“Tijd voor ouderwets nadenken” in wetenschappelijk onderzoek


Hi Marcel.

Een paar weken geleden twitterde ik een krantenbericht over het artikel Estimating the reproducibility of psychological science uit het tijdschrift Science. Het bleek dat zo’n 60% van 100 psychologische onderzoeken uit 2008 die herhaald werden in het kader van het Open Science Collaboration project niet dezelfde uitkomsten opleverden. Het was geen random steekproef en betrof alleen die onderzoeken die gemakkelijk te herhalen waren.

Uiteraard staat na zo’n bericht de wetenschappelijke wereld een beetje op zijn kop.
Dit betekent natuurlijk niet dat al het psychologisch onderzoek onzin en frauduleus (Stapel-syndroom) is. Het lijkt mij ook schier onmogelijk om al het onderzoek naar menselijke psyche en gedrag te repliceren. Het is zo complex en context afhankelijk. Tijdens mijn eigen onderwijskundig onderzoek heb ik vaker met mijn dochter (die tegelijk met mij bezig was met een onderzoek in de communicatiewetenschappen) gesproken over de meetbaarheid van sociaal wetenschappelijk onderzoek. Wij vonden het lastig. Er zit zoveel ruis in het onderzoeksproces: aard van vragen, interpretatie, waarde en normen van onderzoeker, etc.

Gisteren stond in de NRC een column van Jan Derksen. Hij verwoordde wat ik voel bij onderzoek:

In een poging zo objectief mogelijk te zijn, wordt de toevlucht gezocht in de statistiek en methodiek. In plaats daarvan zou men observatie en denken moeten trainen; die zijn cruciaal bij psychologieonderzoek.

Dit ‘ouderwets’ nadenken is volgens mij niet alleen cruciaal voor psychologieonderzoek, maar ook voor onderwijsonderzoek, communicatieonderzoek. Van al die cijfertjes en methodologieën gepresenteerd tijdens de ORD werd ik niet echt heel vrolijk. Meer aandacht voor waarderend onderzoeken dat gericht is op samen dromen en creeëren ipv cijfertjes genereren zou ik wel voor zijn 🙂

Tijdens mijn studie werd gedoceerd dat wetenschappelijk onderzoek systematisch en controleerbaar moest zijn. Het onderzoek moest door anderen herhaald kunnen worden en dezelfde resultaten opleveren. Tevens kon er maar één verklaring voor het onderzochte probleem zijn, en je moest het veronderstelde kunnen aantonen. Voor mij betekende dit dat ik in mijn onderzoek gebruik ging maken van ‘valide en betrouwbare instrumenten’, en niet het pad bewandelde van wat meer onconventionele onderzoeksmethode. 

Of het (psychologisch) onderzoek in een crisis verkeert zoals Jan Derksen in zijn column beweert, weet ik niet. Daarvoor ken ik de wetenschappelijke wereld (nog) niet goed genoeg. Meer aandacht voor ‘twijfel’ in onderzoek in plaats van alles willen bewijzen zou voor mij het reflecterend proces dat onderzoek volgens mij zou moeten zijn ten goede komen. Dat betekent voor mij ook meer samenwerking tussen onderzoekers. Zo’n project / beweging als Open Science Collaboration is een mooi initiatief om dialoog over wetenschappelijke waarde te stimuleren. Open onderzoek! Ik ben voor! 

 Judith

Over Judith van Hooijdonk

Informatie professional, fervent kennisdeler, HNW-fan, Social Media, Web2.0, Onderwijs2.0, Bibliotheek2.0 "Just start somewhere and make a world of difference"

Geplaatst op 11 september 2015, in MLI en getagd als , . Markeer de permalink als favoriet. Een reactie plaatsen.

Kennis delen? Ja graag!

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: