Spinnenweb #onderwijsontwerpen


Gebaseerd op: Jan van den Akker Curriculum perspectives: an introduction
Zie ook het boek Leerplan in Ontwikkeling (uitgave van Stichting LeerplanOntwikkeling)

Hallo Marcel,

Onderwijs ontwerpen speelt zich op verschillende niveaus af. Het ontwerpen kan zich beperken tot het ontwerpen van een les tot een heel curriculum. Van den Akker benoemt niveaus van Supra (internationaal) naar Macro (nationaal), Meso (school/opleiding), Micro (groep) tot Nano (individu). Dat de ‘hogere’ niveaus de ‘lagere’ kunnen (verplichtend) kunnen beïnvloeden is duidelijk.

De kern van een curriculum zijn de doelen en inhouden van het leren.
Van den Akker gebruikt hiervoor de metafoor van het spinnenweb.

vdAkker_Spinnenweb

In het spinnenweb staat de onderwijsvisie centraal, het is de verbindende schakel. De overige onderdelen van het curriculum zijn: tijd, toetsing, leerdoelen, leerinhoud, leeractiviteiten, rol van de docent, leermaterialen, groeperingsvorm en leeromgeving, deze zijn verbonden met die visie. Idealiter zijn ze ook met elkaar verbonden, zodat er sprake is van consistentie en samenhang.

De metafoor van het spinnenweb onderstreept volgens Van den Akker het kwetsbare karakter van een curriculum.

Spinnenwebben zijn weliswaar enigszins flexibel maar dreigen toch te scheuren als er te hard en eenzijdig aan bepaalde draden getrokken wordt zonder dat de andere draden meebewegen.

Als je dus één element van het curriculum verandert, heeft dit direct gevolgen voor andere elementen binnen het curriculum.

Mijn herontwerp voor mijn masterstudie betrof een onderdeel van het curriculum van jouw faculteit. Ik heb het curriculum van de faculteit ICT twee jaar geleden geanalyseerd volgens Van den Akker en uitgesplitst naar intended (beoogd), implemented (uitgevoerd) en attained (bereikt) curriculum. En misschien moeten we ook de kracht van het hidden (verborgen) curriculum volgens Helen Keegan niet verwaarlozen 🙂

Voor dit herontwerp heb ik al de onderdelen van het Spinnenweb van Van den Akker ingevuld en gevisualiseerd in de vorm van een ketting. Een spinnenweb is een prachtig sieraad. In het spinnenweb zijn alle onderdelen van het curriculum benoemd, het geheel hangt aan de ketting: de omgeving. De omgeving is de overheid, het werkveld en de regio die mede bepalen hoe het curriculum vorm moet krijgen.

“every chain is as strong as its weakest link”

Prezi

Ik vraag me af of deze stappen tijdens de curriculumherzieningstrajecten niet te vaak worden overgeslagen. Tijdens de processen waar ik nu bij al bij betrokken ben, ervaar ik al dat het

  1. belangrijk is om te ontwerpen vanuit een visie; is deze niet geformuleerd dan ontspint er geen web.
  2. belangrijk is om bij het ontwerpen van een leereenheid (een blok of module) de organisatorische kaders van de opleiding duidelijk moeten zijn. Is één van deze draden van het web niet gesponnen, dan gaat het scheuren.

Let’s web!
Judith

Dit blog is gebaseerd op diverse blogs van mijn Joule4Jou studieblog, oa op het blogbericht ‘every chain is as strong as its weakest link’.

Over Judith van Hooijdonk

Informatie professional, fervent kennisdeler, HNW-fan, Social Media, Web2.0, Onderwijs2.0, Bibliotheek2.0 "Just start somewhere and make a world of difference"

Geplaatst op 9 december 2015, in Didactiek, eLearning en getagd als . Markeer de permalink als favoriet. 3 reacties.

  1. Sylvia Schoenmakers

    Hallo Judith,

    Mooi dat je het spinnenweb van Van den Akker (2003) hebt genomen als uitgangspunt voor onderwijsontwerp. Grappig ook, want ik heb zijn boek Curriculum Landscapes and Trends (2003) net deze week via de bibliotheek gekregen.
    Ik wil reageren op je opmerkingen over de rol van visie en dat ‘hogere’ niveaus de ‘lagere’ beïnvloeden. In het spinnenweb wordt het centrum gevormd door ‘Rationale’ en dat is iets anders dan een visie die ergens bovenin de hiërarchie geformuleerd is. Er zijn veel rationales die invloed hebben op curriculumontwikkeling en er moeten voortdurend keuzes gemaakt worden met het oog op kennisontwikkeling, maatschappelijke relevantie en interesses en behoeften van studenten. De rationale kern van het spinnenweb is niet ‘rond’ zoals je een visie zou willen verbeelden; er wordt aan alle kanten aan getrokken. Naar mijn idee plaatst Van den Akker zich in de traditie van een relationele ontwerpbenadering die ervan uitgaat dat de betrokkenen ‘de aanpak van een leertraject alleen accepteren als ze er zelf aan hebben meegewerkt’ (Kessels & Grotendorst, 2011). In de relationele ontwerpbenadering gaat het erom via gedeelde opvattingen te ontwikkelen over het doel van het curriculum. Dit doel is volgens Kessels meer het resultaat van samenwerking en onderhandeling dan een logisch product van een systematisch ontwerpproces.
    De rationale van Van den Akker zou wel eens meer de beleefde urgentie (Ehlen, 2015) kunnen zijn dan een visie op het resultaat. Bij ‘visie’ en claims van hogerhand wordt vaak verwezen naar eisen aan de curriculumontwikkeling vanuit macro- en meso perspectief. Volgens Van den Akker vinden de onderhandelingen in curriculumontwerp plaats op alle niveau’s (macro (politiek/maatschappelijk), meso (instelling/opleiding), micro (klas) en nano (individu/persoonlijk) niveau.
    Het spinnenwiel is daarmee meer een instrument om curriculumontwikkeling te beschouwen vanuit het perspectief van alle actoren dan vanuit een vooropgestelde visie. Van den Akker pleit nadrukkelijk om scherpe keuzes te maken en dat past niet in een constructivistische benadering van het curriculum, waarin alleen een leersituatie wordt aangeboden waarin deelnemers vanuit ervaringen kennis opbouwen en het curriculumontwerp er eigenlijk weinig toe doet. Het onderwijskundig spinnenwiel is inmiddels ruim 12 jaar oud en dat maakt mij nieuwsgierig naar hoe Van den Akker tegenwoordig denkt over curriculumontwerp. In een recent interview hoorde ik vooral de termen ‘relevance’, ‘different claims’ en ‘curriculum composition’. Maar voor hetzelfde geld kun je er ook een systematische ontwerpbenadering vanuit een omvattende visie in herkennen!

    Akker, J. J. H. v. d. (2003). Curriculum perspectives: An introduction. In J. v. d. Akker, W. Kuiper, & U. Hameyer (Eds.), Curriculum landscapes and trends. Dordrecht: Kluwer Academic Publishers.
    Ehlen, C. (2015). Co-Creation of Innovation: Investment with and in Social Capital. (PhD), Open Universiteit, Heerlen.
    Kessels, J., & Grotendorst, A. (2011). Het ontwerpproces als leerproces. In J. Kessels & R. Poell (Eds.), Handboek human resource development, Organiseren van het leren (pp. 215-234). Houten: Bohn Stafleu van Loghum.

  2. Judith van Hooijdonk

    Dank je wel voor de mooie aanvulling, Sylvia. Ik wilde met beïnvloeden van de diverse niveaus alleen aangeven dat er allerlei ‘krachten’ zijn die aan dat spinnenweb trekken. En dat je daar rekening mee moet houden. En vooral daarover in gesprek gaan. Zie ook dit plaatje http://www.slideshare.net/wrubens/masterclass-blended-learning-next-higher-education-2015/18?src=clipshare
    Het spinnenweb vind ik een mooi raamwerk om alle onderdelen: tijd, toetsing, leerdoelen, leerinhoud, leeractiviteiten, rol van de docent, leermaterialen, groeperingsvorm en leeromgeving te checken of hiermee rekening is onthouden in het curriculum/leertraject ontwerp.

  1. Pingback: Mijn boekenkast Blended Learning #onderwijsontwerpen | 2 BE JAMMED

Kennis delen? Ja graag!

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: