Why good leaders make you feel safe. TEDtalk Simon Sinek
Hallo Marcel,
Je kent vast wel de TEDtalk van Simon Sinek How great leaders inspire action waarin hij zijn concept van de ‘golden circle’ toelicht.

We weten allemaal wel wat we doen. Hoe we het doen, dat weten er ook wel wat. Weinig mensen / organisaties weten waarom ze iets doen. Sinek roept dan ook om te starten met de ‘why’ vraag. Als inspirerend leider start je met het waarom, dan het hoe en dan pas het wat. Van binnen naar buiten denken in plaats van andersom (zoals vaak gebeurt). Steve Jobs, Martin Luther King en de Wright Brothers noemt hij als voorbeeld.
Deze TEDtalk van Simon Sinek is van 2014 (4 jaar na de al door 25 miljoen keer bekeken Why-TEDtalk) is inmiddels al door ruim 4 miljoen mensen bekeken. En hierin zegt hij ook wel iets essentieels. Goede leiders geven je net als goede ouders een gevoel van veiligheid en vertrouwen. Ze geven het goede voorbeeld, bouwen mee aan je zelfvertouwen en bieden kansen tot uitproberen. En als je dan eens faalt dan wordt niet meteen ontslagen maar dan wordt bijgestuurd. Als je je veilig voelt dan ben je ook bereid om iets voor die ander terug te doen. Echte leiders, zegt Sinek zijn bereid tijd en energie te geven zonder er direct er iets voor terug te willen hebben. En hoe meer leiders bereid zijn anderen te helpen hoe meer anderen bereid zullen zijn hen te helpen.
En dit geldt volgens mij niet alleen voor mensen die formeel als leiders zijn aangesteld, maar in elke samenwerkingsrelatie.
Een mooie boodschap. Komt dinsdag in de Nieuwsflits. Natuurlijk 🙂
Fijne zondag verder.
Judith
Vaardig,waardig,aardig #onderwijs2032 Samen.Veranderen.Doen
Misschien heb je het meegekregen Marcel? Vanmiddag kon je live volgen hoe Paul Schnabel het rapport Ons Onderwijs2032 overhandigde aan Staatssecretaris Dekker. Dit advies gaat over het toekomstgericht onderwijs eruit zou moeten zien en het is een eerste stap naar een herziening van het curriculum van het primair en voorgezet onderwijs. Misschien voor ons, werkend in het HBO, niet direct van belang, Maar uiteindelijk worden deze leerlingen wel onze studenten. Daarom goed om hier kennis van te nemen.
Wat ik mooi vind is dat de commissie zoveel mensen betrokken heeft bij de totstandkoming van dit advies. Er zijn vele gesprekken gevoerd met leerlingen, ouders, docenten, wetenschappers. Bestuurders maar ook vertegenwoordigers van het bedrijfsleven en maatschappelijke en culturele instellingen gingen met elkaar in gesprek. Het is een breed gedeelde visie. Mooi. In 2016 wordt deze visie vertaald naar een vernieuwd curriculum.
Zie ook deze prachtige Touchcast. In deze interactieve animatie kan je het hele traject tot nu toe bekijken.
Snel heb ik het rapport gescand. Wat stukjes hier en daar geknipt uit de samenvatting en hieronder geplakt:
Het Platform pleit voor een vaste basis van kennis en vaardigheden; Nederlands, Engels, rekenvaardigheid (inclusief wiskunde), digitale geletterdheid en burgerschap als verplichte onderdelen van het kerncurriculum. Behalve kennis ook vakoverstijgende vaardigheden, het gaat om leervaardigheden, creëren, kritisch denken, probleemoplossend vermogen en samenwerken. Het Platform wil een afgebakend, wettelijk verankerd kerncurriculum en een keuzedeel dat past bij de school en de leerling. Het kerncurriculum schept een basis voor een samenhangend onderwijsaanbod. Versterking van de doorlopende leerlijn en niveaudifferentiatie zijn aandachtspunten voor de uitwerking van het kerncurriculum. Curriculumvernieuwing komt niet van de grond zolang de manier van toetsen en examineren niet wordt aangepast. Toekomstgericht onderwijs heeft zowel aandacht voor meetbare als ‘merkbare’ leeropbrengsten. Toekomstgericht onderwijs is evenmin mogelijk wanneer niet aan bepaalde condities wordt voldaan: investeren in de professionele ontwikkeling van leraren, eigentijdse lerarenopleidingen, samenwerking tussen alle onderwijspartijen en een goede digitale infrastructuur. Een stevige positie van leraren in de vervolgfase is eveneens van belang. Gezien de positieve ervaringen met de dialoog adviseert het Platform die fase interactief in te richten.
Dat Biesta veel invloed heeft gehad op de inhoud zie je vooral terug in de paragraaf ‘vaardig, waardig, aardig’
Vaardige leerlingen beschikken over een stevige basis aan kennis en vaardigheden die hen in staat stelt maatschappelijk te functioneren. Leerlingen kunnen waardig omgaan met anderen en op een verantwoorde manier bijdragen aan de samenleving. Ook vormen leerlingen in het onderwijs hun persoonlijkheid.
Dit lijkt me ook wezenlijk voor onze studenten. Ik heb al eerder geblogd nav een bezoek van Paul Schnabel aan Limburg
Mijn mening is dat Zuyd expliciet zich zou moeten profileren op ‘persoonsvorming’ vanwege haar missie “professionals ontwikkelen zich met Zuyd”. Ik vermoed dat naar de toekomst toe je als onderwijs alleen het verschil kunt maken op de persoonlijke contacten en beleving. Dat hierbij ook ict en learning communities een ondersteunende rol in kunnen spelen, lijkt me in de huidige samenleving voor de hand liggend.
Daarom vond ik het initiatief dat ik vanmorgen toevallig via een tweet van Brigitte Schallenberg collega en MLI-er zag erg mooi: de Bildung Academie voor waardige en aardige studenten! Dit initiatief is voor universitaire studenten en alleen te volgen in Amsterdam. Een half jaar lang volg je modules waarin je werkt aan persoonsvorming en maatschappelijk verantwoordelijkheidsbesef. Alhoewel ik vind dat dit een integraal onderdeel zou moeten zijn van je opleiding, is blijkbaar momenteel de ervaring dat hieraan te weinig tijd aan wordt besteed. Zie ook het Bildungsdebat dat ook bij Zuyd is gevoerd maar waar ik niet veel meer over hoor. Volgens mij streef het Honoursprogramma van Zuyd dezelfde doelen na. Dit programma was alleen voor excellente studenten en bestaat inmiddels niet meer. Misschien tijd voor een revival? Maar dan wel toegankelijk voor alle studenten.
Als I-adviseur ben ik ook blij met dit stukje tekst 🙂
Het Platform vindt dat werken en leren in de digitale wereld en met nieuwe technologieën tot de kern van toekomstgericht onderwijs behoren. Het gaat om vier onderdelen: dat leerlingen ICT-basiskennis opbouwen, informatievaardigheid ontwikkelen, mediawijs worden en leren begrijpen hoe technologie werkt (computational thinking). Samengevat als digitale geletterdheid.
Maar zeker ook met
Investeren in professionele ontwikkeling en samenwerking. Leraren moeten wat het Platform betreft samen met hun leidinggevenden beter in staat zijn om in teamverband invulling te geven aan het onderwijsprogramma. Dat vereist onderwijskundige kennis, leiderschap en samenwerking binnen lerarenteams. Toegang tot inspirerende voorbeelden en (wetenschappelijk) onderzoek is daarvoor een belangrijke voorwaarde. Leraren moeten de tijd krijgen om binnen én buiten de school met collega’s en professionals te werken aan een samenhangend curriculum en kennis te delen over pedagogiek, didactiek en leerinhoud. Dat vraagt van schoolleiders een actieve, stimulerende en faciliterende rol. Bij een toekomstgericht onderwijsaanbod hoort een organisatie van de school die het leerlingen mogelijk maakt minder plaats- en tijdgebonden te leren. Het is aan de leraren om daar in samenspraak met de schoolleiding en -besturen vorm aan te geven. Het gaat bijvoorbeeld om onderwijstijd, lesvormen, de manier waarop leerlingen worden gegroepeerd en het gebruik van leermateriaal. Om van innovatieve mogelijkheden gebruik te kunnen blijven maken, is het cruciaal de kwaliteit van de ICT-infrastructuur en de bijbehorende professionalisering op peil te houden.
