Aan de slag met het ontwerpen van E-modules


Het praktisch artikel E-modules: maatwerk via een gestandaardiseerd proces in het nieuwste nummer van OnderwijsInnovatie (september 2015) gaat over het project Onbegrensd Leren van het UMC Utrecht. Ik heb hierover al eens eerder geblogd op ons MOOCZI-blog nav een sessie die ik tijdens Dé Onderwijsdagen 2014 heb gevolgd. Omdat bij Zuyd ook veel opleidingen bezig zijn met ‘blended learning’ waarmee een diversiteit van mixen van onderwijstechnologische leervormen en contactonderwijs en online onderwijs of leren op de werkplek wordt bedoeld, had ik een bijzondere belangstelling voor dit artikel. Ook in het kader van Zuyd Academy zijn de ervaringen die het UMC Utrecht heeft opgedaan tijdens het project interessant. Wij hebben tijdens ons MOOCZI project ook ervaringen opgedaan. Tijdens het project heeft het UMC Utrecht een optimale mix gevonden voor het op grote schaal ontwikkelen van e-modules voor studenten en medewerkers. Ik was benieuwd of onze ervaringen vergelijkbaar zijn.

Qua grootte is dit project onvergelijkbaar met ons MOOCZI, en met elk ander (her)ontwerpproject van Zuyd. Het projectteam van UMC Utrecht varieerde van 10 tot 20 medewerkers en is al bijna 4 jaar bezig. Een regiegroep bepaalde de goedkeuring van de aanvragen. Aanvragen moesten gemotiveerd worden met aanleiding, doelen, voor welke doelgroep met welke wensen. De aanvraag moest geaccordeerd worden door opleidindingsdirecteur. Een vrij strak georganiseerd project. Iedere e-module had een eigen deelprojectleider/onderwijskundig adviseur. Het mag een succesvol project genoemd worden waarin 150 e-modules zijn ontwikkeld. E-modules werden gedefinieerd als:

een (via internet toegankelijke) elektronische module waarin leermateriaal op afwisselende wijze wordt gepresenteerd. Beeldmateriaal (foto’s, video, illustraties) speelt een centrale rol. Met behulp van inter-actieve werkvormen kan de deelnemer de leerstof oefenen en zichzelf toetsen.

Binnen het project waren nog andere productlijnen: E-lecture (weblectures), E-assessment (digitaal toetsen), E-simulatie en videoreflectie.De evaluatie van het artikel beperkt zich tot e-modules.
Er was een gestandaardiseerd ontwikkelproces, maar bij geen enkele e-module was sprake van een standaardpakket. Er werd met verschillende modellen gewerkt die apart of gecombineerd konden worden:

  • basismodule, gericht op kennisoverdracht
  • zelfsturende module, waarbij de student zelf op zoek gaat naar informatie en kennis
  • vraag-feedback gestuurde module met nadruk op toetsen
  • casus-gestuurde module, centraal hierbij staan realistische situaties en storytelling

De e-modules werden in 3 vormgevings-/ontwerpstijlen opgeleverd;

  1. magazinestijl, opgebouwd als een tijdschrift met inhoudsopgaven en artikelen die bestonden uit tekst, beeld en interactieve werkvormen
  2. beeldverhaal, fullscreen afbeelding of video waarin elementen zijn geplaatst met tekst, instructie(video) of een vraag
  3. combinatie, waarin de informatie als magazine werd vormgegeven en de casuïstiek als een beeldverhaal

Enkele leermomenten die ik uit deze evaluatie haal en die ook voor ons goed zijn om rekening mee te houden:

  • op basis van TPACK (technologie, didactiek en content) werden ontwikkelteams samengesteld: voor didactiek waren dit onderwijskundige adviseurs en docenten, voor content inhoudsdeskundigen zoals docenten, voor technologie waren (applicatie)ontwikkelaars, multimedia-adviseurs/ontwikkelaars en functioneel beheerders betrokken
  • men werkte met een storyboard
  • veel aandacht voor vormgeving (usability)
  • brondocumenten van elke e-module werden gearchiveerd (handig voor update)
  • een borgingsorganisatie die de inhoudelijke, functionele en technische kwaliteit van de e-modules waarborgt voor de toekomst. Prachtig! Dit wordt zo vaak vergeten.
  • het ontwikkelen van een e-module is een tijdrovende klus; inschatting van uren is lastig
  • hou het kort en bondig! Formuleer leerdoelen, baken het onderwerp goed af
  • schakel studenten in bij het schrijven van de content
  • gebrek aan tijd van inhoudsdeskundige vormde het grootste risico voor de doorlooptijd en kwaliteit van de e-modules
  • aan stellen van docent-ontwikkelaars bij de diverse opleidingen bevordert opbouw expertise en verkort de ontwikkeltijd
  • ontwerp voor elke gangbare device

Voor de toekomst gaat het UMC Utrecht verder door met ontwikkelen, rekening houdend met adaptief/gepersonaliseerd onderwijs, open online leren, learning analytics en learning objects (zoals kennisclips). Ook gaan ze onderzoeken hoe de e-modules aangeboden kunnen worden: gebundeld in een app, in de elektronische leeromgeving, via een universiteitsbrede repository of misschien wel sociale media.

Kortom, net zoals wij met MOOCZI hebben ervaren:
Met samenwerking en enthousiasme kom je heel verder bij het ontwikkelen en (her)ontwerpen van onderwijs maar de kritische succesfactoren blijven:

tijdsinvestering en afbakening

Judith

 

Rozendal, A., Van der Werf, S., De Kleijn, R., Cappetti, C., & Van Rijen, H. (2015) E-modules: Maatwerk via een gestandaardiseerd proces. OnderwijsInnovatie, 17(3), 17-25. Retrieved from https://www.ou.nl/documents/10815/36324/OI_2015_3_PraktischArtikel.pdf

Over Judith van Hooijdonk

Informatie professional, fervent kennisdeler, HNW-fan, Social Media, Web2.0, Onderwijs2.0, Bibliotheek2.0 "Just start somewhere and make a world of difference"

Geplaatst op 22 september 2015, in eLearning, MOOC (ZI) JAMS en getagd als . Markeer de permalink als favoriet. 1 reactie.

Kennis delen? Ja graag!

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: