Shake – Bounce – Speak

Ha Judith,

Wederom wil ik met je mijn blijschap delen. Als mede-innovator weet je dat je op verschillende manieren bij vernieuwingen betrokken kunt zijn. Als onderwijscoordinator midden in een groot veranderingstraject en als onderzoeker zie ik op dit moment wel de vernieuwingen, maar mis ik af en toe de echte innovaties. Ja er verandert vanalles, zowel binnen de faculteit ICT als in mijn zoektocht om onderzoeker te worden. Maar de echte innovatieslagen mis ik even….

Mede daarom werd ik des te gelukkiger van een mailtje van Chris Kockelkoren waarin hij mededeelt aan ons en aan de Zuyd collega’s dat shakespeak in het basisimage staat en daarmee voor iedereen te gebruiken is. Mooi!

Shakespeak en de manier hoe dat binnen Zuyd gegroeid is, is voor mij een typisch voorbeeld van hoe een innovatie kan gaan. Ingredienten: een superenthousiaste supergebruiker (Chris) een tool die eenvoudig is te gebruiken (Shakespeak) en zeer duidelijke voorbeelden waarin de didactische meerwaarde van deze ICT tool naar voren komt. Daarbij een zandbak waarin de super enthousiaste gebruiker heeft mogen spelen en een faculteit die de ruimte geeft zowel qua tijd en geld aan die gebruiker om te experimenteren om te verspreiden en om te participeren in lamdelijke netwerken, zonder direct in business modellen of terug verdien modellen te denken.

Uiteindelijk heeft de faculteit ICT geinvesteerd in een leuk project, in ‘passiepower’ van een van zijn medewerkers en in de uitrol en ontwikkeling van nu een Zuydbreed te gebruiken tool en methodieken om het te gebruiken. Een klein steentje weliswaar in de verrijking van ons onderwijs, maar het is er wel weer een. Chris feel free to ask for budget for the next one ;) Ik hoop dat ik nog lang dit soort innovaties kan ondersteunen.

Groet Marcel

Gerty was there too! #TEDxMaastricht

Hi Marcel,

Via een mail had ik de collega’s waarvan ik wist dat zij aanwezig waren op TEDxMaastricht benaderd voor het schrijven van een gastblog. Chris en Sylvia hebben dat al gedaan, hier komt ook de bijdrage van Gerty.

OUR 2bejammed GUEST: Gerty Louppen

Nu TEDx Maastricht alweer een maand achter ons ligt, betrap ik mezelf er op dat een specifieke presentatie nog steeds door mijn hoofd speelt: het verhaal van Midas Kwant. Je hoeft niet het hele TEDx-filmpje te googelen, ik vertel je het verhaal in mijn eigen woorden. (Het is dan wel gekleurd door mijn interpretaties maar dat gaat nu eenmaal altijd zo bij doorvertellen.)
Midas stelde dat ieder mens in zijn leven bepaalde moeilijkheden moet overwinnen – de zaal grinnikte toegeeflijk over deze wijsheid uit de mond van een zeventienjarige. Het grote probleem dat Midas had moeten overwinnen in zijn leven was zijn lagere schooltijd. Hij was een nerdige eenling. Niet dat hij gepest werd maar hij was wel altijd alleen. Na de lagere school wilde hij naar het vwo, maar werd daarvoor niet goed genoeg geacht. Zijn ouders lieten het er niet bij zitten en bewogen hemel en aarde, zodat hij er toch naar toe kon. En vanaf het moment dat hij op het vwo zat begon zijn gelukkige carrière: hij voelde zich thuis, hij leerde wat hij nodig had en hij begon apps voor de iPad te ontwikkelen. Al snel werd hij ‘ontdekt’ door Apple. Nu, op zijn zeventiende, is hij al beroemd en kan hij het werk doen wat hij wil.
Zijn TEDtalk had de titel: ‘Finding your passion: luck or choice’. Voor hem is het duidelijk: hij heeft het geluk gehad dat zijn ouders hem op het vwo hebben gekregen, en daardoor kan hij nu zijn passie volgen. Finding your passion is dus ook en vooral een kwestie van geluk hebben! Dat is alvast een troost voor diegenen onder ons die wel eens denken mislukt te zijn omdat ze de verkeerde keuzes hebben gemaakt. Maar dat is nog niet de hele moraal van zijn verhaal… Hij roept iedereen op om er ook eens voor te zorgen dat iemand anders geluk heeft. En dát vind ik echt een ‘Idea Worth Spreading’!

Uiteraard hoeven de lezers van dit blog, deze TEDtalk niet te googlen ;)
De hele playlist van TEDxMaastricht 2014 is trouwens via deze link beschikbaar.

En deze bijdrage is zeker het verspreiden waard, Gerty. Ik deel ‘m dinsdag ook in de Nieuwsflits!
Ik denk dat Sir Ken Robinson het wel met Midas Kwant eens is dat je op zoek moet gaan naar datgene waar gepassioneerd in/voor bent. In zijn boek Finding your element zegt hij ook dat als je in je element bent, je dat energie geeft en tijd dan een heel andere dimensie heeft. En dat is flow waar we in het onderwijs ook zo naar op zoek zijn!

Bedankt voor je eerste gastblogbijdrage!

Groet,
Judith

Durven en Doen met de Maker Movement

Hi Marcel,

Ankie twitterde zojuist een geweldig goed verhaal over onderwijsverandering. En dat in de Tweede Kamer!  Het VVD-kamerlid Anne-Wil Lucas boodt mede namens PvdA-kamerlid Tanja Jadnanansing op 6 november het Manifest Makeronderwijs aan tijdens de bespreking van de OCW-begroting. Aan de hand van haar werkstuk over het humanisme met daarin de rol van Erasmus (de oudste en gematigd), Luther (felste) en Nostradamus (toekomstvoorspeller), beschrijft Lucas overeenkomsten met het huidig onderwijs. Het bekijken van alle 7 minuten waard!

FabLabulous toch :)

Judith

Waiting for superman. Over leiders, professionals en grenzen #FHKEinspiratie #mli

Dag Marcel,

Woensdag 29 oktober werd door Fontys Hogeschool Kunst en Educatie een colloquium georganiseerd. De lezing werd verzorgd door Marco Snoek  en ging over ‘Leiderschap van leraren’. Het was heel fijn dat de lector Anouke Bakx geregeld had dat het ook live gestreamd werd, zodat ik thuis het kon volgen en al twitterend #FHKEinspiratie mijn vragen en opmerkingen kon delen. Fijn dat het ook nog te terug te kijken is via. Het verhaal van Marco, gebaseerd op zijn promotie-onderzoek, pastte goed in het leerarrangement (over innovatie-organisatiestructuur, – cultuur en leiderschap) waar ik nu hard aan bezig ben.

Marco Snoek begon zijn verhaal met een verwijzing naar een film over het Amerikaanse onderwijssysteem: Waiting for Superman met een prachtige filmposter. Staat nu op mijn ‘to-watch’-lijstje :)

waiting_for_superman

Snoek schetste aan de hand van mooie powerpointpresentatie de groeiende spanning tussen schoolleiders versus leraren. Want wie is nou superman? Op wie wachten we?

organigramDe beelden die we hebben over leiderschap zijn bepalend voor de professionele cultuur van een organisatie. Onze beelden over leiderschap zijn nogal traditioneel, en scholen zijn vrij hiërarchische georganiseerd, er heerst een wij-zij denken. Recentelijk is er wel aandacht voor Flip the system, zoals initiatieven als Het Alternatief van Jelmer Evers en René Kneyber en het ‘samen leren’ (zie mijn blog Friskijkers & Dwarsdenkers).
>Op mijn ‘to-read’-lijstje toegevoegd: Frank Cornelissen, onderzoek naar netwerkorganisaties<

Er is dus roep om professionele ruimte. Als je hebt over het innovatievermogen van het onderwijs dan spelen docenten daarbij een belangrijke rol. Leraren die meer als informele leiders (de opinion leaders van Rogers!) optreden. Maar hoe zorgen we dat de zeggenschap van de professional weer een plek krijgt? We kunnen dat blijkbaar zelf niet regelen, want er ligt hiervoor nu een wetsvoorstel bij de Tweede Kamer….

Het ministerie van Onderwijs heeft de afgelopen jaren veel meer verantwoordelijkheid bij de scholen gelegd, door allerlei accreditaties wordt wel toezicht (controle) gehouden op de kwaliteit van het syteem. De autonomie van scholen is dus toegenomen (meer regelruimte) maar hierdoor is de autonomie van docenten afgenomen. Nu zijn het de schoolleiders die controleren … Er is sprake van conflicting spheres (Hanson, 1976). De sferen waar schoolleiders dan wel professionals in opereren, kunnen echter niet meer gescheiden worden. Want door de opdelen van taken bevorder je het wij-zij denken. Binnen het onderwijs wordt  nog uitgegaan van een individuele verantwoordelijkheid ipv collectief verantwoordelijkheid. Als je dat wil doorbreken, betekent dit een nieuwe identiteit van docenten:

identiteit

Zijn leraren professionals, is de vraag die Marco Snoek stelde. Hmmm, niet helemaal vond hij.
>toegevoegd aan mijn ‘to-read’-lijstje: Drie logica’s van het professionalisme vlgs Freison (2001)<
Professionele ruimte betekent naast autonomie voor de docenten (vrijheid) ook verantwoordelijkheid om voor de kwaliteitsborging te zorgen en dat te laten zien: geef vertrouwen versus verdiend vertrouwen. Als je dat als beroepsgroep niet voor die kwaliteitsborging zorgt, dan neemt een ander die verantwoordelijkheid over.

Marco Snoek signaleerde ook diverse transferproblemen bij studenten die de MLI volgen. We leren veel maar kunnen we het geleerde ook toepassen in onze organisatie? Wat is de rol van de leidinggevende? Hoe is de werkdruk? Wat zijn verwachtingen? Betrokkenheid?  Moet een teacher leader niet gewoon afwachten maar doen: Doen is de beste manier van denken ;) . Je kunt het leiderschap van docenten opnemen in de organisatiestructuur met bijbehorende schalarisschaal en positionering (dat bevordert wel weer het wij-zij gevoel) of beter: opnemen als onderdeel van de organisatiecultuur. Dan heb je het over gespreid leiderschap: afhankelijk van het vraagstuk neemt iemand de leiding (Josph Kessels spreekt hier veel over, zie mijn blog Management(p)lagen binnen Zuyd). De terechte opmerking van Marco Snoek is natuurlijk: past gespreid leiderschap in jullie/onze organisatiecultuur? Ik weet het niet. Ik denk dat binnen Zuyd die ruimte wel is, maar dan moet je hem wel zelf opeisen.  Als teacher leader, als afgestudeerde MLI-student, zegt Snoek, moet je als ‘grenswerker’ pendelen tussen strategische vraagstukken en praktijkvragen van docenten. Precies wat ik nu als I-adviseur ook doe. De vraag blijft, kan ik deze rol beter binnen een faculteit uitoefenen of binnen de centrale dienst zoals dat nu het geval is? Ik denk dat ik die rol in beide organisatieonderdelen zou kunnen uitoefenen, maar ze moeten wel in beide organisatieonderdelen blijven bestaan. De kracht zit voor mij nog steeds in de verbinding en de samenwerking tussen faculteiten en ondersteunende diensten en tussen faculteiten onderling. Dat bloemmodel dat jij ooit getekend hebt, blijft voor mij (k/p)rachtig!

Judith

Leren en doceren met technologie #OU_OW

Heyy Marcel,

Je hebt wellicht gisteren mijn tweets met #OU_OW voorbij zien komen :) Ik was bij de 1e conferentie van het Welten-instituut in het Evoluon. Daar waar ik zo’n 40-45 jaar geleden als jong meisje door de wondere wereld van Chriet Titulaer liep, is tegenwoordig een prachtig congrescentrum.

Samenwerking tussen onderwijspraktijk en onderwijsonderzoek rondom het thema leren en doceren met technologie was het doel. Er was een middagprogramma met 2 workshopsrondes waarin onderwijsonderzoek gepresenteerd werd en getoetst werd aan de praktijk. Het ochtendprogramma startte met een toespraak van Anja Oskamp, de rector van de OU. Na het schetsen van de ontstaansgeschiedenis van het Welten-instituut, werd het een promopraatje voor de OU waarin vooral het verschil tussen de Open Universiteit en andere universiteiten werd benadrukt (ja, ze hebben bestaansrecht) en de rector was erg trots op het Keuzegids-label ‘de beste universiteit van Nederland’.

Vervolgens kwam Joseph Kessels ‘on stage’. Zijn keynote “Partnerschap in onderwijsonderzoek” was boeiend en een krachtig pleidooi voor meer samenwerking tussen docenten en onderwijsonderzoekers: samen enthousiast uitdagend onderzoeken. Er wordt veel mooi onderzoek verricht waar we in de praktijk (evidence based) meer van moeten profiteren. Zoals het onderzoek van Freeman (2014) waarin werd aangetoond dat aktief leren de slagingskans met 15% verhoogt. Ook Hattie werd ten tonele gevoerd :) Want volgens zijn metastudie werkt:

  • zelfsturing van de verwachtingen van de student
  • samenwerkend en verdiepend leren
  • probleemgestuurde en meta-cognitieve strategieën
  • veelvuldige terugkoppeling
  • formatieve evaluatie

Ook in het zgn Pearson onderzoek van Siraj & Taggart (2014) naar effectieve leerstrategieën in het basisonderwijs worden samenwerkend en gepersonaliseerd leren, het leggen van verbindingen, evaluatieve feedback en reflectie en leerklimaat (sfeer!) benoemd.
Technologie kan dit ondersteunen. Daarom besprak Joseph Kessels de belangrijke trends en uitdagingen uit het Horizon Report. Waarover ik (voor mij belangrijkste punten ;) ) de onderstaande tweets verstuurde:

Conclusie is dat docentprofessionalisering erg belangrijk is, als je kijkt naar de trends uit het Horizon Report.
Vervolgens introduceerde Kessels de 3 onderzoekslijnen van het Welten-instituut:

- Technology Enhanced Learning Innovations (TELI) waarover Markus Specht meer vertelde. Leren met technologie verandert het SoLoMo – leren: So(ciaal), Lo(kaal), Mo(biel)

- Fostering Effective Efficient and Enjoyabel Learning (FEEEL) gaat over het bevorderen van effectief (meer), efficiënt (in minder tijd) en aangenaam leren. Paul Kirschner (via video) lichtte toe dat je bij onderwijsinnovatie één van de 3 aspecten moeten bereiken. Als je ze alle 3 kan bereiken mag je heilig verklaard worden :). Vervolgens kwam hij met zijn stokpaardje: de broodjes aap verhalen. Er is geen wetenschappelijk bewijs voor: digital natives, homo zappiens, leerstijlen en de learning pyramid. Ik hoor ze toch nog regelmatig, ook op de MLI.

broodjeaap

Teaching and teacher professionalization. Rob Martens benoemde dat de WRR stelde dat het onderwijs niet innovatief genoeg is, terwijl de samenleving doordrenkt is van technologie, loopt het onderwijs hierbij achter. De docent is cruciaal voor onderwijsinnovatie. Docenten leren niet alleen door cursussen, maar juist veel van elkaar. Rob Martens benoemde Heyy.eu, een (virtuele) omgeving waar leervragen van de professional centraal staat. Heyy stimuleert (toevallige) ontmoetingen voor de ontwikkeling van professionals. Een concept waar ik me in het kader van mijn MLI-onderzoek nog eens wil verdiepen. [Heyy heeft ook te maken met Agora, de persoonlijke leerroute binnen SOML, waar Niekee mee gestart is].

Ik stond bij één van de expertsessies met Arnoud Evers ingepland. Uiteindelijk zijn we 5 studenten en 3 onderzoekers samen gaan zitten voor onze vraagverhelderingsessie.

Deze input moet ik maar eens snel gaan verwerken in mijn 3e poging van het onderzoeksvoorstel.

Ik heb ook nog een workshopsessie van Susan McKenney gevolgd. Zij heeft een raamwerk gemaakt voor het ontwerpen van een ICT-rijke leermiddelen en activiteiten. Deze input kan ik weer goed gebruiken bij het begeleiden van de docenten ergotherapie tijdens hun curriculumherzieningsproces. Op mijn blog Joule4Jou staat hierover meer informatie.

Al met al wat het een interessante dag (m.u.v. de afsluitende discussie. De ‘learned lessons’ tijdens deze ‘opbrengsten van de dag’-sessie was leuk geprobeerd, maar leverde mij weinig op. Zo iets werkt niet echt in zo’n auditorium, vind ik) met leuke ontmoetingen (weer wat tweeps IRL ontmoet), goed verzorgde catering, prachtige locatie. Ellen Rusman vroeg mij of ik een volgende keer weer zou komen. Tsja ….hmmm….weet ik nog niet. Over leren en doceren met technologie heb ik niet veel nieuws gehoord. De ontmoeting tussen studenten (voornamelijk OU-onderwijswetenschappen) en de onderzoekers van het Welten-instituut was mooie aanzet om theorie en praktijk bij elkaar te brengen. Vanuit mijn studentperspectief was dit waardevol. Wellicht dat als de conferentie de volgende keer ook het perspectief vanuit de praktijk kan worden opgezet, waar onderzoekers dan weer van kunnen leren. Dan ben je volgens mij echt samen aan het leren en aan het verbinden :).

Zie ook de portal van de OU met het overzicht van alle workshops en bijbehorende achtergrondinformatie van betreffende onderzoek. Het onderdeel ‘opnames & presentaties’ is nog niet ingevuld, maar dat zal vast binnenkort gebeuren. Wilfred Rubens heeft uiteraard inmiddels ook al een blogpost hieraan gewijd.

Judith

‘Houston we have a problem’. Apollo 13 Simulation Game

Heej Marcel,

Sinds vorige week doe ik mee aan MOOC Mee! over 21st century skills. In de Facebookgroep worden adhv opdrachten allerlei interessante links gedeeld. Zo kwam een berichtje tegen over het simulatiespel Apollo13. Rob Römer noemde het de “meest uitdagende en spannende werkvorm” die hij ooit gezien had. Gedurende 1 dag wordt naast de theorie vooral de attitude en sence-of-urgency van servicemanagement ervaren.

Toen ik de kreet ITIL® las ;) dacht ik dat dit ook wel iets voor jouw studenten zou zijn. De ITIL concepten en processen worden niet alleen toegelicht, maar worden ook ervaren. In deze training zijn ′real life′ situaties van de Apollo 13 missie geadopteerd. De deelnemers werken in teams waarbij ze de rollen van het bodempersoneel (Mission Control) uitvoeren. Mission Control heeft de opdracht gekregen om het beschadigde ruimtevaartuig en haar bemanning veilig aan de grond te krijgen.

Zie het in onderstaand filmpje het spel in actie

Judith

 

Gamer gate

Ha Judith,

We hadden het laatst over de ruzie die in de game wereld ontstaan is rondom vrouwelijke karakters in games. Als volger van @avantgame snap je dat ik weliswaar de discussie al een tijd volg, maar dat ik niet mijn vingers ga branden. Een overzicht (humoristisch bedoeld) is hieronder te zien.

Groet Marcel

Pixar’s 22 Rules of Storytelling

Ha Marcel,

Dit linkje zag ik zojuist op Twitter (via @jwalphenaar) voor bijkomen. Te mooi om alleen te retweeten, ik wilde deze waarheden bewaren op ons blog. Jij als liefhebber van Pixar / Walt Disney Studios kan deze zeker ook waarderen. En ‘rules’ zijn ook zeker te vertalen naar onderwijs ontwerpen of een onderzoeksopzet maken of een promotietraject ;)

Former Pixar story artist Emma Coats tweeted this series of “story basics” in 2011. These were guidelines that she learned from her more senior colleagues on how to create appealing stories. I superimposed all 22 rules over stills from Pixar films to help me remember them. All Disney copyrights, trademarks, and logos are owned by The Walt Disney Company.
Via imgur

Klik op de afbeelding (embedden lukte niet :( ) om alle 22 tips te lezen.

Pixar

Judith

Hoe groot is onze innovatiekracht?

