt minder plaats- en tijdgebonden te leren. Het is aan de leraren om daar in samenspraak met de schoolleiding en -besturen vorm aan te geven. Het gaat bijvoorbeeld om onderwijstijd, lesvormen, de manier waarop leerlingen worden gegroepeerd en het gebruik van leermateriaal. Om van innovatieve mogelijkheden gebruik te kunnen blijven maken, is het cruciaal de kwaliteit van de ICT-infrastructuur en de bijbehorende professionalisering op peil te houden.
Hoe onze samenleving over 16 jaar in 2032 eruit zal zien? Ik weet het niet. Niemand denk ik. We hebben geen van allen een glazen bol. De enige constante factor is de verandering. Niets is zeker en de technologische ontwikkelingen gaan snel. Tsja die VUCA-wereld hè? Dus ja, ik ondersteun de ingezette koers (voor wat het waard is ;)). Ik hoop wel dat dit niet pas in 2032 gerealiseerd is. Het zijn ontwikkelingen die nu al spelen, en niet alleen in het PO en VO, maar zeker ook in het HBO,
Ronald Buitenlaar vroeg via twitter om een samenvatting van het advies in drie woorden. Voor de hand liggend was natuurlijk de mooi gevonden termen ‘vaardig, waardig, aardig’ te tweeten. Dat deed ik dan, maar daarna noemde ik ‘samen veranderen doen’. Mijn kernwoorden bij elke vorm van samenwerken, onderwijs en vernieuwing.
groeten,
Judith