Hoe onze samenleving over 16 jaar in 2032 eruit zal zien? Ik weet het niet. Niemand denk ik. We hebben geen van allen een glazen bol. De enige constante factor is de verandering. Niets is zeker en de technologische ontwikkelingen gaan snel. Tsja die VUCA-wereld hè? Dus ja, ik ondersteun de ingezette koers (voor wat het waard is ;)). Ik hoop wel dat dit niet pas in 2032 gerealiseerd is. Het zijn ontwikkelingen die nu al spelen, en niet alleen in het PO en VO, maar zeker ook in het HBO,
Ronald Buitenlaar vroeg via twitter om een samenvatting van het advies in drie woorden. Voor de hand liggend was natuurlijk de mooi gevonden termen ‘vaardig, waardig, aardig’ te tweeten. Dat deed ik dan, maar daarna noemde ik ‘samen veranderen doen’. Mijn kernwoorden bij elke vorm van samenwerken, onderwijs en vernieuwing.
groeten,
Judith
Libraries are important to community education ecosystems
Hallo Marcel,
Vorige week heb ik IP, het vakblad voor informatieprofessionals weer even meegepikt van het aanwinstenrek van Zuyd Bibliotheek. Het laatste nummer van 2015 is een onderwijsspecial, een lezenswaardig nummer. Vooral het artikel van Heino Logtenberg ‘Van docent naar meestergids, van informatieprofessional naar co-creator’ en de bijdrage van Hilde van Wijngaarden ‘Heeft Nederland OER librarians nodig?’ (wat uitgebreider te lezen in Trendrapport Open en online onderwijs). Beide refereren naar de rol van de bibliothecaris / informatieprofessional bij de toenemende ontwikkeling naar open en online onderwijs via de huidige trend blended onderwijs.
Logtenberg focust vooral op het ontzorgen van docenten door instructional designers die docenten onderwijskundig ondersteunen. De informatieprofessionals kunnen docenten ondersteunen door het aanleveren van bronnen. Dat doen de collega’s van Zuyd Bibliotheek natuurlijk al. Ik merk in mijn gesprekken met docenten wel dat het nog niet bij iedereen opkomt om hen daarvoor te vragen. Logtenberg ziet ook een rol voor bibliothecarissen bij het opzetten van een online open educational resources-plein waarin door docenten aangeleverde onderwijsmaterialen (bv kennisclips, video’s die studenten in het werkveld hebben gemaakt) interactief wordt gemaakt en verrijkt met koppelingen naar de bibliotheekcollectie en sociale media als Twitter, Facebook en Whatsapp. Uiteraard dienen bibliothecarissen ook samen met uitgevers te bekijken hoe ze toegang tot hun materialen beter in de leeromgeving kunnen realiseren. In een ander artikel in dit IP-nummer las ik over een mooi initiatief ‘spotify voor juridische literatuur‘ en het ‘all you can read’-model eStudybooks binnen het project Flexibele en persoonlijke leeromgeving van de programmalijnen van SURF voor 2016 ‘Onderwijs op maat’. Een mooi scenario deze verandering van bibliothecaris naar co-creator. Ik ben voor!
Wijngaarden constateert nav de inventarisatie in 2015 dat er in Nederland weinig OER bibliothecarissen zijn, zoals dat in de Verenigde Staten al wel meer gebruikelijk is. Veel meer informatieprofessionals zouden moeten helpen bij zoeken, vinden, ontsluiten en gebruiken van open educational resources. Tenminste als wij de doelstelling van de minister willen halen om in 2025 al het onderwijsmateriaal open te laten delen. Jep! Ook voor!
De rol van de bibliothecaris bij het ontwikkelen van onderwijs is zoooo belangrijk. Dit sluit aan bij de presentatie van Lee Rainie, director of Internet, Science, and Technology research at Pew Research Center (via Pedro De Bruyckere). Zie onderstaande presentatie waarin hij de resultaten van het onderzoek Libraries at the crossroads presenteert.
new survey findings about how people use libraries, the kinds of services and programs people would like from libraries, and how libraries are connected to communication education and learning environments
Hoewel dit onderzoek en de cijfers over Amerikaanse Public Libraries gaat, zie ik (of wens ik?) overeenkomsten met de rol die onze bibliotheek en haar informatieprofessionals volgens mij dienen te vervullen in de door mij gewenste learning design teams.
Groet,
Judith