Ha Marcel,

Een paar weken geleden ben ik met een begonnen met mijn 3e leerarrangement van mijn studie: LA3: initiëren en begeleiden van onderwijsvernieuwingen. Hiervoor ben ik allerlei interessante literatuur aan het lezen. Ten eerste voor de Kennisdialoog Innovatie die ik samen met 2 studiegenoten heb moeten verzorgen. Maar ook voor de leerinterventie die ik voor dit leerarrangement over een paar maanden klaar moet hebben. Zo stond op de literatuurlijst een verwijzing naar de website van Jeff Gaspersz waar interessante artikelen en blogs op te vinden zijn over innovatie, inspiratie en creativiteit. Boeken heeft hij ook geschreven, en zijn ook te leen via Zuyd Bibliotheek. Dat was de inspiratie voor dit blog.

Het initiëren en begeleiden van onderwijsvernieuwingen, hoort natuurlijk bij mijn werk. Ik ben / wij zijn ook betrokken bij Zuyd Innoveert. En hoewel daar mooie macro-en microprojecten uit voortkomen, blijft natuurlijk de vraag hoe innovatief zijn wij, is Zuyd? Gaat het bij Zuyd Innoveert om de innovatie (een resultaat bereiken) of om de innovatiekracht (het proces dat het vernieuwend vermogen aanspreekt)?

innovation

cc by Missy Schmidt

Innovatie is een term waar iedereen een beeld bij heeft. Het geen neutraal woord, zegt Gaspersz. Veelal verbindt men het met uitvindingen. Het echter inmiddels een term geworden dat te pas en te onpas wordt gebruikt. Everett Rogers (2003) die in zijn boek Diffusion of Innovation (gebaseerd op zo’n 500 wetenschappelijke onderzoeken) getracht heeft patronen te ontdekken in verspreiding van innovaties, zegt hierover:

An innovation is an idea, practice, or object that is perceived as new by an individual, organization, or other unit of adoption

Ja, dan is veel innovatie! :)
Onderwijsinnovatie is een complex, divers proces dat op verschillende niveaus door verschillende actoren afspeelt, schrijft Verbiest (2014) in zijn boek Leren Innoveren. Innovaties verlopen wel, zegt Rogers, volgens een bepaald patroon: van de kennismakingsfase naar overtuigingsfase; in de beslissingsfase wordt al dan niet de keuze voor een innovatie gemaakt om in de implementatiefase de innovatie in te voeren zodat in de confirmatiefase de innovatie onderdeel wordt van de dagelijkse praktijk. Veel onderwijsinnovaties struikelen na de overtuigingsfase (Verbiest, 2014) omdat de begeleiding vaak beperkt blijft tot de kennismakings- en overtuigingsfase. Docenten worden (eenzijdig) geïnformeerd en na een eenmalige workshop niet verder begeleidt. In het diffusieproces speelt communicatie een belangrijke rol. Het zorgvuldig kiezen van je communicatiekanalen hoort hierbij veel aandacht te krijgen. Dat wat ik gevoelsmatig al wist en doe, wordt door de theorie bevestigd :) . Zowel voor het verspreiden van innovatie als het aanwakkeren van innovatiekracht in een organisatie is communicatie van groot belang. Gaspersz somt diverse tips op om duidelijk te communiceren over de uitgangspunten van innovatie in de organisatie, zoals: deel met anderen waar je innoverend mee bezig bent, innoveren doe je samen en over het vieren van innovatiesucces. Hij benoemt ook “innoveren is ieders verantwoordelijkheid en hoort bij het werk”. Maar innovatie vraagt om een dubbele betrokkenheid, zegt Gaspersz. Het zal vast niet in jouw functie-omschrijving dan wel in de cao staan dat jij, ik, wij, medewerkers van Zuyd verplicht zijn om regelmatig met nieuwe ideeën komen. (Zou wat zijn, hè?). Wanneer medewerkers dat wel doen, is dat dus omdat ze zich intrinsiek betrokken voelen bij hun werk. Dat is mooi. Dat moet beloond worden. Niet alleen met (de Zuyd Innoveert) projectgelden maar ook met het faciliteren van tijd, ruimte en infrastructuur zoals experimentele (ict-)omgevingen :) (Michel van Eemden, 2014).
In de kern gaat het over een heldere visie op innoveren. En innoveren moet je organiseren. Het komt niet vanzelf. Bij innoveren is 20% een creatief proces en 80% een zaak van organiseren en volhouden (Michel van Eemden, 2014).En het gaat wel om regelmatig nieuwe en spannende innovatiegerichte activiteiten te organiseren om innoveren steeds weer onder de aandacht te brengen. Door allerlei andere oorzaken (druk, tijd tekort) wordt innoveren wel belangrijk geacht, maar niet urgent genoeg.

