Categorie archief: Technology
Google Glass in Roermond
Ha Marcel,
In De Limburger las ik dat Google Glass naar Limburg komt! Ja jij wilde wel met me mee naar de presentatie van Google Glass in de Oolderhof in Roermond op dinsdag 28 mei, maar toen wist ik nog niet dat we daar €218,70 voor neer moeten tellen 😦 En we mogen ‘m zelfs niet aanraken voor dat geld. “Yes, you are in the same room with the Google Glass device!” Dat feestje laat ik toch maar voor bij gaan. Voor degene die wel willen gaan, je kunt je hier aanmelden.
Nee, dan ga ik maar even op excursie met Andrew Vanden Heuvel, een natuurkundedocent die wel een Google Glass heeft waarmee hij mag experimenteren! Via Google Glass laat hij zijn klas via een Google Hagout meekijken in CERN. Wow! Bekijk hier ook zijn blog: Teaching with Glass
via @WilfredRubens
Judith
Wearable Technology
Hoi Marcel,
In mijn blogpost over de meetbare mens ging het over meten van lichaamsfuncties. Via allerlei smartphone-apps kan dat gemeten worden, maar sensoren kunnen ook geïntegreerd worden in allerlei innovatieve, interactieve kledingstukken, de zgn ‘wearable technology’. Denk bv. aan Nike+-schoenen, armbanden, Google Glasses, smartwatches.
Gisteren zag ik op het blog Extend Limits onderstaande video over versmelting van mens en technologie. Volgens het Horizon Report 2013 is Wearable Technology iets waar we de komende 3 tot 5 jaar rekening moeten houden.
Ik ben benieuwd of de vormgevers van onze Kunstenfaculteit ook met al deze technologie experimenteren.
Wie weet wat voor sensoren al in die mooie robe van Maxima zit 😉
Groet,
Judith
De meetbare mens, een goudmijn aan data
Super Marcel, dat jij binnen het lectoraat Autonomie en particpatie van chronisch zieken onderzoek gaat doen! Ja, de faculteit Gezondheidszorg is druk bezig met de technologische mogelijkheden binnen zorg en onderwijs te onderzoeken en te implementeren. Als I-adviseur word ik de laatste ook regelmatig geconsulteerd. Onlangs weer het TPACK-spel met een groep docenten gespeeld. In juni een presentatie verzorgen op hun faculteitsdag en de aanvragen voor dingen@zuyd.nl druppelen ook binnen.
Zo ontving ik onlangs via via een e-mail van een student die binnen ‘jouw’ lectoraat een inventarisatie doet naar gezondheidszorg-meetapps. Heel toevallig kwam ik dit weekend een linkje van een uitzending van Labyrint tegen … over de meetbare mens 🙂
Weet je nog dat we het onlangs hebben gesproken over Moneyball, de film waarin Brad Pitt directeur is van een weinig succesvol honkballteam maar met behulp van statistische analyses uiteindelijk de ene na de andere wedstrijd wint? In deze uitzending van Labyrint zie je hoe Nederland (totaal onverwachts voor de rest van de wereld) wereldkampioen Honkbal is geworden door heel goed gebruik te maken van computerdata. Prachtig om te zien hoe alles van de tegenstander in kaart werd gebracht en geanalyseerd. Maar ook hoe alles gemeten wordt ter verbetering van de eigen sportprestaties.
In de 2e helft van de uitzending zie je 1 van de 20.000 Quantified Self. Dit zijn mensen die heel bewust hun eigen leven registreren (en delen) mbv allerlei apps: bloeddruk, hartslag, wat ze eten, hoeveel stappen ze zetten, hoe ze slapen. De Hanzehogeschool Groningen heeft in september 2012 het 1e Quantified Self institute ter wereld geopend dat als doel heeft om een gezonde leefstijl te bevorderen door het combineren van technologie, wetenschap en fun. Een bezoekje waard lijkt me 🙂
Op de website van Labyrint is meer achtergrondinformatie te vinden over de gevolgen van het meten van onze lichaamsfuncties en de beïnvloeding hiervan op ons denken over ziekte en gezondheidszorg, zoals een verwijzing naar een onderzoek ‘het meetbare lichaam” van het Rathenau Instituut en de complete TEDTalk van cardiologe Leslie Saxon waarvan een gedeelte in de uitzending te zien is. Ook de linkjes naar de apps die in de uitzending voorbij kwamen staan hier vermeld, en die ik gemakshalve maar even heb overgenomen 😉
- Foodzy https://foodzy.com/
- Withings http://www.withings.nl/
- Snorelab http://www.snorelab.com/
- Asthmapolis http://asthmapolis.com/
- Fitbit http://www.fitbit.com/
Mijn smartphone als mijn eigen privé laboratorium? hmmm. Reuze interessant hoor al dat gemeet, zeker als het betere (sportieve!) prestaties tot gevolg heeft of als ik een beter inzicht in mijn gezondheid krijg. Maar wat als al die data over mijn gezondheid door ziektekostenverzekeraars wordt gebruikt om mij wel of niet een behandeling te laten ondergaan? Getallen kunnen ook gevaarlijk zijn. Zeker als ze niet geïnterpreteerd worden door deskundigen. Meten = weten? Een goudmijn aan data? Voor wie en met wel doel? Ik ben en blijf kritisch rondom deze big-data-hype.
Groet,
Judith
Uit de oude doos … ;)
Dag Marcel,
Enkele weken geleden kregen we van collega Sylvia Schoenmakers een mail of we zin hadden vandaag, 20 april mee te gaan naar de opnames van DWDD University van Alexander Klöpping. Helaas waren wij verhinderd, maar Sylvia gaat. En dat inspireerde haar tot het schrijven van dit gastblog, zoals zij het noemt “Uit de oude doos …” 🙂
OUR 2bejammed GUEST: Sylvia Schoenmakers
Vanaf vrijdagavond 26 april gaat in DWDD University een collegereeks van start over verleden, heden en toekomst van het internet. Na de fantastische colleges van Robbert Dijkgraaf over de oerknal en het allerkleinste, wilde ik er graag een keer bij zijn. Wat een geluk dat het thema voor het nieuwe college me na aan het hart ligt. Het enthousiasme van Alexander Klöpping raakt me op bijna hormonaal niveau, omdat ik ooit ook zo’n diepgeworteld vertrouwen had in alle nieuwigheid die de computer bracht. Uiteraard totdat ik telkens weer met beide benen op de grond kwam en van ‘eenoog in het land der blinden’ inmiddels zo diep gezonken ben dat ik voor elk akkefietje aan de balie van de helpdesk sta.
Het waren voor mij puur praktische redenen om bij de collegereeks te kiezen voor web 1.0. Eigenlijk kijk ik niet graag achteruit. Maar voor een keer wil oma wel vertellen uit de oude doos.

In de late jaren ’70 van de vorige eeuw deed ik een leeronderzoek naar hoe docenten dachten over invloed van de computer en de informatiemaatschappij op het onderwijs van de toekomst. Er zou weinig veranderen, maar mijn interesse was gewekt. In 1980 kocht ik mijn eerste computer, een zgn PET-computer met 2Kb intern geheugen en een cassettebandje om zelf geschreven programmaatjes te kunnen opslaan. Het was de voorloper van de Commodore-64, waarmee de democratiseringsgolf van personal computers over het land spoelde. Met de PET begonnen de nachten klungelen en klooien met de programmeertalen BASIC en LOGO, en de belofte die het leren van algoritmes inhielden voor het onderwijs, in feite ging het om logisch redeneren. ‘At random’ was het toverwoord dat verrassingen opleverde. De computer leek een eigen wil te hebben.
In die tijd keken we op TV naar ‘Hier is … Adriaan van Dis’ en die had een keer Margaret Boden te gast, een professor in artificiële intelligentie, die programmeren vergeleek met breien. Dat sprak me wel aan, want ik had vele colleges gevolgd onder het rustgevende getik van de breipennen. Het monotone ritme bracht mijn gedachten op lumineuze ideeën. Dan legde ik het breiwerk in de schoot en mengde me in het gesprek. Het is met groot genoegen dat ik terugdenk aan het nachtelijk programmeerwerk en aan de aan elkaar gebreide colleges overdag. Het hield me wakker.
Later reisde ik wekelijks vanuit Amsterdam naar de Computerclub in Haarlem, waar vooral mannen aan het begin van de avond Atari’s en Commodores naar binnen sleepten om daar omheen urenlang te ouwehoeren over de programmaatjes die ze in elkaar sleutelden en de toepassingen die ze bedachten voor hun machines. Al snel werden de intelligente toepassingen belangrijker dan de eigen producten. Ik stond aan de wieg van de introductie van Excel en van applicaties om toetsresultaten te analyseren. In die tijd was een computer nog vooral een rekenmachine. Later kwam DBase op de markt en dat werd in de club snel gekraakt, zodat iedereen erover kon beschikken. Met gezwinde spoed catalogiseerden we onze boeken- en platencollecties en bedachten een toepassing voor presentielijsten in het onderwijs. Wat een uitvinding! De computer als ‘ordinateur’. Verder was er wekelijks een computerprogramma op de radio waarvan je software in de vorm van bliepjes kon opnemen op een cassettebandje dat vervolgens je computer kon aansturen. Het nut van die computerprogramma’s kan ik me amper herinneren en de opnames mislukten ook meestal. Maar het was wel een fantastische manier om geluid te vertalen naar uitgeschreven programmatekst op je monitor. Het afstemmen van geluid en schrift is nog steeds een heikel punt in het onderwijs.
Inmiddels had ik een ‘professionele opdracht’ om voor een gemeentelijke instelling in Amsterdam een cursus te maken voor standaard-correspondentie en tekstverwerking (in die volgorde!) met een mainframe computer Digital Vax. In de anderhalve meter ordners met technische documentatie ontdekte ik dat de gebruikers ook met elkaar konden e-mailen. Toen dat eenmaal geïntroduceerd was in het bedrijf, was het hek van de Dam. In enkele weken tijd vlogen er eerst honderden en later duizenden mailtjes per dag via de centrale computer en vormde een ernstige belemmering voor het werk dat gedaan moest worden. Terug naar de basis: met gegevens uit de database standaard brieven versturen. Onderlinge communicatie en afstemming was in de bureaucratie van die tijd niet aan de orde.
In het oprichtingsjaar van de Open Universiteit liep ik daar stage en bleek ik beter dan de secretaresses op de hoogte van tekstverwerking met de Digital Vax. In die tijd schreef je de tekst eerst handmatig uit en typte het daarna over om het op te slaan op een floppy-disk. Misschien was ik wel de eerste student die haar stageverslag digitaal produceerde. Inmiddels is die vaardigheid even vanzelfsprekend zijn als leren fietsen. Maar behalve een betere lay-out is er weinig aan toegevoegd.
Na die beginjaren is de digitalisering in mijn leven pas echt op stoom gekomen met onderwijssoftware voor de Schoolradio, ICT-cursusmateriaal voor technische vakopleidingen, een deelnemervolgsysteem voor trajectbegeleiding, vormgeving van leermiddelen met desktop publishing, een Master-opleiding over telematica toepassingen, elektronische leeromgevingen, kennismanagement, open resources, en meer.
Goddank heb ik actief deelgenomen aan de verovering van het onderwijs door digitalisering, want anders zou ik mezelf nu echt stokoud vinden. En nog steeds ‘weet’ ik dat de techniek meer kan dan wat mensen kunnen verhapstukken. Langzaam zie ik mensen groeien in de acceptatie van al die nieuwe mogelijkheden. Ik ben heel benieuwd hoe Alexander Klöpping en vooral de studenten van nu over 40 jaar terugkijken op deze tijd waar actieve deelname in social media de grote hype is. Dan ben ik 100; dat moet toch lukken met al die ontwikkelingen in de technologie!?
Ik hoop dat Sylvia een leerzame middag heeft bij Alexander Klöpping. Ik ga vrijdag zeker even kijken of ik haar in het publiek spot :). Maar sowieso zijn 3 de geplande colleges van Klöpping bij DWDD University interessant genoeg om te bekijken.
Vrijdag 26 april gaat de 1.0 aflevering over de ontstaansgeschiedenis van Silicon Valley. In 2.0 aflevering op 3 mei over de internetondernemers Google, Facebook, Twitter en Whatsapp. In de laatste 3.0 aflevering op 10 mei doceert Klöpping over de toekomst en de techniek die we de komende jaren kunnen verwachten, zoals Google Glass.
Fijn weekend!
Judith
Use of Shakespeak in education (Dutch spoken, English subtitled)
Hi Judith,
I am proud to present you one of my teachers Chris Kockelkoren and his usage of Shakespeak. This tool, which is easily embedded in Powerpoint can be used in your classroom to get interaction with the students. It is a voting/commenting tool for students to react on a question (open or multiple choice). Chris is a big promoter of the system within Zuyd but also at other Schools in the Netherlands.
The best part for me is that Chris doesn’t only explain how to use the tool, but more how to use the principle of digital voting/commenting as a principle within education!
Enjoy!
Greetings Marcel