Al vaker heb ik geciteerd uit het WRR-rapport ‘Naar een lerende economie’, ook nu weer:

Innovatiebeleid dat past bij Nederland erkent verschillende kennisbronnen, hecht ook belang aan vaardigheden en ziet innovatie vooral als een leerproces. Dit betekent zorgen dat nieuwe kennis en nieuwe ontwikkelingen snel en adequaat kunnen worden opgepakt. Goed innovatiebeleid is dan ook primair: de sterkte van het innovatie-systeem vergroten. En dat betekent kennisontwikkeling en -circulatie stimuleren, verbindingen tussen actoren verbeteren, ondersteunen waar zinvol en uitdagen waar mogelijk.

Het gaat dus om het lerend vermogen …. Hoe mooi past dat niet bij de missie van Zuyd: ‘professionals ontwikkelen zich met Zuyd’!
Bij onderwijsinnovatie gaat het vooral om het leren te verbeteren. Kwaliteit van het leren wordt ook bepaald door het didactisch handelen van de docent. Het verbeteren van onderwijs vraagt dan ook om het verbeteren van competenties van docenten en de kwaliteit van de schoolorganisatie en het onderwijssyteem. (Verbiest, 2014). Zoals eerder gezegd: een complex proces, maar wel een heel interessante!

Je weet dat ik vaker verzucht heb als het gaat om het adopteren van digitale communicatie: “waarom gebruiken ze al die beschikbare tools toch niet?”. Verbiest (2014) meldt in zijn boek dat het adoptie- of diffusieperspectief van Rogers er van uit gaat dat mensen tot vernieuwingen overgaan omdat ze de meerwaarde ervan ingezien hebben. En er wordt verondersteld dat de waarde of betekenis van de vernieuwing voor iedereen nagenoeg identiek zou zijn. Het belangrijkste bezwaar tegen het adoptieperspectief op onderwijsinnovatie is dat te weinig rekening gehouden wordt met de situatie, capaciteiten en de motivatie van de individuele docent die de vernieuwing dient in te voeren en te gebruiken. Ruimte krijgen in het adoptieproces voor het toepassen aan de eigen situatie is erg belangrijk. Het implementatieperspectief (voortgekomen uit de kritiek op het adoptieperspectief) wordt door Verbiest (2014) vooral gebaseerd op de theorie van Michael Fullan die de fasen van vernieuwen benoemt als: adoptiefase, implementatiefase en institutionaliseringsfase. Aandachtspunten in deze fasen:

  • Adoptieproces: bekwaamheid – bruikbaarheid – bronnen (resources)
  • Impementatieproces: ondersteuning en scholing – onderwijskundig leiderschap – flexibel plannen – empowerment
  • Institutionaliseringsproces: permanente ondersteuning en scholing – onderwijskundig leiderschap – inbedden in het beleid

Duurzaam innoveren kost tijd. Schattingen variëren tussen de 3 en 5 jaar ;)
Betekenis en betrokkenheid creëren is voorwaardelijk volgens mij als je het hebt over innovatiekracht. Hieraan besteedt Verbiest ook enkele hoofdstukken, maar dat is iets voor een volgend blog.

Judith

EIZT bij RTL XL

Ha Judith,

Vanaf 12 minuten zie je mijn college onderzoekers Alexander en Tom die met boeiend onderzoek bezig zijn bij EIZT. Je ziet ook Luc de Witte, de directeur van EIZT en het zeer leuke muziekzebrapad bij Plataan! Nog meer ‘dichtbij’ voorbeelden waar technologie en zorg elkaar kruisen.

http://www.rtlxl.nl/#!/medical-travel-297391/fb7fc4d4-042f-343b-87a6-3cd849d92743

Groet Marcel

Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 46 andere volgers

%d bloggers op de volgende wijze: